Corona: Wat de Nederlanden kunnen leren van kleine landen zoals Georgië, Israël en Baltische staten

Wat kunnen landen zoals Nederland – en België in het bijzonder – leren van het voorbeeld van kleine landen zoals de Baltische staten, de kaukasische republiek Georgië en het door iedereen bespuwde Israël in de aanpak van de bestrijding van COVID-19 coronavirus?

Cijfers liegen niet, ook al trachten dozijnen politici de zure appel aantrekkelijk voor te stellen zodat we toch zouden bijten en doorslikken. Maar het blijft een zure appel en bovendien puur vergift. Als we simpelweg kijken naar het aantal doden per miljoen inwoners, blijkt België met zijn 6.262 doden wereldkampioen te blijven (plaatje bovenaan).  Nederland met 4.054 doden doet niet veel beter.

Als we daarentegen naar Israël kijken (189 doden), Georgië  (5 doden) en de Baltische staten: Letland 11 doden, Litouwen 38 doden en Estland (44 doden) wordt het een heel ander verhaal. Wat schort er dan aan de aanpak en behandeling in de ziekenhuizen van zovele westerse landen (Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Spanje, Istalië, Nederland en België) dat daar de dodentool dramatische proporties aanneemt?

Voorafgaand aan de Coronavirus-epidemie stond Georgië niet hoog op de Global Health Index, die het vermogen van landen om ziekten te bestrijden beoordeelde. Georgië stond vorig jaar op de 42e plaats wat betreft paraatheid en zag er erg onbeduidend uit in vergelijking met hogergekwalificeerde landen zoals Nederland, België en Zweden).

Maar terwijl het aantal mensen dat besmet was met COVID-19 vorige week meer dan een 2,5 miljoen bedoeg, is het voorbeeld van Georgië bijzonder opvallend. Opvallend onder andere Europese landen. De strijd tegen wereldwijde pandemieën gaat hier met onverwacht succes door. Het is zo succesvol geweest dat er op het moment van publicatie van dit artikel amper vijf sterfgevallen werden gemeld in Georgië, en van de 416 geïdentificeerde gevallen zijn alle geïmporteerd of houden ze rechtstreeks verband met geïmporteerde gevallen.

Een soortgelijke situatie doet zich voor in Letland, waar op 2 april een geval van overlijden werd gemeld (een 90-jarige vrouw), evenals in het aangrenzende Slowakije (1 dood), Wit-Rusland (4 doden), Litouwen (9 doden), Estland (11 doden) en Oekraïne (17 doden). . Ondertussen neemt het aantal sterfgevallen in relatief welvarende West-Europese landen (VK, Frankrijk, Spanje, Italië) catastrofaal toe. Waarom?

Het is waar dat een kleine bevolking van sommige Oost-Europese landen in aanmerking moet worden genomen, maar het lijkt erop dat dankzij de ervaring van de alarmerende situatie deze landen beter voorbereid zijn dan hun buren, die zich meer op hun gemak voelen in een comfortabel leven.

Zoals de premier van Georgië, Giorgi Gakharia (Georgian Dream), tegen de Daily Telegraph zei, moet hier niet alleen “beslissende actie in een vroeg stadium” in aanmerking worden genomen, maar ook het feit dat “historisch gezien altijd Georgiërs hebben gestreden en problemen hebben verslagen.”

“Zowel de regering als de Georgische samenleving realiseerden zich snel de omvang van deze dreiging. In een vroeg stadium was het belangrijk om het virus te bestrijden en de economie te beschermen”, zei Gakharia. In Alexander Skrivener’s (Eurasian Democratic Security Network), een onderzoek dat aan dit onderwerp is gewijd, lezen we: “Rijkdom is geen garantie voor een effectieve strategie in tijden van crisis. In een vroeg stadium is er een aanwijzing dat rijkere landen minder efficiënt zijn dan relatief arme landen – althans in de vroege stadia.”

In vergelijking met Nederland en Georgië, waar het eerste geval bijna gelijktijdig (eind februari) werd gemeld, stelt de auteur dat “het werkelijke cijfer in Nederland in de tienduizenden loopt terwijl het in Georgië waarschijnlijk nog steeds minder dan 1000 is”. Aangezien Georgië zijn grenzen heeft gesloten, strikte regels van sociale afstand introduceerde en meteen zijn vluchten stopte, terwijl de reactie van Nederland erg matig was.

