Arnold Schwarzenegger schenkt 100.000 dollar aan Joodse anti-haat groep SWC

‘Terminator’ Arnold Schwarzenegger, die zich reeds lang opwerpt als de verdelger van antisemieten en racisten, heeft 100.000 Amerikaanse dollars geschonken aan het Simon Wiesenthal Center, dat zoals bekend al vele jaren antisemitisme en onderdraagzaamheid bekampt, en dat naar aanleiding van de extreemrechtse betoging in Charlottesville, Virginia, luidde aldus een bericht van Jewish Telegraphic Agency (JTA) van gisteren.

Het geweld dat hierbij gepaard ging in Charlottesville heeft zelfs de meest conservatieve Republikeinen geschokt. Zoals bekend was filmacteur Schwarzenegger van 2003 tot 2011 voor de Republikeinse Partij de 38ste Gouverneur van California. In reactie op het extreemrechtse geweld schreef The Arnold op Facebook: “My message to them [white supremacists] is simple: you will not win. Our voices are louder and stronger”

De acteur en voormalig gouverneur van Californië kondigde de donatie op zondag jongstleden aan op Facebook, waar hij schreef dat hij “geschokt” was door de betoging die neo-nazi’s samenbracht met blanke racisten (white supremacists) en andere extreem-rechtse activisten. Tijdens de betoging werden racistische en antisemitische leuzen gescandeerd en reed een van de manifestanten doelbewust in op een tegenmanifestatie waarbij een persoon werd gedood en minstens negentien anderen gewond raakten. Daarnaast kwamen twee politieagenten om het leven toen hun helikopter neerstortte.

“Ik ben geschokt door de beelden van nazi’s en blanke racisten die opmarcheerden in Charlottesville en ik was er kapot van dat een binnenlandse terrorist een ​​onschuldige van het leven beroofde,” schreef Schwarzenegger. “Mijn boodschap aan hen is eenvoudig: u zult niet winnen. Onze stemmen klinken steeds luider en sterker. Er is geen blank Amerika – er zijn enkel de Verenigde Staten van Amerika. ”

Schwarzenegger, tevens een voormalig bodybuilder, zei dat hij reeds tientallen jaren heeft samengewerkt met het in Los Angeles gevestigde Wiesenthal Centrum en veel bewondering koestert “voor de missie van het Centrum van de uitbreiding van tolerantie door middel van onderwijs en de bestrijding van haat in heel Amerika – in de straten en online.”

Uiteraard was het Wiesenthal Centrum erg opgetogen met de genereuze gift van Arnold Schwarzenegger en rabbijn Marvin Hier, Stichter en Deken van het Simon Wiesenthal Center, bedankte hem met de woorden: “We’ve never been prouder of his leadership than when we saw his Tweet last night challenging everyone to do more in the fight against hate.”

Palestijnen stellen opnieuw precondities voor eventuele deelname aan vredesproces

Gaza, februari 2007, iets meer dan een jaar na de laatste parlementsverkiezingen van 25 januari 2006 in de Palestijnse Autoriteit die zowel in Gaza als op de Westelijke Jordaanoever werden gewonnen door Hamas. Ismail Haniyeh (links) van Hamas werd de nieuwe premier van de PA en Mahmoud Abbas (midden) die sinds januari 2005 president was, bleef voorlopig in die functie op post tot er nieuwe presidentsverkiezingen zouden gehouden worden in januari 2009. Echter enkele maanden later volgde de onvermijdelijke breuk en een bloedige coup van Hamas. De ene Palestijnse boef had de andere Palestijnse boef compleet buitenspel gezet.

PA leider Abu Mazen, nom de guerre van Mahmoud Abbas, heeft op dinsdag 15 augustus 2017 andermaal een reeks voorwaarden opgesomd waaraan Israël eerst moet voldaan vooraleer de Palestijnen bereid zijn om aan de onderhandelingstafel aan te schuiven in een zoveelste poging om vrede te bereiken. Zoals bericht wordt door de nieuwe Amerikaanse president Donald Trump een nieuw onderhandelingsteam, olv. van zijn schoonzoon Jared Kushner, naar het gebied gestuurd in een poging om het vredesproces nieuw leven in te blazen dat al vast zit sinds eind april 2014 na de vorige (mislukte) poging van president Barack Obama.

