De Gerstenfeld-definitie voor anti-Israëlisch antisemitisme [Manfred Gerstenfeld]

antisem28

De in mei 2016 door de International Holocaust Remembrance Alliance (IHRA) aangenomen definitie van antisemitisme noemt in haar verschillende karakteriseringen meerdere voorbeelden van anti-Israëlisch antisemitisme. De definitie concentreert zich echter vooral op antisemitisme tegen Joden, en niet op dat tegen Israëli´s. Des te meer men de definitie van de IRHA toepast, hoe meer men begrijpt dat er een speciale definitie voor anti-Israëlisch antisemitisme noodzakelijk is.

De volgende tekst zou als eerste ontwerp voor organisaties of landen kunnen dienen die zo´n definitie zouden willen introduceren. In lijn met de definitie van de IHRA voor antisemitisme zou de definitie van anti-Israëlisch antisemitisme als volgt kunnen luiden:

Anti-Israëlisch antisemitisme is een bepaalde opvatting van Israël die als haat tegenover Israël en Israëli´s of hun discriminatie tot uitdrukking kan komen. Retorische of fysieke verschijningsvormen van anti-Israëlisch antisemitisme zijn tegen Israël of  individuele Israëli’s of hun bezit, of tegen Israëlische instellingen gericht.

Een verschijningsvorm van anti-Israëlisch antisemitisme kan zijn de staat Israël tot doelwit maken op een manier zoals dit met geen enkel ander land het geval is, bijvoorbeeld door de etiketteringspolitiek voor producten uit Israël of de omstreden gebieden.

manfred2Echter, kritiek op Israël, die gelijk is aan kritiek op andere landen is geen anti-Israëlisch antisemitisme. Anti-Israëlisch antisemitisme beschuldigt Israël, Israëli´s of zionisten ervan dat ze complotten smeden om de mensheid te schaden en wordt er vaak voor gebruikt om Israël voor zaken verantwoordelijk te houden die in andere landen of andere delen van de wereld verkeerd gaan. Ze drukt zich uit in handelen, spreken, schrijven en visuele vormen en gebruikt kwaadaardige stereotypes en negatieve karaktertrekken.

Eigentijdse voorbeelden voor anti-Israëlisch antisemitisme in het openbare leven, in de media, op universiteiten en scholen zijn de volgende, maar blijven hiertoe niet beperkt:

♦ Het oproepen tot het doden van Israëli´s of hen schade toe te brengen, evenals hierbij te helpen of dit te rechtvaardigen. Dit houdt iedere vorm van ondersteuning van anti-Israëlische terreurorganisaties in, inclusief het aan hen ter beschikking stellen van wapens en hen te financieren, evenals het propageren van hun legitimering.

♦ Het uiten van onware, ontmenselijkende, demoniserende of stereotyperende beschuldigingen tegen Israëli´s als zodanig, of de macht van Israël, of datgene wat vaak de Israël-lobby wordt genoemd, te verheffen tot collectief – zoals, in het bijzonder maar niet uitsluitend, de mythe van een wereldwijde Israëlische of zionistische samenzwering of dat Israël, Israëli´s of zionisten de media, de economie, de regering of andere belangrijke maatschappelijke instituties controleren.

♦ Het beschuldigen van zionisten, de staat Israël of het Israëlische volk, verantwoordelijk te zijn voor reële of ingebeelde wandaden die door individuele Israëli´s of zelfs door niet-Israëli´s begaan worden.

♦ Het beschuldigen van het Israëlische volk, zionisten, of de staat Israël, van het fabriceren, overdrijven of misbruiken van de Holocaust.

♦ Het aan Israëli´s ontzeggen van het recht op zelfbeschikking, bijvoorbeeld door te beweren dat het bestaan van de staat Israël verworpen zou moeten worden, dat deze staat geen legitimiteit zou bezitten of een racistische onderneming zou zijn.

♦ Het meten met twee maten, door van Israël gedrag te eisen dat van geen enkele andere staat verwacht of geëist wordt. Dat is bijvoorbeeld de beweging Boycot, De-investeringen en Sancties (BDS) als zij uitsluitend op Israël gericht is. Daartoe behoort eveneens moreel relativisme door Israël aan andere morele criteria te meten dan andere landen en in het bijzonder zijn vijanden.