In Nederland “is het bedrijfsleven steeds bedrevener geworden in het voorkomen van’ paniek” (die helemaal niet werd waargenomen) en zelfs een prioriteit geworden “ten koste van de echte strijd tegen het virus.” Mark Rutte, de premier van Nederland, pochte dat het Nederlandse volk een “pragmatisch volk” was toen hij zijn plan voor “collectieve immuniteit” presenteerde dat de Britse regering had verworpen.

De regering ondernam actie en introduceerde sociale afstand, die grotendeels vrijwillig was, pas nadat het sterftecijfer aanzienlijk was gestegen. Nederland wordt net als Zweden bekritiseerd vanwege zijn wangedrag. Scrivener legt de essentiële verschillen in deze benaderingen uit door het feit dat landen die zich in het recente verleden grootschalige openbare crises herinneren, veel proactiever op deze uitdaging hebben gereageerd dan landen met een recentere geschiedenis.

“Herinneringen aan de crisis brengen Aziatische landen, die de verspreiding van het virus zo effectief hebben gestopt, in verband met een postcommunistisch land als Georgië en met landen in Zuid-Europa die door economische problemen zijn belemmerd, zoals Griekenland. Omgekeerd zijn landen met min of meer vrede en welvaart (zelfs na de crisis van 2008): Nederland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten – duidelijk terughoudend om dit gevaar te beseffen.”

Baltische EU-staten:
Estland, Letland en Litouwen

Katarina Volchuk, hoogleraar Oost-Europese politicologie aan het Centrum voor Russische, Europese en Euraziatische Studies, deelt deze mening. ‘Afgezien van het feit dat deze post-Sovjetlanden in het verleden ernstige crises hebben doorstaan, weten ze ook dat hun gezondheidszorgsysteem deze crisis niet zal kunnen weerstaan. En in het VK weten mensen dat ze kunnen rekenen op de National Health Service, maar die verwachtingen zijn te hooggespannen. ”

De auteur merkt op dat de bevolking in Georgië, met een bevolking van 3,7 miljoen, die in 1991 weer onafhankelijk werd, gedwongen werd om te wennen aan de reguliere “black-out” en de noodzaak voor artsen om geld in hun “zakken” te steken. Volchuk: “Ze herinneren zich de tijd dat de situatie buitengewoon moeilijk was. Ze weten dat we het hebben over zelfbehoud en ze hebben niet de luxe van nietsdoen.”

Tegenwoordig zijn Georgische professionele artsen, politie en strijdkrachten niet langer corrupt, en de bevolking houdt ze in handen. “Georgische mensen luisteren onvoorwaardelijk naar en vervullen de woorden van de dokter. Ze zijn gewend om bevelen te gehoorzamen.”

De auteur benadrukt dat het voorbeeld van Georgië sterk verschilt van landen als Rusland, Turkije, Hongarije, Polen en Wit-Rusland, waar een meer autoritaire regering “zich meer zorgen maken” over ‘punten scoren” eerder “dan om het probleem op te lossen.” Wantrouwen tegenover de overheid betekent dat mensen minder snel instructies opvolgen.

Igor Griazin (een van de leiders van de Estse onafhankelijkheidsbeweging en lid van Boris Jeltsin van de Sovjet-Unie in 1991) merkt op dat voor kleine Europese landen zoals Estland, de ervaring met grenscontrole en buitenlandse hulp in tijden van crisis nuttig is geweest. “Estland – een land dat heeft moeten vechten voor onafhankelijkheid – verdedigt zijn grenzen beter dan veel andere landen. We bereiden ons al jaren voor op de Russische invasie, wat moeilijker is dan het coronavirus,” zei Griazin.

De militair-medische dienst is belast met de zorg voor zieken en stervenden in Estland, wat Griazin uitlegt: “Aangezien wij en andere kleine landen niet zoveel strijders of tanks naar NAVO-operaties kunnen sturen als het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland, zijn onze functies meer gericht op medische zorg. We hebben zeer effectieve medische en technische faciliteiten die ervaring hebben met het bestrijden van verschillende ziekten in het Midden-Oosten en Afrika. Daarom is onze medische specialisatie erg nuttig geweest.”

