Leiders van Israëlische Arabieren zijn vaak terroristen in maatpak en das

Motti Yogev (°1956, Haïfa), een voormalige kolonel in de IDF, met een mastersdiploma in Politieke Wetenschappen en sinds februari 2013 parlementslid voor de Joods Huispartij in de Knesset, antwoordde afgelopen zondag op het trieste gegeven dat veel Arabische Israëliërs hebben deelgenomen aan de rellen die over het hele land plaatsvonden, in reactie op het besluit van president Trump om Jeruzalem te erkennen als hoofdstad van Israël.

De Arabische bevolking in Israël werd in 2013 geschat 1.658.000 personen, waarmee ze 20,7% van de bevolking uitmaken of zowat 1 op 5 Israëliërs. In een interview met Arutz Sheva, drukte Motti Yogev, die woont in Dolev nabij Ramallah in het gebied van de Regionale Raad van Mateh Binyamin in Samaria, zijn hoop uit dat het Israëlisch-Arabisch leiderschap in staat zal zijn om de relschoppers te matigen:

“Bij de Palestijnen wordt alles gebruikt als katalysator voor geweld, maar Israël zal altijd sterker zijn dan zij. Ze moeten begrijpen dat het beter is om te investeren in het leven dan in de dood. De Palestijnen vinden altijd redenen voor geweld. De ene keer zijn het Joden die de Tempelberg bezoeken of de opening van de Westelijke Muurtunnels en nu is het de aankondiging van Trump.

Maar wat kunnen we doen? Ze hebben nooit Palestijnse munten gevonden in Jeruzalem, alleen Joodse munten. De geschiedenis spreekt voor zich. Het is tijd voor hen om de waarheid over Jeruzalem te accepteren die bij het Joodse volk hoort. Hoe duidelijker de waarheid, hoe meer zij zullen begrijpen dat hun strijd geen zin heeft.

Ik heb vrienden in Wadi Ara en ik hoop dat ik niet naïef ben als ik denk dat het mogelijk is om naast hen te leven. Ze weten heel goed dat hun leven hier aanzienlijk beter is dan in een van de buurlanden. Elektriciteit 24 uur per dag, zeven dagen per week, is iets dat niet beschikbaar is in een ander Arabisch land. Hetzelfde geldt voor afvalwater en water, dus ze hebben veel te verliezen.

Het is duidelijk dat we ook de inlichtingendiensten moeten versterken omdat we zagen dat in Umm al-Fahm [een Arabische stad in Israël] terroristische cellen worden aangemaakt zoals degene die [op 14 juli 2017] de aanslag op de Tempelberg uitvoerde. Ik hoop dat de Arabische leiders in Israël zullen begrijpen dat het beter is om samen te leven dan om een ​​vijandige entiteit te worden. Iedereen die ons probeert te schaden, hoopt dat het defensie establishment en het rechtssysteem hen streng zal straffen, zoals ze dat deden met de rechtse betogers vóór de terugtrekking [uit Gaza].

We moeten ons richten op aanstichters, inclusief Arabische politici, want we hebben ook serieuze opmerkingen gehoord van de Arabische parlementsleden. We moeten op een gerichte manier omgaan met terreur en ongeordende schendingen en de rest van de bevolking moet de kans krijgen om door te gaan met hun normale leven.

Ik ben verrast door het feit dat ze soms de leiders van Al Fatah en de leiders van de Palestijnse Autoriteit worden genoemd, terwijl zij in feite de leiders van de PLO zijn. Het zijn terroristen in maatpak en stropdas. Het ene moment spreken ze Engels en het volgende moment roepen ze op tot moord. We moeten weten met wie we te maken hebben en ik ben ervan overtuigd dat de IDF en de Shin Beth de vinger aan de pols houden.”

De Arabische stad Um-al-Fahm in Israël,
broeihaard van Arabische terreur tegen Israël

Advertenties