Gaza: Wanneer is een openluchtgevangenis een terroristenkamp? [A. Jay Adler]

supermarktShoppen op vrijdagochtend in de Gaza Mall van Gaza City

Vergeet de hongerlijers in Mali, Mexico, Soedan, Kenia en de Congo. Gaza, dàt is pas een open gevangenis “waar mensen van ontbering sterven als vliegen“, nog “erger dan destijds in het Getto van Warschau anno 1943.” Of, klinkt dit misschien iets overdreven? Niet als het aan de internationale media ligt of aan onze linkse èn rechtse Israëlbashers die voor hun verknipte Jodenhaat een nieuwe uitlaatklep hebben gevonden, een nieuwe stok om de Joden te slaan: Israël, de staat van de Joden. De walm die uit hun leugens opstijgt, stinkt naar gore Jodenhaat uit de oude doos. Vroeger waren het de Joden, nu is de Jodenstaat de kop van jut. De geschiedenis herhaalt zich.

Het is een term die we geregeld horen in de anti-Israëlpropaganda van de 21ste eeuw, in felle tegenspraak met de werkelijkheid, dat Gaza een “openluchtgevangenis” is. Wij horen het niet alleen van Arabische en Moslimantisemieten en toegewijde anti-Israël ideologen, maar ook van goed bedoelende mensen ter linkerzijde die spreken uit empathie en medeleven.

Zij weten van een dicht bevolkt grondgebied met significante armoede, een gebied waarvan de grenzen door derden – Israël en Egypte – worden gecontroleerd, waarvan de meeste van deze mensen echter, al dan niet met opzet, vergeten zijn zich Egypte te herinneren – en zij worden bewogen door wat al lang bestaande en onaanvaardbare repressieve leefomstandigheden lijken te zijn.

Zij kunnen het zich eenvoudigweg niet voorstellen dat deze omstandigheden, die opeengepakte massa, die armoede, de externe controles – omstandigheden zijn waarvoor ze in feite zèlf gekozen hebben, eerder dan te opteren om ze te verlichten. Wie kan zo tegen alle redelijkheid in en duidelijk tegen het eigenbelang handelen? Een alternatieve historische verklaring dringt zich op om dergelijke verwerpelijke zelfvernietigingsdrang meer begrijpelijker te maken enkel dan alleen maar als een beklagenswaardige onderdrukking.

Gaza Stad, 21 juli 2011. Gazaanse vrouwen wandelen doorheen de overdekte goudmarkt van de stad ook de Al Qissariya markt genoemd, gelegen in het oudste stadsdeel aan de Grote Moskee van Omar van Gaza City. Een Palestijnse goudhandelaar zegt dat het goud in Gaza 1650 dollar per ounce kost, een nieuwe recordprijs voor de markt. [foto: Ashraf Amra / bron Photoshelter http://www.photoshelter.com/]

De feiten echter, weerleggen in overweldigende mate twee van de drie thema’s van dit eigentijdse verhaal van Gaza. Natuurlijk is armoede om het even waar een ongeluk waar moet geholpen en bestreden worden. Het feit is echter dat, volgens het CIA World Fact Book, minstens 45 andere landen in de wereld veel meer in armoede leven dan in de Gazastrook. Onder deze landen, voor het merendeel gelegen in Afrika, met inbegrip van Kenia en Zuid-Afrika en het grootste deel van Midden-Amerika, waaronder één van de twee meest nabije buren van de Verenigde Staten, Mexico.

Algemeen wordt aangenomen, als een tweede versie van het verhaal van Gaza, dat Gaza op dit ogenblik in de letterlijke bewoordingen zoals op de website van het journaal van de BBC te lezen zijn, dat de Gazastrook één van de dichtst bevolkte gebieden ter wereld is.”

In werkelijkheid zijn soevereine staten en onafhankelijke gebieden zoals Macao, Monaco, Singapore en Hong Kong, allen veel aanzienlijker dichtbevolkt dan Gaza, de eerste twee bijna vijf en vier keer zo dichtbevolkt.

In de top-49 van de dichtstbevolkte steden van de wereld, worden allen dichter bevolkt dan Gaza, met op de eerste plaats Manilla op de Fillipijnen, dat tien keer dichter bevolkt is en op de 49ste plaats Malé, de hoofdstad van de Maldiven, vier keer dichter bevolkt dan de Gazastrook. Zelfs het Eiland van Manhattan in New York City, die bijna een identieke bevolking heeft zoals Gaza niettegenstaande het slechts éénvierde van zijn oppervlakte heeft, is vier keer dichter bevolkt dan Gaza.

