Joodse geschiedenis bewijst dat Joden inheems zijn in Israël

Plaatje hierboven: De plundering van de Tweede Joodse Tempel in Jeruzalem en de diefstal van de Menorah door de Romeinen zoals wordt afgebeeld in een basrelief op de Triomfboog van Titus die in 82 na C. werd opgericht om de verovering van het Heilig Land te herdenken en te bekijken is aan de Via Sacra te Rome.

De joodse geschiedenis is lang, kronkelig en moeilijk in zijn geheel te vatten. Bovendien is er de geschiedenis van de joden, en dan is er de geschiedenis van het judaïsme.

En hoewel deze twee geschiedenissen elkaar aanzienlijk overlappen, zijn ze niet hetzelfde, een punt dat Adam Kirsch opmerkte in zijn artikel in The New Yorker uit 2018 over ‘Why Jewish History Is So Hard to Write’.

♦ Joodse Revolte tegen Rome
De mislukte Joodse Revolte tegen het Romeinse rijk van 66 tot 73 na C., die eindigde met de val van Masada, is een goed voorbeeld. Mede dankzij de geschriften van Josephus zijn de historische details op grote schaal gepubliceerd.

Zoals het gewone verhaal zegt, leidde het mislukken van de opstand tot de verstrooiing van de Joden, het verlies van hun vaderland en bijna 2000 jaar omzwervingen, met als hoogtepunt een verscheidenheid aan beperkingen, verdrijvingen en pogroms.

Ironisch genoeg leidde dezelfde oorlog ook tot de vernietiging van de Tempel, de opkomst van het rabbijnse judaïsme en het schrijven van de talmoed en midrasj.

Toch eindigde de strijd tussen de Joden en de Romeinen in het Heilige Land niet in 73 na C., en Joden bleven in aanzienlijke aantallen in ‘Palestina’ wonen (de naam die de Romeinen aan het land gaven na de eerste opstand) voor een aanzienlijke tijd nadien.

Joden vormden een meerderheid van de bevolking van Palestina tot minstens de vijfde eeuw na Christus, en een autonoom door de Romeinen erkend Joods patriarchaat in Palestina bestond tot 429 na Christus. De eerste opstand was de eerste van vier pogingen van de Joden in Palestina om het Romeinse juk af te werpen.

♦ Bar Kochba Revolte
De tweede opstand, bekend als de Bar Kochba Revolte, begon in 132 na C. en eindigde met de val van het fort van Betar in 136 na C. De Israëlische archeoloog Yigael Yadin merkt in Bar-Kokhba (1971) op dat, afgezien van incidentele verwijzingen naar munten die in deze periode zijn geslagen, verwijzingen naar deze opstand in de Talmoed en Midrasj schaars en vaag zijn.

Niet-joodse bronnen geven meer informatie, vooral de Romeinse historicus Cassius Dio, die opmerkte dat de Romeinen een hoge prijs aan slachtoffers betaalden voor hun overwinning. Het was de ontdekking van brieven tussen Bar Kochba en zijn militaire ondergeschikten in het begin van de jaren zestig die de historische herkomst van deze gebeurtenis vaststelden.

Na de verwoesting van de Tempel verschoof het centrum van het Joodse leven in Palestina van Jeruzalem en omgeving naar Galilea. Dit blijkt duidelijk uit het grote aantal indrukwekkende synagogeruïnes die tegenwoordig te zien zijn op locaties zoals Beit Alpha, Bar-am en Capernaum, maar bovenal de uitgebreide ruïnes en mozaïeken die de afgelopen decennia zijn blootgelegd in Tzippori (de Romeinse Sepphoris ).

♦ Gallus Revolte
Ik hoorde pas onlangs dat er twee extra opstanden waren door Joden in Palestina tegen de Romeinse overheersing. Bij beide probeerden de rebellen te profiteren van de Romeinse preoccupatie met ongeregeldheden elders in het rijk. De Gallus Revolte, gericht tegen de heerschappij van Constantijn Gallus, zwager van de Romeinse keizer Constantijn II, vond plaats van 351 tot 352 n. C.

De opstand was misschien een reactie op de christelijke bekering, hoewel volgens de historicus Shmuel Safrai van de Hebreeuwse universiteit de corrupte heerschappij van Gallus de oorzaak was. De brandpunten van de opstand waren bij Tzippori en Tiberius, maar een ontdekking in 1996 van een schat aan gerelateerde munten geeft aan dat het zich uitstrekte tot in het zuiden van Lod (Lydda).

Ursicinus, een hoge Romeinse bevelhebber, sloeg de opstand neer; duizenden rebellen stierven, en steden als Tzippori en Tiberius werden vernietigd. (Beide steden werden kort daarna herbouwd.)

♦ Revolte tegen Heraclius
De laatste joodse poging om vóór de moderne tijd autonomie te verwerven in Palestina, de opstand tegen Heraclius, keizer van Byzantijns (het Oost-Romeinse rijk), brak uit in 614 na C., te midden van een breder conflict tussen het Byzantijnse rijk en de Sassaniërs (Perzische ) Rijk.

Schattingen geven aan dat 20-26.000 Joodse mannen vochten in deze campagne, met zware verliezen aan beide kanten. De eerste joodse successen, waaronder een joodse overname van Jeruzalem, liepen op niets uit in 617 na C., toen de Sassaniërs afstand deden van hun steun aan de joden.

Elk van deze vier opstanden is mislukt, en sommigen hebben de wijsheid in twijfel getrokken om het op te nemen tegen het machtige Romeinse Rijk tegen wat onmogelijke kansen schijnen te zijn. Elk verlies resulteerde in een verdere vermindering van het aantal joden dat in het Heilige Land woonde.

Besluit
Maar hoewel het waar is dat vanaf de zevende eeuw na Christus tot de moderne tijd Joden een minderheid van de bevolking van Palestina vormden, was hun aantal gedurende deze periode nog steeds aanzienlijk, ook al fluctueerde ze als gevolg van immigratie, epidemieën en aardbevingen.

Om te zeggen dat de Joden het land Israël voor 2000 jaar na de val van Masada hebben verlaten, is onjuist. Het moedigt de opvatting aan dat de moderne staat Israël niets meer is dan een koloniale onderneming, zonder enige historische band met het land of bewijs van een voortdurende joodse aanwezigheid.

De voormalige Amerikaanse ambassadeur in Israël, David Friedman, heeft samen met vele anderen gewaarschuwd dat Joodse geletterdheid cruciaal is voor de toekomst van het Joodse volk. Hoewel er misschien geen consensus bestaat over de definitie van joodse geletterdheid, zou een basiskennis van de joodse geschiedenis er zeker deel van moeten uitmaken.

“Masada shall not fall again”


Bronnen:

♦ naar een artikel van Jacob Sivak “Jewish History Proves Jews Are Indigenous to Israel” van 1 maart 2021 op de site van The Algemeiner