De tragedie van de naoorlogse Joodse ‘christen’ katholieken in Polen

Er is veel geschreven en gezegd over de vernietiging door de nazi’s van de grootste Joodse gemeenschap in Europa – in Polen. We hebben veel respect voor de overlevenden en betreuren de slachtoffers. Maar er is een andere groep slachtoffers in Polen waarover weinig geschreven of gesproken wordt en durven over weten.

Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog waren er ongeveer 3.325.000 Joden in Polen, van wie slechts ongeveer tien procent overleefde. Er waren maar heel weinig kinderen onder de overlevenden. Vóór de oorlog waren er bijna een miljoen Joodse kinderen onder veertien jaar oud in Polen.

Er wordt geschat dat niet meer dan ongeveer 28.000 van hen het hebben overleefd – ongeveer drie procent en de meesten van hen hadden een of beide ouders verloren. Het verlies van de kinderen bracht de volledige impact bloot van de tragedie die de Poolse Joden troffen.

Het Poolse Jodendom, dat de overgrote meerderheid van het Joodse volk in Europa herbergde, had te maken met de bijna totale vernietiging van zijn jongere generatie. Sommige kinderen konden overleven, omdat ze in de buurt van christelijke families of in kloosters werden geplaatst.

De tragedie die veel van de “verborgen” Joodse kinderen in Polen overkwam is, hoewel gered van de dood, slechts op het sterfbed van hun geadopteerde katholieke ouders de waarheid leerden kennen – met name dat ze Joods zijn – en thans geonconfronteerd worden met die traumatische ervaring.

In veel van de landen van het door de nazi’s bezette Europa probeerden Joodse ouders hun kinderen te redden door ze te verbergen bij niet-Joden die dapper genoeg waren om te helpen. Toen de oorlog ten einde was, bevonden deze niet-Joodse redders zich, samen met de kinderen die ze hadden verborgen, in een zeer moeilijke realiteit.

Wat hield de bevrijding voor hen in? Wat gebeurde er met hun identiteit met de veranderingen van namen, huizen (ouders) en religies die ze hadden meegemaakt? Wat moest er gedaan worden met de kinderen van wie de ouders nooit terugkwamen? Moeten ze naar weeshuizen worden gestuurd of met hun christelijke reddingswerkers worden achtergelaten?

Wat moest er gedaan worden met de kinderen van wie de ouders nooit terugkwamen, maar wiens familie deed dat wel? Zouden ze ‘terug kunnen komen’ naar vervreemde familieleden, onbekende en soms ongewenste mensen? Konden deze kinderen terugkeren naar het Jodendom, wat voor hen gevaar en angst vertegenwoordigde? Wat betekende het voor hen om weer van omgeving te veranderen? Hoe zouden ze omgaan met een identiteitscrisis en eenzaamheid? Wat was in het belang van deze kinderen?

Video: Het aangrijpende verhaal van de familie Keren (voorheen Rogozinski) die in 2015 naar Israël vertrok en pas na de dood van het christen “ouders” de Joodse wortels ontdekten van hun Joodse familie die door de nazi’s werd uitgemoord tijdens de Holocaust …


Bronnen:

♦ naar een artikel van Walter Bingham “The tragedy of the Jewish Catholics in Poland” van 18 mei 2018 op de site van Arutz Sheva

♦ naar een artikel van Sandra Rosenfeld “The Difficulties Involved in the Rescue of Children By Non-Jews – Before and After Liberation” op de site van Yad Vashem

Advertenties