Die voorwaarden zijn op zich al het voorwerp van onderhandeling maar Abbas houdt voet bij stuk en wil de buit al zoveel mogelijk binnenhalen vooraleer de echte onderhandelingen nog moeten beginnen zonder dat hij daar iets tegenover moet stellen. Dat was hem de laatste keer ook grotendeels gelukt bij de vorige onderhandelingen in 2014 toen Israël in drie keer in het totaal 78 Palestijnse terroristen en moordenaars had vrijgelaten in ruil voor deelname van de Palestijnen aan het vredesproces. Zoals bekend draaide ook dit keer het vredesproces op niets uit en genereerde integendeel een nieuwe oorlog tussen het IDF en Hamas in Gaza (Operation Protective Edge) die aan 66 Israëlische soldaten het leven kostte.

Ook gisteren herhaalde Abbas zijn klassieke eis dat het lot van de “Palestijnse gevangenen in Israëlische cellen zijn grootste prioriteit” is en dat hij “zal doorgaan om de gevangenen te steunen totdat zij allemaal weer op vrije voeten zijn”. Abbas benadrukte gisteren schamper: “Wij houden ons vast aan een vreedzame volksstrijd, omdat we ons bewust zijn van wat de bezetting wil, en we zetten ons beleid verder in coördinatie met onze mensen in Al-Quds [Jeruzalem], de Westelijke Jordaanoever, de Gazastrook en waar onze mensen ook zijn.”

In het kader van zijn boutade “steun aan de vreedzame volksstrijd” worden, zoals reeds bij herhaling werd bericht, aan gevangen Palestijnse terroristen  of families van omgekomen terroristen met westerse hulpgelden exhuberante vergoedingen en salarissen uitbetaald, waarvan de grootte van de verloning wordt bepaald door de aard en de mate van het succes van hun aanslag en of en hoeveel Israëli’s daarbij werden vermoord of gewond. Kortom: hoe bloediger het geweld en de terreur des te meer er met (hulp)gelden wordt gestrooid naar de betrokken terroristen en of hun families.

Andere gestelde voorwaarden vooraf zijn volgens Abbas dat “de PA bereid is om naar de onderhandelingstafel terug te keren op basis van de tweestatenoplossing, de oprichting van een onafhankelijke staat Palestina en [de opname van] de bepaling dat de nederzettingen op alle Palestijnse gronden illegaal zijn.” De Palestijnen leggen aldus bij voorbaat “de lat dermate hoog zodat er geen kat meer over raakt,” heet zoiets in diplomatieke onderhandelingstaal. Een echte doorbraak in een hernieuwd vredesproces moet dan ook niet verwacht worden. Want feit is: de Palestijnse Arabieren  willen geen vrede, zij willen Israël en dat bij voorkeur zonder Joden erin. Dat is zoal zeventig jaar het geval sinds de aanname door de Verenigde Naties van Resolutie 181 van november 1947 en de Arabische aanvalsoorlog tegen Israël die dat ontketende.

Uiteraard kan de situatie in de Gazastrook die gebukt gaat onder de islamistische dictatuur van Hamas, Abbas nog parten spelen. In zijn opmerkingen van gisteren dinsdag, besprak Abbas eveneens de aan de gang zijnde spanningen met Hamas en verwierp hij de beschuldigingen dat het strafmaatregelen heeft genomen tegen Gaza. “Deze stappen,” legde Abbas uit, “zijn bedoeld om een duidelijk signaal te zenden naar het leiderschap van Hamas dat het moet afzien van haar beleid en in het bijzonder van het Uitvoerend Comité van de Gazastrook dat functioneert als een onafhankelijke regering.” Abbas benadrukte dat “het de PA ernstig is omtrent haar beleid en dat het klaar staat om bijkomende stappen te ondernemen tegen Hamas als het zich niet schikt naar de oproep van nationale eenheid.” Hamas en Abbas’s factie Al Fatah leven als sinds 2007 op voet van oorlog met elkaar sinds Hamas op gewelddadige wijze de controle overnam van Gaza in een bloedige staatsgreep.

Vrouwen discrimineren, vermoorden en afranselen is onderdeel van de Palestijnse cultuur

hamassecurit2Gaza, november 2011. Politieagenten van Hamas laten een Palestijnse vrouw uit de cel nadat ze zich opnieuw in orde heeft gesteld conform de kledingsvoorschriften voor vrouwen…

Palestijnse religieuze leiders hebben bij herhaling het islamitische recht verdedigd dat echtgenoten machtigt om hun vrouwen af te ranselen, waarbij de nadruk wordt gelegd dat de afranselingen niet bedoeld zijn om littekens of pijn te veroorzaken maar in eerste instantie opvoedkundig bedoeld zijn.

Palestijnse vrouwen lijden onder discriminatie, geweld en ‘ere moorden’ die hun oorsprong vinden in “de culturele grondvesten van de Arabische en islamitische maatschappijen,” volgens een leider van Al Fatah.  In een editoriaal in de officiële krant van de Palestijnse Autoriteit roept Muwaffaq Matar, een lid van het Revolutionaire Comité van Al Fatah, op tot fundamentele veranderingen in de Palestijnse maatschappij met inbegrip van een wetswijziging en nieuwe “verlichte gewoonten” jegens vrouwen “en bovenal hebben we nood aan een revolutie in de opvoeding“.

