De verzwegen Nakba: De verdrijving van de Joden uit Afrika en het M-O [Alexandra Margalith]

De verdrijving waar niemand het over heeft

In maart 2017 vond weer eens een van deze VN-bijeenkomsten plaats, waarin het er vooral om ging de staat Israël als een Apartheidsstaat neer te zetten die aan etnische zuivering en landroof doet. Van de verschillende spreker kon je o.a. dingen horen zoals:

Palestijnse Autoriteit: “Israël maakt gebruik van de ergste soort misbruik, van etnische zuivering en van de inrichting van een Apartheidsstaat.”
Qatar: “Israël onderhoudt in Palestina nog steeds Apartheid, wat een misdaad tegen de mensheid is.”
Soedan: “Tegen het Palestijnse volk wordt met geweld en terrorisme opgetreden.”
Syrië: Schendingen inclusief de bouw van apartheidsmuren . . . Om de landroof te legitimeren en Jeruzalem te judaïseren.”
Bahrein: De scheidingsmuur is een voorbeeld van de door Israël gepraktiseerde politiek van de Apartheid.”
Saoedi-Arabië: “. . . de Israëlische praktijken van discriminatie en extremisme.”

Op deze toespraken reageerde Hillel Neuer van UN-Watch toen maar met één vraag:

“Waar zijn jullie Joden?”

Ieder jaar op 30 november viert men in Israël de nationale herdenkingsdag m.b.t. de verdrijving van mensen uit hun huizen, hun boerderijen en andere bedrijven, hun ondernemingen, hun omgeving, hun geboorteland. Stil, zonder tamtam en vooral zonder internationale ophef, zonder massademonstraties en gejammer.

Men viert de herdenkingsdag van de verdrevenen van die Naqba waarvoor de VN geen hulporganisatie heeft geschapen, voor wie men geen vluchtelingenkampen moest oprichten, en die zichzelf nu, in de derde en vierde generatie, niet meer als vluchtelingen beschouwen. Een herdenkingsdag voor de verdrevenen na de oprichting van de staat Israël, over wie niemand het heeft: men herdenkt de verdrijving van de Joden uit de Arabische en islamitische landen.

In een tijdsbestek van ongeveer drie decennia, tussen de jaren-40 en de jaren-70, werden er ongeveer 850.000 Joden dwars door het Midden-Oosten en Noord-Afrika uit hun geboortelanden verdreven, waaronder uit Irak, Syrië, Egypte, Libanon, Jemen, Libië, Algerije en Iran.

Bloeiende joodse gemeenschappen, deels al eeuwen oud, werden in deze periode vernietigd. Joden werden gearresteerd, omdat ze Joden waren, bezit werd in beslag genomen of in brand gestoken, en er werden draconische anti-Joodse wetten uitgevaardigd. Deze georganiseerde vijandigheden leidden ertoe dat Joden, net zoals ten tijde van de pogroms in Oost-Europa, vanaf dat moment onmiddellijk uit hun toenmalige geboortelanden moesten vluchten, vaak met alleen maar hetgeen ze konden dragen.

Enkele van deze landen worden hieronder als voorbeeld uitvoeriger behandeld.

Joden in Egypte

Sinds Bijbelse tijden woonden er al Joden in Egypte. De stammen van de Israëlieten trokken onder farao Amenhotep (1375-1358 voor Chr.) naar het land Goshen, aan de noordoostelijke rand van de Nijl-delta. In het jaar 1897 werden er in Egypte meer dan 25.000 Joden geteld, de meesten van hen in de steden Caïro en Alexandrië.

Al in mei 1926 vaardigde Egypte een staatsburgerschap-wet uit, volgens welke “alleen diegenen die qua ras tot de meerderheid van de bevolking van een land zouden behoren en wier taal Arabisch of wier religie de islam is”, recht op het Egyptische staatsburgerschap hadden.

In het jaar 1937 was de joodse bevolking tot meer dan 63.000 personen toegenomen. Een diepe inkeping vond echter in het jaar 1945 plaats. Met de toename van het nationalisme in Egypte werd de joodse gemeenschap dat jaar meerdere malen het slachtoffer van aanslagen. In totaal werden er 10 Joden vermoord, meer dan 300 raakten gewond, en er werden een synagoge, een joods ziekenhuis en een bejaardentehuis verwoest.

Een wetswijziging in het jaar 1947, volgens welke bedrijven minstens 90% Egyptische staatsburgers als werknemers moesten hebben, maakte het voor de joden extra moeilijk om een baan te vinden. Met de oprichting van de staat Israël werd de afkeer tegenover de Joden nog groter. Tussen juni en november 1948 kwamen bij meerdere bomaanslagen in de joodse wijk in Caïro meer dan 70 Joden om het leven en raakten er meer dan 200 gewond. Meer dan 2000 werden gearresteerd en onteigend.