♦ Het gebruik van symbolen en beelden die verbonden zijn aan klassiek antisemitisme, bijvoorbeeld vergelijkingen met het doden van Jezus, beschuldigingen van rituele moord en moderne mutaties daarvan, om Israël of Israëli´s te omschrijven.

♦ Het gebruik van valse morele gelijkstelling tegen Israël of het Zionisme, met inbegrip van maar niet uitsluitend, tussen Zionisme en racisme of kolonialisme/imperialisme, fascisme of Nazisme. Andere voorbeelden zijn het vergelijken van de Holocaust met de Naqba, de beschouwing dat gerichte liquidatie van terroristen gelijk is aan opzettelijke moord op burgers, en de gelijktrekking tussen het ontvoering van soldaten en het opsluiten van terroristen, maar ook het doen voorkomen alsof de acties van Israël als een legitieme soevereine staat dezelfde morele gelijkwaardigheid hebben als de onwettige acties van terroristen.

♦ De omkering van de Holocaust, bijvoorbeeld door het trekken van vergelijkingen tussen moderne Israëlische politiek en haar handelen met extreem misdadige regimes als dat van de Nazi´s, evenals de vergelijking van Palestijnse plaatsen met Holocaust gerelateerde plaatsen zoals de Gazastrook met het getto van Warschau of Auschwitz. Bovendien gelijkstelling van Israël of -Israëli´s met hen die volkerenmoord begaan of dat willen doen,  evenals de gelijkstelling van Israël met de “Islamitische Staat”, alsook met het Zuid-Afrikaanse Apartheid stelsel. Dat kan ook indirect plaatsvinden, bijvoorbeeld met de bewering dat Israël een vernietigingsoorlog tegen de Palestijnen voert.

♦ Het collectief verantwoordelijk houden van Israëli´s voor het handelen van de staat Israël of zijn regering.

♦ Het benoemen door organisaties van commissies met partijdige opdrachten tot onderzoek naar misdadige activiteiten waarvan Israël beschuldigd wordt, terwijl het handelen van zijn vijanden genegeerd of geminimaliseerd wordt. Bovendien het deel uitmaken van dergelijke commissies.

Anti-Israëlisch handelingen zijn crimineel wanneer ze door de wetten van het desbetreffend land als zodanig gedefinieerd worden.

Strafbare feiten zijn anti-Israëlisch antisemitisme wanneer het doelwit van aanslagen, of dat nu op mensen of eigendommen is – zoals gebouwen, scholen en gebedshuizen – is geselecteerd omdat ze Israëlisch of aan Israël gekoppeld zijn of zo worden waargenomen.

Er is sprake van anti-Israëlisch antisemitisme wanneer aan Israëli´s mogelijkheden of diensten geweigerd worden die wel ter beschikking van anderen staan. Dit soort handelen is in een aantal landen illegaal.

door Dr. Manfred Gerstenfeld


Bron: in een vertaling uit het Duits door E.J. Bron van een artikel van Dr. Gerstenfeld op de site van Heplev – Abseits von Mainstream van 19 september 2016 bron-logo

Advertenties

Het ontembare monster van het antisemitisme in Europa heeft nieuwe vleugels gekregen: Israël

jodenhaatmadeBHet moderne antisemitisme: “Israël, de Jood onder de naties”

Afgelopen week sloot ik mij aan bij 1.000 activisten, Joodse leiders en deskundigen van over de hele wereld, samen met Europese juristen, Knessetleden en Israëlische overheidsambtenaren, om deel te nemen aan het 5th Global Forum on Combating Anti-Semitism, dat van 12 tot 14 mei 2015 werd gehouden in Jeruzalem onder de auspiciën van Israël ’s ministeries voor Diaspora Zaken en van Buitenlandse Zaken.

