Afshin Ellian, duizenden mijlen verwijderd van Iran en nog steeds in gevaar [Cnaan Liphshiz]

afshin-ellian

Sinds de tijd dat hij naar Europa is gevlucht, is de dichter en hoogleraar Afshin Ellian uitgegroeid tot een onwankelbare criticus van de islamitische wereld – waarvan hij zegt dat die moet trachten Israël te evenaren. Onder zijn vele talenten heeft Afshin Ellian ook een vaardigheid die ervoor zorgt dat mensen hem willen doden.

Het is een eigenschap die hij liet zien toen hij, na de Islamitische Revolutie, een vluchteling in zijn geboorteland Iran werd. Als vluchteling in Pakistan en Afghanistan maakte hij de seculiere stalinisten woedend en in Nederland kwam hij tenslotte onder een 24-urige politiebescherming, vanwege zijn kritiek op de islam.

Ellian is echter nooit iemand geweest om in het gareel te lopen. Toen velen in Europa zich de vorige maand haastten om de verrichtingen van Israël in Gaza te veroordelen, gebruikte Ellian, waarschijnlijk de meest bekende Iraniër in Nederland, zijn platform bij het ​​Nederlandse tijdschrift Elsevier om Hamas ervan te beschuldigen “dat ze hun mensen in een mensonwaardige positie brachten door onnodig oorlog te voeren”.

Hij heeft kritiek geleverd op de Westerse media omdat ze de slachtpartijen in de Arabische landen negeerden en zich in plaats daarvan op Israël concentreerden. En hij heeft doodsbedreigingen van islamitische militanten uitgelokt vanwege scherpe opmerkingen zoals deze: “Radicale islamisten zijn zo vastbesloten om te bewijzen dat de islam de religie van de vrede is, dat ze bereid zijn om ervoor te doden”.

Omdat hij zich zo vaak in de vuurlinie heeft bevonden is het niet verwonderlijk dat de 46-jarige filosoof, dichter en professor in de rechten, suggesties dat hij zou kunnen worden afgeschrikt door raketten van Hamas om zijn eerste reis naar Israël te realiseren verwierp, een land waarvan hij voor het eerst hoorde toen hij een jonge politieke activist in Iran was.

“Ik zou willen dat Iran, na de val van het regime van de Sjah, net zoals Israël zou worden”, zei Ellian in een interview dat hij de vorige maand had op zijn kantoor aan de Universiteit van Leiden. ”Het democratische karakter wordt door de islamisten die aan de macht zijn als een zwakte gezien, maar het is een indrukwekkend voorbeeld voor jonge Iraniërs die verandering zoeken. Israël is ook een centraal element – een verzonnen vijand – in de identiteit van de Iraanse Islamitische Republiek, die hen onder druk zet en die mij zonder land heeft gelaten. Kortom, Israël is relevant voor mijn leven”.

Ellian staat, als vluchteling uit de Iraanse revolutie, in hoog aanzien in Nederland. Hij is schrijver van diverse boeken, waarvan sommige over de radicale islam gaan, ook is hij columnist voor Elsevier en verschijnt hij regelmatig op de Nederlandse televisie als Midden-Oostencommentator. Zijn opiniestukken zijn ook verschenen in de ‘Wall Street Journal’ en in ‘Der Spiegel’.

Voor een klein land heeft Nederland meer dan zijn deel van politieke provocateurs voortgebracht, die onder constante doodsdreiging leven vanwege hun standpunten. Ayaan Hirsi Ali, voormalig parlementslid en geboren in Somalië, heeft jaren, voordat zij vertrok naar de Verenigde Staten, onder bewapende bescherming geleefd, na de moord op filmmaker Theo van Gogh, met wie ze samenwerkte aan een film die kritiek had op de islam. De anti-immigranten politicus Geert Wilders leeft ook onder politiebescherming.

Net als Hirsi Ali en Wilders heeft Ellian de Joodse staat in de armen gesloten, zowel als tegenstander van een gedeelde vijand en als een voorbeeld van hoe een religieus geïnspireerde democratie in het Midden-Oosten eruit zou kunnen zien. Hij hoorde voor het eerst van Israël toen hij een tiener in Iran was, op de vlucht voor de islamisten, die politieke activisten zoals hijzelf op universiteiten en op straat eruit zouden halen. Zijn neef, ook een activist, werd geëxecuteerd en gedumpt in een massagraf.

“Ik werkte in een bakkerij en Ruhollah Khomeini, de spirituele leider van de revolutie, beloofde dat de oorlog met Irak zou leiden naar Jeruzalem,” zei hij. ”De bakker en ik hadden geen idee waar dat was. Ik veronderstelde dat het een dorp in Irak was”.

In Israël hield Ellian een lezing aan de Universiteit van Haifa, die mede georganiseerd was door ‘Irgoen Olei Holland’, een vereniging van Nederlandse immigranten. Het evenement wordt elk jaar op 26 november gehouden, de gedenkdag van een uitdagende toespraak die in 1940 gehouden werd door Rudolf Cleveringa, een niet-Joodse Leidse hoogleraar, waarin hij zich verzette tegen de verdrijving van de Joden uit het academische en het openbare leven in het door de nazi’s bezette Nederland.

