De Wereld versus Israël: There´s No Business Like NGO Business [Alex Feuerherdt]

ngo2Het ware doel van zogenaamde ‘pro-Palestijnse’ NGO’s (door de staat gefinancierde niet-gouvermentele organisaties van particulieren, politici en partijen): onder de vlag van vermeend pro-Palestinisme Israël en de Joden demoniseren en delegitimiseren dat uiteindelijk moet leiden naar de vernietiging van de Joodse staat en hernieuwde vervolging van het Joodse volk. [cartoon van de Israëlische tekenaar Ronny Gordon; bron Arutz Sheva]

Hoewel er veel ergere crisisgebieden in de wereld bestaan, is de dichtheid aan NGO´s nergens zo hoog als in de Palestijnse gebieden en in Israël. De zogenaamd zo onbaatzuchtige en hulpvaardige NGO´s volgen daar echter heel andere motieven dan mensvriendelijkheid. En ze worden daarbij door Europese regeringen en partijstichtingen krachtig ondersteund – politiek en financieel.

Toen de verantwoordelijke Israëlische autoriteiten de vracht van de opgebrachte schepen, die tot de “Free Gaza”-flottielje behoorden, hadden gelost, maakten ze een nuchtere balans op. “De goederen vormen geen humanitaire hulp is de eigenlijke zin van het woord (eerste levensbehoeften, nieuwe en werkzame gereedschappen, nieuwe medicijnen)”, stond er in een door het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken gepubliceerd rapport van 7 juli 2010. De lading zou “niet vakkundig verpakt”, maar “in de ruimen van de schepen verspreid liggen en daardoor gedeeltelijk beschadigd” zijn, een “groot deel van de goederen, vooral schoenen en kleding” zou “tweedehands en afgedragen” zijn geweest en een deel van de medicijnen zou de vervaldatum al hebben overschreden of deze binnenkort overschrijden.

Met andere woorden: Hetgeen de zogenaamde pro-Palestijnse activisten aan boord hadden, was voor een niet gering deel waardeloze tot gezondheidsbedreigende troep. Maar dat leken ze zelfs niet eens pijnlijk te vinden, per slot van rekening was het sowieso niet het doel om noodlijdende Palestijnen in de Gazastrook te helpen, zoals Greta Berlin, de woordvoerster van de “Free Gaza Movement”, tegenover het persbureau AFP heel openlijk bekende: “Bij deze missie gaat het er niet om humanitaire goederen te leveren, het gaat erom de blokkade van Israël te doorbreken.”

Het resultaat van de onderneming is bekend: Israëlische speciale eenheden stopten de flottielje in de wateren voor de kust van Gaza en werden op het grootste schip, de Turkse “Mavi Marmara”, door tientallen radicale islamieten met messen, ijzeren stangen en bijlen aangevallen. De gevechten eindigden met negen doden en talrijke gewonden. De initiatiefnemers en organisatoren van de “vrijheidsvloot” konden zich desondanks verheugen in een propagandistisch succes, want Hamas-leider Ismail Haniya had al voor de grote vaart gejubeld: “Als de schepen Gaza bereiken, is dat een overwinning – en als ze door de zionisten geterroriseerd worden, is dat eveneens een overwinning.”

Met de Duitse afdelingen van de “Internationale artsen voor het verhoeden van de atoomoorlog/Artsen in sociale verantwoordelijkheid” (IPPNW) en “Pax Christi” hadden ook twee actieve Duitse NGO´s aan de flottielje deelgenomen. Matthias Jochheim, plaatsvervangend voorzitter van de IPPNW en passagier op de “Mavi Marmara”, beweerde later in een interview met de “Kölner Stadt-Anzeiger” tegen alle bewijzen in dat alle activisten aan boord “het principe van geweldloosheid en het doel om humanitaire hulp aan Gaza te bieden” zou hebben verenigd.