Het ontembare beest
Dit forum werd opgericht 70 jaren na de Holocaust. Toch zagen we het laatste jaar het hoogste aantal van registreerde antisemitische incidenten sinds het einde van het donkerste hoofdstuk van de Europese geschiedenis. Brussel, Parijs, Kopenhagen, Londen, Berlijn… virtueel geen enkel deel van Europa is vrij van dit ontembare kwaad.‎

gfcaHet enige verschil met vandaag is dat het niet enkel Joden aanvalt als individuen maar het valt ook aan en belastert het Zionisme en de Staat Israël. Het ene sluit naadloos bij het andere aan alsof de vest van een pak er thans een broek heeft bijgekregen gesneden vanuit hetzelfde laken.

Het is wellicht enkel een meer ‘sociaal aanvaardbare’ manier, in het bijzonder in Europese kringen, om iemands haat en weerzin van Joden uit te drukken en in breder perspectief, de Staat Israël.

Het forum was opgedeeld in 12 aparte werkgroepen, die elk een verschillende verschijningsvorm van het moderne antisemitisme vertegenwoordigden. Ik nam namens het Israëlisch-Joods Congres (EJC), deel aan de werkgroep “Anti-Semitism in the Guise of Delegitimization and Anti-Zionism(Antisemitisme in de gedaante van delegitimisering en anti-Zionisme).

Jodenhaat en Israëlhaat, twee kanten van dezelfde munt
Laat er geen ‘als’, ‘maar’ of ‘misschien’ bestaan omtrent dit: de aanval op Israël ’s legaliteit als een natiestaat van het Joodse volk, met inbegrip van het gebruik van valse beweringen en kwaadwillige verdraaiingen van de waarheid als een aanvaardbare kritiek ten aanzien van het Zionisme en Israël, is de hedendaagse manifestatie van antisemitisme. ‎

kill_jewsDe façade is volledig onthuld, de aap uit de mouw gekropen: anti-Zionisme = antisemitisme.

Zoals de Franse premier Manuel Valls zei in het aanschijn van de gewelddadige aanslagen tegen Franse synagogen en Joodse handelszaken tijdens Operation ‎Protective Edge afgelopen zomer: : “Er is een onbetwistbaar verband tussen anti-Zionisme en antisemitisme.”

Tezelfdertijd hoorden we slogans roepen zoals “Dood aan de Joden” afgewisseld met “Zionisten branden in de Hel” en zelfs in Zwitserland stormde een betoger de grootste synagoge van Genève binnen met een plakaat in haar handen waarop te lezen stond “Elke synagoge is een ambassade van de Staat Israël.”

Jood of Israëliër, in de straten van Europa bestaat er voor velen helemaal geen onderscheid (meer). Ze zijn een en hetzelfde.  ‎

Hoe het veelkoppige monster van het antisemitisme bedwingen
Dus, wat kan er worden gedaan ter bestrijding van deze verderfelijke en niet aflatende aanval tegen zowel de Joodse staat als tegen het Joodse volk?

‎1. Voor de beginnelingen onder ons moeten we beginnen met de delegitimiseerders te delegitimiseren door hen er apart uit te lichten, deze groep haters aan de kaak stellen, met inbegrip van al diegenen die hen steunen en financieren.

‎2.‎ Europa moet een alomvattende bindende definitie van antisemitisme opstellen en in een  wetgeving gieten, rekening houdende met het feit dat de delegitimisering van Israël, die veel verder gaat dan gewettigde kritiek, een vorm is van antisemitisme.

‎3.‎ Ten aanzien van de campagne van de BDS-beweging, boycot, desinvesteren en sancties, de lieveling van de delegitimiseringsbeweging die op gang werd gebracht door linksextremisten en radicale islamisten, moeten we expliciet duidelijk maken dat ‘indien jullie pro-BDS zijn, dan zijn jullie tegen vrede en tegen de tweestatenoplossing‘.

Europese staten zouden ook een voorbeeld moeten nemen aan Frankrijk dat de BDS beweging als illegaal beschouwt, en bestempeld als zowel crimineel en racistisch, met een aantal succesvolle rechtsvervolgingen.