Nadat zijn vlucht naar Israël was omgeleid, zodat de bemanning van de KLM van boord kon gaan – de luchtvaartmaatschappij had haar medewerkers de toegang tot het land ontzegd gedurende de gevechten van de vorige week – schreef Ellian dat de bemanning ‘iets van Cleveringa over moed kon leren’.

Men kon ook iets van Ellian zelf over moed leren. Als zoon van twee linkse intellectuelen dook Ellian onder, kort nadat de islamisten in 1979 in Iran aan de macht waren gekomen. Op 17- jarige leeftijd was hij al ondergedoken, omdat het liberale ondergrondse netwerk van veilige verblijfplaatsen (safe houses) steeds kleiner werd.

“Ik bracht een nacht door op een christelijke begraafplaats”, herinnert hij zich. “De doodgraver vertelde me dat ik net zo goed een graf kon gaan zoeken”.

In 1982 vluchtte Ellian per kameel uit Iran en reisde 1100 mijl door de bergen naar Pakistan. Maar dat land bleek niet veiliger te zijn. De lokale politie pakte stelselmatig Iraniërs op, Ellian kreeg malaria en veranderde voortdurend van adres terwijl hij plannen maakte voor zijn volgende vlucht.

Hij bleef drie jaar In Afghanistan en begon met zijn studies. Maar ook daar kwam hij in conflict met ideologische vijanden: stalinisten, die voor de val van de Sjah al in ballingschap waren.

“Wij, nieuwkomers, leidden een kleine opstand tegen de stalinisten,terwijl we ons niet realiseerden dat we met ons leven speelden”, zeiEllian. ”Het scheelde niet veel of we zouden voor een bijeengetrommelde rechtbank belanden of door een menigte gelyncht worden”.

In 1987 vluchtte hij opnieuw, ditmaal met zijn vrouw, naar Nederland, waar hij zich richtte op zijn studies waarvoor hij terecht, binnen zes jaar na zijn aankomst, drie master graden aan de Universiteit van Tilburg kreeg – een primeur in de geschiedenis van de universiteit.

“Ik dacht dat ik eindelijk alles kon zeggen wat ik wilde”, zegt hij van zijn huidige woonland. Maar er lag nog steeds gevaar op de loer.

In 2000 ontving hij de eerste doodsbedreiging van de vele die nog zouden volgen, nadat hij kritiek had geuit op de opdrachten van de profeet Mohammed om kritische dichters in Medina te doden, en op andere aspecten van de islam. Maar Ellian zou niet tot zwijgen worden gebracht. Hij beschuldigde het Iraanse regime van ‘barbarij’ en de ‘zwijgende meerderheid’ van de moslims van medeplichtigheid aan de handelingen van de gewelddadige radicalen. De bedreigingen bleven doorgaan.

Door velen in Nederland werd hij als een held begroet, omdat hij zijn eigen veiligheid veronachtzaamt om datgene te zeggen waarin hij gelooft – maar niet iedereen zag hem als een toonbeeld van moed. De invloedrijke in Nederland geboren schrijver Ian Buruma heeft Ellian afgedaan als een ‘getraumatiseerde’ man die ‘een radicale versie van de Europese Verlichting omarmt’. En eerder deze maand publiceerde de Volkskrant een opiniestuk waarin Ellian beschuldigd werd van het maken van generalisaties over moslims.

“Ik heb niets tegen de islam”, zei Ellian, “maar ik zou de gelegenheid moeten hebben om die te bekritiseren, net zoals ik de gelegenheid heb om het Jodendom en het christendom te bekritiseren”.

Ellian werd onder een 24-urige politiebescherming geplaatst kort nadat hij zijn eerste doodsbedreigingen had ontvangen. Vier jaar later, na de moord op Van Gogh, werd de bescherming bij zijn kantoor in Leiden aanzienlijk verhoogd, waar hij zich achter elektronisch gesloten deuren bevindt.

“Ik was geschokt”, zei Ellian. “Ik ontvluchtte het Midden-Oosten, maar het Midden-Oosten kwam mij achterna. Ik wist dat ik deze keer nergens anders heen kon vluchten, behalve misschien naar de maan”.

door Cnaan Liphshiz


Bronnen:

  1. The Times of Israel: Thousands of miles from Iran, and still in danger [meer]
    Vertaald door Wachteres voor E.J. Bron als: Duizenden mijlen verwijderd van Iran en nog steeds in gevaar [meer]

Gerelateerd:

  • Afshin Ellian op reis in Israël:
    – Het vrije Tel Aviv is de spiegel voor het Midden-Oosten [meer]
    – Moslims kunnen nog veel leren van het tolerante Israël [meer]
    – Afshin Ellian bericht vanuit Jeruzalem: over iPhones en oerkrachten [meer]
    – Haat jegens de Joodse staat is kernidentiteit van islamitische republiek Iran geworden [meer]

Een gedachte over “Afshin Ellian, duizenden mijlen verwijderd van Iran en nog steeds in gevaar [Cnaan Liphshiz]

Reacties zijn gesloten.