Israëls fundamenten: De rechten v/h Joodse volk en de stichting van de Joodse staat

masaisrael2

1. De Joden zijn een volk, geen ras

De Joden zijn een volk, geen ras. De Joden bestaan uit vele rassen en etnische groepen, die op verschillende wijzen uitdrukking geven aan hun identiteit. Dat kunnen religieuze, seculiere of culturele Joden zijn. Dat kunnen ook ashkenazische of sefardische Joden zijn, conservatieve of liberale Joden, of Joden van uiterst links tot uiterst rechts. Het kunnen ook combinaties zijn van een of meerdere van deze. Voor vele Joden is Judaïsme helemaal geen religieuze identiteit. En voor vele Israëli’s is een ‘Israëli’ zijn, thans de enige vorm van hun Joodse identiteit.

2. De Joden hebben een recht op nationale lotsbeschikking

Theodor HerzlNet als gelijk welk ander volk hebben ook de Joden het recht om zelf hun nationale lot te bepalen en uitdrukking te geven aan hun identiteit als een natie binnen hun eigen land. De beweging die aan het Joodse nationalisme gestalte geeft wordt het zionisme genoemd. Binnen die beweging zijn er zowel linkse als rechtse, seculiere en religieuze zionisten. Zionisme houdt zowel de restauratie in van Joodse zelfbeschikking in het land van Israël als de opbouw van een gemeenschap die zich baseert op de ethische principes van het Judaïsme.

‘Anti-Zionisme’ is immoreel en discriminerend omdat het nationale rechten ontzegd aan het Joodse volk waarvan andere volkeren in de wereld wel van genieten. Om dezelfde reden zijn de oproepen tot een zogenoemde ‘bi-nationale staat’ voor Joden en Arabieren, niet ‘progressief’ of ‘toekomst gericht denken’, maar in feite immoreel en discriminerend.

3. Israël is het nationale huis van de Joden en Jeruzalem is haar hoofdstad

Het concept dat het land van Israël het nationale huis is van de Joden, is meer dan 3000 jaren oud. Het is diep geworteld in de Joodse cultuur, traditie en in hun gebeden. Jeruzalem was 3000 jaar geleden de hoofdstad van Israël zoals ze dat nu ook is. Sommige journalisten, historici en archeologen betwisten de historische band van de Joden met Israël en de betekenis van Jeruzalem. Degelijke beweringen zijn vals, hinderen de zoektocht naar vrede en voeden het extremisme. Helaas is het in de Arabische wereld gemeengoed dat de band van de Joden met hun land een koloniale mythe is. Dat het land [van Israël] zèlf een mythe is. Die band is zeer diepgaand.

4. Het moderne Israël is de derde onafhankelijke Joods-nationale staat

Een onafhankelijke Joodse natie heeft in feite drie keer bestaan in het land van Israël. De eerste twee Joodse staten hebben elk verscheidene honderden jaren bestaan voordat dat ze verwoest werden door imperialistische grootmachten. De eerste Joodse staat werd in 586 voor C. Vernietigd door de Babyloniërs en de tweede door de Romeinen in 70 n.C. De moderne staat van Israël is de derde keer dat de Joden als onafhankelijke natie in het land van Israël leven en wonen. De Joden zijn er nooit in geslaagd om ergens anders ter wereld een nationaal bestaan op te richten.

5. De band tussen het Joodse volk en het land van Israël werd nooit verbroken

De fysieke band van het Joodse volk met het land van Israël is voor meer dan 3000 jaren doorlopend blijven bestaan. Als gevolg van de Romeinse vernietiging van de tweede Joodse staat, werden de Joden gedwongen om in ballingschap te leven die bijna tweeduizend jaren heeft geduurd. Tijdens deze periode dat de Joden als volk overleefden in de zogeheten ‘diaspora’, moesten zij het doen zonder nationaal tehuis. Zij raakten verspreid over alle windstreken, waren kwetsbaar en werden zij vaak vervolgd. Maar ze gaven nooit de hoop op dat ze op een dag zouden mogen terugkeren en de wederopbouw [van het land van Israël] konden aanvatten. Al die tijd [in ballingschap] bleven kleine Joodse gemeenschappen achter in het land van Israël (dat de Romeinen hernoemden naar Paelestina), en verzekerden deze gemeenschappen aldus de ononderbroken aanwezigheid [van de Joden] in hun land van herkomst.

