PLO waarschuwt tegen een ‘ongekende’ bedreiging van de tweestatenoplossing [Khaled Abu Toameh]

De PLO in de Verenigde Naties. New York, 13 november 1974, PLO-leider Yasser Arafat (L.) spreekt de V.N. toe. Rechts Mahmoud Abbas, PA-president en voorzitter van Al Fatah, de grootste factie binnen de PLO, vraagt op 23 september 2011 in de Verenigde Naties eenzijdig het volledig lidmaatschap aan van de V.N. voor zijn ‘Palestina’  zonder een vredesakkoord met Israël en zonder een akkoord over de grenzen. 830.000 Israëliërs, die volgens de V.N. illegaal leven in Oost-Jeruzalem en op de Westbank in Judea & Samaria, kijken gespannen toe. Echter, de Verenigde Staten liggen dwars. De aanvraag van Abbas verdwijnt weer in de prullenbak. Nu wil Abbas het met zijn truc met de duif  opnieuw proberen. Zal hij misschien wachten tot Barack Obama in november a.s. wellicht als president herkozen wordt?

Een beknopte chronologische toelichting omtrent de PLO, bij het volgende artikel van Khaled Abu Toameh in The Jerusalem Post van gisteren, kan voor sommigen verhelderend werken.

In mei 1964 werd door Ahmad Shukeiri de PLO opgericht en wordt op 10 juni 1964 zijn eerste voorzitter. Het eerste PLO-Handvest wordt gepubliceerd, ttz. de beginselverklaring van de PLO. Op 1 september 1967 werden de Resoluties van Khartoem aangenomen, ook bekend als de drie beruchte NEEN’s: geen erkenning van Israël; geen onderhandelingen en nooit vrede met Israël. Op 17 juni 1968 werd tijdens het nationale congres van de PLO in Kaïro het Handvest bijgesteld: “Palestina (Israël, Gaza & de Westbank) is het ondeelbare vaderland van de Palestijnen, alleen Joden die vóór de Zionistische invasie in Palestina woonden worden als Palestijnen beschouwd; oproep tot de gewapende strijd tegen Israël.”

Yasser Arafat wordt op 4 februari 1969 voorzitter van de PLO en blijft dat ononderbroken tot aan zijn dood op 11 november 2004. Op 26 oktober 1974 werd op de Arabische topconferentie in Rabat de PLO erkent als de enige vertegenwoordiger van alle Palestijnse bevrijdingsorganisaties. Op 20 maart 1977 bekrachtigt de Palestijnse Nationale Raad (PNR) het PLO-Handvest waarin “de vernietiging van de staat Israël als einddoel” is vastgelegd. Na het afsluiten van de Camp David Akkoorden in 1978 ondertekent Egypte op 27 maart 1979 het bestaansrecht van Israël, sommigen gewagen zelfs van vrede; alleen de wapens zwijgen.

PLO-leider Yasser Arafat belooft in een brief van 9 september 1993 aan premier Yitzhak Rabin het bestaansrecht van Israël te erkennen, maar dat blijkt in de praktijk dode letter te zijn; het PLO-Handvest wordt niet aangepast. Op 4 mei 1994 ondertekenen Israël en de PLO een akkoord over Palestijns zelfbestuur in Gaza en de Westbank; de Palestijnse Nationale Autoriteit [PNA of kortweg de PA] wordt opgericht; Hamas en Syrië verwerpen het akkoord. Jordanië ondertekent op 26 oktober 1994 het bestaansrecht van Israël, tot nog toe samen met Egypte de enige Arabische landen die vrede aangingen met Israël.

De Palestijnse Nationale Raad (PNR) is sinds 2009 niet meer samen geweest, nadat de PLO eenzijdig had besloten om de vredesonderhandelingen met Israël voor onbepaalde tijd op te schorten. Het Handvest van de PLO, sinds 29 oktober 2004 voorgezeten door ‘gematigd’ PA-president Mahmoud Abbas, waarin “de vernietiging van de staat Israël als einddoel” is vastgelegd, is tot op vandaag nog altijd van kracht.

PLO warns of ‘unprecedented’ threat to two states

Woordvoerder van de premier: Impasse in het vredesproces is het resultaat van het Palestijnse besluit om de onderhandelingen te boycotten.

door Khaled Abu Toameh en Herb Keinon [J-Post]

De leiding van de PLO (Palestijnse Bevrijdingsorganisatie) heeft dinsdag (4 sep.) ervoor gewaarschuwd dat het Israëlische beleid in Jeruzalem en op de Westbank op korte termijn een ongekende en ernstige bedreiging vormt voor de tweestatenoplossing. De waarschuwing werd uitgegeven na een lange vergadering in Ramallah van het Uitvoerend Comité van PLO, onder het voorzitterschap van de president van de Palestijnse Autoriteit, Mahmoud Abbas.

