PA-president Abbas kroont zichzelf opnieuw tot Keizer zonder kleren van ‘Palestina’

Mahmoud Abbas, president van de Palestijnse Autoriteit (PA), werd op donderdagavond 3 april ’18 herverkozen als voorzitter van het Uitvoerend Comité van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO). Met de verwachte herbenoeming van Abbas kwam een einde aan een vierdaagse bijeenkomst van de Palestijnse Nationale Raad (PNC) in Ramallah. De PNC koos een nieuw uitvoerend comité, het hoogste orgaan van de PLO.

Met de herverkiezing blijft Abbas de rol spelen sinds hij per 24 oktober 2004 Jasser Arafat verving en hem na diens dood in november opvolgde tot op vandaag. De Palestijnse Nationale Raad heeft sinds 1996 niet regelmatig vergaderd te midden van politieke machtsstrijd tussen de Fatah-partij van Abbas en de terroristische groep Hamas, met uitzondering van een noodsessie van de organisatie in 2009. De vergadering werd geboycot door het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP), die zei dat de vergadering niet zou moeten plaatsvinden onder de huidige omstandigheden.

De Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO), opgericht in 1964, overkoepelt een tiental Palestijnse organisaties waarvan Al Fatah de grootste factie vormt, op de voet gevolgd door twee communistische terreurorganisaties het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP) en het Democratisch Front voor de Bevrijding van Palestina (DFLP) die beiden ook actief zijn in Gaza. Echter, de belangrijkste organisaties in Gaza, zoals Hamas en de Islamitische Jihad (PIJ) die sinds 2007 de Strook bemeesteren, worden niet vertegenwoordigd in de PLO.

Vermits Abu Mazen, nom de guerre van Mahmoud Abbas, tevens de voorzitter is van Al Fatah, de grootste factie binnen de PLO, was zijn herverkiezing in feite een formaliteit.

Van de vierdaagse bijeenkomst door de Palestijnse Nationale Raad (PNC) in Ramallah, onthouden we enkel de lange antisemitische tirade die Abbas afstak op de eerste dag van de PNC, waarvoor hij door nagenoeg iedereen werd ‘veroordeeld’, zowel door de VN, de VS, de EU en Duitsland. Echter meestal met de zinsnede “dat zijn uitspraken niet bevorderlijk zijn voor het vredesproces”. Wie daar een veroordeling in wil zien  moet zijn fantasie maar aanboren. Daarmee werd de haatpraat van Abbas zoals steeds door de internationale gemeenschap met een vette westerse knipoog onder de mat geschoven.

Advertenties