Wie heeft de Poolse holocaustheld Josef Kopf vermoord? Zijn familie gaat op onderzoek

Een van de meest beroemde ontsnappingen uit de nazi-doodsfabrieken in het Oosten was ongetwijfeld deze in Sobibor van 14 oktober 1943, toen de opstandelingen 20 nazi’s vermoorden. Naar schatting 60 Joden konden toen met succes ontsnappen en hebben tegen alle verwachtingen de oorlog in de bossen van Polen overleefd.

Deze gebeurtenis wordt verhaald in het boek en uitgebeeld in de film ‘Escape from Sobibor‘  uit 1987, met o.a. de gekende Nederlandse acteur Rutger Hauer in de hoofdrol, als de leider van de opstand Alexander ‘Sasha’ Pechersky.

Maar er waren voordien nog andere veel minder bekende incidenten en ontsnappingen in Sobibor. Dit artikel gaat over de dappere Poolse Jood Josef Kopf die inderdaad heelhuids kon ontsnappen, maar later vermoord werd door … een antisemitische Pool.

Zovele jaren later gaan zijn familieleden in Polen op zoek naar zijn graf en ook en vooral naar diegene die Josef Kopf na zijn succesvolle ontsnapping heeft vermoord.

Waldkommando in 1943
Een nazi-doodsfabriek zoals die van Sobibor omvatte in tegenstelling tot een concentratiekamp geen woonbarakken voor de gevangenen. Wie naar een van de zes gekende doodsfabrieken werd gezonden ging er om enkele uren na aankomst (soms reeds een half uur later) vermoord te worden door de Duitse SS en of hun (overwegend Oekraïense) handlangers.

Uitzondering op die regel waren KZ Auschwitz-Birkenau en KZ Majdanek die een combinatie waren van beiden: werkkamp én doodsfabriek. Maar in Sobibor, Chelmno, Treblinka en Belzec werd alleen maar gemoord, meestal door vergassing of neergemaaid met Duitse machinegeweren of gewoon doodgeslagen of -geschopt.

Gewoonlijk werden er enkele tientallen Joden bij aankomst uitgepikt om bepaalde taken uit te voeren in functie van deze moordfabrieken. Sommigen van hen overleefden wonderwel de gruwel. Eén van die functionele groepen was het zogeheten Waldkommando. Dat was een speciale eenheid die hout leverde voor het crematorium door bomen te kappen en de stronken uit te graven.

Het Waldkommando in de doodsfabriek van Sobibor in de zomer van 1943 was samengesteld  uit 20 Poolse Joden en 20 Nederlandse Joden. Op 20 juli 1943, nadat twee Joden van het Waldkommando, genaamd Shlomo Podchlebnik en Josef Kopf, een Oekraïener hadden aangevallen die hen bewaakte met een mes dat Podchlebnik in zijn laars verborgen hield, moedigden ze anderen Joden in het Waldkommando aan om ook te vluchten.

Volgens het getuigenis van Szmajzner, besloot de andere groep Poolse Joden te voet te vluchten terwijl acht bewakers op datzelfde ogenblik hun lunch verorberden. Verschillenden onder hen – Podchlebnik, Josef Kopf, Zindel Honigman, Josef Freitag, Chaim Korenfeld, Abraham Wang en Aron Licht – konden succesvol ontsnappen en overleefden de duur van de oorlog. Behalve Josef Kopf en Aron Licht, die werden later vermoord door Poolse antisemieten in afzonderlijke incidenten na hun ontsnapping.

Wie vermoordde Josef Kopf?
Josef Kopf overleefde Sobibor door een bewaker te doden en markeerde aldus de eerste succesvolle ontsnapping uit dat vernietigingskamp in Polen waar de nazi’s 250.000 joden vermoordden.

Maar Kopf, van wie de onwaarschijnlijke ontsnapping in 1943, die voorafging aan een volledige opstand in Sobibor, kreeg helaas niet de kans om de nederlaag van Nazi-Duitsland mee te maken. Na de bevrijding in 1944 keerde hij terug naar zijn geboorteplaats Turobin om een ​​aantal bezittingen terug te vorderen – en hij werd nadien nooit meer gezien of gehoord.