‎4. Wij moeten parlementaire steun in Europa mobiliseren, met inbegrip van het hebben van pro-Israël parlementariërs die resoluties indienen gericht tegen de BDS-beweging en hun collega’s discrediteren die Israël aanvallen, terwijl tegelijkertijd de bilaterale betrekkingen met de Joodse staat verder worden versterkt.

Tegelijkertijd is het belangrijk om te erkennen dat enkel de toevlucht nemen tot rechtsinstrumenten, deze internationale delegitimiseringsbeweging niet zal kunnen verslaan worden.

‎5.‎ We moeten ook het debat en het gesprek over Israël herkaderen en verbreden. De meeste Europeanen bekijken Israël voornamelijk door het prisma van het conflict met de Palestijnen, dat naar het continent werd geëxporteerd via extreme propaganda onder leiding van meestal radicale islamitische immigranten en thans als een cause célèbre wordt gekoesterd door veel Europese elites. Vele anderen zijn gewoon bestand tegen harde feiten.

Dus, laten we dit gesprek verbreden door meer te praten meer over de positieve resultaten die in Israël werden bereikt (inclusief in high-tech, innovatie, culturele gebieden) en de potentiële winst voor Europa door de versterking van deze relatie.

Pro-Israël advocaten zullen nog altijd Israël moeten blijven verdedigen, maar laten we ook meer pro-actief worden en anticiperen op trends en ons eveneens focussen op positieve ontwikkelingen.

‎6. Meer steun moet ook worden geboden aan het bedrijfsleven in Europa en Israël tegen BDS aanvallen en aan het bevorderen van verdere handels- en researchbanden.

‎7.‎ Eén grote olifant in de kamer dendert onverminderd verder dankzij de financiering door de Europese Unie van niet-gouvermentele organisaties die openlijk Israël aanvallen en delegitimiseren. Er moet een veel grotere monitoring en verantwoordingsplicht komen binnen de Europese Unie om aldus efficiënter te controleren waar het belastinggeld van de EU onderdanen naar toe gaat.

‎8.‎ Het is ook van cruciaal belang voor pro-Israël en Joodse organisaties om bruggen te bouwen en het smeden van allianties met andere minderheden, NGO’s en religieuze groeperingen, met inbegrip van gematigde moslims en kerken, evenals met het maatschappelijk middenveld, om te helpen de gemeenschappelijke kwestie te bestrijden en die tevens namens ons hun stem kunnen verheffen tegen deze haat.

Het lijkt erop dat we thans al zolang hebben gesproken over de delegitimisering van Israël als het ‘nieuwe anti-semitisme’ dat het in feite niet langer meer ‘nieuw’ is. Vandaag, is het tijd om de stippen met lijnen te verbinden en actie te ondernemen tegen deze haat.

door Arsen Ostrovsky


in een vertaling van Brabosh.com van een artikel op Israel Hayom van 19 mei 2015

Arsen Ostrovsky is the director of research at the Israeli-Jewish Congress, an ‎independent Israeli-based organization devoted to promoting the principle of Israel as ‎the state of the Jewish people and strengthening ties between Israel and the Diaspora.‎ These comments solely reflect the views of the IJC’s representative to the Global Forum’s Anti-Semitism in the Guise of Delegitimization and Anti-Zionism working group, and are not the official positions of that working group.

Israëlbashers hanteren een dubbele standaard omtrent schending van mensenrechten

hrw-waakhondDisproportionele fixatie vs Israël, vergeleken met de rest van de wereld
[Cartoon van de Israëlische tekenaar Ronny Gordon – bron: Arutz Sheva]

Israelbashing neemt nog steeds in populariteit toe op vele gebieden. Op internationale sportevenementen worden Israëlische atleten soms vermeden, soms verhinderd om deel te nemen door immigratie-ambtenaren en soms zelfs niet uitgenodigd. Britse, Canadese en Zuid-Afrikaanse vakbonden hebben opgeroepen tot een boycot van Israëlische goederen. Ook in België en Nederland loopt dergelijke boycotcampagne tot 31 december van dit jaar. Universiteiten en vakbonden voeren campagne voor een boycot van Israëlische academici en bedrijven en voor het nemen van internationale sancties.

