Beoordeling van en lessen uit het jongste conflict tussen Israël en Hamas

Op 21 mei werd de wapenstilstand tussen Israël en Hamas afgekondigd, meer dan twee weken na de botsingen in Sheikh Jerrah, die weldra ontaardden in een open oorlog.

De onlusten in Oost-Jeruzalem, die veroorzaakt werden door de ontruiming van de huizen van enkele Palestijnse families, werden sinds 10 mei gevolgd door raketaanvallen vanuit de Gazastrook en luchtaanvallen vanuit Israël. De wapenstilstand maakt het mogelijk een eerste balans van de oorlog op te maken.

Laten we beginnen met de verduidelijking van de spelers in het veld. Israël vocht niet alleen met Hamas, maar ook met Harakat al-Jihād al-Islāmi fi Filastīn, bij ons beter bekend als de “Palestijnse Islamitische Jihad”. Dit zijn de twee belangrijkste Palestijnse organisaties (samen met het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina), die de akkoorden van Oslo hebben afgewezen.

Beide hebben een “islamistische” ideologie en zijn ontstaan als tak van de Egyptische Moslimbroederschap. De Islamitische Jihad is de oudste (opgericht in 1981), maar Hamas (opgericht in 1988) is de populairste: de Islamitische Jihad beschouwde zichzelf als revolutionaire voorhoede, die zich in de eerste plaats volledig aan het terrorisme wijdt, terwijl Hamas (een acroniem voor “Islamitische Verzetsbeweging”) een politiek-religieuze massabeweging is, die ook de gewapende strijd praktiseert.

De betrekking van de Islamitische Jihad met Iran bestaat al lang en is zeer nauw: minstens sinds 1988, toen de leiding van de groep uit de Gazastrook werd verdreven en in Libanon toevlucht vond. Sindsdien is Teheran de enige wapenleverancier voor de organisatie, de belangrijkste financiële ondersteuner en garandeert via Hezbollah ook logistieke ondersteuning en opleiding.

Hamas heeft eerder een ambivalente relatie met Iran: ze heeft altijd geprobeerd om zich voor een grotere autonomie van het buitenland te profileren, in de jaren-90 kreeg ze het grootste deel van haar financiering uit Saoedi-Arabië en de laatste tijd heeft ze zich vanwege de Syrische burgeroorlog van Teheran afgesplitst.

Desalniettemin hebben de Iraniërs Hamas geholpen om haar militaire kracht te vergroten, hebben haar geld en middelen ter beschikking gesteld en technische knowhow doorgegeven. Hamas wordt ook royaal door Qatar ondersteund (waar haar hoogste leider na een tussenstop in Istanboel resideert).

De militaire vleugel van de Islamitische Jihad, Saraya al-Quds (“Jeruzalem-brigades”), heeft ongeveer 15.000 leden. Het is niet duidelijk of ze ondergeschikt is aan de politieke vleugel of omgekeerd; aan haar hoofd staat een gereduceerde militaire raad en ze is in operatieve cellen verdeeld. Volgens informatie van de Israëlische strijdkrachten bezitten ze dit ballistische arsenaal:”

  • Mortieren van verschillend kaliber met een reikwijdte van 6 km;
  • Raketten R107 (Noord-Koreaanse makelij), reikwijdte 8 km;
  • Zelfgemaakte raketten van kaliber 100 mm, reikwijdte 11-16 km;
  • Na´fah (ook in clusterversie), reikwijdte 12-16 km;
  • Badr B1, reikwijdte 30 km;
  • Grad-20 en Grad-40 (Russische makelij), reikwijdte 20 km respectievelijk 40 km;
  • Borak-100, reikwijdte 45 km.

In het geval van Hamas is de militaire vleugel ondergeschikt aan de politieke top (waarbij de ene in het buitenland door Ismail Haniyeh en de andere in Gaza door Yahya Sinwar belichaamd wordt), maar er moet gezegd worden dat de organisatie veelmeer lijkt op een netwerk dan op een hiërarchische structuur. In Gaza bevinden zich de binnenlandse veiligheidsdiensten en de eigenlijke militaire vleugel, de Katāʾib al-shahīd ʿIzz al-Dīn al-Qassām (“Brigades van de martelaar Izz al-Din al-Qassam”), die aangevoerd worden door Mohammed Deif.