6. De oprichting van Israël eiste een stapsgewijs proces van staats wederopbouw

De heroprichting van een onafhankelijk Israël in 1948 herstelde de lang ontzegde nationale rechten van het Joodse volk. Die volgde na een periode van honderd jaren toen in toenemende mate Joden gestaag terugkeerden naar het land – en vaak geconfronteerd werden met groot gevaar om dat te doen – en geleidelijk bouwde zij de instellingen en de economische infrastructuur voor een staat weder op. Hoewel onder hen er veel Joden waren die de Europese vervolging ontvluchtten, waren er veel meer die aangedreven werden door hun idealistische visie op de toekomst van het land. Het is gewoon onjuist om te suggereren dat Israël er gekomen is als gevolg van het ‘internationale schuldgevoel’ over de nazi-holocaust. Israëls hernieuwde vestiging was het hoogtepunt van 100 jaar van persoonlijk ingegeven streven – van en door de Joden van Palestina – tot het herstel van het land.

7. Niet de Britten hebben ‘Israël gecreëerd’ maar zij creëerden inderdaad obstakels

Palestina was een verwaarloosd gebied dat bezet werd gehouden door het Ottomaanse Rijk gedurende vele honderden jaren tot aan het begin van de 20ste eeuw. Er woonden vele duizenden Arabieren – maar er bestonden geen uitgesproken nationale aspiraties van betekenis. Voor vele buitenstaanders leek het een onmogelijke opgave dat de Joden in het verdorde land ooit een levensvatbare natie zouden kunnen opbouwen. Toch overwonnen de Joden alle obstakels tijdens de wederopbouw van de staat, en genereerden een almaar toenemende economische activiteit tijdens het 31-jaar durende Britse Mandaat (1917-1948), die gevolgd was op het het einde van het Ottomaanse Rijk.

Het resultaat was dat als gevolg van die enorme economische activiteit die de Joden ontplooiden, veel meer Arabieren ertoe werden aangetrokken [op zoek naar welvaart en een beter leven] en naar Palestina migreerden. Naarmate de contouren van een Joodse staat zich ontwikkelden, groeide het verzet van de Arabieren hiertegen en begon ook een gevoel van Arabische nationalisme zich in dat gebied te ontwikkelen. In plaats van die Joodse staat de kans te geven zich te ontwikkelen, hebben de Britten er integendeel alles aan gedaan tijdens de jaren 1930 en 1940 om de stichting van een Joodse staat te verhinderen, dit om te vermijden dat zij de Arabieren tegen zich in het harnas zouden jagen en alsook omwille van ruimere Britse diplomatieke redenen.

De Britten voerden strenge beperkingen op verdere Joodse immigratie. Het is dus niet juist om te suggereren dat Israël werd gecreëerd door Groot-Brittannië, of dat de Israëlische staat door Groot-Brittannië werd opgedrongen aan de Arabische bevolking. Integendeel. Als gevolg van de Arabische oppositie tegen de Joodse staat, sloot Groot-Brittannië de poorten voor Joodse immigratie en joegen zij talloze Joden aldus een zekere dood tegemoet naar het toen door de nazi’s gedomineerde Europa.

8. Joodse leiders accepteerden in 1947 het verdeelplan en de 2-statenoplossing

In november 1947 keurde de Verenigde Naties het ‘Partition Plan’ [verdeelplan] goed, waarin een pas geboren Joodse staat zou bestaan zij-aan-zij met een Arabisch-Palestijnse staat, ongeacht de kosten. Dit was de blauwdruk voor een twee-staten-oplossing. De leiders van de Joden van Palestina, die op zoek waren naar een nationaal Joods tehuis na de verwoestingen van de Tweede Wereldoorlog, aanvaardden het plan.

Rampzalig genoeg voor iedereen, werd het plan door de Arabieren van het Mandaat Palestina en door de Arabische buren van Israël verworpen. Deze daad van afwijzing bleek zelf-destructief te zijn en ligt aan de basis van het conflict dat al zestig jaar lang aansleept. Sommige Palestijnse Arabieren hebben vandaag toegegeven dat de Arabische leiders 60 jaar geleden een historische vergissing hebben begaan. Israël heeft aldus het recht om te bestaan als Joodse staat omdat het gebaseerd is op het principe van de democratische meerderheid. En die meerderheid onder het VN plan van 1947 voorzag in een staat waar op dat moment de meerderheid Joods was.

Tot op vandaag is de meerderheid in Israël Joods. Dus ook indien je het argument van ‘historisch/ goddelijk recht op het land’ niet wenst te aanvaarden, kan je toch niet onder dit fundamenteel principe van democratie uit, nl. beslissingen worden altijd genomen bij democratische meerderheid.

