Eerste gesneuvelde soldaat van de IDF wordt van Praag overgebracht om in Israël te worden herbegraven

Martin Davidovitch was een Tsjechische overlevende van de Holocaust die de helft van zijn familie verloor in het concentratiekamp Auschwitz, en wordt beschouwd als de eerste gesneuvelde parachutist van Israël.

In juli 1948, niet lang nadat de eerste Israëlische premier David Ben Gurion de onafhankelijkheid van de Joodse staat had uitgeroepen, trad Davidovitch toe tot de Tsjechische Brigade, een door de IDF aangewezen brigade die was opgericht met als doel Tsjechische Joden te trainen in de strijd voorafgaand aan hun Aliyah naar Israël.

Davidovitch stierf op 21-jarige leeftijd tijdens een parachutesprong in Tsjechië, voordat hij Aliyah maakte. Hij wordt beschouwd als de eerste gesneuvelde soldaat van de Paratrooper Brigade.

73 jaar later zal een delegatie van het IDF en het Ministerie van Defensie volgens de Israëlische media zondag naar Praag vliegen om zijn stoffelijk overschot naar Israël te brengen voor begrafenis.

De delegatie, die naar verluidt niet zeker weet wat er over is van de overblijfselen van Davidovitch, zal ook vertegenwoordigers omvatten van de Herdenkings- en Erfgoedafdeling van het Ministerie van Defensie, de afdeling Slachtoffers van de IDF en het legerrabbinaat.

Joodse partizanen van de Palmach tijdens Israël’s Onafhankelijkheidsoorlog (1947-1949)

De Tsjechische Brigade

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd een Tsjechoslowaakse eenheid opgericht als onderdeel van het Sovjetleger, onder leiding van Ludvík Svoboda (later president van Tsjecho-Slowakije van 1968-1975). De eenheid bestond uit burgers van Tsjecho-Slowakije die in de Sovjet-Unie woonden, waaronder veel Joden.

De Tsjechische Brigade bestond uit meer dan 1.500 Joodse vrijwilligers, van wie 40, waaronder Davidovitch, die een opleiding tot parachutist kreeg. De training vond plaats in volledige geheimhouding tijdens de periode van het communistische Tsjechoslowakije.

De brigade opereerde vanuit Stráž pod Ralskem, een militaire basis die werd opgericht door een divisie parachutisten van de Luftwaffe, de luchtmacht van de nazi’s, die tot hun val in 1945 door nazi-Duitsland werd gebruikt.

Ze namen deel aan de veldslagen van Sokolov en Kiev om Oekraïne te bevrijden, en in de Karpaten. Aan het einde van de oorlog behoorden ze tot de bevrijders van Praag. De Joodse strijders integreerden in de Tsjechische samenleving en dachten er niet aan om naar Israël te emigreren .

De oprichting van de staat Israël en de Onafhankelijkheidsoorlog zette hen aan het denken. Sommigen van hen, met militaire rangen en invloed in de Communistische Partij, zoals majoor Samson Shechta, Arthur Hank, Willie Kahn en Carl Kurt Panther, kwamen met ideeën om de jonge staat te helpen. 

Ze lieten zich inspireren door het “Svoboda-leger” en begonnen de organisatie van de “Tsjechische Brigade”. Het idee was eigenlijk om een ​​militaire macht op te richten bestaande uit Joodse vrijwilligers, te worden opgeleid in Tsjechoslowakije, naar Israël te emigreren en te helpen bij de opbouw van de IDF en daarbinnen een strijdmacht te zijn .

Ze namen contact op met Israëlische vertegenwoordigers. De Israëlische gezant in Praag, Ehud Avriel, kreeg de goedkeuring van de Voorlopige Regering van Israël voor dit initiatief, evenals de goedkeuring van de Tsjechoslowaakse regering, die destijds met Israël sympathiseerde en haar zelfs hielp met wapenleveranties .

Op de achtergrond van de processen voor de oprichting van de brigade, was de politieke drift van de Tsjechoslowaakse regering, die dichter bij de Sovjet-Unie kwam, en op het punt stond een communistisch regime op te richten. Dit feit motiveerde ook linkse publieke figuren in de leiding van de Yishuv, om betrokken te zijn bij de vorming van de brigade en om haar leden naar Israël te halen, uit angst dat het “IJzeren Gordijn”-beleid ook in Tsjechoslowakije zou worden uitgevoerd .

In juli 1948, na goedkeuring van de regering van Israël enerzijds en de regering van Tsjechoslowakije anderzijds, begon het initiatief te worden uitgevoerd. Met toestemming van het Tsjechische leger werden trainingskampen georganiseerd in Tsjecho-Slowakije, nabij de stad Velka Strelna. 

Meer dan 1100 vrijwilligers, voornamelijk joden, kwamen naar hen toe. Ze ondergingen een militaire training met wapens en munitie van het Tsjechische leger. Antonin Sochor, die officier in het Svoboda-leger was geweest, werd gekozen als commandant van de strijdmacht. Hij was een nationale held in Tsjecho-Slowakije en had de medaille van “Held van de Sovjet-Unie ” gekregen.

Sochor, Shechta en Kahn bezochten Israël om de activiteit te coördineren. Ze ontmoetten Ben-Gurion en de legerleiders en er werd overeengekomen dat de “brigada” als een brigade zou deelnemen aan de gevechten.

Ze ontmoetten de hoofden van de Yishuv, die hen een plek aanbood om te wonen voor degenen die zouden emigreren naar Israël in het kader van de brigade – het verlaten dorp Igzim op de hellingen van de Karmel, dat later hun thuis werd, en is genaamd Kerem Maharal .

De eerste vrijwilligers van de brigade verlieten Tsjechoslowakije op 22 december 1948 en kwamen begin 1949 in Israël aan. Later emigreerden veel van de trainingsdeelnemers van de brigade naar Israël.

Bronnen:

  • naar een artikelIDF’s first fallen paratrooper to be brought to Israel for burial” van 22 oktober 2021 en een artikelThe Czech arms that saved Israel” van 30 november 2020 op de site van The Jerusalem Post
  • naar een artikelDavidovich, Martin” op de site van Olama, Honor Israel’s Fallen
  • naar een artikelThe Czech Brigade” op de site van The Chaim Herzog Museum of the Jewish Soldier in World War II