Verenigde Naties eisen immuniteit voor frauderende terrorist en noemt Beër Sjeva een Arabische stad

beersjeba1De antieke stad Tel Beër Sjeva op een steenworp van de huidige moderne stad. Omstreeks 632 na Chr. werd deze antieke stad tijdens de moslim verovering verwoest en definitief verlaten. Deze Tel (heuvel) werd in 2005 door UNESCO als werelderfgoed erkend.

In een officiele brief eisen de Verenigde Naties de vrijlating op van een bediende van een zusterorganisatie van de VN, met name de UNDP (UN Development Program). In juli werd de Palestijn Waheed Abd Allah Bossh opgepakt op verdenking van het jarenlange doorsluizen van een aanzienlijk deel van de hulpgelden van de VN naar de terreurorganisatie Hamas in Gaza.

Sindsdien zit de man opgesloten in een gevangenis in Beër Sjeva, in het zuiden van Israël. Opmerkelijk en dat door Israël als bijzonder schofferend wordt ervaren, is het feit dat in de brief van de Verenigde Naties naar de locatie van de gevangenis in kwestie wordt verwezen met haar Arabische benaming als Ber asaabeaa  [Arabisch: بئر السبع‎‎ – uitgesproken als Bi’ir as-Sab] in plaats van de Hebreeuwse naam Beër Sjeva te gebruiken.

Beër Sjeva
In het Engels geschreven als Beersheba is de naam afgeleid van het Hebreeuwse Beër Sjeva [בְּאֵר שֶׁבַע], dat ‘zeven bronnen’ betekent en of ‘bron van de twee eden’. Hoewel de juiste historische oorsprong van de naam ter discussie staat, kreeg volgens de Bijbel [Gen. 21] de stad genoemd Ber-Seba, haar heilige status als resultaat van de aartsvaders Abraham en Isaac die zeven waterputten in het gebied dolven nadat ze op die plek twee aparte eden hadden gezworen samen met de Filistijnse koning Abimelech.

VerdeelpanHet klopt dat Beër Sjeva volgens het Verdeelplan van de Verenigde Naties van 1947 een deel was van het voorgestelde Arabische gebied, maar dat Verdeelplan was, zoals de naam het zelf zegt, slechts “een plan” en ondanks het feit dat dit “plan” door was Israël geaccepteerd, werd dit onmiddellijk  door de Arabieren unaniem verworpen [zie kaartje rechts, klikken voor groot formaat].

Die afwijzing door de Arabieren van dit Verdeelplan [Resolutie 181] betekende voor de Arabische wereld meteen het sein tot het begin van zware rellen gevolgd door een open vernietigingsoorlog, nadat Israël op 14 mei 1948 de onafhankelijkheid uitriep. Die soevereiniteit werd erkend door een meerderheid binnen de VN met inbegrip van Rusland en de Verenigde Staten en in de jaren nadien door in het totaal 161 landen.

Na een jaar oorlogvoeren verloren de Arabieren hun aanvalsoorlog, een Groene Lijn markeerde in april 1949 de nieuwe voorlopige ‘wapenstilstandsgrenzen’ in afwachting van een vredesakkoord dat er nooit zal komen. Uiteindelijk hielden de verslagen Arabieren minder grondgebied over dan hen aanvankelijk door de VN was toegezegd maar dat ze helaas zelf hadden afgewezen. Eén van de resultaten van de Arabische oorlog tegen Israël was dat de Arabieren Beër Sjeva ‘verloren’ aan Israël.

Panorama van Beër Sjeva

Sindsdien is de stad Beër Sjeva, ook wel de “Hoofdstad van de Negev” genoemd, uitgegroeid tot één van de grootste steden van Israël. Op basis van de bevolkingcijfers [201.086 inwoners in 2014] is het thans de zevende stad van Israël en in oppervlakte [117,5 km²] nà Jeruzalem de tweede grootste stad van de Joodse staat. Het overgrote deel van de bewoners zijn Joden en amper 0,9 procent van de bevolking van  Beër Sjeva zijn Arabieren [ca. 4.400 in 2014].

Waarom de Verenigde Naties in hun brief aan Israël naar Beër Sjeva met de Arabische benaming verwijzen hoeft niemand te verbazen. Bijna zeventig jaar later klampen de Verenigde Naties zich nog steeds vast aan het Verdeelplan van november 1947 hoewel het verworpen werd door de Arabieren en een oorlog triggerde. De feiten aan de grond van de voorbije decennia mbt. de ontwikkeling van het gebied en enorme bevolkingsaangroei, hebben elke illusie die de Verenigde Naties in 1947 nog koesterden definitief in miljarden gruzelementen geslagen. Met slechts 0,9 procent van de inwoners van Beër Sjeva zijnde genoteerd als Arabieren, is er geen weg meer terug en zal deze antieke Joodse stad nooit meer “ont-Joodst” kunnen worden.

