Vrede met Israël is NOOIT een doel geweest van het Palestijnse leiderschap

Plaatje hierboven: Mahmoud Abbas (rechts) had nooit gedacht in de voetsporen te treden van wijlen Yasser Arafat (links) en leider te worden van de PLO, president van de Palestijnse Autoriteit en voorzitter van Al-Fatah [beeldbron: Gallo/Getty]

Palestijnen hebben de oude en bijzonder nare gewoonte om zich aan de verkeerde kant van geschiedenis te plaatsen door zichzelf af te stemmen met tirannieke leiders en regimes. Elke keer dat de Palestijnen de verkeerde keuze maakten, eindigde dit ermee dat ze een zware prijs gingen betalen. Ze lijken echter niets te leren van hun fouten, zoals bijvoorbeeld toen zij ca. vijfentwintig jaar geleden de Oslo Akkoorden ondertekenden met Israël.

In de nasleep van die Oslo Akkoorden concludeerde de toenmalige (eerste) president van de Palestijnse Autoriteit, PLO-leider Yasser Arafat, (in het Arabisch) zijn zienswijze op het Arabisch-Israëlisch conflict op 30 januari 1996, als volgt:

Wij zijn van plan de staat Israël te elimineren en een zuivere Palestijnse staat te stichten. Wij zullen het leven voor de Joden ondraaglijk maken, door psychologische oorlogsvoering en een bevolkingsexplosie. Joden zullen niet onder de Arabieren willen wonen. […] Ik heb niets aan de Joden; zij zijn en blijven Joden. Wij hebben van u nu alle mogelijke hulp nodig in onze strijd voor een verenigd Palestina onder volledige Arabisch-islamitische controle.

Let wel: dàt zei Arafat nà het ondertekenen van de vredesakkoorden met Israël aka de Oslo Akkoorden, Oslo I in Washington D.C. op 1 september 1993 en Oslo II ondertekend op 28 september 1995 in Taba, Egypte. Oslo gaf aan de Palestijnen een beperkte vorm van autonoom zelfbestuur, de PLO werd geschrapt van de Amerikaanse en Europese lijst van verboden terreurorganisaties, Israël en de PLO erkenden wederzijds elkaars bestaansrecht en nog zoveel meer.

Toch kwam er geen vrede. Waarom niet? Omdat Palestijnen net zoals alle andere Arabische volkeren in het Midden-Oosten de pest hebben aan democratie, westerse waarden haten, gelijkheid van mannen en vrouwen verafschuwen en in één adem homofoob, racistisch en antisemitische zijn. Arabieren vragen erom om met harde hand te worden geleid en een theocratische dictatuur is de enige bestuursvorm waarbij ze zich kunnen handhaven en thuisvoelen.

Palestijnen hebben een lange staat van dienst betreffende het maken van dergelijke “fouten”. Het smeden van allianties met massamoordenaars en terroristen is iets wat teruggaat tot de tijd van Haj Amin Al-Husseini, de grootmoefti van Jeruzalem, die nauwe banden had met Adolf Hitler en Nazi-Duitsland. Volgens Britse archiefdocumenten vertelde Husseini aan Hitler tijdens een bijeenkomst in 1941: “De Arabieren waren de natuurlijke vrienden van Duitsland omdat ze dezelfde vijanden hadden als Duitsland, namelijk de Engelsen, de Joden en de communisten.” Ook bedankte hij Hitler voor zijn steun voor “het elimineren van het Joodse nationale huis”.

Later verbonden de Palestijnen hun lot met de Iraakse dictator Saddam Hussein en ondersteunden ze zijn invasie in Koeweit in 1990. Koeweit was één van de vele rijke Arabische landen die de Palestijnen voorzag van miljarden dollars aan steun, elk jaar. Toen Koeweit een jaar later werd bevrijd door de door Amerikaanse geleide coalitie, werden honderdduizenden Palestijnen gedeporteerd uit Koeweit en andere Golfstaten. En toen Saddams raketten op Israël vielen tijdens de eerste Golfoorlog, kwamen de Palestijnen de straat op om te dansen en het toe te juichen.

Palestijnen kwamen ook de straat op om de aanslagen van 9/11 te vieren, die werden uitgevoerd door al-Qaeda. In de afgelopen tien jaar verheugden ze zich telkens weer als Hamas of Hezbollah raketten afvuurden of zelfmoordaanslagen uitvoerden tegen Israël. Scènes van Palestijnen die snoepgoed uitdelen in de nasleep van zelfmoordaanslagen en andere terroristische aanslagen zijn gemeengoed in de Palestijnse straat.

Een ander teken van Palestijnse steun voor dictators en terroristen kwam in augustus 2017 toen president Mahmoud Abbas de leider van Noord-Korea, Kim Jong-Un, een telegram zond om hem te feliciteren met de “Bevrijdingsdag”. In zijn brief zei Abbas dat “het Koreaanse volk de meest kostbare offers heeft opgeofferd voor zijn vrijheid en eer en spreekt zijn waardering uit voor de steun die Noord-Korea aan het Palestijnse volk heeft getoond in hun strijd voor de vrijheid.”

Zo is (korte) Palestijnse geschiedenis vol met ondersteuning voor terroristen en despoten. De deelname van de ‘ambassadeur’ van de Palestijnse Autoriteit aan een rally samen met Hafiz Saeed was allesbehalve een “onbedoelde fout”. Het weerspiegelt in feite een Palestijnse traditie van samengaan met kwaadaardige en meedogenloze leiders, regimes, groeperingen en terroristen.

Abbas, op weg naar zijn ‘Judenrein‘ Palestijns Kalifaat


Bronnen:

♦ naar een artikel van Bassam Tawil “Palestinians: Always on the Wrong Side” van 3 januari 2018 op de site van The Gatestone Institute

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.