De Gazaanse ‘Mars van de Terugkeer’ verdeelt Hamas en organisatoren

De gebeurtenissen aan de grens van Israël met Gaza weerspiegelen een diepe scheiding tussen enkele NGO-organisatoren van de Terugkeermars, geleid door Ahmed Abu Artima, en de terreurorganisatie Hamas.

Plaatje hierboven: Gaza, 5 juli 2015. Al Qassam Brigadisten van Hamas delen bloemen uit aan christen nonnen. Hamas, kalasjnikovs en bloemen, ’t heeft zo zijn charme … [beeldbron: JL-RFB]

Mars van de Bloemenmeisjes
Abu Artima, die door de Britse krant The Guardian beschreven als een 34-jarige “activist en journalist”, verzette zich tegen het plan van Hamas om een ​​’Katsjoe Dag’ te houden op 6 april 2018 waarbij duizenden autobanden werden opgestookt aan het veiligheidshekken met Israël.

Zijn volgers op de Facebook-pagina van de Terugkeer Mars stelden zelfs voor om met bloemen te gooien in plaats van met brandende autbanden.

Abu Artima beweert bezwaar te hebben tegen gewelddadige strijd en het verbranden van autobanden, maar zegt dat hij zich niet verzet tegen de aanwezigheid van Hamas-strijders in de buurt van het veiligheidshekken: “Ik wil met Israëliërs in een enkele staat leven, zonder Apartheid”, verklaarde hij.

De ‘gematigde’ terrorist Abu Artima, die samenwerkt met Europese NGO’s (niet-gouvernementele organisaties), legde uit dat het doel van de samenkomst aan de grens was om zich voor te bereiden op de grote mars op Nakba Dag in mei aanstaande en om op dit punt niet door het hekken te breken.

Het gebruik van geweld, zo legde hij uit, zou legitimiteit geven aan de ‘bezetting’ om nog meer geweld toe te passen, terwijl het geen gewelddadig antwoord zou hebben op een massale mars van vluchtelingen, waaronder jongeren, ouderen en baby’s.

De belangrijkste voorwaarde voor de mars zou zijn dat alle marsjeerders zich zouden onthouden van enig geweld, inclusief het gooien van stenen, brandende autobanden, molotovcocktails en dergelijke.

Abu Artima nam ook afstand van het Hamas-standpunt toen hij verwees naar de shahids (martelaren) die “voor niets zijn gestorven” en beweerde dat om succes te behalen in de nationale strijd, het helemaal niet nodig was om enige martelaren op te offeren. Zo niet, dan zou het tegenovergestelde het geval zijn.

Abu Artima, de verrader
Uit reacties op de verklaringen van Abu Artima, heeft Hamas hem beschuldigd van verraad, en de aanhangers van Abu Artima zeggen dat hoewel ze in de eerste plaats zijn beweringen ondersteunen, het verboden is om het belang van de shahids (martelaren) te ontkennen. Abu Artima antwoordde dat hij zich niet laat afschrikken door beschuldigingen van “verrader”.

Terwijl op de eerste vrijdag 30 maart 2018, Hamas tot het allerlaatste moment bleef zwijgen en alleen betrokken raakte toen de mensen zich al hadden verzameld, nam Hamas vanaf het begin de verantwoordelijkheid voor de gebeurtenissen van afgelopen vrijdag 6 april.

De stank van de rook van de brandende autobanden jaagde de mannen van Abu Artima weg van de verzameling demonstranten en het is mogelijk dat dit de bedoeling was van Hamas, samen met zijn verlangen om Israël problemen te bezorgen.

Op ‘Katsjoe Vrijdag’ namen Hamas-leiders deel aan de grensbetogers, maar geen van hen sprak over het recht op terugkeer of noemde zelfs de vluchtelingen – het doel van het hele evenement vanaf het begin.

Yahya Sinwar, bijvoorbeeld, zei dat Gaza aan de wereld had onthuld dat de situatie in de Gazastrook niet langer kon voortduren. Met andere woorden, Hamas is op zoek naar onmiddellijke hulp en het openen van de grensovergangen. Het probleem van ‘terugkeer’ kan wachten volgens Hamas.

door Pinhas Inbari


Bronnen:

♦ naar een artikel van Pinhas Inbari “The Gaza “Return March” Splits Hamas and Organizers” van 9 april 2018 op de site van The Jerusalem Center for Public Affairs (JCPA)

♦ naar een artikel van Elior Levy “The Gazan activist whose post sparked the March of Return” van 6 april 2018 op de site van Ynet News (Yediot Ahronot)

Advertenties