De rechts-reactionaire opvattingen inzake Israël & Palestina [Roelf-Jan Wentholt]

De rechts-reactionaire opvattingen inzake Israël & Palestina

door Roelf-Jan Wentholt

Veel Israël-haters koesteren een rechts-reactionair beeld van de geschiedenis van Israël dat van geen kanten klopt. Zij stellen dat de Joden de Arabieren verdreven om zo ruimte te krijgen voor de eigen Joodse staat. Zo is het beslist niet gegaan.

Het is van het grootste belang een helder beeld te krijgen van de situatie in de landstreek Palestina voorafgaand aan de komst van de Joden. Het begin van deze geschiedschrijving plaats ik midden negentiende eeuw.

Wat weten we van de toestand van Palestina toen? We weten dat het land schaars bevolkt was (1). We weten dat de macht absoluut in handen was van een kleine groep Arabische feodale landheren. Deze Arabische Heren verdienden hun inkomen door de arme Arabieren op een vreselijke manier uit te persen. De arme Arabieren bewerkten het land van de feodale heren en moesten daarvoor enorm veel betalen.

De arme Arabieren hadden geen enkele kans op een verbetering van hun lot. De meesten van hen stierven met schulden die hoger waren dan aan het begin van hun leven. De feodale heren dienden geen enkel groter belang dan het vullen van hun zakken. Iedere economische ontwikkeling was daardoor onmogelijk. Deze Arabische elite diende geen enkel gezamenlijk belang, zij dienden slechts hun eigen belang (2).

Joden en christenen waren in deze wereld derderangs burgers volgens het islamitische idee van het Dhimmie-contract. De christen of jood die zich aan dit contract wenste te onttrekken kon rekenen op de doodstraf. Want zo is de islamitische wet. Het is onderwerping en dus derderangs burger worden, bekering en dus islamiet worden of de dood (3). Zo hadden de arme Arabieren toch nog iets om op neer te kijken: joden en christenen. Waarbij op de joden nog dieper werd neergekeken dan op de christenen. Dat is allemaal gewone, alledaagse islamitische kost (4). Maar, grote maar, het heeft er alle schijn van dat de islamitische traditie behoorlijk was ingedommeld. Zo lees ik in verslagen van eind 19-de eeuw over het innen van de speciale belasting voor christenen en joden dat a) deze belasting niet heel hoog was en b) deze belasting niet met veel overtuiging werd geind (5). Toen de joden zich meer en meer zelfstandig begonnen te gedragen was dit een verder opzeggen van het Dhimmie-contract. En dan komt het moment waarop de Arabische elite dit onder ogen ziend, de hele islamitische onderdrukkingssytematiek weer van stal haalt en met vernietigende kracht weer in werking stelt. Die vernietigende kracht richt zich ook op Arabieren die het goed met de joden konden vinden. Duizenden (ja, duizenden) Arabieren werden vermoord om hen in het islamitische gareel te dwingen. De beruchte Amin Hoesseini speelt hier een belangrijke rol. De Hoesseini’s vormden de absolute top van de absoluut feodale pyramide.

De conclusie is gerechtvaardigd dat de onderdrukkers van de Arabische massa bestonden uit Arabische feodale heren. Het is treffend dat ook anti-Zionistische geschiedschrijvers dit beeld van Arabische uitbuiting van arme Arabieren bevestigen. Ik wil het dan ook als erkend historisch feit hier vaststellen. Wie het wenst te betwisten is welkom, uiteraard, in de comments.

Dan komt eind 19-de eeuw in Europa de beweging op gang die we nu Zionisme noemen. Het is het idee van de Joden om een eigen tehuis te gaan bouwen in de landstreek Palestina. Hoe denken deze Zionisten dat te bereiken? Zij hebben daar veel over geschreven. Zij gaan dat doen door land aan te kopen. Niks veroveren, niks verdrijven. Er is een overvloed aan documenten die toont dat de Zionisten land willen gaan kopen. En dat doen ze dan ook (6). Dus er is geen sprake van verovering. Het enige waarvan de Joden beschuldigd konden worden is dat zij zeiden: wij gaan nu in zelfstandigheid voor ons zelf zorgen en wij zullen dat doen zonder iemand te benadelen. Het is deze keuze voor zelfstandigheid die een opzegging van het Dhimmie contract inhoudt die dan op den duur het gehele islamitische onderdrukkingssytematiek weer wekt. Maar eind 19-de eeuw lijkt er wel enige grond te zijn voor joods optimisme over vestiging in de landstreek Palestina. Het islamitische onderdrukkingssysteem was onder zijn eigen dynamiek van bewegingsloosheid, ingedommeld, versloft en versufd.

