Europees Mensenrechtenhof: burgemeester die opriep tot Israëlboycot veroordeeld

De uitspraak van het Europees Hof voor Mensenrechten in Straatsburg, dat de burgemeester van het franse Seclin terecht was veroordeeld wegens het oproepen tot discriminatie, is in de pers vrijwel onopgemerkt gebleken – misschien omdat het vonnis alleen in het frans te vinden is.

De burgemeester had in 2002 eerst in de gemeenteraad en daarna op de website van de gemeente een boycot aangekondigd van Israëlische producten, in het bijzonder vruchtensap. Hij legde daarbij onder meer uit dat hij dat deed wegens de ‘Palestijnse genocide’ die de toenmalige premier Ariel Sharon zou uitvoeren.

Een Joodse koepelorganisatie deed aangifte wegens discriminatie en het OM nam de zaak over. In een eerste rechtszaak in maart 2003 oordeelde de franse rechter dat dit geen discriminatie was omdat het niet tegen een specifieke persoon/groep was gericht. Het OM ging in beroep: het deed niet terzake dat geen specieke personen/groepen werden genoemd, stelde het.

De uitwerking van de boycot trof Israëlische producenten en Israëlische zakenmensen die zich bezighouden met de export, en sloot ze dus uit van de normale uitoefening van hun economische bezigheden wegens het feit dat zij deel uitmaken van het Israëlische volk. De franse wet verbiedt dit: het is discriminatie. Het ging dus niet om wat de burgemeester had gezegd, maar om wat hij had gedaan.

De franse Hoge Rechtbank ging daarin mee en merkte bovendien op dat een burgemeester niet het recht heeft een boycot in te voeren tegen producten uit een ander land: dat kan alleen de regering, en dan nog alleen in het kader van een uitspraak van de VN. En: een burgemeester mag zeggen wat hij wil, maar in het uitoefenen van zijn functie moet hij een zekere mate van neutraliteit betrachten.

Een burgemeester bewaakt de gemeenschapsgelden en mag er niet toe aanzetten dat die volgens discriminerende regels worden besteed. De burgemeester werd in hoger beroep veroordeeld wegens het aanzetten tot discriminatie en kreeg een boete van duizend euro.

Daartegen was de burgemeester in beroep gegaan voor het Europees Hof van de Mensenrechten: hij werd beknot in zijn vrijheid van meningsuiting, stelde hij. Die zaak heeft hij verloren met de uitspraak van 16 juli 2009. Het Mensenrechtenhof benadrukte dat hij niet was veroordeeld wegens het uiten van zijn politieke mening, maar wegens het aanzetten tot discriminerende handelingen.

Daarbij deed het er niet toe dat er geen specifieke personen waren genoemd. De boycot belemmerde Israëlische producenten en handelaren in de normale uitoefening van hun beroep omdat zij deel uitmaken van het Israëlische volk. Bovendien heeft een burgemeester niet het recht tot het uitroepen van een boycot.

Twee dingen wogen zwaar mee in het vonnis: het feit dat hij handelde in zijn functie als burgemeester, en niet als privépersoon een mening uitte, plus de verklaring die hij op de gemeentelijke internetpagina had gezet, zonder de mogelijkheid voor een debat en een stemming.


Bronnen:

♦ naar een artikel “Europees Mensenrechtenhof: Israelboycot was discriminatie” van 22 juli 2009 op de site van CIDI.nl

Advertenties

2 gedachtes over “Europees Mensenrechtenhof: burgemeester die opriep tot Israëlboycot veroordeeld

Reacties zijn gesloten.