Plaatje hierboven: 20 maart 2020. In het Papa Giovanni XXII hospital in Bergamo, Italië, happen patiënten met coronavirus naar adem in ‘bubbelhelmen’ op de afdeling ‘apocalyps’ in een Italië dat intussen meer dan 25.000 doden telt [beeldbron: The Sun]

Kunstmatige beademing doodt
Daarnaast is er ook een verschil in behandeling voor ernstige zieken en bejaarden tussen Oost en West. Terwijl in de Westerse landen meteen naar het ‘wondermiddel’ van de kunstmatige beademingsapparatuur wordt gegrepen wordt daar in Israël, Georgië en de Baltische staten erg kritisch mee omgesprongen.

Kunstmatige beademing leidt namelijk altijd tot schade aan de longen. Zelfs bij gezonde mensen en zelfs bij een hele voorzichtige manier van beademen. Dat beademing ook nadelige effecten heeft, is al langer bekend. Ernstig zieke patiënten kunnen zelfs aan de gevolgen ervan overlijden. Aan de ernstigste vorm van beademingsgerelateerde longschade, het acute respiratory distress syndrome, sterft 30 tot 40 procent van de patiënten.

“Zij hebben tengevolge van een ziekte of een ongeval al tal van ontstekingen in hun lichaam en als daar een beademingsontsteking bijkomt, ontspoort de zaak en vallen organen uit”, zegt Dr. Vaneker, een anesthesioloog in het Umc St Radboud, in De Volkskrant. Hij spreekt van “de ironie van kunstmatige beademing”: het is een levensreddend middel dat de dood van patiënten kan bespoedigen.

De afgelopen jaren is ontdekt dat het zinvol is om de druk van de beademingsmachine en het volume dat per keer naar binnen wordt gepompt zo laag mogelijk te houden. Dat vermindert de rek op de long en daardoor de longschade. Toch kan zelfs de meest ideale manier van beademen die schade bij ernstig zieke patiënten niet voorkomen.

Bij gezonde mensen daarentegen, vormt beademing geen probleem. In het Umc St Radboud, waar Vaneker als anesthesioloog werkt, worden jaarlijks tienduizenden mensen tijdens een operatie beademd en die gaan zonder longschade weer naar huis. Vaneker ontdekte echter dat ook hun longen worden beschadigd door de beademing, maar dat die schade weer verdwijnt.

Hij bestudeerde de longen van gezonde muizen die onder narcose een paar uur werden beademd. In hun bloed en longen vond hij ontstekingseiwitten, terwijl nergens bacteriën te vinden waren. Die zogeheten steriele ontsteking was na een paar uur verdwenen.

“Als een long wordt beademd, ontstaat druk van buitenaf op de longblaasjes,” legt hij uit, “en komen tengevolge van die stress moleculen vrij. Die hechten aan zich de Toll 4 receptor, de belangrijkste receptor die is betrokken bij de immuunrespons. Die wordt geactiveerd en maakt ontstekingseiwitten aan, waardoor weer ontstekingscellen worden gevormd.”


Bronnen:

♦ naar een artikel “კორონავირუსის პანდემიის ფონზე საქართველოს მაგალითი განსაკუთრებით თვალშისაცემია” van 6 april 2020 op de site van StopCov.ge

♦ naar een artikel van Ellen de Visser “Kunstmatige beademing veroorzaakt longschade” van 10 september 2009 op de site van De Volkskrant

Een gedachte over “Corona: Wat de Nederlanden kunnen leren van kleine landen zoals Georgië, Israël en Baltische staten

  1. Het hoofdprobleem van de rijke Westerse landen is hun eigen verwendheid, arrogantie & gevoel van onaantastbaarheid.

    Dit maakt hen niet flexibel en niet ontvankelijk voor signalen & adviezen…..uit meer ‘eenvoudige/arme’ landen.

    Hoogmoed komt voor den val en dit is de prijs.

    Like

Reacties zijn gesloten.