De bedenkelijke rol van de VN aan de vooravond van de Zesdaagse Oorlog 1967

Op 28 mei 1967, nauwelijks een week voor het begin van de vijandelijkheden, sprak de Egyptische president Gamal Abdel Nasser tot de wereld: “Het is onze bedoeling een algemene aanval op Israël te openen. Dit zal een totale oorlog worden. Ons eigenlijke doel is de vernietiging van Israël.”

Plaatje hierboven: Vooraf aan de Zesdaagse Oorlog 1967: De Libanese cartoonist Al-Farida, liet de toenmalige Egyptische president Gamal Abdel Nasser “den Jood van Israël in de Zee schoppen”. Rechts op de achtergrond enkele soldaatjes die de legers van Libanon, Syrië en Irak moesten voorstellen, die Nasser in zijn genocidale plannen steunden.

Ondanks de oorlogsretoriek en de militaire opbouw, zal Egypte tot op vandaag blijven ontkennen dat het van plan was om Israël aan te vallen. Op 5 juni 1967 lanceerde Israël een pre-emptieve aanval door de volledige Egyptische luchtmacht op de grond uit te schakelen. Jordanië, dat op 30 mei 1967 een verdedigingsverdrag met Egypte had afgesloten, viel prompt Jeruzalem en Netanya aan. De rest van het verhaal is bekend en de afloop ook …

Plaatje hieronder: Het werd een grandioze afgang en diepe vernedering voor de Arabische wereld, waarvan de diepe littekens tot op vandaag zichtbaar zijn [beeldbron: cartoons omtrent de Zesdaagse oorlog]

Abba Eban (1915-2002), Israëls toenmalig minister van Buitenlandse Zaken, heeft met zijn Churchilliaanse welsprekendheid geschiedenis geschreven. Zijn redevoeringen en verklaringen tijdens de debatten in de Verenigde Naties over de oorlog in het Midden-Oosten speelden een belangrijke rol bij het afslaan van een communistische en Arabische actie om de VN tot wraakoefening tegen Israël te brengen.

Aan de vooravond van de Zesdaagse Oorlog, ook Juni Oorlog genoemd, stelde Abba Eban zich terecht vragen bij de dubbelzinnige positie van de Verenigde Naties (ook toen al!!) die nochtans op dat ogenblik in de Sinaï een leger ter plaatse had om het Egyptische leger, dat zich had opgesteld aan de grens met Israël, te verhinderen de Joodse staat binnen te vallen.

Echter, op 16 mei 1967, drie weken voor de aanval van Egypte op Israël, trokken de Verenigde Naties – op vraag van de Egyptische president Nasser – hun strijdkrachten [United Nations Emergency Force (UNEF)] terug uit de Sinaïwoestijn, aldus ruim baan gevende aan de Egyptische legers. Dat VN-leger – UNEF I – toen het eerste in haar soort, was daar al sinds de Suezcrisis van 1956 present.

In een redevoering, uitgesproken in de VN-Veiligheidsraad op 6 juni 1967, de 2de dag van de Zesdaagse Oorlog,  merkte Aban Eban terecht op: “Mensen in ons land en in tal van andere landen, vragen zich terecht af: wat is het nut van een VN-leger dat zoals een paraplu wordt dichtgeklapt van zodra het begint te regenen?”

Het hoe en het waarom van die terugtrekking door de VN is nog steeds niet opgehelderd. Maar het ergst denkbare scenario is niet uitgesloten en de liefhebbers van complottheorieën mogen hier – wat mij betreft – hun tanden op stuk bijten.

Video: Who Will Fire First? (Survival of a Nation)


Bronnen:

♦ naar een artikel van Mordechai Sones “Six Day War: Who Will Fire First? – In June 1967, Israel is isolated, blockaded, and ringed by armies intent on war. Israel chooses to strike first, with astonishing results” van 2 mei 2018 op de site van Arutz Sheva

Gerelateerd op deze blog:

♦ “Legendarische toespraak van Abba Eban in de VN-Veiligheidsraad van 6 juni 1967” van 24 juli 2010 [lezen]

 

Advertenties