Het anti-Zionisme lijkt bon ton geworden, maar voor hoelang? Deel 3: Links anti-Zionisme

Het salonfähige antizionisme
Mogen sommige allochtonen in Europa er geen been in zien om antizionisme en Jodenhaat te vermengen door ‘Dood aan de Joden’ te roepen of door op hun spandoeken Davidssterren met hakenkruisen te voorzien, Europese en Noord-Amerikaanse tegenstanders van de staat Israël zijn in dit opzicht voorzichtiger. Met een beroep op de vrijheid van meningsuiting manoeuvreren zij aan de rand van openlijk antisemitisme, zoals wij reeds zagen in het geval van de prijswinnende cartoonist uit Torhout. Door het recht op vrije meningsuiting als excuus te gebruiken voor hun bedenkelijke handelingen boeken zij succes zowel bij de media als de overheid en kunnen zij vrijwel ongehinderd invloed uitoefenen op de publieke opinie ten nadele van Israël.

Spraakmakend is de BDS beweging, een initiatief van 171 pro-Palestijnse organisaties. BDS staat voor drie Engelse termen, waarmee de strategie wordt omschreven die men volgt om Israël op de knieën te krijgen: Boycot Divestment, Sanctions. Hierbij dient de strijd tegen de Apartheid in Zuid-Afrika als voorbeeld – vandaar dat men over de Apartheidsstaat Israël spreekt ook al loopt de vergelijking in werkelijkheid volkomen mank. Met brutale campagnes in winkels, chantage tegenover kunstenaars en wetenschapsmensen die contacten met Israël hebben en acties tegen bedrijven die ook op de Westelijke Jordaanoever activiteiten ontwikkelen, probeert men de drie doelstellingen wereldwijd af te dwingen.

Men stelt dat men alleen kritiek op Israël heeft omwille van het lot van de verdrukte Palestijnen, maar één van hun doelstellingen gaat veel verder: het bevorderen van het recht op terugkeer van de Palestijnen naar hun oorspronkelijke woonplaatsen. Het is evident dat deze massale terugkeer van de nazaten van de Arabische vluchtelingen uit 1948 het einde van de Joodse staat zou betekenen. De BDS beweging is dus in feite een antizionistische beweging, die via een wereldwijde boycot het bestaansrecht van Israël wil ondermijnen onder het mom de Palestijnen te steunen zonder zich erom te bekreunen dat Palestijnen als gevolg van hun acties hun werk zijn kwijtgeraakt.

Antizionisme en de media
Hoewel volgens de antizionisten de media in Joodse handen zouden zijn, is een negatieve houding tegenover Israël juist algemeen geworden in de wereld van de nieuwsmakers. Nieuwsberichten over Israël worden zo opgesteld dat de Palestijnen als slachtoffers worden voorgesteld in plaats van als daders. Men legt de nadruk op het aantal Palestijnen dat door Israëli’s is neergeschoten, niet op de voorafgaande Palestijnse acties tegen Israëlische burgers en militairen. Het gaat hier om een combinatie van de linkse voorliefde voor de underdog en Westerse zelfhaat met de latente erfenis van het Europese anti-judaïsme en antisemitisme.

Zelfs een notoire antizionist als Dyab Abu Jahjah, oprichter van de AEL en later van Movement X, wordt uitgenodigd om op een zondagavond als ‘Zomergast’ op te treden op de Nederlandse televisie: salonfähiger kan het niet. Maar vergis u niet: dezelfde Abu Jahjah twitterde op 14 juli: Resistance Heroes shot 2 occupation troops (collaborators) in occupied AI Ouds (Jerusalem) today‘ naar aanleiding van de moord op twee Druzische soldaten door Palestijnse terroristen. Druzen zijn ‘collaborateurs; Palestijnse moordenaars zijn ‘verzetshelden’. Al Quds is bezet – zo liet Abu Jahjah zijn werkelijke gezicht zien, dat niet bepaald salonfähig is. Het was trouwens niet de eerste keer. Na een aanslag in Jeruzalem, waarbij vier soldaten werden vermoord, twitterde hij: “By any means necessary! #FreePalestine“. De Standaard, die hem juist als columnist had aangeworven, zette hem daardoor aan de deur.

