Jaar na aanslag Pittsburgh vrezen Amerikaanse Joden groeiend antisemitisme

Sinds de aanslag op de synagoge in Pittsburgh, waar een rechts-extremist 11 mensen doodde, werd de Joodse gemeenschap in de VS ook nog opgeschrikt door de aanslag op de Chabad-synagoge in Poway, Californië, waarbij één persoon om het leven kwam.

Ook die aanslag werd gepleegd vanuit een extreemrechts motief. Voor de Joodse gemeenschap in de VS – die zich, in vergelijking met Joden in Europa, doorgaans weinig zorgen maakten over hun veiligheid, komt de opleving in antisemitisch geweld hard aan.

Uit een deze week gepubliceerd onderzoek van het AJC blijkt dat 88 procent van de Amerikaanse Joden antisemitisme als een probleem ziet, 38 procent spreekt zelfs van een “zeer serieus probleem”. Bovendien is 84 procent ervan overtuigd dat antisemitisme in de VS de afgelopen vijf jaar is toegenomen – 43 procent meent dat er een sterke toename is geweest.

Ook op universiteitscampussen wordt antisemitisme een steeds groter probleem, aldus de respondenten: 36 procent denkt dat antisemitisme daar het afgelopen jaar is toegenomen, terwijl slechts twee procent van mening is dat het probleem is verminderd.

Het onderzoek vroeg respondenten ook wat zij als de belangrijkste bedreigingen voor de Joodse gemeenschap in de VS zien. Met name extreemrechts wordt gevaarlijk geacht: 89 procent van de ondervraagden vindt extreemrechts gedachtegoed een bedreiging. Gezien de aanslagen in Pittsburgh, Poway en recent in het Duitse Halle, is die vrees niet ongegrond.

Aanslagen vanuit radicaal-islamitische hoek worden algemeen als dreiging beschouwd, 85 procent vindt dat Amerikaanse Joden “enigszins” tot een “zeer serieus” dreiging ondervinden van islamitisch fundamentalisme.

Extreemlinks wordt minder gevaarlijk geacht: 64 procent vindt dit gedachtegoed een bedreiging voor Joden, terwijl 34 procent antwoordt dat er “totaal geen dreiging” is van extreemlinks gedachtegoed. Daarentegen wordt de BDS-beweging door de grote meerderheid van respondenten (82 procent) wel geassocieerd met antisemitisme.

Er zijn ook lichtpuntjes, zo toont het onderzoek. Zo vindt meer dan 4 op de 5 ondervraagden dat de overheid effectief optreedt tegen antisemitisme. Dat is een groot contrast met Europese landen, waar gemiddeld 70 procent vindt dat de overheid juist niet adequaat optreedt.

Zo’n 20 procent van de ondervraagden geeft aan de afgelopen vijf jaar te zijn geconfronteerd met een antisemitische uiting. Twee procent is slachtoffer geweest van antisemitisch gemotiveerd geweld.

Vooralsnog lijkt dat niet veel impact te hebben op het gevoel van veiligheid onder Joden: bijna niemand heeft ooit een Joods evenement of een Joodse locatie vermeden uit angst voor antisemitisme. 31 procent heeft er weleens voor gekozen om zichtbaar Joodse symbolen (een keppel, een ketting met davidster) te verbergen uit angst voor antisemitisme. Dat is veel lager dan het Europese gemiddelde van 70 procent.

door Paul Van Der Bas


Bronnen:

♦ naar een artikel van Paul Van Der Bas “Jaar na aanslag Pittsburgh vrezen Amerikaanse Joden groeiend antisemitisme” van 27 oktober 2019 op de site van CIDI.nl

♦ een artikel op deze blog van Oren Segal “Aanslag in Pittsburgh één jaar later en de strijd tegen blanke supremacisten” van 27 oktober 2019