Onlangs heeft de stichter van Human Rights Watch, Robert Bernstein, deze hypocrisie aan de kaak gesteld toen hij zijn eigen organisatie bekritiseerde dat het Israël behandelt als een paria staat. Hij verweet de HRW dat, alhoewel Israël in het Midden-Oosten omringd wordt door islamistische dictaturen die het woord ‘mensenrechten’ niet eens kunnen spellen, nagenoeg nergens in haar kritische rapporten worden geviseerd, maar Israël daarentegen disproportioneel en systematisch de volle laag krijgt.

Dit intense cynisme is de poging van veel islamitische landen om Israël van haar legitimiteit te beroven en haar bestaansrecht te ontkennen. Dergelijke propaganda wordt al vele jaren gevoerd en wordt gekenmerkt door zowel opportunisme als haat. Deze strijd wordt steeds gevochten door de regeringen van deze landen in de internationale fora en in het bijzonder in de Verenigde Naties. Door het nivelleren van valse, soms lasterlijke, beschuldigingen tegen Israël en haar democratisch gekozen regering, proberen ze haar legitimiteit ondergraven.

De Verenigde Naties, zo lijkt het toch, reserveren het merendeel van hun woede voor het meest liberale, vrije en progressieve land in het Midden-Oosten. Een land dat de vrijheid van godsdienst en dezelfde burgerrechten aan al haar burgers garandeert en verdedigt, met inbegrip van de Arabische minderheid, wordt hier aan de schandpaal genageld door diegenen die flagrant de waarden van het VN-Handvest en de Verklaring van de Mensenrechten miskennen.

In een interview met deze krant vorige week, verwees Navi Pillay, de VN-commissaris voor de mensenrechten voor Zuid-Afrika, naar “propaganda die de [VN-Mensenrechten] Raad afschildert als partijdig en een plek voor Israëlbashers” [‘propaganda which portrayed the council as biased and a venue for bashing Israel’ bron]. Propaganda? Niet echt. De Raad voor de mensenrechten in Genève, gedomineerd door kampioenen in het schenden van de mensenrechten zoals Libië, Pakistan en Saudi-Arabië, zijn bijna geobsedeerd door het vermeende wangedrag van Israël. Toch kijkt het de andere kant op, of bagatelliseert het de misdrijven die door Hamas en andere terroristische groeperingen worden gepleegd. De eenzijdige resolutie over het Goldstone Rapport spreekt boekdelen.

In 2006 kreeg de toenmalige secretaris-generaal van de Verenigde Naties Kofi Annan een storm van kritiek over zich heen, toen hij in de Mensenrechtenraad wees op de “onevenredige nadruk op schendingen door Israël”, terwijl andere gebieden die geconfronteerd waren met een veel ‘ernstiger crisis’ werden verwaarloosd [“Since the beginning of their work, they have focused almost entirely on Israel, and there are other crisis situations, like Sudan, where they have not been able to say a word.bron]. De dingen zijn sindsdien niet bijster verbeterd – integendeel. In feite wordt op de Algemene Vergadering van de VN in New York in het hele Midden-Oosten geen enkel ander land zo vaak genoemd in toespraken en resoluties als Israël.

In de meeste organisaties van de Verenigde Naties, zit een ingebouwde meerderheid van niet-democratische landen die aan de Israëlbashers de vrije teugel geeft. Soms worden zij zelfs ondersteund door democratische landen. Het was triest om te zien dat Ierland een van de vijf Europese regeringen was dat het Goldstone Rapport ondersteunt. Israëlbashing geniet brede steun in de westerse media alsook aan de universiteiten, NGO’s, vakbonden en internationale organisaties. Maar deze critici zijn vaak blind voor de realiteit in het Midden-Oosten.