Hij hoefde niet bang te zijn dat men achter zijn streken kwam, want hij kon er per slot van rekening van uitgaan dat twee dingen in Duitsland onwrikbaar vaststaan: ten eerste dat de Israëli´s tot ieder geweldsdelict bereid en in staat zijn; ten tweede dat NGO´s altijd het welzijn van de zwakkeren in de zin hebben. Wie wilde daar nog betwijfelen dat het bij de “Free Gaza”-flottielje ging om een door onbaatzuchtige hulpvaardigheid beïnvloede missie, die door de Israëlische marine zo brutaal mogelijk werd neergeslagen? Ja, wie wilde er überhaupt aan twijfelen dat NGO´s nobele, behulpzame en goede verenigingen zijn, die niets anders dan pure mensvriendelijkheid in de zin hebben?

De Palestijnse gebieden, het Eldorado voor NGO´s

Daarbij loont zich vooral een blik op hun doen en laten in de Palestijnse gebieden, daar dus, waar de NGO-dichtheid wereldwijd het hoogst is. Meer dan duizend NGO´s – Palestijnse zowel als Europese, Amerikaanse zowel als Israëlische – zijn volgens informatie van de in Jeruzalem gevestigde “NGO-Monitor” alleen al actief op de “Westelijke Jordaanoever”. Dat deze massale aanwezigheid verband houdt met het feit dat de ellende in de autonome gebieden bijzonder groot is en zich anders niemand anders bezighoudt met de mensen die daar wonen, kan daarbij niet serieus beweerd worden. De levensverwachting van de bewoners van de Gazastrook bijvoorbeeld bedraagt 74 jaar en is daarmee hoger dan in Egypte, Turkije en meer dan honderd andere landen. De kindersterfte ligt ongeveer op het niveau van Bulgarije en is lager dan in de meeste Zuid- en Midden-Amerikaanse landen. De bevolkingsdichtheid is aanzienlijk geringer dan bijvoorbeeld die van Mexico-Stad.

Bovendien ontvangt niemand in de wereld per hoofd van de bevolking meer financiële steun dan de Palestijnen, zoals blijkt uit de analyses van het jaarlijks verschijnende “Global Humanitarian Assistance Report”. Dit rapport is het werk van internationaal actieve ontwikkelingsorganisaties, die onder andere beoordelen welke financiële hulp aan wie wordt gegeven – door regeringen, door de Verenigde Naties, door NGO´s, door internationale organisaties, door privé-initiatieven. En de VN hebben voor de Palestijnen zelfs een eigen vluchtelingenorganisatie opgericht, namelijk de “United Nations Relief and Works Agency for Palestine Refugees in the Near East” (UNRWA), terwijl voor alle andere vluchtelingen ter wereld de UNHCR verantwoordelijk is. De UNRWA is de grootste individuele organisatie van de VN en met 29.000 medewerkers de grootste werkgever in de regio na de openbare dienst; ze beschikt over een jaarlijks budget van ongeveer 1,2 miljard euro.

Aan geld en bronnen is dus niet echt gebrek in de Palestijnse gebieden – en daar leveren ettelijke NGO´s dan ook in de eerste plaats niet iets wat over het algemeen humanitaire hulp genoemd wordt, maar volgen veelmeer een gedecideerde politieke agenda. Een agenda, die uiteindelijk is terug te voeren op de beruchte “Wereldconferentie tegen Racisme”, die door de VN in augustus en september 2011 in het Zuid-Afrikaanse Durban werd georganiseerd. Een overweldigende meerderheid van de deelnemende landen veranderde deze conferentie in een regelrecht tribunaal tegen Israël, dat als uitwas van het racisme en van het kolonialisme aan de schandpaal werd genageld. Nog erger ging het er aan toe in het tegelijkertijd vergaderende NGO-Forum, waaraan meer dan 1.500 NGO´s deelnamen, waaronder ook grote en prominente zoals “Amnesty International” en Human Rights Watch”.

Gecoördineerde campagnes tegen Israël: de “Durban-strategie”

In de slotverklaring werd de joodse staat ervan beschuldigd een “Apartheidsregime” te zijn en “etnische zuiveringen”ten nadele van de Palestijnen te plegen; bovendien werd er opgeroepen tot de herinvoering van een (later ingetrokken) VN-resolutie uit het jaar 1975, waarin Zionisme een vorm van racisme werd genoemd, evenals tot boycots, sancties en een diplomatieke isolatie van Israël. Op het conferentieterrein deelden Palestijnse NGO´s exemplaren van de “Protocollen van de wijzen van Sion” en andere antisemitische pamfletten uit. Joodse deelnemers aan het NGO-Forum werden meerdere keren verbaal en lichamelijk aangevallen.

