De Palestijnen lachen zich weer krom [Khaled Abu Toameh]

obama-abbasDe PLO wil het akkoord met Israël opzeggen dat het zelf nooit heeft nageleefd. Abu Mazen (Abbas) en zijn goeie vriend president Obama lachen samen heel wat af wanneer het over Israël en de Joden gaat [beeldbron: Frontpage Magazine]

Amerikaanse vice-president Joe Biden bezocht Ramallah vorige week, en president Mahmoud Abbas van de Palestijnse Autoriteit (PA) en zijn topambtenaren lachten zich krom.

Waarom zouden ze niet lachen? Biden is kwam aan in de regio in de hoop om de Palestijnse leiders te overtuigen van een ​​”veroordeling” van het schrikbewind, dat ze blijven beschrijven als een kwestie van “populaire en vreedzame opstand”. Dit op zich riekt al naar galgenhumor.

Maar wat Biden kreeg, was nog grappiger, vanuit het oogpunt van Abbas en zijn vrienden.

De Palestijnse president bood zijn “medeleven” aan vanwege de moord op een Amerikaanse burger in Jaffa de vorige dag: “De president [Abbas] bood wel zijn condoleances aan over de moord op de Amerikaanse burger, maar benadrukte tegelijkertijd dat de bezettingsautoriteiten 200 Palestijnen hebben gedood in de afgelopen vijf maanden,” volgens een verklaring die werd vrijgegeven door de PA-leiders in Ramallah.

Abbas’ krokodillentranen werden vergoten voor Taylor Force, een op West Point afgestudeerde man uit Texas, die door een Palestijn werd doodgestoken tijdens een dolle tocht over de Jaffa-boulevard. Abbas is ongetwijfeld ook boos omdat Israël de Palestijnse messtekers en schutters heeft gedood.

Vlak voordat Biden in Ramallah aankwam, prees Fatah-factie voorzitter Abbas de moordenaar van Force, en noemde hem een ​​”martelaar”. Maar Fatah was er snel bij om de berichten te verwijderen om zo te voorkomen dat de Palestijnse leiders te kijk zouden staan tijdens het bezoek van Biden.

Het lijkt erop dat de moord op een Amerikaanse bezoeker verwerpelijk is, maar de moord op ongeveer 34 Israëli’s sinds oktober vorig jaar, met inbegrip van een zwangere vrouw en burgers, wat minder erg.

Waar was de veroordeling van het verwonden van negen Israëli’s in de aanval waarin Taylor Force werd vermoord? Waar was de veroordeling van de aanslagen die plaats vonden op die dag in Jeruzalem en Petah Tikva?

Maar Abbas legde alles uit aan Biden: Israël was in feite volledig verantwoordelijk voor dit “geweld en bloedvergieten” vanwege de “bezetting” en “nederzettingen”.

Hier is een smerig klein geheim: de Palestijnse aanvallers waren niet gedreven omwille van “nederzettingen” en “checkpoints” om Joden te vermoorden.

Kijk naar hun Facebook-accounts: wat hun haat aangewakkerd heeft, waren de leugens die ze hadden gehoord in de afgelopen paar jaar uitgesproken door president Abbas en andere Palestijnse leiders, tegen de Joodse “ontheiliging” van de islamitische heilige plaatsen en hun samenzwering om deze te vernietigen. Geen checkpoint moeilijkheden, geen nederzettingen kwesties, geen protesten tegen de bouw van nieuwe appartementen in Jeruzalem voor Joodse families.

Veel van deze Palestijnen gingen voor het Israëlische bloed omdat ze hebben geleerd – van Mahmoud Abbas, de Palestijnse Autoriteit, Hamas en andere Palestijnse groepen – om Israël te haten. En het kan ze niet schelen of die Jood leeft in Jaffa of op de Westelijke Jordaanoever. Het kan ze ook niet schelen of sommige van hun slachtoffers Arabieren zijn.

Toch gaat de komedie verder. Biden, zo werd vermeld, zou Abbas en de Palestijnse leiders hebben aangespoord om de anti-Israel opruiing te stoppen op hun officiële media en op social media. Abbas ontkende dat dit aanzetten plaatsvond, en legde uit aan de Amerikaanse leider dat hij de dingen door elkaar haalde: het was Israël, dat zich schuldig maakte aan opruiing tegen de Palestijnen.

Terwijl Abbas bezig was met het aanbieden van zijn medeleven voor het doden van de Amerikaanse burger, was zijn Fatah-factie bezig met het verheerlijken van de Palestijnse aanvallers die Israëliërs hadden gedood.

In één geval publiceerde Fatah een aankondiging met de uitnodiging van Palestijnen op de 38e verjaardag van het ‘martelaarschap’ van Dalal Al-Mughrabi te gedenken.

Al-Mughrabi was een Fatah-lid die deelnam aan de kustwegaanslag in 1978 in Israël, waarbij 38 burgers werden gedood, onder wie 13 kinderen.

dalal_mughrabi

De Amerikaanse vice-president Joe Biden bezocht de Palestijnse president Mahmoud Abbas in Ramallah op 10 maart, in de hoop om Abbas te overtuigen een ​​”veroordeling” af te geven over de golf van terreuraanslagen tegen Israëli’s. De volgende dag nodigde de Fatah partij van Abbas de Palestijnen uit om de 38e verjaardag van het ‘martelaarschap’ van Dalal Al-Mughrabi te herdenken. Al-Mughrabi was een Fatah-lid die deelnam aan de 1978 kustwegaanslag in Israël, waarbij 38 burgers werden gedood, onder wie 13 kinderen.

De condoleantieboodschap was ook lang genoeg voor Fatah om de Palestijnse aanvallers te prijzen, waaronder Abdel Malek Abu Kharoub, die een recente schietaanslag in Jeruzalem uitvoerde. In een bericht op hun officiële Facebook-account bejubelde Fatah Abu Kharoub als een ‘held en martelaar’.

Natuurlijk, noch Biden noch een van zijn adviseurs of assistenten zagen deze postings. Zij geven de voorkeur om door te gaan met hun kop in het zand te steken en te doen alsof zodra het “vredesproces” nieuw leven wordt ingeblazen, alles goed komt.

Dus het is business as usual voor Abbas en zijn team. Zoals in elke komedie, is er een clown, en Biden speelde voor de dwaas bij een PA-leiderschap dat van oordeel is dat het loont om met haar vinger naar Israël te wijzen.

In het Arabisch, een taal die de Westerse leiders zeker niet vloeiend spreken, gaven de Palestijnse media en woordvoerders het gif af tegen Israël. Het veroordelen van aanvallen op Israëli’s lijkt onwaarschijnlijk te zijn in een dergelijk drama.

En dus gaat het doek open over een andere handeling in het ceremoniële, goedgelovige theater van het Midden-Oosten. In het listige draaiboek van Abbas gaat het over de nederzettingen. In de werkelijkheid gaat het om de weigering van de Amerikanen om te lezen, te spreken of zelfs maar het Arabisch te vertalen.

door Khaled Abu Toameh


in een vertaling uit het Engels door W.J. Jongman en H. Sleijster van een artikel op de website van The Gatestone Institute van 14 maart 2016

gatestone-logo

Advertenties