UNESCO roept Klaagmuur en Plaza in Jeruzalem uit tot Palestijns en islamitisch erfgoed

jeruzalem-kotelVolgens UNESCO zijn de Klaagmuur (Kotel) en het plein waar de Joden plegen te bidden (Western Wall Plaza) volledig Islam en vormenzij een integraal deel van het Al-Aqsa moskee en Al-Haram Al-Sharif complex. Eerder had UNESCO de Tempelberg reeds tot een islamitische heiligdom uitgeroepen. Joden (en Christenen) hebben daar niks te zoeken volgens Unesco.

De Raad van Bestuur van de UNESCO in Parijs heeft op vrijdag 15 april ’16 een resolutie aangenomen waarvan het taalgebruik de Joodse banden negeert met de heilige religieuze plaats van de Tempelberg en het gebied van de Westelijke Muur (Klaagmuur/Kotel) in de Oude Stad van Jeruzalem.

In een andere resolutie werden de Israëlische acties in oostelijk Jeruzalem, de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook veroordeeld. Maar de resolutie richt zich voor het grootste deel op de Israëlische acties met betrekking tot de Tempelberg en de Westelijke Muur Plaza. Alle drie grote monotheïstische religies – Jodendom, Christendom en Islam – beschouwen de Tempelberg als hun heiligste plaats, aldus een bericht van The Jerusalem Post van zaterdag 15 april 2016.

unesco_logoEchter de resolutie van UNESCO verwijst naar het gebied van en rondom de Tempelberg uitsluitend als de Al-Aksa moskee / Al-Haram Al Sharif, met uitzondering van twee verwijzingen naar de Westelijke Muur Plaza, die tussen haakjes werden geplaatst. De tekst verwees ook naar het plein gebied aan de Westelijke Muur als de Al-Buraq Plaza.

In oktober vorig jaar deinsde UNESCO nog even terug om het plein te her-klassificeren als een islamitische heilige plaats. Maar dit voorjaar gebruikt het gewone taal om het gebied als zodanig aan te duiden. Deze resolutie van april bevestigt echter dat de Mughrabi Ascent, die begint bij het Westelijke Muur plein, een integraal en onlosmakelijk onderdeel is van de Al-Aksa moskee / Al-Haram al-Sharif.

De resolutie roept Israël op om de situatie op de Tempelberg terug te brengen in de staat voorafgaand aan september 2000, toen de Tweede Intifada uitbrak. Op dat ogenblik, volgens de resolutie, had de Jordaanse Wakf de volledige controle over de Al-Aksa moskee / Al-Haram Al Sharif, met inbegrip van het onderhoud en de restauratie, alsmede de regulering van de toegang tot het complex. De site is volledig onder het gezag, maar niet onder de volledige controle, van de islamitische Wakf.

UNESCO riep Israël op om islamitische gelovigen de toegang tot de Al-Aqsa moskee niet te beperken en veroordeelde het geweld dat daar in de herfst heeft plaatsgevonden, maar richtte zich uitsluitend op Israëlische acties in die incidenten en repte met geen woord over het geweld van de islamitische relschoppers op de site. Unesco veroordeelde tevens de Israëlische plannen om een ​​gebedsruimte voor Vrouwen van de Muur van Robinson’s Arch te bouwen, hoewel het de groep niet bij naam noemt. In de resolutie wordt Israël ook beschuldigd van het plaatsen van “valse Joodse graven” in andere islamitische begraafplaatsen op gronden die eigendom zijn van de Wakf ten oosten en ten zuiden van de Al-Aksa moskee.

Het 58-koppige bestuur stemde in met Resolutie 19 met 33 stemmen voor, zes tegen en 17 onthoudingen. Twee landen, Ghana en Turkmenistan, waren afwezig op de stemming. De zes lnden die zich ronduit kanten tegen de resolutie waren: Estland, Duitsland, Litouwen, Nederland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika. Tot de landen die de resolutie steunden behoorden Frankrijk, Spanje, Slovenië, Zweden, Rusland en Slovenië.

Een tweede resolutie die meer wereldwijd de Israëlische acties veroordeelde, werd aangenomen met 45 stemmen voor en 1 stem tegen, bij 11 onthoudingen. Israël’s ministerie van Buitenlandse Zaken heeft nog niet gereageerd op de stemming. B’nai Brith International President Gary P. Salesman zei dat “Met deze resolutie, heeft UNESCO zich schijnbaar verlaagd tot het diepste van bizarre complottheorieën”. B’nai B’rith International Executive Vice President Daniel S. Mariaschin zei: “Deze eenzijdige resoluties worden gebruikt om het Palestijnse narratief, dat enkel beoogt om het conflict te verlengen en dat zich andermaal uitspreekt om de vertekening door de VN en haar agentschappen verder te zetten.”

UNESCO wil Jeruzalem en Israël ‘ont-Joodsen’
De hetze tussen enerzijds de VS en Israël en anderzijds UNESCO dateert van 31 oktober 2011 toen UNESCO de komst van ‘Palestina’ als 195ste lidstaat verwelkomde en ‘Palestina’ op 23 november 2011 effectief toetrad tot de culturele organisatie van de Verenigde Naties die waakt over het werelderfgoed.

Deze acceptatie van een staat die in werkelijkheid enkel op papier bestaat, leidde vrijwel meteen tot een financiële boycot van UNESCO door de Verenigde Staten en Israël waardoor de organisatie sindsdien in acute geldnood verkeert.

unesoc-palestUNESCO verloor door al deze kwakkels naar schatting 80 miljoen dollar jaarlijks aan Amerikaanse donaties als gevolg van de toelating van de Palestijnen tot de UNESCO.

Zo heeft een paar jaar geleden de UNESCO besloten om de Palestijnen illegaal wat erfgoed te doneren door bv. het graf van Rachel en de Grot van de Patriarchen in Hebron (Grot van Machpela) om te toveren tot Islamitische heiligdommen. De UNESCO eist dat de Machpela voortaan de Ibrahimi Moskee wordt genoemd.

De leugen gestand deed de moslimwereld er nog een schep bovenop en verklaarde schaamteloos dat het Graf van de Aartsvaders een 1000 jaar oude moskee is. De Turkse leider Recep Tayyip Erdogan beweerde zelfs in juli 2010 dat de Al Aqsa Moskee, de Machpela (graf van de Aartsvaders) alsmede het Graf van Rachel “nooit Joodse heilige plaatsen zijn geweest en dat ook nooit zullen zijn, maar islamitische.

unescovote2

Advertenties