De media hebben niet alleen een voorkeur voor reportages over het droevige lot van de Palestijnen – welteverstaan in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever, niet bijvoorbeeld in Syrië, waar het leven in het Palestijnse vluchtelingenkamp Yarmouk een hel is geworden – zij wensen geen documentaires waarin een andere mening naar voren komt. Zo werd een indringende reportage over de BDS-beweging, getiteld ‘Auserwählt und ausgegrenzt – Der Hass auf Juden in Europa‘, gemaakt door Joachim Schroeder en Sophie Hafner voor Arte, door deze omroep niet uitgezonden, omdat de inhoud niet volgens afspraak zou zijn.

Na ingrijpen door de Duitse krant BILD, die niet meedoet aan de anti-Israël hetze, heeft de Duitse omroep WDR de documentaire op 21 juni 2017 dan toch vertoont, maar voorzien van tussengevoegd commentaar, waarin men probeerde te ‘relativeren; lees: onderuit te halen, wat in de documentaire te zien is. Een ongekende werkwijze die nooit wordt toegepast in de vele pro-Palestijnse documentaires die op televisie worden uitgezonden.

Opvallend in de documentaire is het fanatisme van de BDS-aanhangers in hun haat tegen Israël. Keurige Duitse dames verliezen alle grenzen uit het oog, als het om de onderdrukking van het Palestijnse volk gaat. Verder blijkt uit deze documentaire zonneklaar dat bij anti-Israël-demonstraties geen onderscheid wordt gemaakt tussen de staat Israël en het Joodse volk, zoals hierboven reeds uiteengezet.

Antizionisme vooral in progressieve kringen
Het verwarrende bij het hedendaagse antizionisme is dat men deze ideologie vooral in progressieve kringen aantreft. Door het verleden is men geneigd om antisemitisme met extreemrechts te verbinden. Men zou daarom niet verwachten dat de haat tegen Israël ook bij aanhangers van linkse partijen te vinden is. Het is ooit anders geweest. Het oorspronkelijke zionisme deelde veel idealen met de progressieve bewegingen van die tijd: collectieve nederzettingen met gemeenschappelijk bezit, gelijkheid tussen man en vrouw, pioniersgeest en zo meer.

Na de stichting van de staat Israël in 1948 regeerde de socialistische Mapai vele jaren en was de.vakbond Histadroet oppermachtig. Binnen de socialistische Internationale kon Israël op de nodige steun rekenen. Het is zelfs zo dat de Sovjet-Unie één van de eerste landen was, die de staat Israël erkenden. De huidige situatie is totaal verschillend: Israël wordt al jaren geregeerd door rechtse partijen en de socialistische inslag van het zionisme is op de achtergrond geraakt. Sympathie voor Israël zal men in Europa nu eerder bij centrumrechtse dan bij linkse partijen vinden. Het zou nu onvoorstelbaar zijn dat een socialistische minister van Defensie buiten de regering om aan Israël militaire steun verleent, zoals minister Henk Vredeling dit in Nederland heeft gedaan tijdens de Jom-Kipoer oorlog in 1973.

Men kan zich afvragen waardoor deze omslag in opinie is veroorzaakt. Anti-zionisten hebben hun antwoord klaar: door de manier waarop het Palestijnse volk door Israël wordt onderdrukt. De vraag blijft dan toch: waarom Israël? De onderdrukking van de oorspronkelijke bevolking van Tibet door de Volksrepubliek China is vele malen erger dan wat de Arabieren in het vroegere mandaatgebied Palestina te verduren hebben gekregen. Volgens een voorzichtige schatting kwamen 400.000 Tibetanen om als gevolg van de verovering van hun land door China in 1950 en de daaropvolgende repressie. Bovendien is de Chinese bezettingspolitiek erop gericht om de Tibetaanse religie, taal en cultuur te onderdrukken. Daarvan is in Israël geen sprake.

Toch beroert de Palestijnse kwestie de gemoederen veel meer dan de situatie in Tibet of bijvoorbeeld in de Westelijke Sahara, dat door Marokko is bezet. Dit heeft te maken met een reeks van oorzaken. In de eerste plaats de succesvolle Palestijnse propaganda: men plaatst zichzelf in een slachtofferrol; men appelleert aan gevoelens van medeleven voor de underdog; men stelt dat het zionisme een loot is van het imperialistische en kolonialistische verleden van het Westen en vergelijkt het Israëlische bewind met Nazi-Duitsland en met Zuid-Afrika ten tijde van de Apartheid. Zo sluit men naadloos aan bij wat in linkse kringen afschuw en verontwaardiging opwekt. Daarbij wordt de ketel onder druk gehouden door de herinnering aan de vele terreurdaden van de Palestijnse bewegingen – een situatie die het Westen nu ten koste van veel, zo niet alles wil vermijden.

