Israël: Volgens het internationaal recht zijn de nederzettingen in Judea & Samaria niet illegaal

De Verklaring van de Verenigde Naties over de rechten van inheemse volkeren (UNDRIP), aangenomen door de Algemene Vergadering van de VN op 13 september 2007, met een meerderheid van 144 staten voor, 4 stemmen tegen en 11 onthoudingen, erkende dat inheemse volkeren (ook bekend als eerste volk, aboriginal volk of autochtoon volk) het recht hebben op de gronden, gebieden en hulpbronnen die zij traditioneel in bezit, bezet of anderszins gebruikt of verworven hebben (Art. 26.1) en dat de uitoefening van deze rechten vrij mag zijn van discriminatie van elke vorm (Art. 2).

Met de binnenlandse staatspraktijk zijn de juridische status en rechten van inheemse volkeren geëvolueerd en uitgegroeid tot internationaal gewoonterecht. Zo verklaarde de Inter-Amerikaanse Commissie voor de Rechten van de Mens dat ‘er een internationale norm voor gewoonterecht bestaat die de rechten van inheemse volkeren op hun traditionele land bevestigt’.

Het African Court on Human and Peoples ‘Rights bevestigde dat de landrechten van inheemse volkeren worden beschermd en dat deze rechten ‘algemene rechtsbeginselen’ zijn. Onder andere België, Nederland, Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Israël en Luxemburg hebben voor de verklaring gestemd.

Sinds 2007 hebben Australië, Canada, Nieuw-Zeeland en de Verenigde Staten, die tegen hebben gestemd, de verklaring in 2010 formeel bekrachtigd. In hun betrekkingen met Israël kunnen deze staten niet beweren dat de verklaring niet van toepassing is op Israëlische joden, aangezien een dergelijke positie zou oplopen tot schaamteloze rassendiscriminatie.

Volgens het internationale recht zijn de joden de inheemse bevolking van de landen die Judea, Samaria, Palestina, Israël en het Heilige Land worden genoemd en voldoen daarom aan de criteria die door het internationale recht worden vereist. De Joden zijn de etnische groep die 3500 jaar geleden de oorspronkelijke kolonist van Judea en Samaria leefde, toen het land door de Almachtige aan de Joden werd geschonken.

Leiders van deze wereld, die ervoor kozen om de geschiedenis te abstraheren, verwijzen misleidend naar Judea en Samaria als de ‘Westelijke Jordaanoever’ van de Jordaan (inclusief Israël) of de ‘bezette Palestijnse Gebieden’. Na de Balfour-verklaring van 1917 creëerden het Verdrag van Lausanne (1923), het Britse Mandaat voor Palestina (1922), San Remo Resolution (1920) en het Verdrag van Sèvres (1920) het internationaal recht en erkenden en herstelden ze de historische inheemse bevolking rechten van de Joden op hun land.

De ondertekenaars van deze verdragen en het mandaat (Groot-Brittannië, Frankrijk, Turkije, Japan, Italië, enz.) zijn eraan gebonden. Met het mandaat voor Palestina, dat in augustus 1922 aan Groot-Brittannië werd toegekend, erkende de Volkenbond ‘de historische band van het Joodse volk met Palestina en de redenen voor de wederopbouw van hun nationale thuis in dat land’.

Het recht van het Joodse volk om zich te vestigen in het Land van Palestina, hun historische thuisland en om daar hun staat te vestigen, is dus een wettelijk recht verankerd in het internationaal recht. UNDRIP bevestigt het recht van het Joodse volk als de inheemse bevolking, en ‘vooral hun rechten op hun land, territoria en hulpbronnen’.

Recente resoluties van de Algemene Vergadering van de VN waarin wordt gesteld dat de vestiging van joden in Judea Samaria in strijd is met het internationaal recht, zijn niet meer dan aanbevelingen en hebben nooit geleid tot wijziging van bestaande bindende verdragen. Resoluties van de VN-Veiligheidsraad, waarin wordt gesteld dat Joodse gemeenschappen in Judea en Samaria illegaal zijn, zijn niet bindend.

Alleen resoluties genomen onder Hoofdstuk VII van het VN-Handvest zijn bindend voor alle VN-lidstaten. Zo werd resolutie 2334 van de Veiligheidsraad op 23 december 2016 aangenomen met 14-0 stemmen. Vier permanente leden van de Veiligheidsraad – China, Frankrijk, Rusland en het Verenigd Koninkrijk – stemden voor; de VS onthielden zich van stemming.

Deze resolutie is niet aangenomen overeenkomstig hoofdstuk VII van het Handvest. Zij is niet bindend. In die resolutie staat dat de nederzettingsactiviteit van Israël een ‘flagrante schending’ van het internationaal recht vormt. Het heeft ‘geen rechtsgeldigheid’. Deze resolutie schendt het UNDRIP, het Britse mandaat en de andere verdragen.

Het recht van het Joodse volk om zich ‘te vestigen’ op de zogenaamde Westelijke Jordaanoever en het recht van Israël om delen van Judea en Samaria (een deel van Palestina) te annexeren, vloeien voort uit het mandaat (Levy Report van 9 juli 2012). Krachtens het mandaat is het recht om sommige delen van Judea en Samaria te annexeren een direct gevolg van het recht van de joden om zich in heel Palestina te vestigen, d.w.z. het grondgebied van het mandaat van 1936.

Artikel 80 van het Handvest van de Verenigde Naties (1945) erkende de geldigheid van de bestaande rechten die staten en volkeren verkregen onder de verschillende mandaten, waaronder het Britse Mandaat voor Palestina (1922), en de rechten van joden om zich in het land te vestigen (Judea en Samaria ) dankzij deze instrumenten. (Pr. E. Rostow). Deze rechten kunnen niet worden gewijzigd door de VN.

Behalve zoals kan worden overeengekomen in individuele trustschapsovereenkomsten … zal niets in dit Handvest op zichzelf worden geïnterpreteerd om op welke manier dan ook de rechten van staten of volkeren of de voorwaarden van bestaande internationale instrumenten waaraan leden van de De Verenigde Naties kunnen respectievelijk partij zijn. (Artikel 80, lid 1, VN-Handvest)


Bronnen:

♦ naar een artikel van Michael Calvo “Israel: The Settlements Are Not Illegal; The annexation of lands in Judea and Samaria is not contrary to international law” van 19 mei 2020 op de site van The Gatestone Institute

♦ naar een artikel Subodh Asthana “Origin, Sources of International Law including Customary Rules” van 5 januari 2020 op de site van iPleaders

2 gedachtes over “Israël: Volgens het internationaal recht zijn de nederzettingen in Judea & Samaria niet illegaal

  1. Het meest verkrachte recht is het ”Internationale Recht” door een Internationale gemeenschap die door een accurate toepassing van het Internationale recht niet aan haar trekken kan komen.

    Cut & Paste tot het narratief past in het politieke straatje.

    Israel is het slachtoffer van een Internationale Gemeenschap die het Internationaal Recht aan haar laars lapt.

    Like

Laat een reactie achter op shapira2012 Reactie annuleren

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.