Zo wordt het Iraanse regime genegeerd, dat de protesten deze zomer in eigen land gewelddadig onderdrukte en daarvoor niet veroordeeld werd door de VN-Mensenrechtenraad, dat Iran al jaren niet enkel een ideologisch campagne voert tegen Israël, maar de opleiding van Hamas en Hezbollah-strijders ondersteunt, hen voorziet van wapens en munitie en aldus aanvallen op Israël sponsort. Jaren van raketaanvallen en zelfmoordaanslagen gericht tegen Israëlische burgers worden slechts terloops genoemd. Soms worden ze zelfs gerechtvaardigd door vooraanstaande westerse politici en kranten commentatoren.

Deze mensen hebben gefaald om het Palestijnse leiderschap te veroordelen voor haar wanbeheer [in de Palestijnse gebieden], ondanks de miljarden dollars aan steun, om in de autonome gebieden structuren op te bouwen die het economische welzijn van de Palestijnen en de veiligheid en integriteit van Israël kunnen garanderen. Westerse moralisten beschuldigen de Israëlische bezetting ervan – ondanks de terugtrekking van de Israëlische troepen uit de Gazastrook meer dan vier jaar geleden, en uit de belangrijkste centra op de Westelijke Jordaanoever die daaraan voorafgingen en uit Zuid-Libanon in 2000. De ‘land-voor-vrede’ -formule heeft gewerkt met Egypte en Jordanië, maar niet in de Gazastrook, tenminste tot nog toe niet.

Israël meest fanatieke kritikasters zeggen vaak weinig over de werkelijke menselijke rampen van deze wereld zoals de door de overheid gesteunde genocide in Soedan. Integendeel, alhoewel de Soedanese dictator Omar al-Bashir door het Internationaal Strafhof in Den Haag wordt gezocht op beschuldiging van misdaden tegen de menselijkheid, heeft de Turkse premier Recep Erdogan onlangs nog luidop het Israëlische offensief in Gaza veroordeeld, tegelijk zeggende dat al-Bashir welkom zou zijn geweest tijdens de recente islamitische top in Istanboel.

Erdogan beschuldigde Israël ervan dat de misdaden tegen de Palestijnen tijdens de Gaza-oorlog veel erger waren dan degene die aan de Soedanese leider Omar al-Bashir worden toegeschreven. “Het bestaat niet dat moslims genocide kunnen plegen,” zei hij schaamteloos tegen de verslaggevers [‘It is not possible for those who belong to the Muslim faith to carry out genocide.‘] De Armeense genocide door de Turken wordt nog steeds door Turkije ontkend. Een paar dagen eerder bracht Erdogan een bezoek aan Teheran om zijn solidariteit te betonen met de Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad, een andere beruchte ontkenner van genocides.

Of het gebruiken van dergelijke dubbele standaarden eenvoudig kunnen toegeschreven worden aan populisme, of aan vooroordelen tegen Joden of de staat Israël, is moeilijk vast te stellen. Het trieste resultaat is dat een grote meerderheid van de lidstaten van de Verenigde Naties Israël thans lijken te zien als Vijand Nummer 1 in de wereld. Wie had gedacht dat het ooit zover zou kunnen komen?

door Ronald S. Lauder van 7 december 2009

een artikel in een vertaling van Brabosh.com; eerder verschenen op deze blog op 9 december 2009

Over het misplaatste superioriteitsgevoel van moslims [JMB]

rotskoepel3

“De vergeldingsaanvallen hadden als doel de Arabieren zichzelf psychologisch als verliezer te doen beschouwen. Door ze keer op keer te verslaan en door ze zo overtuigend te verslaan zouden zij de overtuiging ontwikkelen dat ze nooit kunnen winnen. (..)

sharon4aOns doel moest zijn het Arabische verlangen tot strijd te neutraliseren, hun wil tot vechten te vernietigen. Dát, en niet de vergelding op zich, was het doel van de acties van de para’s. Een doel waarvan ik wist dat het een lange tijd zou kosten om te bereiken.”

[Ariel Sharon, terugkijkend op de periode 1954-1956 toen hij commandant was van een elite-eenheid bij de paracommando’s van het IDF in het boek Warrior van 1989 pag. 120]

Over het misplaatste superioriteitsgevoel van moslims
In het grootste plagiaat van de Bijbel, staat in soera 4:140: Ten aanzien van de ongelovigen: “Zit niet samen met hen neer”.