Naar de Israëlische stad in het Arabisch verwijzen is een politiek statement van de Verenigde Naties waarmee de wereldorganisatie duidelijk zegt en bedoelt: “De wereld erkent Beër Sjeva niet als zijnde een Israëlische stad, want die hoort de Arabieren [aka de Palestijnen] toe.” Wat overblijft is de wrange nasmaak van een wereldorganisatie als de Verenigde Naties die niet alleen tracht om Israël van de kaart te vegen maar tevens de Joodse (én Christelijke) geschiedenis uit te wissen, in haar dwangmatige obsessie en ijver om de Joodse staat te delegitimeren en dat op alle mogelijke fronten. Met dat statement belonen de VN andermaal de genocidale en antisemitische terreurgroepen Hamas en Al Fatah die, hoewel ze tot op heden nog steeds niet samen door eenzelfde deur raken, de feitelijke manipulators zijn achter de VN en die eveneens Beër Sjeva [én tegelijk héél Israël] beschouwen als zijnde Arabisch grond.

Hulpgelden voor Hamas
Op 13 augustus 2016 raakte bekend dat een medewerker van de VN-organisatie zijn functie ten gunste van Hamas uitbuitte. De 38-jarige Waheed Abd Allah Bossh werd reeds in juli door de Israëlische veiligheidsdienst Shin Bet gearresteerd. Hij werkte sinds 2003 als ingenieur voor de UNDP, een ontwikkelingsorganisatie van de Verenigde Naties, die helpt bij de wederopbouw van tijdens oorlogen verwoeste huizen. Hij was verantwoordelijk voor het afbreken en de daaropvolgende nieuwbouw of heropbouw van de verwoeste huizen.

Waheed BosshHiervoor misbruikte Waheed internationale fondsen, die bestemd waren voor de wederopbouw van de huizen, ondermeer voor de constructie van een aanleghaven voor Hamas in het noorden van Gaza. “In 2015 hielp hij om voor de gewapende vleugel van Hamas [aka de Al Qassam Brigades] een haven te bouwen in het noorden van de Gazastrook waarvoor hij fondsen van de UNDP gebruikte”, zei Shin Bet. Echter de Verenigde Naties beweren thans dat dit gebeurde in opdracht van de Palestijnse Autoriteit, geleid door president Mahmoud Abbas.

Volgens Shin Bet kreeg Waheed Bossh in 2014 opdracht van Hamas om via de UNDP hulpgelden achterover te drukken ten gunste van de terreur tegen Israël. Dat verklaart waarom veel raketten en andere wapens van Hamas vooral in huizen werden gevonden die met hulp van de VN-organisatie waren gebouwd. Tijdens zijn verhoor bekende Bossh dat er nog andere Hamas-leden zijn die in verschillende hulporganisaties ten gunste van Hamas werken. Ook waren er aanwijzingen over kampen, stellingen en tunnels, waartoe Bossh tijdens zijn werk in de Gazastrook toegang had.

Israël reageert
In de brief van de Verenigde Naties eist de wereldorganisatie thans de vrijlating van hun medewerker Waheed Bossh op en tevens bezoekrecht. Bovendien schriven de VN dat al de medewerkers van de Verenigde Naties (en al haar andere zuster- en hulporganisaties) diplomatieke immuniteit genieten. Dat geldt blijkbaar ook wanneer zou blijken dat het om terroristen of terreurleiders gaat en zeker wanneer die in een Israëlische cel zijn opgesloten in Beër Sjeva die volgens de Verenigde Naties nog altijd een Arabisch-Palestijnse stad is en waarnaar met haar Arabische naam Ber asaabeaa wordt verwezen.

De Israëlische diplomaat Danny Danon, die sinds augustus 2015 Israël’s ambassadeur is aan de Verenigde Naties, heeft het verzoek van de Verenigde Naties meteen verworpen. “Wij schenken geen immuniteit aan terroristen die onze onderdanen willen kwetsen,” zei Da,ong in een verklaring die op donderdag 25 augustus ’16 werd vrijgegeven door zijn kantoor. In een officiele reactie van Israël’s ministerie van Buitenlandse Zaken luidt het:

Minister Danny Danon“Israël verwerpt het argument van de Verenigde Naties, waarbij een persoon die een internationaal erkende terroristische organisatie helpt zoals Hamas, immuniteit geniet vanwege de zeer eenvoudige reden dat degenen die terreur steunen zich niet achter de eis van immuniteit kunnen verbergen.

Tijdens de afgelopen twee weken, stelde de hulporganisatie van de VN dat de aannemer in kwestie diensten leverde aan de organisatie en dat zij vertrouwen hebben in de Israëlische autoriteiten en hun vermogen om de waarheid te achterhalen.

Pas gisteren werd plotseling een brief ontvangen van de VN waarin zij verwijzen naar de immuniteit van de verdachte. Dit is een nieuw argument dat wordt beoordeeld door advocaten en lijkt ongegrond. In ieder geval wordt de immuniteit van bepaalde werknemers van de VN-agentschappen alleen gerelateerd aan handelingen die volgen uit de uitvoering van hun taken. Het is duidelijk dat immuniteit iedereen toestemming verleent om terroristische aanslagen uit te voeren. Het is ondenkbaar dat een man die een terroristische organisatie helpt,  immuniteit kan genieten onder de auspiciën van de Verenigde Naties.”

Advertisements