De Sinaï-veldtocht in 1956 diende als voorwendsel om 25.000 Joden het land uit te zetten, nadat men hen onteigend had. Meer dan 1000 anderen werden gearresteerd. In november 1956 verklaarde de Egyptische regering “alle Joden en Zionisten zijn staatsvijanden” en beloofde hen spoedig uit te zetten. Duizenden Joden kregen de aanwijzing het land te verlaten. Daarbij mochten ze slechts een koffer en een beetje contant geld meenemen, terwijl ze de rest van hun vermogen d.m.v. een schriftelijke verklaring aan de Egyptische staat moesten “schenken”.

In 1957 was de joodse bevolking al naar 15.000 afgenomen.

Na de Zesdaagse Oorlog en de daaropvolgende golf van vervolging daalde dit aantal naar ongeveer 2.500. In de jaren-70 werden ook aan de laatste Joden uitreisvergunningen verstrekt en nu zijn er nog nauwelijks Joden in Egypte te vinden.

Joden in Algerije

Al in het begin van onze jaartelling had Algerije een joodse bevolking. Deze nam gedurende de verslechtering van de levensomstandigheden in Spanje in de 14e eeuw verder toe. In het begin van het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog leefden er ongeveer 120.000 Joden in Algerije.

Hun vervolging in het Vichy geregeerde Algerije begon rond het jaar 1940. De arbeidsterreinen van de joden werden beperkt, ze werden het slachtoffer van onteigeningen, extreem hoge belastingen en pogroms.

In 1948 – korte tijd voor het uitroepen van de staat Israël enerzijds en het begin van de burgeroorlog in Algerije anderzijds – telde de joodse bevolking ongeveer 140.000 mensen.

Bijna allemaal vluchtten ze kort na de onafhankelijkheid van Frankrijk in 1962 het land uit. Het nieuw opgerichte Algerijnse regime treiterde de joodse gemeenten, onteigende joods eigendom en maakte een economische vooruitgang door anti-Joodse wetten onmogelijk. Uiteindelijk waren destijds ongeveer 130.000 Joden genoodzaakt om naar Frankrijk te emigreren.

Joden in Irak

Nog voor het begin van de jaartelling en tot de islamitische verovering in de 7e eeuw bloeide het joodse leven in het toenmalige Babylonië. Ook onder islamitische heerschappij bloeide het leven, aan Joden werden echter tegelijkertijd speciale hoofdelijke belastingen opgelegd en hun beroepsmogelijkheden werden voor het eerst beperkt.

In het jaar 1941 werden er tijdens een pogrom en onlusten in Bagdad minstens 180 Joden vermoord en raakten er meer dan 1000 gewond. Ook in 1946 en na de oprichting van de staat opnieuw in het jaar 1949 vonden er golven van geweld tegen Joden plaats. Bovendien werd Zionisme verklaard tot een halsmisdaad.

In 1950 maakte de Irakese regering voor het eerst de emigratie naar Israël mogelijk. Tussen mei 1950 en augustus 1951 evacueerde Israël in de operaties Ezra en Nechemia ongeveer 110.000 joden naar Israël. Nog eens 20.000 werden door Iran gesluisd. Hun totale vermogen werd door de Irakese regering genationaliseerd.

In 1952 werd de toestemming voor Joden om uit te reizen opgeheven. Twee Joden, die er vals van werden beschuldigd een bom in het US Information Agency gegooid te hebben, werden in het openbaar opgehangen. De meute ging tekeer en Joden waren niet meer veilig.

Van de 150.000 Joden in het jaar 1947 waren er in het jaar 1951 nog maar nauwelijks 6000 overgebleven. Die waren hun leven niet meer zeker. Na de Zesdaagse Oorlog werden er bijna 3000 joden ontslagen, een groot deel van hen gearresteerd en velen van hen in het openbaar geëxecuteerd. Er bestaan opnames van Radio Bagdad van 29-01-1969, waarin de bevolking ertoe wordt opgeroepen “te komen en mee te doen aan het feest”.

Joden in Marokko

Een van de grootste joodse gemeenschappen was in Marokko te vinden. Daar leefden Joden sinds de klassieke oudheid. De eerste noemenswaardige joodse vestiging gaat terug tot het jaar 586 v. Chr. en was een gevolg van de vernietiging van Jeruzalem door Nebukadnezar en de verbanning van de Joden uit de regio.

Marokko was een van de bolwerken van joods leven en voor het begin van de Tweede Wereldoorlog leefden daar ongeveer 265.000 Joden. Ondanks de diverse voorschriften, hoofdelijke belastingen, het verbod om bepaalde werkzaamheden uit te oefenen, het leven in getto´s inclusief uitgaansverboden of het gebod om door speciale kleding herkenbaar te zijn als Jood.

