Trump versus Obama – spreken en zwijgen zijn belangrijk [Manfred Gerstenfeld]

Ongeacht hetgeen hij privé tegen de Israëlische minister-president Benjamin Netanyahu en Mahmoud Abbas van de Palestijnse Autoriteit zei, zijn de openbare uitspraken van de Amerikaanse president Donald Trump tijdens zijn bezoek aan Israël belangrijk. Dit des temeer vanwege de schade die een groot aantal uitspraken van zijn voorganger Barack Obama – of diens fouten – en de voormalige Amerikaanse regering voor Israël hebben aangericht.

Er is in de VS rijkelijk kritiek op president Trump en zijn onberekenbaarheid. Deze kritiek is hoofdzakelijk afkomstig van diegenen die wilden en verwachtten dat zijn tegenstander Hillary Clinton de verkiezingen zou winnen. De aanvallen op de huidige president verminderen het belang van zijn woorden in Israël echter niet. De uitlatingen van de huidige president zijn des te belangrijker, omdat men – in tegenstelling tot zijn voorganger – bij Trump “krijgt wat je ziet”.

Obama´s verdraaide, al te positieve kijk op de islamitische wereld was al vroeg in het begin van zijn ambtsperiode duidelijk. Tijdens zijn eerste buitenlandse reis ging hij in 2009 naar het niet-democratische Egypte, waar hij werd ontvangen door president Hosni Moebarak. Het bericht van “Freedom House” uit het jaar 2008 kwalificeerde Egypte als niet vrij land met een beoordeling van 5,5 op een schaal van 1 (beste) tot 7 (slechtste). In het rapport wordt gezegd: “Egypte kreeg een pijltje naar beneden vanwege zijn onderdrukking van oppositiegroeperingen en het aannemen van grondwetswijzigingen die het vermogen van justitie beperken om excessen van de uitvoerende macht te compenseren.”

Op deze reis omzeilde Obama doelbewust de Amerikaanse bondgenoot Israël, de enige democratie in het Midden-Oosten. De Amerikaanse president laakte het ondemocratische karakter van het Egyptische regime niet. In plaats daarvan verontschuldigde hij zich in 2009 in zijn rede in Caïro voor westers “kolonialisme”. Zijn sympathie hielp de Amerikaanse bondgenoot Moebarak tijdens de “Arabische Lente” niet, want Obama stak hem in de rug en zette hem onder druk om concessies te doen.

Obama argumenteerde schijnheilig dat zijn kritiek op Netanyahu hem geloofwaardigheid zou geven wanneer hij de joodse staat op het wereldtoneel verdedigt. De regering-Obama bekritiseerde Israël echter regelmatig vanwege de bouw van “nederzettingen” evenals met andere onderwerpen.

Dat staat in schril contrast met het feit dat Obama het vermeed om terreuraanslagen met de islam in verband te brengen. Hij noemde ook nooit de brede ondersteuning in de islamitische wereld voor ondemocratisch gedrag. Obama gaf toe af te zien van het gebruik van de woorden “islamitische terreur” wanneer hij extremisme van het Midden-Oosten omschreef. De regering-Obama verwees naar terreuraanslagen door moslims als “aanslagen van eenzame wolven” en wees het af het begrip “radicale islam” te gebruiken. De begrippen “islam”, “Jihad”, “islamitisch extremisme”, “radicaalislamitisch terrorisme” en “radicale islam” werden uit Amerikaanse veiligheidsdocumenten verbannen.

De VS zijn sinds lange tijd Israël´s belangrijkste bondgenoot. Wanneer een Amerikaanse regering op een dergelijke manier herhaaldelijk kritisch is tegenover Israël, terwijl zij over het criminele gedrag van zijn vijanden zwijgt, kan dat als signaal naar andere landen toe geïnterpreteerd worden. Het heeft een negatief multiplicatoreffect. De Europeanen werden hoogstwaarschijnlijk door Obama´s eenzijdige houding aangemoedigd om nog meer te doen dan alleen Israël te bekritiseren. Het kenmerken van goederen uit de “bezette gebieden”, terwijl dit niet gebeurt met welke andere gebieden in de wereld dan ook, is hiervan een voorbeeld. Toen Trump al tot president was gekozen, liet Obama Israël met nog een signaal van aanmoediging aan zijn vijanden in de steek. De VS onthielden zich bij resolutie nr. 2334 in de VN-veiligheidsraad, die een einde eiste van de Israëlische “nederzettingen”, van stemming. Trump had verzocht een veto te gebruiken tegen de resolutie.

