‘Illegale’ buitenpost Amona in Samaria met geweld ontruimd door Israëlische leger en politie

amona3Amona, Mateh Binyamin, Samaria, woensdag 1 februari 2016. Israëlische politie en leger ontruimen met geweld de voorpost Amona. Zowat 40 gezinnen worden manu militari uitgezet en moeten een andere bestemming zoeken [beeldbron: Marc Israel Sellem/J-Post]

Vandaag is de uitdrijving begonnen van de inwoners van de buitenpost Amona in Samaria die daar meer dan twintig jaar geleden werd gesticht (1995).  Verscheidene honderden Israëlische soldaten en politeagenten zijn deze woensdagochtend begonnen met de evacuatie van de resterende 40 Joodse gezinnen.

Honderden activisten stonden de Israëlische veiligheidsdiensten op te wachten en barricadeerden de huizen van de getroffen gezinnen. Activisten gooiden met stenen naar de ongewapende strijdkrachten toen zij begonnen met de ontruiming van Amona. Ze dienden voor elke centimeter slag te leveren. Meer dan 15 activisten werden gearresteerd en minstens 15 anderen gewond, toen gevechten uitbraken tussen activisten en veiligheidskrachten.

Ook binnen Israël zijn velen het niet eens met het opdoeken van Amona, onder hen ook vele politici. “De evacuatie van de buitenpost Amona op de Westelijke Jordaanoever zal eventueel leiden tot de applicatie van Israëlische soevereiniteit over de hele Westelijke Jordaanoever,zei minister van Opvoeding, Naftali Bennett (Joods Huispartij/Bayit Yehudi), op woensdag in de Knesset. Bennett vertelde het plenum ondermeer:

“Vanop de ruïnes van Amona zullen we een nieuwe nederzetting bouwen. Van de wrakstukken zullen we peuterspeelzalen in heel Judea en Samaria inrichten. Uit de juridische nederlaag zullen we een nieuwe wettelijke regeling putten die al de nederzettingen zal reguleren en vanuit dit verlies zullen we beginnen met het instellen van de soevereiniteit van de staat Israël in heel Judea en Samaria. Het ‘nederzettingen wetsvoorstel‘ dat volgende week zal worden aangenomen zal een einde maken aan dit juridische verdringingssysteem.”

Bennett gaf toe dat de uitkomst van het dispuut vooraf was bepaald:

naftali“Wij zijn met deze campagne begonnen toen we een definitieve dwingende uitspraak van Hooggerechtshof voor ons hadden liggen. We kwamen naar Amona, keken in de ogen van de bewoners en vertelde hen dat we wisten dat deze campagne tegen alle verwachtingen in niet zou slagen. Maar we gaven niet op.

De bewoners van Amona zijn helden. Meer dan 20 jaren woonden ze daar op die berg, onder zware fysieke omstandigheden – de stormen van de winter en de hitte van de zomer, terwijl ze geconfronteerd werden met bedreigingen voor hun veiligheid tijdens de intifada. Ze deden dat niet voor eigen winstbejag maar in het belang van het volk en het land.”

Bennett herhaalde de oproep om zich te onthouden van geweld tijdens de evacuatie van de nederzetting. “Niemand mag iemand anders pijn doen. Het belangt iedereen aan van alle kanten,” zei hij. Bennett citeerde uit het populaire Israëlische lied ‘Ein Li Eretz Acheret‘ van Ehud Manor: “Ik heb geen enkel ander land zelfs als mijn land in brand staat”. Hij voegde hieraan toe: “Wij hebben geen andere soldaten, geen andere politieagenten, geen ander IDF. Bewoners van Amona – het volk staat aan uw zijde.”

Minister voor Openbare Veiligheid, Gilad Erdan (Likoedpartij), riep eveneens de bewoners van Amona op om geen geweld te gebruiken:

“Dit is een moeilijke en triestige dag voor het Israëlische volk. Het is een dag waarop wetshandhavingsinstanties wordt gevraagd om de beslissing van de Hoge Raad uit te voeren die de sloop van de een nederzetting heeft bevolen die met hulp van de staat werd opgericht.