Het afsluitende document van het Forum werd in de jaren daarna steeds meer het actieplan voor NGO´s die zichzelf als pro-Palestijns beschouwen. Het was de basis “voor gecoördineerde NGO-campagnes, waarin Israël als het nieuwe Zuid-Afrika werd neergezet”, zoals “NGO-Monitor” resumeert. De “Durban-strategie” was geboren: met behulp van een mensenrechtelijk versierde retoriek, onder verwijzing naar dubieuze “getuigenverklaringen” van zogenaamde slachtoffers en onder het bijna volledig weglaten van de Palestijnse terreur moest de joodse staat in het vervolg gedemoniseerd en gedelegitimeerd worden. Voorbeelden van zulke campagne zijn de poging om de antiterreur inzet van het Israëlische leger in Jenin in het jaar 2002 een “bloedbad” te noemen, de georkestreerde oproep tot een academische boycot van Israël aan Britse universiteiten in het jaar 2005 en de talloze verklaringen, waarin tijdens de Libanon-oorlog in de zomer van 2006 het Israëlische leger beschuldigd werd van oorlogsmisdaden en schendingen van het volkerenrecht, terwijl tegelijkertijd de terreuraanvallen van Hezbollah werden gebagatelliseerd.

Ook de nauwe samenwerking met de “Goldstone-commissie” van de notoire VN-mensenrechtenraad kan in dit verband genoemd worden: het rapport van deze commissie, waarin Israël werd beschuldigd van grove schendingen van de mensenrechten tijdens de militaire aanvallen op Hamas eind 2008/begin 2009, steunde in de belangrijkste gedeeltes op uiterst twijfelachtige, niet gecontroleerde “expertises” van anti-Israëlische NGO´s. Richard goldstone, naamgever en voorzitter van de commissie, nam het rapport later feitelijk terug. De “Free Gaza”-flottielje op zijn beurt werd niet alleen door de IPPNW en “Pax Christi”, maar ook door talrijke andere NGO´s ondersteund of verdedigd, waaronder “Amnesty International”, “Human Rights Watch” en “Oxfam”.

De lijst kan willekeurig aangevuld worden. Is het bijvoorbeeld alleen maar stom toeval dat een langjarige medewerker van “Artsen zonder Grenzen” zoals Mazab Bashir in mei 2007 werd gearresteerd, omdat hij o.a. een aanslag op de toenmalige Israëlische minister-president Ehud Olmert gepland zou hebben? (een plan, dat door zijn meerderen bij “Artsen zonder Grenzen” overigens kort en kernachtig werd becommentarieerd met de woorden: “We willen heel graag duidelijk maken dat wij onderscheid maken tussen zijn werk en hetgeen hij in zijn vrije tijd doet”). Is het alleen maar de mening van een minderheid wanneer, zoals gebeurd in november 2012, een coalitie van 22 NGO´s – waaronder zulke bekenden als “Medico International”, “Pax Christi”en de diaconie – oproept tot de boycot van Israëlische producten? Hoe3 komt het dat “Human Rights Watch” zelfs niet terugdeinst voor het inzamelen van geld in Saoedi-Arabië als het om de strijd tegen Israël gaat? En wat moet je vinden van het feit dat “Breaking the Silence” het Israëlische leger ervan beschuldigt Palestijnse burgers als “menselijke schilden” te gebruiken of zelfs zonder waarschuwing vooraf doodgeschoten zou hebben, en die als getuigen alleen maar kan terugvallen op Israëlische soldaten die anoniem blijven en de misdaden alleen maar kennen van horenzeggen?

