Internationaal colloquium: Het einde van Aktion Reinhardt en Aktion Erntefest – 75 jaar geleden

De Stichting Auschwitz en de vzw Auschwitz in Gedachtenis stellen voor: Internationaal colloquium: Het einde van Aktion Reinhardt en Aktion Erntefest.

Fragmenten uit de begeleidende brochure:

Op 3 en 4 november 1943 werd Aktion Erntefest, het ‘oogstfeest’, bevolen, waarmee het einde werd ingeluid van de genocide op de Joden in Polen, Aktion Reinhardt genaamd. Onder de hermetische naam schuilt een verschrikkelijke massamoord: het ‘feest’ van de oogst vermoordde maar liefst 42 000 mensen (de grootste massamoord van de Tweede Wereldoorlog) en werd bevolen door Heinrich Himmler om de Aktion Reinhardt af te sluiten, die ongeveer 1,7 miljoen Joden zag omkomen in de gaskamers van Bełżec, Sobibór, Treblinka en Majdanek. De Joden die ‘ontsnapten’ aan de gaskamers werden doodgeschoten in Majdanek, Trawniki en Poniatowa op die twee noodlottige dagen van 3 en 4 november 1943.

Precies 75 jaar na de gebeurtenissen wil het colloquium de balans opmaken van het lopend onderzoek naar Aktion Reinhardt , een historisch gegeven dat de afgelopen tien jaar onder Holocausthistorici meer in de belangstelling is komen te staan, mede dankzij de archeologische ontwikkelingen op de verschillende betrokken locaties.

Er is al een lange weg afgelegd sinds het baanbrekende onderzoek van Yithzak Arad, Belzec, Sobibor, Treblinka: the Operation Reinhard Death Camps dat in 1987 verscheen. We komen ook terug op wat er is gebeurd met de directe getuigen (overlevenden van de uitroeiingscentra en beulen) nadat de Aktion Reinhardt was voltooid. Afgezien van de genocide op Joden en Roma en Sinti in Polen, die zij vertegenwoordigt, had deze actie tot slot een – minder bekend – economisch doel, dat nog onderzocht moet worden.

Operatie Reinhardt was het grootste systematische uitroeiingsprogramma van het nationaal-socialisme: meer dan anderhalf miljoen Joden werden vermoord in de uitroeiingscentra van Bełżec, Sobibór en Treblinka met behulp van uitlaatgassen van motoren.

Deze centra werden hoofdzakelijk beheerd door werknemers van de kanselarij van de Führer in Berlijn. Deze instelling was in de eerste plaats verantwoordelijk voor de uitvoering van het T4-programma in het Duitse Rijk, waarbij meer dan 70 000 mensen met lichamelijke en geestelijke ziekten werden vermoord. In de maanden na het officiële einde van dit moordprogramma in augustus 1941 werden mannen achtereenvolgens naar Oost-Polen gestuurd om deel te nemen aan de genocide op de Joodse bevolking.

Tot nu toe wordt de kanselarij van Hitler voornamelijk gezien als de instelling die eenvoudigweg een deel van haar personeel heeft overgedragen aan Odilo Globocnik, hoofd van de SS en politie van Lublin, voor de uitvoering van de Holocaust in het Generalgouvernement . De presentatie wil aantonen dat de betrokkenheid van de kanselarij bij de organisatie en uitvoering van Aktion Reinhardt verder gaat dan wat werd aangenomen.

Het afgelopen decennium wordt in sommige nazi-vernietigingscentra archeologisch onderzoek verricht. Het meest uitgebreide onderzoek is tot nu toe uitgevoerd in Sobibór, waarvan de resultaten wereldwijd de aandacht hebben getrokken, maar ook onderwerp van wetenschappelijk debat zijn geweest. In de interventie wordt dit toegelicht en besproken.

Tot op heden is het meeste onderzoek uitgevoerd in het kader van het onderhoud van het erfgoed, d.w.z. in verband met een bouwproces dat een impact heeft op de archeologische onderzoeksprogramma’s. Daarnaast wordt het werk beïnvloed door verschillende andere factoren zoals politieke en religieuze aspecten, contact met overlevenden en familieleden, holocaustontkenners, enz. Een ander belangrijk aspect van dit soort onderzoek is de relatie met onderzoekers en historische bronnen. De interactie tussen de disciplines wordt besproken.

Ivar Schute (1966) is al bijna 30 jaar archeoloog. Na werkzaam te zijn geweest bij de Rijksdienst en de Universiteit van Amsterdam, bekleedt hij momenteel een leidinggevende functie bij RAAP Archaeological Consultancy. Zijn belangrijkste aandachtsgebied is het beheer van het archeologisch erfgoed en, in deze context, archeologisch onderzoek in naziconcentratiekampen en vernietigingscentra, voornamelijk in samenwerking met herdenkingscentra. Hij deed archeologisch onderzoek in de voormalige kampen en centra van Amersfoort, Vught, Westerbork, Bergen-Belsen, Treblinka en Sobibór. In het kader van zijn onderzoek in Sobibór werkt hij als adviseur voor het ministerie van Sociale Zaken van Nederland.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.