Dubbele standaarden: burgerslachtoffers tellen alleen wanneer Israël betrokken partij is

Cartoon van Dry Bones hierboven: Vraag:Wat is het verschil tussen enerzijds een doelbewust dodelijk bombardement in Afghanistan waarbij ‘onbedoeld’ ook burgerslachtoffers vallen en anderzijds de doelbewuste executie van een beruchte moordenaar van Hamas in Dubai?Antwoord:Ik zou het echt niet weten, tenzij natuurlijk Israël erin betrokken is.

Op maandag 15 februari deelde de NATO mee dat twee verdwaalde raketten – afgevuurd door de Amerikaanse strijdkrachten de dag voordien – 12 Afghaanse burgers had gedood, waaronder zes kinderen, in een huis in een bolwerk van de Taliban in Marjeh.

De Amerikaanse generaal Stanley McChrystal, de hoogste commandant van de Nato in Afghanistan, heeft zich voor deze ‘collateral damage‘ onder burgers, onmiddellijk verontschuldigd bij de Afghaanse president Hamid Karzai. De Afghaanse president Karzaï heeft zijn droefheid om het gebeuren uitgedrukt en om een onderzoek bevolen. De NATO maakt zich ernstig zorgen omtrent het impact van deze misser op het winnen van de sympathie bij de locale bevolking voor hun acties.

Tot zover dit laconieke oorlogsbericht van wat omgekomen burgers in de marge van de oorlog in Afghanistan. Geen nieuws dus of… toch weer wel? Burgers die per ongeluk werden gedood [collateral damage] tijdens een antiterrorisme operatie, krijgen alleen maar internationale aandacht wanneer ze gedood werden door Israël.

Amerikanen en Britten hoeven zich helemaal geen zorgen te maken dat de Verenigde Naties ooit een Resolutie zouden stemmen of een commissie zouden samen stellen (o.l.v. Richard Goldstone of Desmond Tutu) om op zoek te gaan naar vermeende oorlogsmisdaden, in dit geval in Afghanistan (maar kan ook in een ander Arabisch land zijn, Irak of Pakistan bijvoorbeeld).

De reden waarom is eenvoudig: zolang Israël nergens in het verhaal wordt genoemd, is het niet interessant voor de wereldopinie en mogen Arabische burgers, vrouwen en kinderen sneuvelen bij bosjes, honderden of duizenden, zèlfs als dat Palestijnen zijn [sic]. Geen haan die daar om kraait. No Jews, No News. Zo simpel zit dat in elkaar.

Dus moet er ook niemand verbaasd zijn dat er geen ‘spontane’ uitbarstingen van protesten of veroordelingen komen, zeker niet van democratische regeringen of zelfs niet eens van de Verenigde Naties. Het ontbreken van internationale kritiek lijkt te bevestigen dat de internationale opinie nagenoeg unaniem van mening is dat de moorden op deze Afghaanse burgers toevallig gebeurden en dat zoiets nu eenmaal eigen is aan de aard van oorlog dat dergelijke incidenten zich voordoen. Pech voor die burgers, maar dat hoort nu eenmaal bij oorlogvoeren, niewaar.

Maar dat was wel even anders op 8 november 2006, toen drie verdwaalde Israëlische artilleriegranaten een woonwijk in de stad Beit Hanoun in Gaza troffen waarbij 19 Palestijnse burgers omkwamen. De granaten werden afgevuurd in een poging om een onmiddellijke raket aanval op de Israëlische stad Ashkelon te voorkomen zoals er voordien al meerdere hadden plaats gevonden.

Israëlische troepen waren betrokken bij schermutselingen in de Gazastrook in een directe poging om Israëlische gemeenschappen te beschermen tegen de raketten [Operation Autumn Clouds] en het gebeurde allemaal een jaar en enkele maanden nadat Israël de Gazastrook volledig had ontruimd en een einde maakte aan wat de internationale opinie de ‘bezetting’ van Gaza noemde.

