Palestijnse Autoriteit boos op de verkoop van eigendommen in Jeruzalem aan Joden

Plaatje hierboven: Jeruzalem, 2 maart 2010. Op  de voorgrond de Arabische sloppenwijk Silwan in ‘Oost’-Jeruzalem met op de achtergrond de Al Aqsa moskee en linksboven de vergulde Rotskoepel op de Tempelberg [beeldbron: Zimbio]

Het kabinet van de Palestijnse Autoriteit (PA), onder leiding van Rami Hamdallah, veroordeelde woensdag de zogenaamde “overname door de kolonisten van een historisch pand in de buurt van de Al-Aqsa-moskee onder de bescherming van Israëlische militaire functionarissen.”

De aankondiging verwijst naar de verkoop van een oud huis in ‘Aqaba Darwish’ in de Oude Stad van Jeruzalem aan Joden. De PA deed een beroep op internationale organisaties, met name UNESCO, om in te grijpen om “te voorkomen dat de bezetting het oorspronkelijke Arabische culturele erfgoed in het bezette Arabische Jeruzalem overneemt.”

In dit verband heeft Hamdallah de oprichting van een onderzoekscommissie aangekondigd om de omstandigheden rond de verkoop van het huis in Jeruzalem te onderzoeken, de betrokken ambtenaren te ondervragen, documenten te verkrijgen en de resultaten van het onderzoek bekend te maken om de verantwoordelijken voor het gerecht te brengen.

Volgens de PA-wet is de verkoop van land aan Joden illegaal en strafbaar met de dood. Zulke straffen moeten echter worden goedgekeurd door de president van de PA Abu Mazen, nom de guerre van Mahmoud Abbas, die er de voorkeur aan geeft om de doodstraf te vervangen door levenslange gevangenisstraffen voor dergelijke misdrijven, mogelijk als gevolg van angst voor een internationale weerslag.

In 2014 maakte Abbas de PA-wet strenger tegen de verkoop van onroerend goed aan Israëlische Joden, zodat alle Palestijnse Arabieren die betrokken zijn bij het huren, verkopen of faciliteren van onroerendgoedtransacties met burgers van ‘vijandige landen’ op welke manier dan ook, levenslange gevangenisstraf en dwangarbeid zouden ontvangen.

De ‘gematigde’ Palestijnse Autoriteit uit regelmatig doodsbedreigingen tegen Arabieren die het wagen grond of huizen te verkopen aan Joden. Dat gebeurt niet voor het eerst maar is een jarenlang politiek beleid van de P.A. en is gebaseerd op een bestaande fatwa uit 1935 die moslims verbiedt hun grond te verkopen aan de zionisten.

De huidige interpretatie van die fatwa richt zich niet meer tot Zionisten, Israëliërs of tegen het IDF, maar is in het algemeen expliciet gericht tegen ‘de Joden’. Sjeik Tamimi breidde deze fatwa uit tot de verhuur van onroerend goed in Oost-Jeruzalem aan de Joden. Maw de doodstraf staat op het overtreden van het ‘gematigd’ P.A. gebod ‘Verkoop niet aan Joden’.

Plaatje hierboven: Gaza, 20 november 2012. Het lijk van een vermeende ‘spion van Israël’, één van de zes standrechtelijke geëxecuteerde Gazanen, wordt hier doorheen de straten van Gaza City gesleept achteraan de motor. Echter, wat blijkt nu? Het ging niet om een ‘spion van Israël’, maar deze man, Ribhi Badawi, was lid van een concurrerende terreurgroep. Een afrekening onder terreurbendes en dat is niet de schuld van Israël [beeldbron]


Bronnen:

♦ naar een artikel van Dalit Halevi “PA angered over sale of property to Jews – PA cabinet condemns sale to Jews of home in Old City of Jerusalem, establishes commission of inquiry” van 11 oktober 2018 op de site van Arutz Sheva

Advertenties

2 gedachtes over “Palestijnse Autoriteit boos op de verkoop van eigendommen in Jeruzalem aan Joden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.