Men zou hebben kunnen verwachten dat de internationale media deze dingen na het bezoek van Trump aan het Midden-Oosten enigszins zouden analyseren. Als je dit onderwerp controleert met Google, dan concentreren veel berichten zich op een vergelijking van de notities die beide presidenten in Yad Vashem schreven. Dit zijdelingse thema werd het eerste belangrijke thema van een lang artikel in de “Washington Post”. Het droeg de kop: “The huge contrast between Obama´s and Trump´s visit tot Israel´s Holocaust memorial.”

Trump noemde in zijn toespraken de “twee-staten-“oplossing” niet. Waarom zou een Amerikaanse president een voorschot moeten nemen op het resultaat van rechtstreekse Israëlisch-Palestijnse onderhandelingen? Of de oprichting van een tweede Palestijnse staat naast Jordanië beloven? Onder leiding van de Palestijnse Autoriteit zou deze staat nog een corrupte Arabische constructie met de aanzienlijke mogelijkheid om te mislukken zijn. Een andere logische reden om de twee-staten-“oplossing” niet te noemen, is erin gelegen dat de Palestijnse Autoriteit de Gazastrook niet controleert.

Ook de “nederzettingen” noemde Trump niet. Er was geen reden dit te doen. Hij concentreerde zich in zijn toespraken op de strijd tegen de terreur als centraal onderwerp. Het loont de moeite om vast te houden dat Trump dit ook tegenover de Palestijnen niet noemde, dat ze zouden moeten stoppen met het verheerlijken van terroristische moordenaars van burgers, waartoe vaak ook Amerikanen behoren.

Tijdens zijn bezoek in Europa ging Trump ermee door de dingen in het juiste licht te plaatsen. Hij berispte de regeringschefs van de NAVO in Brussel met de uitspraak dat 23 van de 28 hun financiële verplichtingen tegenover de organisatie niet nakomen. Hij zei: “Dat is unfair tegenover het volk en de belastingbetalers van de Verenigde Staten.” Dat was een eufemisme in plaats van te zeggen dat ze zich tegenover de VS als parasieten gedragen. De EU en meerdere Europese landen hebben Israël al jarenlang heel arrogant verteld hoe het zijn zaakjes op orde moet brengen. Het idee dat vooraanstaande politici van de EU verteld wordt hun verplichtingen na te komen, wordt door veel Europese leidende krachten als onaangenaam beschouwd. Vanuit Israëlisch oogpunt is het zeer positief dat Trump hen wegens hun nalatigheden een uitbrander geeft.

Na Trump´s bezoek zullen veel Europese leidende politici waarschijnlijk met weemoed terugdenken aan Obama, die er deels voor verantwoordelijk was dat de chaos in het Midden-Oosten zich kon ontwikkelen en het aanzien van de VS in de wereld afnam. Zoals echter Alan Dershowitz, net zoals Barack Obama een examinandus van een rechtenstudie in Harvard, over hem zei: men zal zich hem herinneren als “een van de ergste presidenten op het buitenlandse politieke toneel, die een ´vreselijk conflict´ voor mensen creëerde die andere principes van zijn politiek delen.”

door Dr. Manfred Gerstenfeld


bron-logoBron: in een vertaling uit het Duits door E.J. Bron van een artikel van Dr. Gerstenfeld op de site van Heplev van 5 juni 2017

Holocaust-misbruik: opnieuw een jaar [Manfred Gerstenfeld]

Schaamteloos Holocaust-misbruik inzake de Palestijnse kwestie

In een toenemend chaotische wereld is het misbruik van de Holocaust en de daaraan verbonden vragen in het verloop van de afgelopen twaalf maanden verder toegenomen. Valse morele gelijkstellingen van gebeurtenissen en onderwerpen over Auschwitz, Hitler, de nazi´s of het lijden van de Joden zijn zo gebruikelijk geworden dat het niet langer mogelijk is om hierover een behoorlijk nauwgezet overzicht te schrijven.

