Joodse begraafplaats in Estland beschadigd en besmeurd met hakenkruizen

In het afgelopen weekeinde van 22 en 23 juni ’19 werden verschillende grafstenen op de 110 jaar oude Joodse begraafplaats Rahumäe in de Estse hoofdstad Tallinn omvergeworpen.

Op 23 juni ’19 werden hakenkruizen op grote stenen gespoten (plaatje hieronder) aan de bushalte van Lille in de wijk Kristiine in Tallinn. Vijf grafzerken werden in de vroege uren van de zondag in de Joodse sectie van de begraafplaats omvergeworpen, volgens de openbare omroep ERR en het Coördinatieforum voor antisemitisme (CFCA).

Op haar Facebook-pagina schreef de Joodse Gemeenschap van Estland dat dit jaar voor het eerst een nieuwe herdenkingszuil werd opgericht die gewijd was aan de Estse slachtoffers van de Holocaust in het Joodse deel van de begraafplaats:

Op 23 juni, toen heel Estland de honderdste verjaardag vierde van de overwinning van de Estse troepen op de Baltische Landeswehr (Baltische Duitse troepen tijdens de Estse Onafhankelijkheidsoorlog) bij Võnnu, waren er twee uiterst schandalige incidenten in Tallinn. Deze monsterlijke daad van vandalisme op een plek waar onze voorouders in vrede rusten, waar elk mens denkt over spiritualiteit, hun verbinding met vorige generaties en menselijke waarden, is aanstootgevend, angstaanjagend en onaanvaardbaar in onze samenleving.

Alla Jakobson, president van de Joodse Gemeenschap van Estland, onderstreepte het feit dat het vandalisme plaatsvond op de dag dat het land de honderdste verjaardag viert van de overwinning van de Estse troepen over de Landesveer bij Võnnu. Ze sprak de hoop uit dat het incident in feite geen antisemitische haatmisdaad was.

We eren de nagedachtenis van de overledenen en zouden graag zien dat de gemeenschap begrip en wederzijds respect toont voor de herinnering aan de mensen die hun voorouders in het land verloren. Ik ben ervan overtuigd dat het onderzoek degenen zal identificeren wiens gedrag verdriet en pijn heeft berokkend,” zei ze.

Joden van Estland
Vóór het begin van de Tweede Wereldoorlog waren er ongeveer 4.300 Joden in de Baltische staat Estland. Na de Sovjet 1940 bezetting werd ongeveer 10% van de Joodse bevolking gedeporteerd naar Siberië, samen met andere Esten.

Ongeveer 75% van de Estse Joden, zich bewust van het lot dat hen wachtte wanneer de nazi’s het land bezette, ontsnapte naar de Sovjet-Unie. Vrijwel al degenen die overbleven (tussen 950 en 1.000 mensen) werden gedood door Einsatzgruppe A en door lokale collaborateurs voor het einde van 1941.

Plaatje hierboven: Kaart uit het Stahlecker-rapport, getiteld ‘Joodse executies uitgevoerd door Einsatzgruppe A‘, met bovenaan Estland. De doodskisten en aantallen omvatten de executies die werden uitgevoerd. De hoofdstad Tallinn was bekend in de wereld door haar historisch Duitse naam Reval. Al de slachtoffers op deze kaart vielen tussen 16 oktober 1941 en 31 januari 1942. SS-Brigadeführer Franz Stahlecker vermeldde voor Estland 963 doden en noteerde: “Jüdenfrei” [beeldbron: USHMM]

Zigeuners (Roma & Sinti) uit Estland werden ook vermoord en tot slaaf gemaakt door de nazi-bezetters en hun collaborateurs. De nazi’s bouwden 22 concentratie- en werkkampen voor buitenlandse Joden op wat nu het Estlandse grondgebied is, meldde Deutsche Welle (DW) en minder dan 12 Joden overleefden.

Sinds 2012 wonen er terug ca. 1.738 Joden in het land. Een aantal Joodse groepen heeft gewaarschuwd dat antisemitisme in Estland weer langzaam sociaal aanvaardbaar wordt. Voormalige SS-leden verzamelen zich jaarlijks om de Slag om de Tannenberglinie te markeren en worden vaak vergezeld door andere veteranen van de Waffen-SS.

Plaatje hierboven: In augustus 2018 hebben niet-geïdentificeerde personen de Holocaust-gedenktekens op Kalevi-Liiva vernield en besmeurd met hakenkruizen en “Siegheil Hitler!” kreten [beeldbron: ERR]


Bronnen:

♦ naar een artikel van Hana Levi Julian “Jewish Cemetery Vandalized, Swastikas Spray-Painted in Estonia” van 26 juni 2019 op de site van The Jewish Press

♦ naar een artikelEditorial: Estonia needs to tackle anti-Semitism before it’s too late” van 26 juni 2019 op de site van Estonian World