Lessen in islamitisch antisemitisme – Deel 1: Over islamofobie en de Joden

Het is zeker hoog tijd voor de [Joodse] leiders in de Diaspora op te houden om te blijven doen alsof er helemaal niks aan de hand is. Ze dienen zich dringend te herpakken en in plaats van met elkaar te concurreren in politiek correct gedrag, moeten ze weer wat ruggengraat vertonen en de dingen durven noemen zoals ze zijn.

We zijn momenteel getuige van de grootste heropleving van wereldwijd antisemitisme sinds de Middeleeuwen. Dit is doorgedrongen tot in alle klassen van de samenleving, en, variërend van academici tot ongeltterden en Europese leiders die hun zetel blijven behouden, ondanks het feit dat ze ongeneerd neo-nazi opmerkingen maken over Joden naar de massa ’s tijdens anti-Israëlische demonstraties die plakkaten meedragen met opschriften zoals “vergas de Joden.”

Het omvat het hele politieke spectrum, maar wordt geleid door liberalen en moslims. Moslimradicalen verhouden zich tot Israël op een wijze die doet denken aan middeleeuwse houding van de Kerk tegenover de Joden. Ze bevorderen populaire TV-programma’s waarbij het bloed van islamitische kinderen worden gebruikt voor het bakken van matzes [Joodse paasbrood] en hebben De Protocollen van de Wijzen van Zion opnieuw leven ingeblazen als een bestseller.

Ze moeten niet onderdoen voor het ergste aanzetten tot Jodenhaat door de nazi’s, met imams die genocidale religieuze teksten citeren tegenover hun religieuze volgelingen en hen aanzetten om Joden te vermoorden, als “afstammelingen van apen en varkens.”

Het is macaber om de alliantie te observeren tussen liberalen en jihadisten die de antithese vertegenwoordigen van alles wat links pretendeert te vertegenwoordigen. De extremistische islamisten zijn de meest reactionaire elementen in de wereld.

Zij verwerpen de fundamentele rechten van de mens, verbieden de vrijheid van meningsuiting en godsdienst, bevorderen de degradatie van vrouwen en voeren tot op vandaag barbaarse wetten uit met inbegrip van steniging van overspeligen en homoseksuelen en de amputatie van ledematen voor kleine misdaden. Meer dan 50 islamitische landen ontkennen dat Jodendom of het christendom gelijk staan met de islam.

Wat deze situatie zo mogelijk nog meer bizar maakt is dat de afgelopen maanden er een gezamenlijke campagne is die beweert dat islamofobie de grootste bedreiging vormt voor de mensenrechten in de wereld! In de VS werd de hele controverse over de moskee op Ground Zero, waar 3.000 Amerikanen werden vermoord in de naam van de islam, verdraaid in een poging om moslims gelijke rechten te ontzeggen onder het voorwendsel dat ze de gevoeligheden van de nabestaanden geen geweld zouden aandoen. Geen enkele mainstream conservatieve politicus heeft moslims ooit het recht ontzegd om moskeeën te bouwen in de VS.

Dit heeft plaats op een ogenblik dat de moslims het lef hebben om de wetgeving bij de Verenigde Naties en elders te laten aanpassen waardoor voortaan elke kritiek op de islam strafbaar zou worden gemaakt. De reactie van de Amerikaanse regering (van Obama) is het herhalen van het bespottelijke mantra dat werd ingevoerd door president George W. Bush, die de islam beschrijft als “de religie van de vrede” en schaamteloos de realiteit ontkent dat het hedendaagse terrorisme in wezen een moslim fenomeen is, ook al betekent dat niet dat alle moslims terroristen zijn.

Politieke correctheid bedrijven tot aan de uiterste grens, heeft John Brennan, de directeur van het Amerikaans bureau ter bestrijding van het terriorisme, de jihad beschreven als “een heilige strijd, een legitieme stelling van de islam die bedoeld is om jezelf of een gemeenschap te zuiveren,” en hij drong er tegelijk op aan dat diegene die zich overgeeft aan terroristische daden, nooit in “religieuze termen” mag worden beschreven, ondanks het feit dat alle recente terroristische aanslagen in de VS werden gepleegd door moslim extremisten.

Regeringsambtenaren omschreven de daders aanvankelijk als demente mensen in plaats van islamitische terroristen. Dit gold zelfs voor de moordenaar van Fort Hood, die beïnvloed werd door een in Amerika geboren Jemenitische imam en al krijsend “Allahu akbar” ongewapende Amerikaanse militairen vermoordde.

Ach, die Joden die de aanwezigheid van islamofobie overdrijven zijn toonaangevende voorstanders geworden van een campagne om het islamitisch extremisme te saneren en te onderschatten. Dit is vooral bizar, gezien het feit dat Joden, vooral in Europa, maar ook steeds meer in de VS, worden geconfronteerd met een veel grotere dreiging van geweld dan moslims. Het zijn ook steeds synagogen, in plaats van moskeeën, die continu worden ontwijd en vernield, in veel gevallen door de islamisten.