Deze vergelijkingen zijn fenomenen van het verval. Diegenen die hen zien, proberen de aandacht van de publieke opinie op zich te vestigen om hun ego of persoon te vergroten. Dat is het duidelijkst zichtbaar bij de Hitler-vergelijkingen. De verkiezing van Donald Trump tot president van Amerika heeft tot een serie van zulke beledigingen geleid. “Om Trump met Hitler te vergelijken, is de ergste soort van hatespeech”, luidt de titel van een artikel van een artikel van de columnist en schrijver Marshall Crotty. Hij schrijft: “Deze vergelijkingen met Hitler en de Holocaust zijn grof onverantwoordelijk.” In werkelijkheid is dat een understatement. Deze vergelijkingen zijn kwaadaardig.

Lees verder

In de VS zijn meer antisemieten dan er Joden in de wereld zijn [Manfred Gerstenfeld]

In de VS zijn veel meer antisemieten dan er Joden in de wereld zijn. Dat was al voor de actuele vloed aan dreigingen tegen joodse instellingen, schendingen van begraafplaatsen en andere blijken van antisemitisme zeer wel bekend.

Al meerdere jaren lang heeft de Anti-Defamation League in veel landen in de hele wereld opiniepeilingen over antisemitisme gehouden. Aan mensen werden vragen gesteld, die zich bijna volledig op klassiek antisemitisme concentreerden en geen relatie hebben tot het nieuwste type antisemitisme: het anti-Israëlisme.

Het onderzoek van de ADL wilde van de geënquêteerden weten of elf negatieve stereotypen “waarschijnlijk waar” of “mogelijkerwijs fout” zouden zijn. Geënquêteerden die zeiden dat minstens 6 van de 11 uitspraken “waarschijnlijk waar” zouden zijn, werden gekwalificeerd als het bezitten van antisemitische opvattingen. Het onderzoek van de ADL uit 2015 stelde zodoende vast dat er in de VS 24 miljoen volwassen antisemieten zijn, wat overeenkomt met 9% van de bevolking. Er moet aan herinnerd worden dat er in de hele wereld hoogstens 11 miljoen volwassen Joden zijn.

De negatieve opvattingen zijn veel erger als we kijken naar de antwoorden van de peiling. Het meest genoemde stereotype over Joden in de VS luidt: “Joden zijn tegenover Israël loyaler dan tegenover de Verenigde Staten”. De ADL stelde vast dat meer dan 80 miljoen Amerikanen (33%) deze mening delen. Daarna volgden de gebruikelijke stereotypen: “Joden praten nog steeds teveel over de Holocaust” (22%) en “Joden hebben teveel macht in het zakenleven” (18%). In een eerder onderzoek stelde de ADL vast dat 26% van de Amerikaanse bevolking Joden verantwoordelijk maken voor de dood van Jezus.

Ongeveer 7 van de 10 Joden in de VS zeggen dat ze of zeer (30%) of iets (39%) aan Israël hangen, terwijl 8 op de 10 zeggen dat het zich bezighouden met Israël of een fundamenteel belangrijk (43%) of belangrijk (44%) deel zou zijn van hetgeen Jood zijn voor hen persoonlijk betekent. Dat betekent niet dat deze mensen loyaler zijn tegenover Israël dan tegenover de Verenigde Staten. Omdat d elanden nauwe bondgenoten zijn, is hier geen sprake van spanningen.

Om te vragen of het aantreden van de regering-Trump tot meer antisemitisme heeft geleid, is een standaardvraag. Het antwoord is gecompliceerder dan het lijkt. De ervaring laat zien dat Joden in rustige tijden minder met antisemitische problemen te maken krijgen dan in onrustige tijden. De VS maken op dit moment een periode van polarisatie mee. Tijdens de verkiezingscampagne droegen de kampen van Sanders, Trump en Clinton allemaal aan deze polarisatie bij, die na de verkiezing niet verdween.

