Gerstenfeld: ‘De Europese Unie kan het antisemitisme niet effectief bestrijden’

Omwille van operationele en structurele redenen kan de Europese Unie (EU) het antisemitisme niet effectief bestrijden. De belangrijkste operationele redenen zijn de afwezigheid van een geaccepteerde definitie van antisemitisme en het ontbreken van vergelijkbare statistieken over incidenten tussen de 28 lidstaten van de EU onderling.

Structurele redenen zijn de onwil van de EU om toe te geven dat antisemitisme deel uitmaakt van de Europese cultuur, en het onvermogen om tegelijkertijd aan te zetten tot haat jegens Israël en tegelijkertijd het antisemitisme te bestrijden. De discrepantie tussen de woorden van EU-leiders over hun voornemen om antisemitisme te bestrijden en de noodzaak om daartegen op te treden blijft dus enorm.

Sinds begin van deze eeuw is er in veel EU-landen sprake van een explosieve groei van het antisemitisme. Af en toe zeggen Europese leiders dat het een groot probleem is dat moet worden bestreden. In december 2017 zei eerste vicevoorzitter Frans Timmermans van de Europese Commissie dat antisemitisme “in Europa verontrustend genormaliseerd is en dat degenen die de christelijke waarden willen verdedigen ver van antisemitisme verwijderd moeten blijven.”

Maar toen de EU in 2015 een coördinator aannam om antisemitisme te bestrijden, waren de middelen die ze kreeg miniem. De Europese Commissievoorzitter Jean Claude Juncker zei in januari 2019 over Internationale Holocaustherdenkingsdag: “We tolereren geen enkele vorm van antisemitisme, van dagelijkse haatpraat, offline en online, tot fysieke aanvallen.”

“De Europese Commissie werkt hand in hand met alle lidstaten om deze dreiging te bestrijden en de veiligheid van Joodse gemeenschappen in Europa te waarborgen. Onze Unie is gebouwd op de asse van de Holocaust. Onthoud het en het bestrijden van antisemitisme is onze plicht tegenover de Joodse gemeenschap en onmisbaar om onze gemeenschappelijke Europese waarden te beschermen,” zei Juncker.

Rond dezelfde tijd zei Federica Mogherini, hoofd van het EU-buitenlands beleid: “De Europese Unie is altijd betrokken geweest en blijft tegen elke vorm van antisemitisme, inclusief pogingen om de holocaust te vergoelijken, te rechtvaardigen of te bagatelliseren.” In januari 2019 zei de EU-commissaris voor Justitie, Consumenten en gendergelijkheid, Vera Yourova: “Het feit dat 9 van de 10 Joden in Europa vandaag opnieuw een stijging van het antisemitisme waarnemen, zoals recentelijk is aangegeven in een FRA-enquête, is Europa’s schande.”

Ze noemde vier gebieden waarop de Europese Commissie antisemitisme zal bestrijden: 1) veiligheid van Joodse gemeenschappen en gebouwen, 2) educatie en Holocaustherdenking, 3) vergroten van het bewustzijn van antisemitisme als een probleem door gebruik te maken van de IHRA-definitie en door betere gegevensverzameling van antisemitische incidenten, en 4) ondersteuning van de ontwikkeling van nationale strategieën.

Dit klinkt misschien veelbelovend voor de ongeïnformeerden. Het is echter veel te weinig en veel te laat. Yourova merkte op dat een voorwaarde voor het bestrijden van antisemitisme het vaststellen van een geaccepteerde definitie is. De enige kandidaat is die van de International Holocaust Remembrance Alliance (IHRA). Yourova zei dat ze deze definitie in 2017 accepteerde als basis voor de strijd tegen het antisemitisme.

Allemaal goed en wel, maar het roept een belangrijke vraag op: waarom heeft alleen deze ene EU-commissaris de IHRA-definitie geaccepteerd in plaats van de hele Commissie? De IHRA-definitie is geaccepteerd voor intern gebruik door zeven EU-staten: het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Oostenrijk, Litouwen, Slowakije, Roemenië en Bulgarije.

Toen de definitie in mei 2016 door de IHRA werd aanvaard, was goedkeuring van al haar leden vereist. Deze omvatten de grote meerderheid van de EU-leden. Veel belangrijker dan de strijd van de EU tegen antisemitisme in de afgelopen decennia is de massale immigratie van antisemieten uit moslimlanden, waar het percentage antisemitische burgers tot de hoogste in de wereld behoort. Onder deze miljoenen immigranten is het percentage antisemieten ook veel hoger dan dat van autochtone Europeanen.

door Dr. Manfred Gerstenfeld


Bronnen:

♦ naar een artikel (ingekort) van Dr. Manfred Gerstenfeld “The EU Cannot Fight Antisemitism Effectively” van 21 maart 2019 op de site van BESA aka The Begin-Sadat Center for Strategic Studies

Een gedachte over “Gerstenfeld: ‘De Europese Unie kan het antisemitisme niet effectief bestrijden’

  1. De énige reden voor de EU om Jodenhaat niet effectief te kunnen te bestrijden is het DNA van een groote deel van haar inwoners……,
    tendens stijgend!

    Jodenhaat zit daar generatries diep ingebakken en heeft ook geen enkel plan te verhuizen.

    De holle frazen over maatregelen & educatie klinken mooi, maar stellen niet veel voor.

    Als na Auschwitz, 74 jaar school educatie, boeken, filmen, getuigenissen & herdenkingen niet genoeg waren, dan is anno 2019 de trein opnieuw vertrokken.

    De tijd om het tij te keren is geweest. Het zijn Joden die de consequenties moeten trekken…………en vertrekken.

    Europa heeft haar Joodse bevolking niet verdient! Als er iets is wat bewezen is dan is het dát wel!

    Liked by 1 persoon

Reacties zijn gesloten.