Bij pogroms in verband met de oprichting van de staat Israël in het jaar 1948 kwamen er in totaal 44 Joden om het leven en raakten vele anderen gewond. In datzelfde jaar werd aan de joodse gemeenten een inofficiële economische boycot opgelegd.

In 1959 werd het Zionisme strafbaar verklaard en in 1963 werden minstens 100.000 joden uit hun huizen gezet, uitgewezen en onteigend. Ongeveer 150.000 vluchtten naar Israël, Frankrijk of de Verenigde Staten.

De joodse Naqba in cijfers

Deskundigen hebben inmiddels vastgesteld dat de joodse exodus uit de Arabische landen veel groter is dan die, welke in de Arabische wereld Naqba – dus de grote catastrofe – genoemd wordt, waarmee eigenlijk de oprichting van de staat Israël wordt bedoeld.

Dat geldt zowel voor het aantal verdrevenen als voor hun verlies aan eigendom, dat inmiddels op meer dan $ 350 miljard becijferd wordt. Van de bijna 1 miljoen Joden in Arabische landen in het jaar 1948 zijn er nu nog ongeveer 30.000 over.

De Jewish Virtual Library, een project van de American Israel Coorperative, stelde in december 2015 een lijst op van het aantal joodse inwoners in Arabische landen. Een gelijksoortige lijst werd ook opgesteld door het Jerusalem Center for Public Affairs. De aantallen uit beide lijsten zien er samen als volgt uit:

Screenshot_197

Het einde van de mythe

Als je deze cijfers en ontwikkelingen bekijkt en je iets uitvoeriger met het dagelijks joodse leven in de Arabische respectievelijk islamitische landen bezighoudt, is het moeilijk om geloof te blijven schenken aan de voortdurende beweringen dat het de Joden daar zo goed zou zijn gegaan.

Ja, het klopt dat men in deze landen geen Jodenvervolging in industriële en goed georganiseerde stijl heeft bedreven. Het klopt dat er geen massamoord in de omvang van de Holocaust plaatsvond. Maar laten we eerlijk zijn: er bestaat ook anders nauwelijks iets dat deze landen in de loop van hun geschiedenis in industrieel en goed georganiseerde stijl hebben bedreven.

Dat betekent echter nog lang niet dat de Joden daar gelijkberechtigde burgers zouden zijn geweest of ook alleen maar een veilig leven gevoerd zouden hebben. In plaats daarvan werden ze vervolgd, in regelmatige tussenpozen vermoord, met belastingen opgezadeld, stonden ze blootgesteld aan restricties en constante vernederingen en werden ze uiteindelijk, en dat laten de cijfers heel duidelijk zien, of het land uitgegooid of ertoe gebracht om te vluchten met hetgeen ze konden dragen.

Tegenwoordig worden Joden in de Arabische landen zelden gediscrimineerd. Die zijn er immers ook nauwelijks meer!

In dit verband zou je er misschien ook eens over kunnen nadenken waar in werkelijkheid Apartheid gepraktiseerd wordt. Mahmoud Abbas heeft in het verleden meerdere malen duidelijk tot uitdrukking gebracht geen joods leven in zijn staat Palestina te dulden. Als je de cijfers uit de omgeving bekijkt, dan staat hij hierin niet alleen.

Tweederangs vluchtelingen

Het is intussen, volledig terecht, consensus dat een definitieve oplossing van het conflict tussen Israël en de Palestijnen ook de regeling van de vluchtelingenkwestie moet omvatten. Daarbij zou het voor alle betrokkenen duidelijk moeten zijn dat er geen recht op terugkeer zal komen, maar dat men wellicht zou moeten denken aan schadevergoeding. De vraag wie van de Palestijnen werd verdreven en wie uiteindelijk vrijwillig het veld had geruimd, in samenwerking met de aanvallen Arabische naties, zal wel nooit definitief opgehelderd worden.

De Joden zijn echter niet minder verdrevenen dan de Palestijnen. Zij moesten niet minder uit hun huizen, uit hun dorpen, hun omgeving, hun leven. Zij lieten vermogen achter dat het vermogen van de Palestijnen met een veelvoud overtreft.

Desondanks roept niemand naar vergelding, naar gerechtigheid, naar terugkeer of naar schadevergoeding. Niet de VN, niet de EU, niet de staat Israël, zelfs niet eens de verdreven Joden zelf. Misschien zou men daar eens over moeten nadenken.

door Alexandra Margalith


In een vertaling uit het Duits door E.J. Bron van een artikel van Alexandra Margalith “Die „Naqba“ der Juden” van 8 augustus 2017 op de website Slag Ichter.

Advertenties

One thought on “De verzwegen Nakba: De verdrijving van de Joden uit Afrika en het M-O [Alexandra Margalith]

  1. kruisdrops 10 augustus 2017 / 21:44

    Dit is op Kruisdrops herblogd.

    Like

Reacties zijn gesloten.