De beweringen van ellendige armoede en van een bedrukkende bevolkingsdichtheid in Gaza, maken simpelweg deel uit van de grote leugens omtrent de eigentijdse wereldzaken, en omdat deze leugens zo makkelijk te weerleggen zijn, deze vorm van rapportage behoort tot de meest incompetente en boosaardige schandalen van onze tijd.

Aldus komen wij aan het derde thema, de controle van de grenzen van Gaza, die in deze eerste twee thema’s zijn verweven, en velen ertoe brengt om de de metafoor van een “openluchtgevangenis” te accepteren. Dat is inderdaad een term die, waarvan iedereen die deze durft te gebruiken vergeet dat het dat is: een metafoor.

raketten10Tenslotte weten we toch allemaal dat dit in feite geen echte gevangenis is, of niet soms?

In welk soort gevangenis houden zijn bewoners verkiezingen om een overheid te kiezen en oefent een regering binnen die grenzen de volledige controle?

In welk soort gevangenis vinden we geen bendes maar een echte militaire strijdkracht, die niet eens werd opgericht om te strijden tegen gevangenisbewakers die het dagelijks leven van de gevangenen zouden controleren die in “de gevangenis” leven?

Welk soort gevangenis is het waarvan zijn bewoners beschikt over een wapenarsenaal van duizenden raketten en mortiergranaten die via soevereine naties naar binnen worden gesmokkeld en die vanachter de ‘gevangenismuren’ met meer dan honderden stuks per jaar worden afgevuurd naar de omringende burgerbevolking die leeft aan de andere kant van die ‘gevangenismuur’? (plaatje rechts: Gaza, 7 december 2012)

Wat voor een gevangenis is waarin de gevangenen de sleutels van hun cellen behouden? Waarin de gevangenen zelf op basis van hun eigen keuze en op erewoord besluiten om wat verklaringen en beloftes voor de toekomst af te leggen [en die via hun eigen openbare omroep de wereld in te sturen] waarin zij door hun eigen gedrag binnenkort hun onmiddellijke vrijlating kunnen aankondigen? En er tot op heden niet in slagen om dat te bereiken op eender welk ogenblik, eenvoudigweg om daar op een andere keer voor te kiezen, of nog een andere keer, op de voorwaarden van een open-eindige nooit afgesloten hoorzitting op erewoord, zonder de vrees ooit tot aan hun dood hun termijn uit te zitten tegen hun wil in?

Lijkt u dit te absurd? Lijkt het er niet op dat ik het allemaal te letterlijk opneem? Lijkt het erop dat ik er de spot mee drijf, door belachelijke vergelijkingen te willen maken met de daadwerkelijke omstandigheden die in echte gevangenissen heersen, met het doel om er een metafoor van te maken?

Maar wat is dan de intentie van een metafoor? Is het dan niet trachten het oordeel te misleiden en de morele verbeelding te manipuleren van diegenen waarvoor het bedoeld is zodat zij de Israëliërs zullen zien als brutale gevangenbewaarders, terwijl de Gazanen nooit behoorlijk worden veroordeeld door om het even welk wettelijk proces, foutief worden voorgesteld als onrechtvaardig geïnterneerden?

Wat diegenen die in die metafoor geloven vergeten, en ook dezelfden zijn die vermijden deze te herroepen, is dat het doel van een politieke metafoor is om de werkelijkheid herop te maken, wat wil zeggen om erover te liegen maar de leugen begraaft. Zij begraven het in metaforische dubbelzinnigheid. Tevreden stelde ik bij mezelf deze logische denkfout vast, die ik redelijkerwijze opvatte als een metaforische denkfout (of de denkfout van het overbrengen), slechts om te ontdekken dat nauwelijks drie maanden geleden, Bryan Caplan van George Mason University dezelfde verwaande hoop voor zichzelf had gehouden, waarop hij ontdekte dat twee filosofen aan de Brock Universiteit in Canada ons allebei reeds twee jaar daarvoor had geklopt.

De tekst loopt vanaf hier verder in het Engels.

The metaphorical fallacy is first a kind of fallacy of equivocation, because it misleads through the use of a term with more than one meaning, performing a semantic shift. That is the very nature of metaphor, which is an act of transference, transferring the quality of some object – a bird let’s say – to my real subject, some guy I’m talking about, whom I call “flighty as a bird.” That formulation I have used is a simile, which is a kind of metaphor, which is itself a kind of analogy. The clarity of the “as” or “like” constructions in simile is in making plain that metaphor is a special form of analogy.