Van wie kopen de joden die grond? Die grond kopen ze in de eerste plaats van de Arabische feodale heren. Tegen exorbitante prijzen, stel u voor een prijsstijging met een factor 50 (7). Dat gaat goed, zou je denken. Arabische feodale heren tevreden, joden tevreden. Maar hier gaat het mis. Want de feodale heren zien in de komst van de Joden ook een ernstige bedreiging van hun feodale positie. De arme Arabieren hebben geweldig baat bij de komst van de joden. Zij kunnen zich nu aan het feodale juk onttrekken. Economische groei, aangevuurd door de joodse investeringen brengt allerlei kansen en verbeteringen. Ook voor de arme Arabieren. De feodale heren zijn niet geïnteresseerd in economische groei, zij zijn alleen en uitsluitend geïnteresseerd in hun eigen belangen. Daarom gaan zij, terwijl ze land blijven verkopen aan de Joden tegen woekerprijzen, een strijd aan tegen de joden. Die strijd laten ze voeren door . . . de arme Arabieren. Waarom zijn die arme Arabieren zo dom om hierin te trappen? Ja, dat is een vraag die wel vaker opdoemt in de geschiedenis. Een deel van het antwoord ligt in de genadeloze terreur die de Arabische feodale heersers meer en meer loslaten op de arme Arabieren. Een ander deel van het antwoord ligt in de islamitische haat-ideologie waar de Arabische feodale heren uit kunnen putten om de armen te ‘inspireren’.

Om de moraal van de feodale heersers nog even nadrukkelijk te tonen: de Heren laten kleine grondbezitters vermoorden als deze hun grond direct aan de joden pogen te verkopen. De Heren dwingen de armoedige Arabieren de grond aan hen te verkopen, tegen hele lage prijzen, waarna ze de grond tegen zeer hoge prijzen door verkopen aan de joden. Dezelfde joden die ze door geweld en terreur proberen te verjagen, zodat ze dan de grond ook meteen weer in handen zullen hebben. Onvoorstelbaar smerige maffia-praktijken mag je dit toch wel noemen.

Als in Europa de Eerste Wereldoorlog uitbreekt komt er nog een partij in beeld: Britse bestuurders en militairen. De Ottomanen mengen zich in de Tweede Wereldoorlog en scharen zich aan de zijde van Duitsland c.s. De Ottomanen kennen we nu als de Turken. Een groot deel van het Midden Oosten was destijds onderworpen aan de Turken. De Turken verliezen de strijd. Het Ottomaanse Rijk wordt opgedeeld door de overwinnaars Frankrijk en Engeland. Deze overwinnaars helpen in het Midden Oosten een hele reeks nieuwe landen te stichten. Alles in overleg en keurig volgens internationaal recht en met instemming van de Turken en inspraak van de lokalen. Zo ontstonden Syrië, Irak en Libanon. Voor het gebied dat nu Israël is plus het gebied dat nu Jordanie is geeft de Volkenbond (een onbetwiste internationaalrechtelijke instantie) aan Engeland de opdracht daar een tehuis voor het Joodse volk te stichten (8).

Waarom gaf de Volkenbond deze opdracht? Omdat het volstrekt voor de hand lag. De joden konden wijzen op oude banden met het gebied en zij konden wijzen op het succes van de streken die zij beheersten. De joden konden ook overtuigend aantonen dat de stichting van het joods tehuis niet ten nadele zou zijn van al in de streek wonende andere groepen als christenen en moslims. Integendeel. Het zou in het voordeel zijn van deze andere groepen (9). De enige partij die zich benadeeld voelde door deze overeenkomst waren de Arabische feodale onderdrukkers.