Echter, omgekomen Palestijnse vrouwen en kinderen worden internationaal anders gewogen dan dode Afghaanse vrouwen en kinderen, vooral wanneer Israël betrokken partij is. De internationale reactie liet dan ook niet lang op zich wachten. Benita Ferrero-Waldner, het toenmalige hoofd voor Buitenlandse Betrekkingen van de Europese Unie, zei: “Het doden van vanmorgen van zovele burgers in de Gazastrook, waaronder vele kinderen, is een gebeurtenis die ons diep heeft geschokt. Israël heeft het recht zichzelf te verdedigen, maar niet tegen de prijs van het leven van onschuldigen.

De toenmalige Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken, Massimo D’Alema, drukte zich nog scherper uit: “Deze morgen werden 18 mensen, vrouwen en kinderen, afgeslacht … [tijdens] een escalatie van het geweld Ik vind dit onaanvaardbaar.” Het Turkse ministerie van Buitenlandse Zaken deed er nog een schep bovenop met het volgende communiqué: “De Israëlische aanval is een klap voor de regionale inspanningen voor de vrede en zal leiden tot een cyclus van geweld.

De toenmalige VN-secretaris-generaal Kofi Annan noemde het incident “schokkend” en president Mahmoud Abbas van de Palestijnse Autoriteit – tot op vandaag de gedoodverfde partner in de vrede met Israël – noemde het een “afschuwelijk bloedbad op onze kinderen, onze vrouwen en onze ouderlingen, gepleegd door de bezetter.”

Op 15 november 2006 kwam de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties bijeen in Genève en besloot met VN-Resolutie S-3/1 om een speciale onderzoekscommissie [fact finding commission] voor Beit Hanoun aan te stellen bestaande uit de aartsbisschop Desmond Tutu en de Britse academicus Christine Chinkin te sturen.

Die VN-Resolutie werd aangenomen met 32 tegen 8 stemmen en 6 onthoudingen. Onder meer Nederland, Duitsland en Polen stemden tegen. Professor Christine Chinkin zal later één van de vier leden zijn van de Goldstone commissie [!] en mag mede het fel omstreden Goldstone Rapport opstellen. PS: eerder liet de Britse professor Christine Chinkin in haar bevooroordeelde kaarten jegens Israël kijken, toen zij in een interview met de Sunday Times vooraf verklaarde dat Israël oorlogsmisdaden heeft gepleegd, nog vooraleer de Goldstone commissie haar onderzoek moest aanvatten.

Enkele jaren geleden formuleerde Natan Sharansky, de voormalige Sovjet-dissident en Israëlisch politicus en schrijver, de zogeheten “3-D test” om het onderscheid te kunnen maken tussen enerzijds legitieme kritiek op Israël en anderzijds antisemitisme: demonisering, delegitimizering en het meten met dubbele standaarden.

Ongeacht hun subjectieve motivaties, passen al de reacties op de toevallige dodingen in Beit Hanoun objectief genomen bij alle drie criteria. Zij demoniseren en delegitimizeren Israël als een land dat buitensporig geweld bedrijft als het al niet opzettelijk slachtingen uitvoert. En zij passen [op Israël] een norm toe die zij niet toepassen op andere democratieën in de strijd tegen terreur in het Midden-Oosten – vanaf de Slag van Fallujah in 2004 in Irak, waar Amerikaanse en Britse troepen moesten vechten in de bebouwde gebieden en vele burgerslachtoffers maakten tot aan het meeste recente incident in Marjeh, Afghanistan.

Twee jaar na het incident in Beit Hanoun, nadat duidelijk was geworden dat kleinschalige operaties, staakt-het-vurens en alle andere pogingen hadden gefaald om een einde te maken aan de aanhoudende regen van raketten uit de Gazastrook, lanceerde Israël haar grootscheepse aanval gekend als Operation Cast Lead.

