Miljoenen immigranten importeren het gloeiend hete Arabische antisemitisme

islamist-berlin2Islamisten demonstreren tijdens anti-Israël demonstratie in Berlijn
[beeldbron: foto Zach Goldberger voor Ynet]

Miljoenen immigranten importeren het gloeiende antisemitisme van hun thuislanden naar Duitsland. Nu al is de haat onder Arabische immigranten in Duitsland tegen alles wat Joods is een ernstig probleem. Met honderdduizenden immigranten uit landen, waarin het antisemitisme quasi tot de staatsdoctrine behoort, dreigen vijandigheden en onlusten van een nieuwe dimensie.

Nou, dan kan Duitsland echter blij zijn. De immigranten uit de Oriënt nemen meer gemeenschappelijkheden mee dan menigeen denkt – bijvoorbeeld het antisemitisme. Volgens de veelvuldig bejubelde Amerikaanse historicus en socioloog Daniel Goldhagen zit de Duitsers per slot van rekening de Jodenhaat zogezegd in hun genen. Een geprogrammeerde “code” zou hen tot de Holocaust hebben gedreven.

Terwijl de botte thesen van Goldhagen door serieuze wetenschappers als grove – en uiteindelijk racistische – onzin worden afgedaan, bedreigt het Arabisch antisemitisme heel concreet Europa´s Joodse bevolking. Dat is hier al lang. De 500.000 leden van de Joodse gemeenschap in Frankrijk zijn hiervan vooral de dupe. Behalve de alledaagse vijandigheden door veel van de ongeveer 3,7 miljoen “Franse” moslims komt het steeds opnieuw tot bloedige aanslagen.

Een dag na de overval door ISIS-terroristen op het satirische tijdschrift Charlie Hebdo in begin 2015 vermoordde de radicale islamiet Amedy Coulibaly vier Joden in een Joodse supermarkt. In 2012 richtte Mohamed Merah in een Joodse school in Toulouse een bloedbad aan. De angst zorgt er inmiddels voor dat steeds meer Joden het land verlaten. Vorig jaar emigreerden er 8.000 naar Israël.

Maar ook Duitsland´s 120.000 Joden zien – meer dan 70 jaar na het einde van het Derde Rijk – hun lijf en leden opnieuw bedreigd. De rabbijn Daniel alter werd in 2012, in het bijzijn van zijn 6-jarige dochter, bruut in elkaar geslagen. Hij had op de vraag “Ben je Jood?” met “Ja” geantwoord. Hij was wel opgevallen bij de daders, omdat hij een keppeltje droeg. De politie gaat van Arabische respectievelijk islamitische daders uit.

In een boze en wanhopige brief aan Angela Merkel en de toenmalige voorzitter van de Centrale Raad van de Joden in Duitsland, Dieter Graumann, beschreef een Joodse lerares in 2014 haar situatie op een Berlijnse school. Zij zou daar les moeten geven aan kinderen uit onderontwikkelde lagen van de bevolking – velen van hen zouden uit Arabische gezinnen afkomstig zijn. “Jij Jood, verrek toch” zou een eveneens Joodse collega regelmatig op straat worden nageroepen, nadat zij zich een keer min of meer per ongeluk tot haar geloof bekende. Zij zelf zou niet eens de Israëlische voornamen van haar kinderen aan de leerlingen verraden. Als ze het onderwerp Israël of het Jodendom in de les zou aansnijden, dan zou ze onmiddellijk een intifada in het klaslokaal hebben.

Drie jonge Palestijnen wilden in juli 2014 van de “kleine” intifada een grote maken. Ze probeerden met gasflessen vol diesel een synagoge in Wuppertal in brand te steken. Ze werden gepakt toen een van de daders de aanslag met zijn mobiele telefoon filmde en de scènes in het Arabisch enthousiast van commentaar voorzag. Dit bracht de politie toen op het spoor van de andere twee daders. Een juryrechtbank veroordeelde de drie begin verleden jaar tot voorwaardelijke straffen, omdat zij – voor waarnemers van het proces volkomen onbegrijpelijk – geen antisemitische achtergrond herkend had. Het Openbaar ministerie vond de straf voor een zaak van zware brandstichting toen toch te licht.

De milde vonnissen passen echter bij de algemene houding tegenover het gedachtegoed van islamitisch immigranten – om het even of ze al in Duitsland geboren werden of nog tot de honderdduizenden behoren in de asielzoekerscentra die gokken op een verblijfsvergunning. In de sprookjeswereld van de welkomstcultuur is geen plaats voor het antisemitisme van de nieuwkomers. In kinderlijke eenvoud zijn hier de rollen duidelijk verdeeld. De immigranten hebben dankbaarheid en goedheid in hun harten te dragen, maar niet zo iets afstotelijks als Jodenhaat. Dat moet per slot van rekening aan de “duistere Duitsers” worden voorbehouden, die harde en verachtelijke landgenoten van wie men zich met zijn “Refugees Welcome”-borden zo mooi kan afscheiden.

In het bonbonkleurige Disneyland van de barmhartigheid wordt de waarheid bedekt met een dikke, kleverige laag suikerglazuur. Slechts af en toe komt zij daaronder vandaan tevoorschijn – bijvoorbeeld wanneer Salomon Korn, de voorzitter van de Joodse gemeenschap in Frankfurt, de blijkbaar pijnlijk ontroerde minister van Binnenlandse Zaken, Thomas de Maizière, tijdens een bijeenkomst bestormd om eindelijk de zorgen van de Joodse gemeenten serieus te nemen. Veel “asielzoekers” zouden uit landen komen, waarin de vijandigheid tegenover Joden en Israël tot de staatsdoctrine zou behoren. Er zouden meerdere generaties voor nodig zijn om zulke cultuur-vreemde mensen in de Duitse samenleving te integreren.

De haat tegen alles wat Joods is, werd bij hen al van kinds af aan geïnjecteerd – bijvoorbeeld enkele jaren geleden op de televisie met de Syrische serie “Al-Ash Shatat”. In 29 afleveringen gaf het antseptische maaksel de joden de schuld van bijna alle catastrofes van de nieuwe tijd, o.a. de moord op aartshertog Franz Ferdinand in 1914 in Sarajevo en het gooien van de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki. Aan het eind van iedere aflevering werden het Syrische ministerie van Defensie, het ministerie van Culturele Zaken en de politie van Damascus hartelijk bedankt voor de vriendelijke ondersteuning. Nu nog zijn op YouTube enkele afleveringen van de serie te zien. Duizenden hebben er al naar gekeken. Ongenoemd blijft in “Al-Ash Shatat” echter een bijzonder duister hoofdstuk uit de geschiedenis: de eerste pogrom op de Joden op Europees grondgebied vond in 1066 in Spanje in het islamitisch geregeerde Granada plaats. Destijds slachtte de islamitische bevolking meer dan 1.500 Joodse gezinnen af.

door Frank Horns


In een vertaling uit het Duits door E.J. Bron van een artikel van 18 februari 2016 op de site Preusische Algemeine Zeitung.
bron-logo

Advertenties