In typical straight political analogies – “another Vietnam,” “another Munich,” “it’s the Cold War all over again” – we understand that two distinct phenomena are claimed to have sufficient similarity as to make one understandable according to our knowledge of the other. The fallacy of false analogy is committed by analogical overreach: there may turn out to be, with scrutiny, many potentially significant points of comparison, with too few among them demonstrating true similarity, thus making one phenomenon a poor standard by which to asses the nature of the other.

The metaphorical fallacy is, second, a form of false analogy. As I said, metaphor is by definition an equivocation. If I turn my simile of “he’s as flighty as a bird” into a pure metaphor, I would say, “he’s a flighty bird, that one.” I say this, perhaps, because he is erratic in his behavior. A true “flighty bird” hops and skips around a lot, taking off and landing often and rapidly. I conjure that quality in the metaphor and transfer it to the man of whom I speak. I do this for effect, a rhetorical effect. I do not literally mean that the man hops and skips around or that he flies, and even if he is physically prone to something like the former – and not quite – he certainly does not do the latter. When I says “he’s swift as a tiger,” well – not really that fast. If I call him “a lion” in the boxing ring, well, you know, not actually a lion. We are equivocating in the application and acceptance of the transferred quality, which is to say, literally speaking in two voices, pretending to be literal in order to make the imaginative leap, but in the end, and even in the beginning, not being literal at all.

If I said ten years ago that Afghanistan would be “another Vietnam,” I would not have intended to fool you into believing that Afghanistan was itself Vietnam, that is, identical to it. I would just have intended a useful comparison. However, to attempt what is not political analogy, already itself a risky enough proposition, because so often questionable and faulty, but political metaphor is to begin in the wrong, at fault and deceptively, because I would be pretending accurately to describe circumstance by use of inaccurate, ambiguous, words – because political reality is concrete, not rhetorical: there is not rhetorical genocide or rhetorical invasion, rhetorical rocket attacks or rhetorical economic recession. And when, through the magic of words, we create these things nonetheless, they are metaphorical only, not concrete and politically “real.”

The pressing questions I posed above about the metaphorical comparison of Gaza to a prison would have to annoy any proponent of the term because he would be compelled to insist that I was missing the point: obviously, Gaza is not an actual prison, like San Quentin. The point, he would argue, is that Gaza is like a prison because of the deprivation and the close quarters and its borders, its boundaries, are controlled by people other than those who live inside them, with passage in and out similarly controlled and limited, just like a prison – and school buildings, and military bases, and movie studios, and the White House.

Those are the points of comparison, the only points of comparison, and as we focus now on that last point of comparison, we need to consider why those boundaries are controlled. We need to think about what a blockade is, and why it was put in place, and remains in place, and how a blockade – and a legal one, too – is not like a prison.

“But don’t you get it – it’s a metaphor.”

And the purpose of the political metaphor, employed and repeated, and accepted by the well meaning but soft headed and the BBC, like the narrative of Gazan poverty and the refrain of its population density, is to beguile the listener into forgetting it is a metaphor – an abjectly false and slanderous metaphor – and then to accept it and repeat it as literally and shamefully true.

Then there is the matter of the terrorist camp.

door A. Jay Adler


Bronnen:

  1. The Algemeiner: When Is an Open-Air Prison a Terrorist Camp? door A. Jay Adler [lezen]
  2. Likoed Nederland: Wanneer is een openluchtgevangenis een terroristenbasis? [lezen]

Gerelateerd:

  • Gaza de dichtstbevolkte plek ter wereld? Onzin, dat is een fabel: vergelijk en oordeel voor uzelf [lezen]
  • Gaza Unplugged: “Beelden van de verborgen welvaart in Gaza die de media u niet willen tonen,” in 116 artikels en duizenden plaatjes [lezen]

2 gedachtes over “Gaza: Wanneer is een openluchtgevangenis een terroristenkamp? [A. Jay Adler]

  1. Geen idee Diana. Bloggen is mijn ding, en daar heb ik mijn handen vol aan. Sociale media zoals Facebook, Twitter enz. doe ik nauwelijks wat mee. Ik heb daar echt geen tijd voor. Na elke dag 7 à 8 uren intensief bloggen heb ik er meer dan genoeg van. Dan ben ik gewoon leeg.

    Sorry!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.