Het aantal agenten wordt op 20.000-30.000 geschat, verdeeld over vijf brigades, die van het zuiden naar het noorden worden ingezet: Rafah, Khan Yunis, Central Fields, Gaza en North Gaza. De al-Qassam-brigades beschikken over een uitgebreid netwerk van ondergrondse tunnels, die commando´s, observatieposten en eenheden met elkaar verbinden en die zich onder civiele gebieden bevinden. Er bestaan een marinecommando, de luchtmacht en het apparaat dat het ballistische arsenaal beheert, dat volgens de Israëlische strijdkrachten hoofdzakelijk bestaat uit:

  • Mortieren, Grad-20, Grad-40, R107, ook aan de Islamitische Jihad geleverd;
  • Q-18, kaliber 155 mm, reikwijdte 20 km;
  • Q-40, springlading 25 kg, reikwijdte 40 km;
  • S-40, kaliber 203 mm, reikwijdte 40-45 km;
  • M-75, springlading 35 kg, reikwijdte 50-70 km;
  • SH-1, springlading 120 kg, reikwijdte 50-70 km;
  • S-55, springlading 46 kg, reikwijdte 55 km;
  • SH-85, kaliber 305 mm, reikwijdte 85 km;
  • Short-A, kaliber 254 mm, reikwijdte 120 km.

Behalve de talrijke raketten uit locale productie beschikt Hamas ook over geïmporteerde raketten: in het bijzonder de Fajr-3 en Fajr-5 (reikwijdte 43 km respectievelijk 75km) uit Iraanse productie, evenals de M302 uit Syrische productie met een reikwijdte van 180 km.

Als je bedenkt dat Israël van het noorden naar het zuiden 424 km meet en dat haar territoriale breedte van het westen naar het oosten van een maximum van 114 km tot een minimum van 15 km reikt, is het duidelijk dat de bedreiging door Palestijnse raketten heel reëel en voelbaar is. Daarom heeft Israël de Iron Dome ontwikkeld, die sinds 2011 gebruiksklaar is, een raketafweersysteem om artillerievuur en korteafstandsraketten te onderscheppen en te vernietigen.

Hamas en de Islamitische Jihad hebben Israël´s raketafweer op de proef gesteld, niet alleen door te experimenteren met nieuwe raketten (geen precisieraketten) en aanvalsdrones (Iron Dome haalde zijn eerste van afstand bestuurbare drone neer), maar ook door de belasting met een nog nooit eerder voorgekomen aantal lanceringen.

De door de Palestijnen toegepaste tactiek was er op gericht om het defensiesysteem vol te belasten door tegelijkertijd een groot aantal raketten (tot 100) met verschillende lanceringhoeken af te vuren en daarbij ook terug te vallen op lagere vluchtbanen (ze zijn lager en daarom sneller en dienen ertoe de defensie-installaties te omzeilen).

Hamas heeft een opmerkelijke aanvalscapaciteit getoond, vooral wat betreft de kwantiteit: terwijl ze in 2014 in 51 dagen van het conflict 3393 raketten op Israël heeft afgevuurd, heeft ze dit jaar in maar 11 dagen al meer dan 4300 naar vijandelijk gebied afgevuurd.

Desondanks lukte het Iron Dome om 90% van de raketten te onderscheppen, die de grens overkwamen. De projectielen, die per stuk $ 40.000,- kosten, zijn duurder dan de raketten die zij onderscheppen, maar de schade die Israël bij haar tegenaanvallen kan veroorzaken, moet meegewogen worden in de balans.

Met zijn luchtaanvallen heeft Jeruzalem vijandige commandanten, tunnels, wapendepots en raketwerpers geëlimineerd. De door de Israëlische luchtmacht in 12 dagen getroffen doelen bedroegen in totaal 1500: in de hele jaren-2020 waren het maar 180 doelen van Hamas en de Islamitische Jihad die getroffen werden.

Israël verijdelde ook het vijandige plan om speciale eenheden van de Nakba-eenheid door ondergrondse tunnels te infiltreren: de tunnels werden prompt gebombardeerd en vernietigd. Een poging om Israël te verrassen met duikcommando´s en onderwaterdrones mislukte eveneens.

Het militaire succes van Israël betekent niet per se dat het korte conflict ook een strategische en politieke overwinning was. Heeft operatie “Wachters van de Muren” (de naam die Israël aan de confrontatie heeft gegeven) de veiligheid van Israël vergroot en duurzame vrede langs de Gazastrook gecreëerd?

Kolonel Hanan Shai van het BESA Center argumenteert dat de vermeende overwinning de Status quo met betrekking tot Israël´s vrede en veiligheid niet veranderd heeft.

Hij schrijft dit mislukken toe aan de onvolledige doctrinaire revolutie, die in de Israëlische strijdkrachten onder de huidige stafchef, luitenant-generaal Aviv Kochavi, werd begonnen; een revolutie, die zou bestaan uit het te boven komen van de doctrine van de afschrikking (immobiliseren van het vijandige gevechtsvermogen) en de terugkeer naar de doctrine van de overwinning (vernietiging van de vijand en zijn bronnen).

Anderzijds denken analisten van het Institute for National Security Studies dat Israël ook de cognitieve campagne gewonnen heeft door Hamas in toom te houden en Hezbollah angst aan te jagen.