Zo wijt hij het huidige geweld jegens vrouwen aan “de culturele grondvesten van de Arabische en islamitische gemeenschappen,” die “geweldsdelicten jegens vrouwen, eremoorden en wraak beschouwen als legitieme daden… [sommigen] verheerlijken deze als heroïsche mannelijke daden.” [lees verder onderaan]

Professor Yousef Jabareen
Ook de Israëlisch-Arabische professor Yousef Jabareen beschuldigt de Arabische cultuur voor het geweld jegens vrouwen. Dr. Jabareen is een docent aan het Tel-Hai College in Opper-Galilea, Israël, en sinds 2015 een verkozen volksvertegenwoordiger voor de Arabische partij Habash (tegenwoordig Arab Joint List) in het Israëlische parlement (de Knesset).

In de videobeelden hieronder die werd uitgezonden op 24 juni 2012 op de Palestijnse openbare omroep PA TV (Al Fatah) en opgevist werd door  Palestinian Media Watch, zegt prof. Jabareen in een interview het volgende:

Yousef Jabareen: “Een deel van onze identiteit is bijvoorbeeld vrouwen vermoorden, vrouwen te vermoorden en vrouwen af te ranselen…”
TV reporter: “U veralgemeent.”
Jabareen: “Neen, ik veralgemeen niet.”
TV reporter: “Niet iedereen is hetzelfde.”
Jabareen: “Deel van onze identiteit is om vrouwen aan te vallen – we moeten dat durven erkennen. Elke samenleving heeft haar defecten en charmes. De Palestijnse identiteit heeft haar charmes, maar er zijn dingen die we eeuwenlang hebben overgenomen van de Arabische cultuur die schadelijk zijn voor het individu en voor de vrouw. Kijk bijvoorbeeld hoeveel vrouwen de voorbije maanden werden vermoord in Lod, in Ramle en in Acre en elders. Dat maakt deel uit van onze identiteit.”

Video: Killing and beating women is a negative part of Arab identity,
says university lecturer on PA TV

Palestijns agentschap Ma’an News Agency
PMW heeft in het verleden bericht over de herhaalde kritiek van de Palestijnse Autoriteit en haar leider Mahmoud Abbas voor zijn milde houding met betrekking tot geweld tegen vrouwen en eremoorden en geen wetten op te leggen die vrouwen beschermen en gewelddadige mannen bestraffen. Het semi-onafhankelijke Palestijnse nieuwsagentschap Ma’an News Agency publiceerde op 7 maart 2017 een artikel met de hoofdlijn: “Article 99 murders women twice” (Artikel 99 vermoordt vrouwen twee keer)

“Instellingen omtrent vrouwenrechten, geleid door Women Media and Development TAM, bereiden zich voor om een petitie in te dienen bij premier [Rami Hamdallah van de PA] waarin zij hem vragen om het gebruik te herzien en op te schorten van Artikel 99 van de Strafwet Nr. 16 van 1960 in zaken van het vermoorden van vrouwen, die verzachtende omstandigheden inroept voor misdaden als moord en die het gebruik toelaat van ‘het afzien van persoonlijke recht’ als een van de redenen voor het verminderen van de straf, die tot de helft kan verminderd worden, en op deze wijze de crimineel veroordeeld tot [slechts] enkele jaren, waarna hij weer vrijkomt nadat hij een vreselijk misdaad beging jegens zijn zuster, moedern echtgenote en dochter.'” [lees verder]

Muwaffaq Matar van Al Fatah
Palestijnse religieuze leiders hebben bij herhaling het islamitische recht verdedigd dat echtgenoten machtigt om hun vrouwen af te ranselen, waarbij de nadruk wordt gelegd dat de afranselingen niet bedoeld zijn om littekens of pijn te veroorzaken maar in eerste instantie opvoedkundig bedoeld zijn.

Het volgende is een langer uittreksel van het editoriaal van Muwaffaq Matar, een lid van het Revolutionair Comité van Al Fatah en een regelmatige columnist van de officiële krant van de Palestijnse Autoriteit, roept op tot een verandering van de gewoonten in de Palestijnse samenleving ten aanzien van vrouwen en geweld tegen vrouwen.