De internationale media manipulatie in de oorlog tegen Israël
Een Palestijnse stenengooier poseert voor de camera’s
Opnieuw kereltje, het staat er niet goed op!

Gezien het reeds heersende anti-Israëlische klimaat, was het voor Israël helemaal geen verrassing dat de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties een antwoord formuleerde met het 574-bladzijden tellende Goldstone Rapport, waarin Israël beschuldigd wordt van oorlogsmisdaden, een document dat neergehaald werd als “een minderwaardig werkstuk, en helemaal niet waard om ernstig te worden genomen door mensen van goede wil,” en als een “afschuwelijke karikatuur van rechtvaardigheid”.

De terroristische vijanden van Israël zijn zich terdege bewust van de kwetsbaarheid van Israël in de  wereldopinie en blijven dit uitbuiten als een fundamenteel strategisch wapen. Sinds de oorlog in Gaza heeft Hamas haar posities in de steden van Gaza verder kunnen versterken, gericht op hetzij als afschrikking voor toekomstige Israëlische invallen of om haar eigen burgers in de vuurlinie van Israël voor zich uit te duwen en aldus Israël onder druk van de internationale opinie te houden. En aan de noordelijke grens van Israël met Libanon, heeft Hezbollah zich met dezelfde doelstellingen flink ingenesteld in ongeveer 160 sjiitische dorpen.

Hieruit kan voorzichtig worden geconcludeerd dat, rekening houdend met het incident in Beit Hanoun, overhaaste anti-Israëlische reacties onder de democratieën uiteindelijk een grotere sympathie voor de Joodse staat hebben gegenereerd. Conservatieve leiders hebben hun stemmen ingetrokken toen ze terugkeerden naar hun kantoren in Frankrijk, Duitsland, Italië en in de Mensenrechtenraad en de Algemene Vergadering toen er moest gestemd worden over het Goldstone Rapport, en een aantal democratieën – geleid door de Verenigde Staten – steunden Israël en anderen onthielden zich van de stemming (laf, maar een verbetering ten opzichte van het verleden).

NATO-landen zoals de Verenigde Staten en Groot-Brittannië, beseffen inmiddels zeer goed wat het betekent om terreur te bestrijden in het Midden-Oosten. Of de democratieën blijven “3-D games” spelen of, in plaats van te spelen, geven ze Israël de noodzakelijke steun om haar te helpen bepalen of de vijanden van de beschaving zoals Hamas en Hezbollah, al dan niet zullen zegevieren op Israël als de voorpost van de beschaving, dat geen andere keuze heeft dan om die te bestrijden.


Bronnen:

♦ naar een artikel van P. David Hornik “Middle East Terror and Double Standards” van 23 februari 2010 op de site van Middle East and Terrorism

♦ naar een artikelThe Goldstone Report: A study in duplicity” van 3 november 2009 op de site van The Committee for Accuracy in Middle East Reporting in America (CAMERA)

♦ naar een artikel van Eitan Haber “Where is Goldstone now? Why is world silent in wake of killing of innocent civilians in Afghanistan?” van 24 februari 2010 op de site van Ynet News (Yedioth Ahronot)

Een gedachte over “Dubbele standaarden: burgerslachtoffers tellen alleen wanneer Israël betrokken partij is

  1. Israel zal de protesten van al die ‘geschokte mensenrecht hypocrieten wel overleven maar de miljoenen slachtoffers van de
    UN mensenrechtenraad & co, hebben minder geluk.

    Als ze het al hebben overleefd dan mogen ze voor jaren naar een van de UNHRC opvang kampen waar er in mensonterende toestanden voor hen ‘gezorgd’ word door mensenrecht hypocrieten die dan later aan het thuisfront met een goed gevoel de smeuige verhalen over al die zielige vluchtelingen komen vertellen.

    Like

Reacties zijn gesloten.