Hoe initiatieven tegen de joodse staat gefinancierd worden

Financiële ondersteuning krijgen ettelijke NGO’s niet in de laatste plaats van diverse regeringen of staatsinstellingen, vooral uit Europa. In dit verband kunnen Israëlische NGO´s vooral rekenen op speciale genegenheid – beter gezegd: diegenen onder hen, wier werk vooral bestaat uit boycotactiviteiten tegen de joodse staat en campagnes om deze te demoniseren en te delegitimeren. In totaal 24 groeperingen met dit politieke doel hebben tussen 2012 en 2014 ongeveer 23,7 miljoen euro gekregen. Tot dit resultaat komt “NGO Monitor” in een enkele dagen geleden gepubliceerd rapport. Bij de berekening werd zowel rekening gehouden met rechtstreekse financiële betalingen door buitenlandse regeringen evenals met financiële middelen die van door de staat gesubsidieerde stichtingen en NGO´s afkomstig waren. De grootste gelddonor was in de onderzochte periode de Europese Unie met 4,2 miljoen euro, gevolgd door Noorwegen (3 miljoen euro), Nederland (2,5 miljoen euro) en Duitsland (2,2 miljoen euro).

“NGO Monitor” maakt daarbij gebruik van de cijfers die door de Israëlische NGO´s zelf werden gemeld aan het registratiebureau voor Non-Profit-Organisaties. Deze meldingen zijn verplicht, nadat in februari 2011 een wet in werking trad die NGO´s ertoe verplicht directe en indirecte betalingen door buitenlandse regeringen evenals het gebruik van deze financiële middelen te openbaren. De verenigingen moeten ieder kwartaal een desbetreffend overzicht naar het registratiebureau opsturen, die deze informatie daarna publiceert.

De verwerking door “NGO monitor” concentreert zich op die verenigingen, die een tegen de joodse staat gerichte, fundamentele oppositionele politieke agenda hebben, dus niet fungeren als humanitaire hulporganisaties en niet inzetten op een samenwerking en co-existentie tussen Israëli´s en Palestijnen. Tot de activiteiten van deze groeperingen behoren bijvoorbeeld de deelname aan de zogenaamde BDS-beweging – die voorstander is van een boycot van Israëlische producten en instellingen, sancties tegen de joodse staat evenals het vertrek van kapitaal uit Israël –, een criminalisering van alle handelingen van het Israëlische leger als “oorlogsmisdaden” en de bagatellisering van Palestijnse terreurbewegingen. De financiële schenkingen van buitenlandse regeringen, stichtingen en NGO´s aan deze organisaties maken bijna 60% van de gelden uit die naar alle 75 Israëlische verenigingen gestroomd zijn die de afgelopen drie jaar hun inkomsten aan het registratiebureau hebben gemeld.

Kerkelijke instellingen en partijstichtingen als willige helpers

Tot de grootste en bekendste geldontvangers behoort met 3 miljoen euro “B´T selem”, een Israëlische NGO die Israël zwart maakt als “Apartheidsstaat” en hem er in het verleden ook van heeft beschuldigd nazi-methodes toe te passen. Onlangs was er sprake van kritiek op de vereniging, omdat een van haar activisten, de Israëlisch-Amerikaanse publiciste Tuvia Tenenbom, voor draaiende camera zei dat de Holocaust “een leugen” zou zijn en “een bedenksel van de Joden”. Eerst ontkende “B´T selem” de uitlating, daarna volgde een halfslachtige distantiëring en uiteindelijk de aankondiging te breken met de medewerker.

“Brood voor de Wereld/Evangelische Ontwikkelingsdienst” ondersteunde de NGO tussen 2012 en 2014 met subsidies van in totaal ongeveer € 480.000,- Daarmee is deze niet in de laatste plaats door staatssubsidies gefinancierde kerkelijke instelling een van de belangrijkste donoren van “B´T selem”. Volgens “Brood voor de Wereld” gaat het bij de Israëlische vereniging om een mensenrechtenorganisatie die “over schendingen van mensenrechten door beide partijen” bericht, “de Israëlische zowel als de Palestijnse”. Een blik op de activiteiten en opvattingen van “B´T selem” laat echter zien dat de terreur tegen Israël en andere misdaden die door de Palestijnse klant worden begaan, voor haar slechts een volledig marginale rol spelen.