De profeet spoort gelovigen aan tot de strijd. “Indien er onder u twintig zijn die stand houden, zullen zij er tweehonderd overwinnen en indien er honderd van u zijn, zullen zij er duizend overwinnen van de ongelovigen, immers zij zijn lieden die geen inzicht hebben”. (soera 4:140)

“Onze dienaren zijn het die tot overwinning geholpen zullen worden, en Onze legerscharen zullen waarlijk de overwinnenden zijn”. (soera 37, 172-173)

Wat de praktijk heeft bewezen
Niet alleen tijdens de zesdaagse oorlog in 1967, maar bij alle andere oorlogen sinds 1948, werden de verenigde moslimlanden, ondanks hun overmacht en de modernste Russische wapens, steeds jammerlijk verslagen door een landje als Israël, dat nog vocht met wapens uit de jaren 40’ en 50’. En daarbij toch zo sterk bleek te zijn, dat binnen een week de Arabische coalitie verslagen was en de hele Sinaï woestijn veroverd werd.

Lieden zonder inzicht?
Israël is veel kleiner dan Nederland. Er wonen maar 7 miljoen Israëliërs, van wie amper 5 miljoen Joods is. Het nietige landje is bovendien omringd door gigantische Arabische staten, zoals onder meer Jordanië, Syrië, Libanon, Saudie-Arabië, Egypte, Algerije, Marokko enz. Maar dat superkleine Israël bevat meer intellect dan al die grote Arabische staten bij elkaar.

Zo is meer dan 33% van alle Nobelprijzen door Joodse wetenschappers en literatoren gewonnen. Om er enkele te noemen: Karl Landsteiner, de ontdekker van de menselijke bloedgroepen (waardoor bloedtransfusies mogelijk werden), Niels Bohr, de befaamde kernfysicus, en Boris Pasternak, de beroemde Russische schrijver.

De wereld telde anno 2013 1,2 miljard moslims. Dat is bijna 100 maal zoveel als het aantal Joden (13 miljoen) In de laatste 100 jaar ontvingen, van die 1,2 miljard moslims, slechts 8 Arabieren een Nobelprijs, waaronder terrorist Yasser Arafat.

De monsterruil van 1027 ‘Elitesoldaten’ tegen 1 Israëlische soldaat
In 2011 werd een akkoord met Hamas gesloten over de vrijlating van de al 51/2 jaar lang gegijzelde Israëlische soldaat Gilad Shalit. De buitensporige eis was vrijlating van 1027 terroristen. Of dit verstandig is geweest, is zeer de vraag, maar het gaat hier nu even om de scheve verhouding. Die verhouding is echter veelzeggend, want die éne Jood, blijkt in de praktijk namelijk 1027 terroristen waard te zijn.

Onder de Palestijnen staan deze terroristen hoog aangeschreven en daarom worden ze als helden vereerd. Dat er dus zelfs van die ‘hoogaangeschrevenen’ nog 1027 in één Jood passen, heeft ons toch wel iets te zeggen over de waarde van het volk der Joden.

De Joden zouden, gezien het bovenstaande, dus met recht een superioriteitsgevoel kunnen hebben, maar ze hebben dit niet. Ze hadden tijdens de laatste Gaza-oorlog in 2014 Hamas gemakkelijk kunnen vernietigen, maar hebben dit niet gedaan. Als volk staat hun ethiek dan ook ver boven de achterlijke doods- en moordcultuur van Hamas en consorten.

Israël maar een minilandje
Verhoudingsgewijs is het grondgebied van Israël maar 0,5% ten opzichte van de moslimlanden met hun 15 miljoen km2, maar zelfs dat kleine stukje grond wordt de Joden nog niet gegund. Ons kleine Nederland is 41. 543 km2 ‘groot’, Israël beslaat slechts 22. 073 km2 en daar wil dat door de EU gesubsidieerde geboefte nu eerst de helft, en daarna de rest hebben.

Kennelijk moeten al die voorstanders van verdeling van Israël eerst maar eens een les geografie gaan volgen voor ze hun mond nog eens open doen.

door JMB op 27-11-2014