Manfred Gerstenfeld over het donkere universum van het antisemitisme

In de globale strijd tegen antisemitisme is een definitie van deze haat onontbeerlijk. Daarom heeft een serie landen, steden, universiteiten en andere instellingen in Europa de niet wettige arbeidsdefinitie van de International Holocaust Remembrance Alliance (IHRA) over antisemitisme geaccepteerd voor intern gebruik.

De tekst werd in 2016 door het bestuur van de IHRA goedgekeurd, dat uit vertegenwoordigers van 34 landen is samengesteld. De meeste van hen zijn EU-lidstaten; anderen zijn de VS, Canada en Australië. De definitie moest met algemene stemmen worden aangenomen om geaccepteerd te worden.

Het definitiedocument van de IHRA bevat 11 voorbeelden voor antisemitisme, waarvan enkelen Israël betreffen. Desondanks zou een specifieke definitie van het anti-Israëlisme zinvol zijn. Geen enkele definitie van antisemitisme, inclusief die van de IHRA –zelfs niet wanneer de initiatiefnemers hier nog vele andere voorbeelden aan toegevoegd zouden hebben – kan ook maar in de buurt komen van het enorme aantal thema´s dat elementen van het antisemitisme bevat of het aanstipt. Dit is deels het product van de postmoderne periode waarin we leven. Veel thema´s zijn gefragmenteerd en antisemitisme is daar eentje van.

Er bestaat een enorm en donker universum van thema´s aan gene zijde van de IHRA-definitie, die raakvlakken hebben met het antisemitisme. Velen bestonden in de klassieke religieuze of nationalistisch/etnische versie van het antisemitisme voor de Tweede Wereldoorlog niet.

Het institutionele antisemitisme van de Britse Labour Party, dat na de verkiezing van Jeremy Corbyn tot partijvoorzitter in september 2015 openlijk aan het licht trad, werd vaak bekendgemaakt. Hij heeft meer dan eens antisemitische opvattingen getoond en uitgesproken, maar de IHRA-definitie is bij de identificatie niet behulpzaam om zijn handelingen en commentaren als antisemitisch te definiëren. Het gaat bijvoorbeeld niet om zijn begroeting van vertegenwoordigers van de genocidale radicaalislamitische bewegingen Hamas en Hezbollah in het Lagerhuis, of om zijn verwijzingen naar vertegenwoordigers van deze extreme anti-Israëlische terreurorganisaties als zijnde “vrienden” en “broeders”. De IHRA-definitie dekt ook niet Corbyns verbale en financiële ondersteuning voor de organisatie van een Holocaust-ontkenner of zijn bereidheid om met andere Holocaust-verdraaiers op een podium te staan af.

Een andere figuur in het antisemitisme-universum, ook al minder open en duidelijk, is Bernie Sanders, een van de vooraanstaande kandidaten voor de nominatie tot presidentskandidaat van de Amerikaanse Democratische Partij (en een Jood). Wanneer Sanders verwijst naar de Palestijnen, dan is het hun waardigheid waarover hij spreekt. Men verbaast zich over de waardigheid van die Palestijnen, die bij hun parlementsverkiezingen in 2006 Hamas een meerderheid gegeven hebben, die openlijk als haar missie verklaart Joden in grote aantallen te vermoorden – maar zulke zaken spreekt Sanders niet aan. Hij spreekt echter vrijuit over Israëls “racistische regering” en “racistische minister-president”. Het naast elkaar bestaan van deze uitspraken toont Sanders´ affiniteit met extreme Palestijnse antisemieten.

Voor de Tweede Wereldoorlog hadden antisemieten geen reden om hun antisemitisme te verbergen, omdat dit in Europa een dagelijkse en sociaal acceptabele haat was. Tegenwoordig is expliciet antisemitisme in de westelijke mainstream maatschappij politiek niet meer correct. Het camouflerend gedrag – d.w.z. een antisemiet te zijn, maar net te doen dit niet te zijn – is productiever geworden. Een antisemiet zou zelfs ten onrechte kunnen beweren dat hij of zij een “vriend van Israël” zou zijn. Zo´n soort patroon is te zien in uitspraken van de voormalige minister van Buitenlandse Zaken en partijvoorzitter van de sociaaldemocraten, Sigmar Gabriel, over Israël.

Een beslissend probleem, dat het begrijpen van het moderne antisemitisme moeilijker maakt, is dat het hoofdtype van de antisemiet in de westelijke wereld gemuteerd is. Tijdens de opkomst en de heerschappij van de nazi´s waren veel Jodenhaters fulltime antisemieten. Dit was niet alleen bij Duitsers het geval. Tot deze categorie behoorde bijvoorbeeld ook de Noorse minister van Oorlog Vidkun Quisling.

Tegenwoordig zijn de meeste antisemieten parttimers. Een parttime antisemiet maakt wellicht alleen maar een belangrijke antisemitische opmerking en herhaalt haar dan niet. Denkt u bijvoorbeeld aan de Duitse VN-ambassadeur Conrad Heusgen. Als een van de vele anti-Israël-stemmen van zijn land gaf hij in maart 2019 bij de Verenigde Naties een moreel stuitende verklaring af: “Wij denken dat het volkerenrecht de beste manier is om de burgerbevolking te beschermen en het haar mogelijk te maken in vrede en veiligheid en zonder angst voor Israëlische bulldozers of Hamas-raketten te leven.”