In deze context, is de relatieve rust met de moslims in de westerse samenlevingen, een groot eerbetoon aan tolerantie – een tolerantie waarvan het onwaarschijnlijk is dat die ooit zou uitgebreid worden tot de Joden in soortgelijke omstandigheden. Stel je de reactie voor als Israël eenzelfde staat van dienst zou hebben zoals sommige van de Arabische staten, of als Joden in de westerse landen hun buren zouden opblazen.

Terwijl echte interreligieuze betrekkingen worden geprezen, blijven veel Joden aandringen tot het aangaan van “dialoog” met de islamitische organisaties die nochtans halsstarrig blijven weigeren om zich te distantiëren van de islamitische opvattingen van de harde lijn.

Enkele van de Saoedische toonaangevende groepen die internationale interreligieuze conferenties bevorderen, zijn direct betrokken bij de promotie van antisemitisme, maar ondanks dat blijven Joden deelnemen aan deze nep-vergaderingen en babbelen naïef mee over liefde en samenleven en negeren de realiteit. Door dit te doen, ondermijnen Joden de weinige gematigde moslims die moedig genoeg zijn om dit aan te klagen.

Alle religies hebben teksten en concepten opgenomen die geweld en agressie aanmoedigen, maar het is de interpretatie door de religieuze leiders die de werkelijke gedrag bepaalt. Jodendom, christendom en het boeddhisme van vandaag zoeken naar een overweldigende steun voor vrede en coëxistentie terwijl ze anderzijds het extremisme veroordelen.

Daartegenover staat dat slechts een paar Islamitische gematigden de moed hebben om het extremisme te bekritiseren binnen hun eigen kring. Diegenen die dapper genoeg zijn om dat te doen, worden gemarginaliseerd en door hun verwanten veroordeeld en hun levens worden vaak bedreigd. De overgrote meerderheid zwijgt of verdedigt de islamitische uitwassen van islamitische regimes.

Aan de andere kant, wanneer een geschifte Amerikaanse dominee dreigt een Koranboek te verbranden, achtte president Barack Obama het noodzakelijk om persoonlijk tussenbeide te komen en te waarschuwen voor wereldwijde chaos en geweld. Dit is de eerste keer dat een Amerikaanse president de natie heeft opgeroepen om “onze troepen niet in gevaar te brengen” om aldus extremisten die dreigen met geweld te paaien in reactie op de daden van een eenzame Amerikaanse excentriekeling.

Natuurlijk, is het verbranden van een Koran of een religieus boek een barbaarse daad. Maar in deze tijden wordt alles wat waarschijnlijk moslims kan beledigen, met inbegrip van cartoons of kritiek, veroordeeld uit angst voor gewelddadige islamitische reacties. Dit contrasteert met het ontbreken van een islamitisch respect voor andere religies.

Toen enkele jaren geleden, het National Endowment for the Arts een buitensporig ongevoelig, godslasterlijk beeld van een kruisbeeld in een pot urine plaatste als bijdrage aan een New Yorkse tentoonstelling getiteld “Piss Christ”, hebben verontwaardigde christenen niet gedreigd om over te gaan naar het zaaien van dood en geweld.

Een voorbeeld van de krankzinnige niveaus die gegenereerd worden door de angst voor moslimgeweld, wordt weerspiegeld in het geval van Molly Norris, een cartoonist van een weekblad in Seattle, die werd gedwongen om een nieuwe identiteit aan te nemen op aandringen van de FBI, omdat ze was uitgegroeid tot een belangrijk doelwit voor moord nadat zij een satirische cartoon van de islamitische profeet had getekend in de lokale krant. Dit resulteerde in een fatwa die tegen haar werd uitgesproken, waarin staat dat “bomaanslagen en daden van brandstichting passende antwoorden zijn op handelingen van godslastering.”

Er bestaat inderdaad een wanhopige behoefte om gematigde moslims aan te moedigen. Maar het lijmen van extremisten en het op de buik kruipen voor islamitische pestkoppen, is voor hen slechts een aanmoediging om verder te doen. Er is geen enkel voorbeeld in de geschiedenis waarin verzoenende toon en gebaren religieuze fanatici van eender welke religie ooit heeft kunnen intomen.

Als we ons blijven laten intimideren of er niet inslagen om op te tornen tegen islamitische jihadisten, zullen zij erin slagen om de werkelijke grondbeginselen van onze beschaving te vernietigen. Dit is een gebied waartegen de Joden, die het meeste te verliezen hebben, zeker in opstand moeten komen, tenminste als ze nog willen meetellen.


Bronnen:

♦ naar een artikel van Isi Leibler “Candidly speaking: Islamophobia and the Jews” van 27 september 2010 op de site van The Jerusalem Post