Er dient ook gezegd te worden dat voor de actuele uitbraak van antisemitisme lang niet alles goed was. Volgens de statistieken van de FBI over haatmisdaden was meer dan de helft van de meer dan 1200 religieus gemotiveerde incidenten tegen Joden gericht, terwijl Joden maar 2% van de Amerikaanse bevolking uitmaken.

Onder de regering-Obama schonken de media veel te weinig aandacht aan andere, gedijende vormen van het antisemitisme. Een onderzoek van het AMCHA-Initiatief uit 2016 liet voor de eerste helft van 2016 tegenover het eerste halfjaar van 2015 een toename van 45% van antisemitisme aan universiteiten zien.

In een opiniepeiling onder joodse studenten door het Center for Modern Jewish Studies van de Brandeis University gaf meer dan de helft van hen aan dat ze in 2014 en 2015 antisemitisme aan den lijve zouden hebben ondervonden of hiervan getuige waren. Meer dan een vierde deel van de bachelor-studenten omschrijft vijandigheid tegenover Israël als een “tamelijk” of “zeer” groot probleem bij hun medestudenten.

Ook andere linkse antisemitische initiatieven bloeiden op onder de regering-Obama. Deze maskeren zichzelf gewoonlijk als anti-Israëlisme. De beweging Black Lives Matter heeft in haar sociale en politieke agenda oprichtingsdocumenten die Israël beschuldigen van “volkerenmoord” en “Apartheid”. De beweging heeft zich bovendien voorstander verklaard van de BDS-campagne (Boycot, Desinvesteringen en Sancties) tegen Israël. Deze campagne is algemener gezegd nog een voorbeeld van antisemitisme dat afkomstig is van politiek links. De BDS-campagne is nadrukkelijk actief tegen Israël om het economisch, cultureel en politiek te isoleren.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft een arbeidsdefinitie voor antisemitisme, evenals de International Holocaust Remembrance Alliance (IHRA). Hiervoor was de erkenning door d eVS noodzakelijk. Volgens beide definities is BDS antisemitisch.

Op dit moment zien we andere fenomenen van hetgeen vermeend rechts antisemitisme is. Dit soort antisemitisme is al lange tijd voorhanden. Een van de ergste incidenten vond plaats in 2014, toen een blanke racist, de neonazi Frazier Glenn Miller Jr., drie mensen vermoordde – twee voor een joods gemeentecentrum en eentje in bij een bejaardentehuis in Overland Park in Kasas. In Seattle schoot in 2006 de moslim Naveed Afzal Haq op de Jewish Fedration; hij doodde een vrouw en verwondde vijf andere mensen.

Het Simon Wiesenthal Center heeft er bij de Amerikaanse hoofdofficier van Justitie en huidige minister van Justitie, Jeff Sessions, terecht op aangedrongen om een speciale arbeidscommissie in te stellen. Tot dit tijdstip was er sprake van meer dan 100 bommeldingen tegen joodse instellingen. Het is heel belangrijk om erachter te komen wie er achter deze bedreigingen zit, want zelfs al bestaan deze bommen niet echt, ze zorgen ervoor dat het joodse gemeenteleven tot stilstand komt. Tegelijkertijd creëert men door zwak gemotiveerde beschuldigingen alleen maar verwarring in de zaak.

Joden hebben vaak Amerikaans-joodse uniciteit genoemd, hoewel Joden al vele decennia gediscrimineerd worden. In de realiteit van na de oorlog is er veel voor te zeggen dat dit langzamerhand zo is ontstaan. Anders dan in Europese landen zijn de Verenigde Staten multicultureel. Joden zijn daar een “stam” onder velen, terwijl de joden in Europese landen in vergelijking met de dominerende stam een zeer kleine stam zijn.