Het grootste Duitse dagblad, de “Bild-Zeitung”, schreef een antwoord op Heusgens vergelijking tussen Palestijnse raketten en Israëlische bulldozers. Daarin stond: “Deze equivalentie is pure kwaadaardigheid… in een week, waarin de Israëlische bevolking vaak voor raketten moest vluchten, die door Hams-terroristen afgevuurd werden… de bulldozers… zijn een maatregel van de Israëlische regering tegen illegale gebouwen, die hoofdzakelijk Palestijnen, maar ook Israëli´s betreffen.” Het Simon Wiesenthal Center heeft de VN-verklaring van Heusgen in zijn lijst van de belangrijkste antisemitische voorvallen in de wereld in 2019 opgenomen.

Omdat antisemitisme politiek niet meer acceptabel is, zijn de ontzegging, de camouflage en minimalisering van het antisemitisme exponentieel toegenomen. De Britse Labour Party is een schoolvoorbeeld, omdat zij vol zit met witwassers van antisemitisme. Uit een peiling onder betalende Labour-leden in maart 2018 bleek dat 47% antisemitisme als een probleem beschouwt, dat de omvang van het probleem echter overdreven is “om Labour en Jeremy Corbyn schade toe te dienen of kritiek op Israël te onderdrukken”. Een andere 31% gaf aan dat antisemitisme geen serieus probleem zou zijn. In totaal 61% was van mening dat Corbyn goed zou kunnen omgaan met de beschuldigingen van antisemitisme.

Er werden veel camouflagetechnieken ontwikkeld. Je vindt zelfs witwassers van extreme, open gevallen van antisemitisme. Een voorbeeld zijn de nationaalsocialistische praalwagens tijdens carnaval in de Vlaamse stad Aalst in februari 2019 en 2020.

Louis Farrakhan is Amerika´s toonaangevende antisemiet. Veel van zijn uitspraken over Joden passen bij de IHRA-definitie. Hij noemt Joden “termieten” en “gifmengers”. Maar hoe identificeer je mensen die in zijn omgeving willen zijn? Is het een antisemitische handeling om opzettelijk met zo´n toonaangevende antisemiet zelf gefotografeerd te worden? Waarschijnlijk niet, maar het bevindt zich ergens in het spectrum. Barack Obama deed dit in het jaar 2005, voordat hij bekendmaakte te kandideren voor de functie van president (het lukte hem om de foto enkele jaren lang te onderdrukken). Andere Democratische Congresleden evenals vooraanstaande persoonlijkheden van de vrouwenmars (die joodse oprichters van de beweging verdedigd hadden om hun leidende positie te verstevigen), stonden eveneens dicht in de buurt van Farrakhan.

De bewering dat Joden zelf de oorzaak van het antisemitisme zijn, is een sleutelfactor voor de historische oorsprongen van deze haat. Toen christenen Joden brutaliseerden, beweerden ze dat het voor hen daaruit voortvloeiende lijden er een goddelijke straf voor zou zijn dat zij Jezus niet erkend zouden hebben. Dit motief van de joodse schuld komt in vele versies terug. Sawsan Chebli, de sociaaldemocratische staatssecretaris voor Bondszaken in Berlijn, twitterde een dag na de herdenking van de bevrijding van Auschwitz dit jaar: “Zeker, wat er destijds gebeurde, is droevig. Maar als het gaat om de terugkeer van de haat, zijn de Joden niet geheel onschuldig. Kijk maar eens naar de nederzettingenpolitiek, de annexatie… Ik hoor dat heel vaak, niet van moslims, Arabieren of vluchtelingen, maar van Duitsers zonder migratieachtergrond.”

“The Berlin Spectator” berichtte dat Burkhard Dregger, de chef van de CDU in het parlement van de deelstaat Berlijn, Chebli ervan beschuldigde klassiek antisemitisme verbreid en Joden voor hun eigen lijden in het verleden verantwoordelijk gemaakt te hebben. Maar Chebli heeft zich tegen antisemitisme uitgesproken en daar zelfs een onderscheiding voor gekregen. Zij is vertegenwoordigster van een ambivalente vorm van het antisemitisme.

Er zijn vele andere voorbeelden die in het donkere universum van het antisemitisme horen. In een zich constant uitbreidend universum duiken constant nieuwe voorbeelden op.


Bronnen:

♦ een artikel in een vertaling uit het Duits door E.J. Bron van een artikel Das dunkle Universum des Antisemitismus op de site van Israel Nachrichten van 21 maart 2020 eerder op deze blog verschenen in een verkorte versie op 12 maart 2020 als “Manfred Gerstenfeld over het ‘duistere universum van het antisemitisme’”

♦ naar een artikel van Dr. Manfred Gerstenfeld “The Dark Universe of Antisemitism” van 11 maart 2020 op de site van The Begin–Sadat Center for Strategic Studies (BESA Center)

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.