Bij de berekening van de aangerichte en opgelopen schade, die, als je kijkt naar de materiële data, duidelijk op een Israëlische overwinning duidt, mag de morele factor niet over het hoofd gezien worden: het enorme Palestijnse raketoffensief dwong de bewoners van Israël om elf dagen lang met de alarmsirenes te leven, naar de schuilkelders te rennen en voor hun leven te vrezen, wat in de publieke opinie voor frustratie zorgde.

Natuurlijk zou je hetzelfde over de burgerbevolking van Gaza kunnen zeggen en dit nog kunnen verveelvoudigen: terwijl de inslag van een Palestijnse raket in een straal van 4-5 km voelbaar is, wordt één Israëlische raket door ongeveer de helft van de bevolking van Gaza gevoeld (en het waren 25 per dag voor een periode van een twaalftal dagen).

De oorlogsmoeheid neemt echter niet in dezelfde mate toe tussen de volkeren (de voortzetting van de noodtoestand en de onveiligheid is voor een ontwikkelde en rijke staat proportioneel schadelijker), noch hebben de bewoners van de Gazastrook dezelfde mogelijkheid als de Israëli´s om hun leiders ter verantwoording te roepen over hun handelen.

Anderzijds schijnt de populariteit van Hamas ondanks de militaire tegenslagen niet serieus te zijn ondermijnd: denk alleen maar aan de beslissing van de president van de Palestijnse Autoriteit (PA), Mahmoud Abbas, om de voor deze maand geplande verkiezingen uit te stellen, omdat hij zeker wist dat de “islamistische” rivalen het succes van 2006 herhaald en wellicht zelfs overtroffen zouden hebben.

Maar Abbas is nu 86 jaar oud en zal de teugels van de macht niet lang meer in handen kunnen houden: zijn Fatah is gespleten in meerdere fracties, waarvan er eentje (de grootste) geleid wordt door Jibril Rajoub, die graag een bondgenootschap met Hamas zou aangaan. Enkele analisten denken dat de “islamistische” beweging weldra een gewapende opstand op de Westelijke Jordaanoever zou kunnen beginnen om deze definitief van haar rivalen binnen Fatah te bevrijden.

Een ander, niet te onderschatten element was de mobilisering van de Israëlische Arabieren: het Hamas-offensief ging gepaard met wijdverbreide onlusten en tumult in veel Israëlische steden, vooral in Lod (80.000 inwoners, 30% Arabieren).

Deze Israëlische burgers van Arabische afkomst zijn bijna met 2 miljoen, 20% van de totale bevolking van Israël, en stammen af van de Palestijnen die in 1948 met het oog op de joodse opmars hun huizen niet hebben verlaten. Dit Arabische deel van de bevolking droeg ook wezenlijk bij aan de Tweede Intifada (2000-2005), een feit dat Israël uit de wereld probeerde te helpen met belangrijke investeringen om de levensstandaard van de opstandige minderheid te verhogen.

De publieke opinie werd door de talrijke aanvallen op synagogen, winkels, huizen, auto´s en joodse burgers door Arabische burgers geschokt: Naftali Bennet, de chef van de Jamina-partij, die op het punt stond een regeerakkoord te sluiten met Yair Lapid om Benjamin Netanyahu uit de macht te zetten, trok zich plotseling uit de onderhandelingen terug, omdat hij het als onmogelijk beschouwde om te regeren in een coalitie met een Arabische partij, de Ra´am, die eveneens islamitisch geïnspireerd is.

De co-existentie tussen Arabieren en Joden binnen Israël zou definitief bedreigd kunnen worden, wat de nationale tendens van de joodse staat zou vergroten. De Israëlische context heeft natuurlijk zijn uitgesproken historische en sociale bijzonderheden, desondanks heeft men de indruk dat de verschillen met Europa zelfs in dit opzicht steeds geringer worden: de vervanging van het “islamisme” als ideologie door het nationalisme; de haat op de westelijke “onderdrukkers”; het creëren van een gesegregeerde samenleving binnen de bredere nationale samenleving; de rol van criminele bendes bij de onlusten.

Dat zijn allemaal elementen die volgens ons de Israëlische zaak met de Europese verbinden, zodat wij ons ertoe genoodzaakt zien om, net zoals bij de onlusten in Amerika vorige zomer, ervoor te waarschuwen dat datgene wat er in Israëlische steden met de islamitische minderheid gebeurt ons ook zou moeten alarmeren.  

door Daniele Scalea

Bronnen:

  • naar een artikel van Daniele Scalea “Bewertung und Lehren aus dem jüngsten Konflikt zwischen Israel und der Hamas” van 26 mei 2021 in een vertaling door E.J. Bron van 20 mei 2021

Een gedachte over “Beoordeling van en lessen uit het jongste conflict tussen Israël en Hamas

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.