Wie de periode die we nu aansnijden goed wil begrijpen moet eigenlijk even kijken naar dit filmpje op het Staatsjournaal (http://nos.nl/video/224350-koningin-beatrix-is-aangekomen-in-qatar.html). We zien Beatrix heel vergenoegd de allerhoogste Nederlandse onderscheiding aanbieden aan een typische Arabische feodale uitbuiter: de Emir van Qatar. Het immer linkse Staatsjournaal is helemaal onder de indruk en spreekt op haast fluisterende toon vol ontzag over de Emir en zijn paleis. Niemand kan zich aan de indruk onttrekken dat zowel Beatrix als het Staatsjournaal zich uitstekend thuis voelen bij de Emir. Zo’n nette man! Zie hier hoe ook heden ten dage de Europese aristocratie zich helemaal thuis voelt bij de Arabische feodale heren.

Zo verging het ook de vele aristocraten in het Britse leger en bestuur die in Palestina terecht kwamen. Zij voelden zich van nature aangetrokken tot de deftige Arabieren en zij voelden een even natuurlijke, Brits-aristocratische afkeer van armoedige en lawaaierige Joden die ook nog eens alsmaar zeurden over wet en recht. Nee, dan zo’n feodale hufter, daar kon je vlot en in alle rust zaken mee doen. Velen in het Britse bestuur kiezen dan ook partij tegen de joden in de streek en lappen de opdracht van de Volkenbond aan hun laars. Zij proberen met alle middelen, waaronder het steunen van Arabische terreur die de Arabische feodale hufters organiseren, de stichting van een joods tehuis tegen te gaan (10). Het resultaat is: voortdurende terreur tegen de joden. In 1920 nemen de Britten het bestuur op zich. Dan is er ook meteen de eerste pogrom, georganiseerd door dé “religieuze” leider van de Arabische feodale hufters: Amin Al Hoesseini. In 1929 volgt weer een grote uitbarsting en in de periode ’36 – ’39 is er voortdurend Arabisch terroristisch geweld tegen de joden (11). De Arabische terreur wordt door de Britten beloond door te beloven minder joden toe te laten tot het gebied. Arabieren stromen onbelemmerd binnen (12.) Vele Arabieren komen naar het gebied toe aangelokt door de economische mogelijkheden die Joden hadden gebracht.

De armoedige Arabieren werden door de moordenaars van het feodale bestuur belaagd als zij waagden het in hun hoofd te halen met de joden samen te werken. Deze terroristische rotzooi die geleid werd door de feodale heersers die niets dan hun eigen uitbuitersbelang dienden, wordt nu door Vermeersch en soortgelijken gepresenteerd als een uiting van het Arabische nationale gevoel. Dat is werkelijk een zo absurde claim dat er haast niet tegenop valt te redeneren. De feodale elite zag het ‘nationale gevoel’ alleen als een instrument om de feodale belangen mee te bewaken. Met nationaal belang had dit niets maar dan ook niets te maken. Met legitiem bestuur zo mogelijk nog minder.

Om het nog eens heel anders te benaderen: In 1937 krijgen de Palestijnse Arabieren voor het eerst een eigen staat aangeboden. De joden gaan akkoord, de Arabieren wijzen het plan van de hand. Hadden de Arabieren verstandige en verantwoordelijke leiders gehad dan hadden ze dit voorstel aanvaard. Helaas worden de Arabieren, in de hele Arabische wereld geleid door maffia-bazen. Verantwoordelijke leiders maken keuzes in het belang van het volk. Zulke leiders hadden vanaf 1937 in het kielzog van het economisch succes van Israel een prachtstaat kunnen ontwikkelen. Die staat zou ongeveer dezelfde politiek-economische koers gevaren hebben als Israel. Omdat die koers de verstandige koers is. Het is de koers die welvaart brengt en het Goede Leven. Dit betekent dat die Arabisch-Palestijnse staat een heel normaal land zou zijn geworden. De grenzen met Israel zouden er zo uitzien als de Nederlandse grens met Duitsland omstreeks, pak hem beet, 1965. Maar helaas, het lot van de Palestijnse Arabieren ligt in handen van maffia-tuig.