“We gingen er altijd van uit dat Josef werd vermoord door een plaatselijke bewoner, maar we wisten het nooit zeker. We wisten zelfs niet waar hij begraven lag,” zei Lea Hirsch, het nichtje van Kopf uit Israël. Haar moeder, Genia en Josef Kopf waren de enigen uit hun gezin van acht kinderen die de nazi-machine overleefden.“

Vorig jaar werd het 75 jaar oude mysterie echter gedeeltelijk opgelost. Een lang vergeten getuigenis leidde Hirsch en andere familieleden naar de begraven plaats van Kopf en lanceerde hen in een moordonderzoek waarvan de bijzonderheden centraal staan ​​in het debat in Polen over lokale medeplichtigheid en verzet tijdens de Holocaust.

De getuigenis die aanleiding gaf tot het onderzoek was te vinden op een oude opname van Genia Kopf, die in 2011 stierf. “Ze sprak bijna nooit over de Holocaust tegen haar kinderen,” zei Lea Hirsch. Maar in de opname, die de familie pas onlangs ontdekte, vertelde Genia in detail de laatste keer dat ze haar broer in leven zag en het verhaal van haar eigen redding door haar niet-Joodse buurman.

Volgens Genia’s getuigenis vond Josef Kopf haar bij het huis van haar redder, Antek Teklak, enkele dagen nadat het Rode Leger Turobin en het oosten van Polen had bevrijd. Maar de reünie van de broers en zussen was van korte duur, zei ze. Josef Kopf vertelde aan Genia en Teklak dat hij naar Turobin zou terugkeren om zaken die hij vóór de oorlog had gehad te ‘uit te werken’ met een vriend, die hij niet bij naam noemde.

Teklak waarschuwde Josef Kopf om niet te gaan en zei dat hij niet levend uit zijn geboortestad zou terugkomen. Vertrouwend op Teklak, vroeg Genia Kopf haar broer om te blijven. Maar Josef Kopf “lachte gewoon en zei dat hij de volgende dag terug zou zijn”, zei zijn zuster bij de opname van hun laatste samenkomst.

Deze informatie leidde vorig jaar Lea Hirsch en haar zoon Amit naar Polen met een dubbele missie: zoek de Teklak-familie op om zijn dapperheid te eren en om het graf alsmede de moordenaar van Josef Kopf te vinden. “Iets in mij is net wakker geworden, een niet te stoppen dwang om erachter te komen wat er is gebeurd”, zegt Lea Hirsch, een 65-jarige marketing- en beroepsverkoper en moeder van drie kinderen uit het Haifa-gebied.

In Polen huurden zij en andere familieleden een tolk en een cameraman in. Binnen een paar dagen vertelde de getuigen Hirsch dat een voormalige partner van Kopf hem had vermoord, en dat een vriend van Kopf zijn lichaam begroef in een tarweveld in een stad in de buurt van Turobin.

De getuigen gaven gedeeltelijke informatie en beweerden niet te weten wie Kopf had vermoord. Maar zij brachten het gezin naar het veld waar volgens hen Kopf werd begraven. Het gezin verzamelt fondsen voor een opgraving met de bedoeling om de overblijfselen van Josef Kopf naar Israël te brengen voor herbegrafenis. Ze zullen in juli terugkomen voor verdere interviews met de hoop dat ze erachter kunnen komen wie hem heeft vermoord.

In januari keurde het Poolse parlement een wet goed die strafbaar stelt dat de Poolse natie verantwoordelijk wordt gehouden voor nazi-misdaden. De maatregel veroorzaakte een diplomatieke crisis met Israël, temidden van kritiek van de Joodse staat en vele Joodse organisaties die het riskeerden het publieke debat en onderzoek over de Holocaust tot zwijgen te brengen. En het debat ontketende ook een golf van antisemitische retoriek.


Bronnen:

♦ naar een artikel van Cnaan Liphshiz “Who killed a Polish Holocaust hero? His family may be close to finding out” van 24 mei 2018 op de site van The Jewish Telegraphic Agency (JTA)

♦ naar een artikelJewish Revolts and Uprisings in the Lublin District” op de site van Chelm Freeyellow

♦ naar een artikelThe killing centers: An overview” op de site van USHMM (United States Holocaust Memorial Museum, Washington, DC)

Advertenties