9. Arabische beslissingen en acties liggen aan de basis van het Palestijns-Arabisch vluchtelingenprobleem

Niemand ontkent dat Israël tijdens haar Onafhankelijkheidsoorlog in 1948-49 Palestijnse Arabieren heeft ontheemd, maar dit gebeurde in de context van de overlevingsoorlog die haar werd opgedrongen als pas geboren Joodse staat omringd door vijandige Arabische naties. Veel meer Palestijnen verlieten het land vrijwillig, dikwijls op aandringen van hun Arabische leiders die hen een nakende overwinning op de Joodse staat hadden voorspiegelden en hen beloofden dat ze spoedig konden terugkeren. De Palestijnse Arabieren werden vluchtelingen niet als gevolg van de stichting van de Joodse staat Israël maar als gevolg van de beslissing van de Arabieren om het verdeelplan zoals het werd goedgekeurd door de Verenigde Naties te verwerpen, en in plaats daarvan besloten om de wapens op te nemen om aldus met geweld de stichting van Israël te verhinderen.

10. Miljoenen Joodse vluchtelingen (waaronder ook uit Arabische landen) vonden een onderkomen in Israël

Israël diende als een veilige haven voor miljoenen Joodse vluchtelingen uit Europa, de Arabische landen, de voormalige Sovjet-Unie, Ethiopië en elders. Inderdaad werden 900.000 Joden in de Arabische landen opgejaagd en verdreven in de nasleep van de Israëlische Onafhankelijkheidsoorlog, zonder dat ze daar ooit voor vergoed werden. In het zicht van massieve economische, culturele en sociale uitdagingen, heeft Israël niettegenstaande al deze en andere vluchtelingen voorzien van democratische rechten, onderdak, mogelijkheden en hoop. Dit is een humanitaire verwezenlijking zonder voorgaande.

11. Het bestaansrecht van Israël werd erkend door internationale wetten

Israël wordt al sinds 1948 als een onafhankelijk lid van de Verenigde Naties en werd erkend door internationale wetten. Haar vredesverdragen met Egypte (1976) en met Jordanië (1994) bevestigen het bestaansrecht van Israël als een vredelievende natie en dat binnen veilige grenzen.

12. Israël is in deze 21ste eeuw een volwaardig lid van de gemeenschap der volkeren

Sommigen argumenteren dat het idee van een Joodse staat een anachronistisch idee is. Zij beweren dat een natie-staat geen ‘rol’ mag spelen in wat wij thans de ‘global village’ van de 21ste eeuw heten. Toegegeven, de wereld wordt steeds meer geïntegreerd en onderling afhankelijk. Maar dat betekent niet het einde van de natie-staat. Verre van dat. Er zijn meer soevereine naties in de wereld dan ooit tevoren. Het Joodse volk heeft het recht om een rol te spelen in de internationale gemeenschap van zowel als burgers van verschillende landen, als via de staat Israël. De ironie wil dat veel van diegenen die beweren dat Israël een achterhaald idee zou zijn, zij dikwijls tegelijk dezelfde krachtige pleitbezorgers zijn van een Palestijnse natie.

13. Inzicht in de geschiedenis van Israël schept toekomstperspectieven voor de vrede

Sommigen zeggen dat de geschiedenis van Israël niet relevant is. Zij betogen dat het zinloos is om in te gaan op het verleden, dat ‘niemand geïnteresseerd is’ in geschiedenis, en dat we alleen maar naar de toekomst moeten kijken als we willen bouwen aan de vrede. Dit is echter niet het geval met Israëls conflict met de Palestijnen en met haar buurlanden. De legitimiteit van Israël is ontstaan uit haar geschiedenis. En in de aanvaarding van Israëls legitimiteit ligt de sleutel tot de oplossing van het conflict. Verre van een zaak van geschiedenis, worden in het begrijpen van deze vraagstukken de vooruitzichten gevormd voor een betere toekomst. Zolang zij die vrede wensen deze geschiedenis niet erkennen en in het bijzonder de rechten die voortvloeien uit deze geschiedenis, kan er geen duurzame oplossing komen voor het conflict.

door Andrew White


Bron: Beyond Images, mei 2008: Israel’s fundamental case door Andrew White, vrij vertaald door Brabosh.com op 19 juli 2009

Dit document is van de hand van Andrew WhiteIsraël’s fundamental case‘ en werd opgedeeld in zes hoofdstukken en in 42 punten. Het eerste deel verscheen eerder op 19 juli 2009 met als titel: De rechten v/h Joodse volk en de stichting van de Joodse staat; het tweede deel op 26 juli getiteld: De Israëlische samenleving en de zucht naar Vrede en het derde deel op 2 augustus 2009 getiteld: Israël & de Palestijnse kwestie en de publieke opinie

Advertenties