De PLO zei dat het beleid van Israël van het ‘ver-Joodsen’ van Jeruzalem en het “etnisch zuiveren’ van de Westbank “de weg plaveit voor de mogelijkheid van de oprichting van één racistische staat waarin Israël zijn bezetting van de Palestijnse gronden zou handhaven en de creatie van een onafhankelijke Palestijnse binnen de grenzen van 1967 zou verhinderen.”

Het gesprek over het hervatten van de vredesonderhandelingen was bedoeld om “de Israëlische praktijken te verhullen”, zei de PLO en riep de V.N. op om tijdens de volgende sessie van de Algemene Vergadering een Palestijnse staat de status van niet-lidmaatschap te verlenen. Abbas zou dan later op de week overleg plegen met de Arabische landen over zijn vraag tot soevereiniteit door de Verenigde Naties tijdens een samenkomst van de ministers van BuZa van de Arabische Liga.

Mark Regev, woordvoerder voor premier Benjamin Netanjahoe, antwoordde hierop met te zeggen dat de ‘reden voor de impasse in het vredesproces het Palestijnse besluit is om vredesonderhandelingen te boycotten.’ Regev zei dat de Palestijnen constant geweigerd hebben om met de regering van Netanjahoe te onderhandelen en hebben aldus een situatie hebben gecreëerd waardoor er maandenlang geen aanzienlijke vooruitgang is geweest.

Regev zei dat Israël “zich zorgen maakt over een aantal extremistische uitspraken die door Palestijnse ambtenaren wordt gebezigd. Hun weigering om een Joodse band met Jeruzalem te erkennen, daarmee 3.000 jaar geschiedenis negerend, lijkt deze extremistische elementen beter uit te komen dan mensen die beweren zich aan de vrede te engageren.”

Regeringsambtenaren van de PA hadden oorspronkelijk aangekondigd dat Abbas een verzoek om lidmaatschap in de V.N. zou voorleggen tijdens de zitting van de Algemene Vergadering in New York begin deze maand. Nochtans, na Amerikaanse druk, heeft Abbas beslist die ‘truc met de duif‘ uit te stellen tot nà de presidentiële verkiezingen in de V.S.

PLO Secretaris-generaal Yasser Abed Rabbo vertelde na de vergadering tegenover verslaggevers dat de Palestijnen beslist hebben om een verzoek om lidmaatschap in de V.N. in de loop van de maand voor te leggen. Hij zei dat de Palestijnen hoopten dat de V.N. hen statuut van waarnemer zouden verlenen, zodat de PA wel kan deelnemen aan de activiteiten van de V.N. maar geen stem kunnen uitbrengen noch voorstellen kunnen indienen.

Abed Rabbo zei dat de PA zijn verzoek aan de V.N. zou coördineren met Arabische landen, de EU en met de leden van de Niet-Gebonden Beweging (NAM). Hij erkende dat de leiding van de PA onder druk wordt gezet om af te zien van de soevereiniteitskwestie. “Er wordt altijd druk uitgeoefend wanneer er diplomatieke activiteit is,” zei Abed Rabbo. “Er zijn sommige partijen die ons niet naar de V.N. willen zien gaan. Maar er zijn ook anderen die ons steunen en ons duwen om naar de V.N. te gaan.’

Een regeringsambtenaar van de PLO zei dat de campagne van Avigdor Lieberman, Israël’s minister van Buitenlandse Zaken, gericht was tegen Abbas om de hernieuwde vraag om soevereiniteit tegen te werken. Abed Rabbo beschuldigde de Israëlische regering van het onderschrijven van de campagne van Lieberman die, zo zei hij, de spanningen op dat gebied doet toenemen.

[Brabosh: Minister Avigdor Lieberman had een brief geschreven gericht aan de leden van het Kwartet voor het M-O (V.S., EU, Rusland en de V.N.) waarin hij de Palestijnse Autoriteit dringend opriep om verkiezingen te houden en een “nieuw, legitiem en hopelijk realistisch leiderschap” te kiezen. Hij zei onder meer dat “de Palestijnse Autoriteit een despotische regering is die drijft op corruptie.” Zoals bekend is de ambtstermijn van Mahmoud Abbas sinds 2009 verstreken omdat de PA nog steeds in de clinch ligt met Hamas in de Gaza en het daardoor niet eens geraakt om verkiezingen te houden.]

Betreffende de kritiek van Lieberman, vertelde een regeringslid tegen de PA, die voortdurend heeft gezegd dat de huidige regering een “obstakel voor de vrede is”, niet het recht heeft om Lieberman te bekritiseren om dezelfde woorden te gebruiken tegen Abbas.