Het succes van de Palestijnse propaganda kan echter niet los worden gezien van de erfenis van het anti-judaïsme en antisemitisme in Europa. De Israëli’s, die nu worden voorgesteld als meedogenloze bezetters, zijn de nazaten van de verguisde Joden van weleer. De vooroordelen die er door de kerkelijke en nationaalsocialistische propaganda bij de bevolking zijn ingeramd, steken weer de kop op, maar men zorgt er wel voor dat deze anti-Joodse opstelling salonfähig blijft. Wanneer in Joodse kring terecht bezwaar wordt aangetekend tegen deze uitingen van vernieuwd antisemitisme, reageert men: ‘De Joden hebben weer lange tenen’.

En dan is er nog de frustratie over de Shoah: bij sommige mensen, die zelf geen slachtoffers te betreuren hebben, werkt de tegenwoordige aandacht voor de Shoah averechts. Dit duistere verleden wil men juist achter zich laten en zeker ook de schuldvraag, nu steeds duidelijker wordt hoezeer de nazi’s konden rekenen op’ de steun van de niet-Joodse bevolking in bezet Europa. Men vindt dat de Joden moeten ophouden om over de Shoah te klagen – alsof het aangerichte leed bij de overlevenden en nabestaanden ooit zou ophouden … Daarom keert men de zaken om: de Joden zijn niet langer meer de slachtoffers van genocide – zij zijn nu de daders, verantwoordelijk voor het leed van de Palestijnse bevolking.

Op zich is het niet moeilijk om veel van de pro-Palestijnse propaganda met feiten te ontkrachten, maar het effect van zulke pogingen is niet groot. Men heeft zich nu eenmaal vastgebeten in de Palestijnse kwestie: men wil horen over de verwoestingen die het Israëlische leger in Gaza aanricht, en niet over de raketten die daarvoor vanuit de Gazastrook op huizen van Israëlische burgers werden afgeschoten. Het antizionisme is bon ton geworden.


Het anti-Zionisme lijkt bon ton geworden, maar voor hoelang?

Deel 1: Definities

Deel 2: Shoah en negationisme

Deel 3: Links anti-Zionisme

Deel 4: Actie en reactie


Bronnen:

♦ naar een artikel van Klaas A.D. SmelikHet anti-Zionisme lijkt bon ton geworden, maar voor hoelang?” van september 2017 gepubliceerd in Joods Actueel Magazine Nr. 119 blz. 80 t/m 87

Advertenties

2 gedachtes over “Het anti-Zionisme lijkt bon ton geworden, maar voor hoelang? Deel 3: Links anti-Zionisme

  1. Rechts haat Joden en links haat Zionisten….en dus haten beide de Joodse staat der Zionisten.

    Het “succes” van de BDS.
    Je wilt als zaken firma niet hun succes hebben en ook niet hun lijdend voorwerp zijn……beiden hebben zich allang uit de markt geprijsd.

    M.a.w. behalve een hoop kabaal zit er niet echt schot in de NV Haat verspreiders…..het is eerder een firma van zeurpieten met dezelfde oude mantra’s & slogans.

    Zelfs daar tonen ze geen innovatie.

    Like

  2. Die gewone Duitse dames van Arte die zich organiseren om te protesteren tegen het onrecht dat de de Palestijnen wordt aangedaan. Wellicht, van de kansel. Ook bij de Ieren zal de invloed van de kerk bij de boycot van Israëlische producten een rol spelen. Tenslotte een Amerikaanse dame die weer eens naar de universiteit gaat, daar hoort van wat er allemaal voor verschrikkelijks gebeurt in de Palestijnse gebieden en prompt in ze een expert in de Palestijnse kwestie.
    Wat een emotie en wat een volledig gebrek aan kennis. Probleem is dat het heel moeilijk is om deze mensen te overtuigen. Dat heeft weinig zin. Een doelgroep bereiken die luistert die ook nog eens wat in de melk te brokkelen krijgt is effectiever. Dat is dus niet alleen de eigen achterban.

    Like

Reacties zijn gesloten.