Ik roep alle mensen op [de Amona buitenpost] om politieagenten en veiligheidstroepen hun taken te laten uitvoeren. Ik roep de Knesset en publieke leiders op om geen verklaringen af te leggen die olie op het vuur zou kunnen strooien. Die soldaten en politieagenten werden door ons gestuurd en we zullen geen geweld aanvaarden.”

amona4Amona in Binyamin, Samaria, 28 april 2013 [beeldbron: Wikipedia]

Israël zet licht op groen voor bouw van 3000 woningen in Judea & Samaria

beitarbbBeitar Illit in Judea mag weer 650 nieuwe woningen bijbouwen [beeldbron: Torah Alive]

Premier Benjamin Netanyahu en minister van Defensie Avigdor Liberman hebben ingestemd met de bouw van 3000 nieuwe woningen in de Joodse gemeenschappen in Judea en Samaria. Ongeveer 2000 van de woningen zijn klaar om op de markt te worden gebracht; de rest zijn in verschillende stadia van voorbereiding, vanaf de eerste storting tot voltooiing van het project, luidt aldus een bericht in The Jewish Press van 31 januari ’17.

De beslissing komt als onderdeel van de terugkeer naar het normale leven in Judea en Samaria, en normaal functioneren, dat zorgt voor een realistisch antwoord op de behoeften van de gemeenschappen en degenen die in de regio wonen. Deze beslissing komt op de hielen van een vergunning voor 2.500 woningen die vorige week publiek werd gemaakt.

“We zitten in een nieuwe periode waarin het leven in Judea en Samaria kan terugkeren naar een normale en gezonde standaard, een dat een passend antwoord is op de behoeften van de mensen in het gebied,” zei minister van Defensie Lieberman.

Hieronder een gedeeltelijke lijst van de gemeenschappen waarvoor tot dusver bouwvergunningen werden toegekend. De bevolkingscijfers dateren van 31 december 2015 (CBS PDF file). De stichtingsdatum wordt tussen haakjes vermeld.

Samaria:

  • Alfei Menashe in Samaria (sinds 1983) 7638 inw.; 700 nieuwe woningen
  • Oranit in Samaria (sinds 1983) 8495 inw.; 200 nieuwe woningen
  • Nofim in Samaria (sinds 1986) 638 inw.; 50 nieuwe woningen
  • Beit Aryeh in Samaria (sinds 1981) 4721 inw.; 650 nieuwe woningen
  • Shavei Shomron in Samaria (sinds 1977) 879 inw.; 70 nieuwe woningen
  • Karnei Shomron in Samaria (sinds 1977) 6905 inw.; 100 nieuwe woningen
  • Shiloh in Samaria (sinds 1978) 3.379 inw.; 100 nieuwe woningen

Judea:

  • Efrat in Judea (sinds 1983) 8301 inw.; 30 nieuwe woningen
  • Nokdim in Judea (sinds 5.07.1982) 1937 inw.; 150 nieuwe woningen
  • Kfar Eldad in Judea (sinds 1982) 100 inw.; 80 nieuwe woningen
  • Beitar Illit in Judea (sinds 1985) 49343 inw.; 650 nieuwe woningen
  • Beit Yatir (aka Metzadot Yehuda) in Judea (sinds 1979) 467 inw.; 100 nieuwe woningen; zie ook info hieronder op het kaartje

Kaartje met de ‘Seam Zone’
seam-zone

Zestien moslimlanden handhaven ban op burgers afkomstig uit Israël; de wereld zwijgt

israelipaspoort

De ban van de regering van Donald Trump die werd opgelegd aan een aantal moslimlanden blijft voor beroering zorgen. De landen die door de ban worden getroffen zijn Iran, Irak, Syrië, Libië, Jemen, Soedan en Somalië. Behalve Somalië behoren de andere zes door Trump geviseerde landen niet toevallig tot de lijst van zestien landen die de toegang tot hun land verbieden aan personen met een Israëlisch paspoort.

Foto’s met de lijst van de 16 discriminerende moslimlanden – waaronder Algerije, Bangladesh, Brunei, Iran, Irak, Koeweit, Libanon, Libië, Maleisië, Oman, Pakistan, Saoedi-Arabië, Soedan, Syrië, de Verenigde Arabische Emiraten en Jemen – worden druk gedeeld op de sociale media in het bijzonder op Facebook.