In het officiële dagblad van de Palestijnse Autoriteit Al-Hayat Al-Jadida van 3 augustus 2017 verscheen een artikel onder de hoofdlijn: “Moorden [voor familie] – terreur en racisme” [“Murder for [family] honor – terror and racism”]:

“Alle mensen worden vrij geboren met gelijke rechten en waarden. Iedere mens heeft het recht om zijn vrijheid te realiseren, zonder discriminatie op grond van geslacht. Gelijkheid tussen mannen en vrouwen in alle politieke, maatschappelijke, financiële, sociale en culturele rechten is een vooropgezet doel. Discriminatie van vrouwen is een schending van de beginselen van de mensenrechten…

Willen wij onze samenleving bevrijden van de octopusgreep van deze misdaad (bv. erewraak en eremoord) moeten we onze inzichten zuiveren alsmede onze boeken en ons erfgoed van het verheerlijken van het doden voor God en Eer, en van de verheerlijking van wapens…

Onze [Arabische en islamitische] samenlevingen beschouwen misdaden van geweld tegen vrouwen en moord voor de eer en wraak als legitieme handelingen… en er zijn mensen die overdreven hebben door hen te verheerlijken als heldhaftige mannelijke daden, zozeer zelfs dat ze een van de culturele fundamenten zijn geworden van de Arabische en islamitische samenlevingen.

We hebben behoefte aan een fundamentele verandering, veilige wetten, duidelijkheid, eerlijkheid, en verlichte opvattingen van religieuze figuren, juristen en politici… en vooral hebben we een revolutie nodig in het onderwijs.”

Leven als Arabisch-Israëlische moslima’s in Israël, een hemelsbreed verschil…


Bron: in een vertaling van Brabosh.com naar een artikel van Itamar Marcus dat op 9 augustus 2017 gepubliceerd werd op de website van Palestinian Media Watch (PMW)

Latma TV: ‘Wij Palestijnen liegen over alles en vooral over de feiten en het werkt!’ +video

All About the Facts

Het is weer een tijd geleden maar het team van het satirische tv-kanaal Latma.TV is er weer. Dit keer gaat het over de Palestijnse leugenindustrie. “Lieg over alles, verdraai de feiten en verzin nieuwe feiten als al het andere niet meer pakt. En het werkt! Het werkt!” zingen de mannen en vrouwen van Latma.tv vrolijk in een speciaal daarvoor gecreërde song.

Om de actuele feiten te leren kennen:

Website: http://legalgroundscampaign.org/en/the-facts/

Facebook: https://www.facebook.com/legalgrounds/

Slechts een kwart van de toeristen aan Israël zijn van Joodse origine

Masada, een populaire vakantiebestemming in Israël

Jewish News Service (JNS) publiceerde gisteren nieuwe gegevens die werden verzameld door Israel Hayom waarin het toenemend aantal touristen dat de Joodse Staat bezoekt, wordt geanalyseerd naar leeftijd van de bezoekers, hun religie en de aard van hun reis.

Een record aantal van 2,9 miljoen toeristen bezochten Israël in 2016. Opmerkelijke conclusie die kan worden getrokken is dat de boosaardige kwakkel dat het alleen maar Joden zouden zijn die Israël bezoeken, door dit onderzoek gebaseerd op feitelijk cijfermateriaal de facto wordt tegengesproken.

Vierenvijftig procent van de toeristen die Israël bezochten waren christenen. Van de christen bezoekers waren 38 procent Katholiek, 28 procent waren Protestants en 28 procent waren Oosters-Orthodoxe christenen. Joden omvatten slechts 24 procent van de toeristen die Israël bezochten in 2016. Daarnaast zeiden 15 procent van de toeristen dat ze geen religieuze banden hebben. Drie procent van de toeristen waren moslims, gevolgd door Hindoes, Boeddhisten, Baha’is en leden van andere religies.

Bijna de helft van de toeristen die in Israël toekwamen waren jonger dan 45 jaar. Slechts 18 procent waren jonger dan 25 jaar. Meer dan de helft (57 procent) bezochten Israël alleen en 12 procent bezochten de Joodse staat met hun familie bestaande uit drie of meer gezinsleden. Gemiddeld verbleven de toeristen 11,4 dagen in Israël. Eens in Israël verbleven 63 procent van de toeristen in hotels of vakantieverblijven, 23 procent waren er met gezinsleden of vrienden, 7 procent huurden appartementen en 2 procent verbleven in jeugdherbergen.

Minstens 64 procent zei dat ze hun uitstappen zelf hadden georganiseerd, vergeleken met 27 procent die Israël bezochten als deel van een groep. Volgens het onderzoek dat werd uitgevoerd door Mertens Hoffman Management Consultants, hadden 47 procent van hen Israël minstens een keer eerder bezocht en 80 procent zeiden dat ze Israël graag nog eens wilden bezoeken.