Het zou fout zijn om te concluderen dat vanwege de jongste gebeurtenissen deze uniciteit niet bestaat. Wat in dit verband hoop geeft, zijn de vele solidariteitsmanifestaties die de joodse gemeenschap in deze benauwde situatie heeft gekregen. Daaronder bevinden zich enkele islamitische groepen. Vicepresident Pence bezocht na de schending van een joodse begraafplaats Missouri en zei: “Wij veroordelen deze afschuwelijke daad van vandalisme, en diegenen die hem begingen, op de meest scherpe wijze.”

door Dr. Manfred Gerstenfeld


bron-logoBron: in een vertaling uit het Duits door E.J. Bron van een artikel van Dr. Gerstenfeld op de site van Heplev van 13 maart 2017

Arabische agitators warmen de legende van de rituele moord weer op [Manfred Gerstenfeld]

De mythe van de rituele moord op een plakaat tijdens een anti-Israël manifestatie [beeldbron: Twitter]

Raphael Israeli is emeritus professor voor islamitische en Chinese geschiedenis en voor de geschiedenis van het Midden-Oosten aan de Hebreeuwse Universiteit. Hij heeft meer dan 25 boeken geschreven, waaronder “Blood Libel and Its Derivatives: The Scourge of Antisemitism” (“Rituele moord en zijn aftakkingen: De gesel van het antisemitisme”) en “Poison: Modern Manifestations of a Blood Libel”.

Dr. Manfred Gerstenfeld is publicist en voormalig voorzitter van het bestuur van het Jerusalem Center for Public Affairs. Hij was redacteur van de “Jewish Political Studies Review” en mede-uitgever van de geschriften “Post-Holocaust and Anti-Semitism”. Hij werd onderscheiden met de Lifetime Achievement Award van het “Journal for the Study of Antisemitism”. Dr. Gerstenfeld heeft zich in toenemende mate geprofileerd tot antisemitisme-expert, die de verborgen en openlijke uitdrukkingswijzen van het moderne antisemitisme opspoort en onthult.

Uit zijn gesprek met Raphael Israeli over klassieke antisemitische motieven in de huidige islamitische wereld geeft Manfred Gerstenfeld hieronder enkele significante fragmenten weer:

“In de wereld van de Arabische politiek worden klassieke, extreme antisemitische motieven als politiek instrument ingezet. Deze belasteringen zijn afkomstig uit vele landen, ze zijn zelfs afkomstig van wetenschappers en verschijnen in de vooraanstaande media. Een van deze belastering is de ook wel onder de naam “bloedbeschuldiging” bekende legende van de rituele moord. Dit leugenverhaal beweerde oorspronkelijk dat Joden christelijke kinderen zouden ontvoeren en vermoorden om matses voor het Joodse Paasfeest van te maken. Het verhaal van de rituele moord trad voor het eerst in 1144 in de Britse stad Norwich in verschijning. Sindsdien is het steeds opnieuw opgedoken op verschillende plaatsen in Europa.

Lees verder

Zou een uiteenvallen van de Europese Unie goed zijn voor Israël? [Manfred Gerstenfeld]

Europe-Unionflag

Na het referendum over de “Brexit” kan een uiteenvallen van de Europese Unie via een ineenstorting of vrijwillige ontbinding geen absoluut absurd toekomstscenario meer genoemd worden. Om een denkkader te creëren, loont het de moeite om te beginnen met een analyse van hetgeen dit voor Israël zou kunnen betekenen, ook al zal Israël in de ontwikkeling van dit proces geen enkele rol spelen.

Vooral in de nieuwe eeuw heeft de Europese Unie in meerdere kwesties in toenemende mate een vijandig en af en toe antisemitische standpunt tegen Israël ingenomen. Dat leidde ertoe dat het Simon Wiesenthal Center haar in 2015 op zijn lijst van de wereldwijde bevorderaars van antisemitische en/of anti-Israëlische gebeurtenissen op de derde plaats zette. Als reden wordt daarvoor aangevoerd:

“De Europese Unie heeft besloten uitsluitend producten uit de Golan-hoogten en de omstreden gebieden op de Westbank te labelen en andere bezette en omstreden gebieden in de wereld zoals de Westelijke Sahara, Kasjmir, Tibet en producten uit de door de terroristische Hamas en Hezbollah gecontroleerde gebieden te negeren. Dit toepassen van het meten met twee maten tegen Israël is kenmerkend voor modern anti-Israëlisme en al vele eeuwen lang de kern van antisemitisme.”

Lees verder