Omtrent deze islamitisch geïnspireerde discriminatie gericht tegenover één enkel land, de Joodse staat Israël, is er nooit enige commotie geweest, werden nooit petities gehouden om deze discriminatie aan te klagen, geen enkele nationale of internationale protesten hebben plaatsgevonden, noch werden er ooit openbare demonstraties georganiseerd. Helemaal niets, nada, nothing.

Het is voor iedereen zonneklaar dat wanneer Israël onder vuur ligt en of geviseerd wordt door moslimnaties, andere normen gelden en vandaar dat deze openlijke discriminatie die van staatswege wordt opgelegd [!] door de wereldopinie straal wordt genegeerd en binnenskamers op boosaardig gegrinnik wordt onthaald en geaccepteerd. De selectieve verontwaardiging van de wereld is een smet op de humanitaire waarden en beginselen. De wereld zou zich moeten schamen!

Tijdens een sessie in het Britse parlement op maandag 30 januari 2017 werd de minister van Buitenlandse Zaken Boris Johnson geïnterpelleerd omtrent de discrimerende maatregel van deze zestien moslimstaten ten aanzien van Israëlische paspoorthouders. Minister Johnson antwoordde toen:

“Ik denk dat het correct is dat het parlement [House of Commons] zich bewust moet zijn dat discriminatie zoals deze ban [van Trump] reeds bestaat. En het huis zou overigens ook moeten nadenken over het feit dat elk immigratiebeleid, elk visumbeleid, in hun aard discriminerend zijn, zoals tussen individuen en zelfs zoals tussen naties.”

Palestijnen willen Israël onmiddellijk voor het Internationaal Strafhof in Den Haag dagen

it-becomes-palestine2‘Palestina’, de vleesgeworden leugen

Saeb Erekat, de secretaris-generaal van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) heeft op dinsdag 31 januari ’17 het Internationaal Strafhof in Den Haag (ICC) opgeroepen om onmiddellijk een onderzoek te openen naar “de misdaden van de bezetter” in het bijzonder de “misdaden van de koloniale nederzettingen in bezet Palestijns land met inbegrip van Oost al-Quds” (aka ‘Oost-Jeruzalem’).

“De tijd is gekomen om naar de volgende fase te gaan en de misdaden van de nederzetting te onderzoeken, twee jaar sinds de eerste studie van de bestanden die Palestina had overgedragen [aan de rechtbank] met betrekking tot het koloniale nederzettingen regime, de militaire acties tegen Palestina, de agressie tegen Gaza en de kwestie van de gevangenen,” zei Erekat in een officiële verklaring.

Hij zei dat de vertraging bij het openen van een onderzoek Israël meer immuniteit en meer tijd zal geven om haar “nederzetingen plannen” uit te voeren ten koste van “het land van de staat Palestina.”

“De rechtbank is de enige plek voor Israëlische oorlogsmisdadigers, en gezien het ontbreken van verantwoording in de internationale gemeenschap voor de misdaden van de bezetting en het verzet van de Israëlische regering tegen de besluiten van de internationale instellingen, is het noodzakelijk om alle beschikbare middelen te gebruiken om te voorkomen dat Israël verder gaat met het stelen van land en het systematisch schenden van het internationaal recht,” voegde Erekat eraan toe.

De Palestijnse Autoriteit (PA) was officieel toegetreden tot het Internationaal Strafhof op 1 april 2015, en diende onmiddellijk een reeks juridische klachten in bij de rechtbank. In aanvulling op de bewering dat Israël oorlogsmisdaden had begaan tijdens de Gaza-oorlog 2014, maar beweerde ook dat de Israëlische ‘nederzettingen’ zijn “een voortdurende oorlogsmisdaad” zijn.

Eind december, naar aanleiding van de stemming in de VN-Veiligheidsraad omtrent Resolutie van 2334, had Erekat gedreigd dat de PA een aantal stappen zou nemen in het ICC tegen de “misdaden van de Israëlische bezetting, geleid door de nederzettingen.”


Bron: naar een bericht van Dalit Halevi in Arutz Sheva van 1 februari 2017