Al in juli 2014 had de “NGO Monitor” een rapport gepubliceerd dat zich bezighoudt met de financiering en de politieke ondersteuning van fundamenteel anti-Israëlische verenigingen uit Israël en de Palestijnse gebieden door Duitse staatsinstellingen en door de Duitse staat gesubsidieerde Duitse instellingen en organisaties. Het kwam tot de conclusie dat niet in de laatste plaats stichtingen van Duitse partijen een belangrijke rol spelen. Zo zou bijvoorbeeld de Rosa-Luxemburg-Stichting nauw samenwerken met de Israëlische NGO “Zochrot”, waarvan het doel zou zijn om de Palestijnse mythe van de zogenaamde “Nakba” te onderhouden. Met dit begrip, dat vertaald “Catastrofe” betekent, wordt in het Arabisch gebied de Israëlische staatsoprichting bedoeld, die men, zoals bekend, als illegitiem beschouwt. Bovendien zou “Zochrot” zich aansluiten bij de eis van een “terugkeerrecht” voor de Palestijnse “vluchtelingen”, wat het einde van de joodse staat zou betekenen, en het Israëlische leger van “etnische zuiveringen” beschuldigen.

De Heinrich-Böll-Stichting ondersteunt, evenals de Konrad-Adenauer-Stichting, volgens informatie van “NGO-Monitor” onder andere de Palestijnse BGO “Miftah”, die Israël zou beschuldigen van “bloedbaden”, een “culturele genocide”, “oorlogsmisdaden” en “Apartheid” en op haar website ook al eens antisemitische samenzweringstheorieën verbreidde. De Friedrich-Ebert-Stichting zopu samenwerken met de “Palestinian Academic Society for the Study of International Affairs” (PASSIA), die zou deelnemen aan anti-Israëlische boycotactiviteiten en Israël voor zou verwijten een Apartheidsstaat te zijn.

Hoe betrouwbaar zijn NGO´s?

Er heeft zich al lang een regelrechte hulpbusiness ontwikkeld, die zich letterlijk voedt van het zogenaamde Midden-Oostenconflict. Veel medewerkers van NGO´s zouden werkloos zijn als deze niet meer zouden bestaan, want een einde van oorlog en crisis in het Midden-Oosten zou hun activiteit gewoon overbodig maken. In zoverre ligt het voor de hand dat ze er behalve een ideologisch ook materieel belang bij hebben om de toestanden, die zij in de eerste plaats bekritiseren, te laten voortduren en daarbij schijnbaar aan de kant van de rechtelozen en onderdrukten te gaan staan. Daarbij komt het de NGO´s – die in feite nauwelijks gecontroleerd worden – goed van pas dat in een sowieso grotendeels anti-Israëlisch gezinde publieke opinie nauwelijks iemand twijfelt aan de eerlijkheid van hun motivatie en maar heel weinig mensen vraagtekens plaatsen bij hun activiteiten en opvattingen.

Tuvia Tenenbom vormt wat dit betreft een uitzondering. In zijn nieuwe boek “Alleen onder Joden” heeft hij felle kritiek op het werk van de politieke NGO´s in Israël en hun ondersteuning uit Europa. Hij zou tijdens zijn onderzoek op vele verengingen zijn gestuit “die zogenaamd de invoering en handhaving van de mensenrechten en de vrede tot doel hebben”. “In werkelijkheid houden ze zich echter bezig met de vernietiging van de staat Israël en de delegitimering van diens joodse burgers”. De Europese NGO-activisten, aldus Tenenbom, zouden daarbij “duizenden kilometers reizen om de Joden te betrappen – waar ze hen ook maar vinden”. Zij zouden zichzelf beschouwen “als rechtschapen mensen”, maar zouden “in werkelijkheid mensen zijn met een ziekelijk gevoel van superioriteit en hun Jodenhaat is onverdraaglijk.”

door Alex Feuerherdt

durban-2009-insert-01

De Schande van Durban, Zuid-Afrika augustus 2001. Ge-choreogegrafeerde Wereldconferentie tegen Racisme veranderde in een haatfestijn van honderden NGO’s tegen Israël.


in een vertaling uit het Duits door E.J. Bron van een artikel op Liza´s Welt van 21 februari 2015