De Jodenhaat in de moslimwereld systematisch negeren; waar zijn we bang voor?

Westerse opiniemakers negeren maar al te vaak het verwoestende effect van de virulente Jodenhaat in de islamitische wereld, argumenteert een nieuw boek van Neil S. KresselThe Sons of Pigs and Apes“, waarvan recent een recensie verscheen in The Jerusalem Post.

Plaatje hierboven: Kind prediker Ibrahim Adham op televisie in november 2012: “O Zionisten, wij houden zoveel van de dood voor het heil van Allah  als jullie houden van het leven voor het heil van Satan.” [bron]

Het is ongelukkig dat de recensie van Tibor Krausz enkel te lezen is achter een betaalmuur, sinds het voor iedereen een moet-gelezen-zijn is voor wie van plan is het boek te lezen. Het toont overtuigend aan, zowel in de diepte als in omvang, hoe intens deze Jodenhaat wel leeft in het M-O en het toont tevens aan dat die Jodenhaat helemaal niets te maken heeft met de “bezetting van Palestina” door Israël.

In een preek die in 2009 op de televisie werd uitgezonden, zei bijvoorbeeld de Egyptische geestelijke Muhammad Hussein Ya’qub: “Als de Joden Palestina zouden verlaten en aan ons geven, zouden wij dan van hen beginnen houden? Nee, natuurlijk niet… De Joden zijn ongelovigen, niet omdat ik dat zeg maar omdat Allah dat zegt. Zij zijn niet onze vijanden omdat zij Palestina bezetten; zij zouden onze vijanden zijn zelfs als zij helemaal niets hadden bezet.”

Maar wat Neil Kressel bewoog, een professor in psychologie verbonden aan de William Patterson Universiteit, om de Zonen van Varkens en Apen (‘Sons of Pigs and Apes’) te schrijven, was niet enkel het bestaan van deze haat; maar eerder, zo merkte Krausz op, om zijn wanhoop te uiten over “wat hij ziet als een als blinde vlek” – een ‘samenzweerderig stilzwijgen’ – dat leeft onder westerse academici, beleidsmakers en journalisten omtrent de omvang van het islamitisch antisemitisme.

De beleidsmakers mogen in feite niet op deze lijst staan; Ik ga ervan uit dat velen van hen echt onwetend zijn. Maar als zij dat zijn, is dat omwille van dit “complot van stilzwijgen”, als het ware een omerta als het gaat om het benoemen van het islamitisch antisemitisme: De journalisten en academici van wie de job is hen te informeren slagen er niet in dit te doen.

Een treffend voorbeeld gebeurde onlangs in januari van dit jaar toen MEMRI uitpakte met een video van een interview dat Mohamed Morsi weggaf voor de televisie, die de Moslim Broederschap achter zich liet om president van Egypte te worden. In dat interview verwees Morsi naar de “Zionisten” (een term die, naarmate het interview vorderde, verwisselbaar bleek met “Joden”) als de “nakomelingen van apen en varkens.”

Deze granaatscherf werd straal genegeerd door de heersende media totdat uiteindelijk één moedige journalist van Forbes een kruistocht lanceerde: Hij contacteerde talrijke belangrijke nieuwsuitgaven om hen te vragen waarom zij dit geen nieuwswaardig feit beschouwden en dat een ontvanger van miljarden Amerikaanse hulp antisemitische haat uitbraakte, en vervolgens een verhaal publiceerde omtrent hun totaal gebrek aan reactie.

Slechts dan besloot uiteindelijk The New York Times om de kat de bel aan te binden, waarna een reeks andere nieuwsuitgaven het verhaal uitbrachten (The Times zal beweren dat zijn verhaal niets te maken had met de kruistocht van Richard Behar; daar ben ik erg sceptisch over.)

Maar zelfs dan toen het verhaal zijn ronde begon te doen, bleven de lezers in het ongewisse van de grootschaligheid van het probleem. Ter hun verontschuldiging kan aangevoerd worden dat zij slechts één enkel individu dergelijke antisemitische uitspraken deed, maar elk land heeft dergelijke individuen. Wat niet zij wisten is dat Morsi eerder de norm is in Egypte dan de uitzondering.

Zij wisten bijvoorbeeld niet dat enkele dagen vooraleer dit verhaal bekend raakte, dat Fathi Shibab-Eddim, een topmedewerker van president Morsi, de Holocaust “een mythe” noemde die Amerika had “uitgevonden” om de Tweede Wereldoorlog te verrechtvaardigen, en dat de zes miljoen Joden die door Hitler waren afgeslacht in werkelijkheid de oorlog overleefd hadden en naar de Verenigde Staten waren verhuisd.

Of dat twee maanden eerder, het hoofd van de Moslim Broederschap in Egypte, Mohammed Badie, opgeroepen had tot een Jihad tegen Israël, nadat hij eerder de creatie van Israël “de grootste catastrofe was die de mensheid ooit is overkomen” had genoemd. Of over de op televisie uitgezonden preek van Muhammad Hussein Yaqub. Enzovoorts (zie verwijzingen onderaan.)

Noch dat zij op de hoogte zijn dat dergelijk openlijk aanzetten tot Jodenhaat, schering en inslag zijn doorheen de hele islamistische wereld, zelfs in ‘gematigde’ bondgenoten van de Verenigde Staten zoals Saoedi-Arabië, Turkije en Jordanië.

Opdat de mensen het zouden weten, zou hierover op regelmatige moeten bericht worden. Maar dat gebeurt niet. Aldus blijven beleidsmakers onbezorgd onwetend van een bepalende factor in de dagelijkse gang van zaken in het Midden-Oosten. En dan vragen wij ons af waarom zij het zo vaak verkeerd voor hebben omtrent het Midden-Oosten…

door Evelyn Gordon


Bronnen:

♦ naar een artikel van Evelyn Gordon “Ignoring Jew-Hatred in the Islamic World” van 26 april 2013 op de site van Commentary Magazine

Advertenties