14 juni 1940: De eerste gevangenen komen toe in concentratiekamp Auschwitz [Michael Omer-Man]

De geschiedenis van het concentratiekamp Auschwitz I, het basiskamp van wat later een reusachtig kampencomplex zou worden, begon met de aanstelling op 5 mei 1940 van Rudolf Höss als kampcommandant. Het eerste gevangenentransport met dertig Duitse criminelen arriveerde op 20 mei 1940. Hun taak was om samen met driehonderd Joden uit de nabijgelegen Poolse stad Oswiescim de oude, deels ommuurde voormalige Poolse legerkazerne om te bouwen tot een concentratiekamp. Aanvankelijk werden achttien gebouwen als barakken gebruikt, waaronder een kampziekenhuis en een kampgevangenis; er werden wachttorens gebouwd en werd prikkeldraad geplaatst. Buiten het kamp lagen twee gebouwen voor de kampstaf en een crematorium dat in een van de buitenwereld afgeschermde oude munitiebunker was ingericht.

Op 14 juni 1940, toen het kamp was opgeknapt, kwam het eerste officiële gevangenentransport met 728 Poolse politieke gevangenen uit Tarnów aan in Auschwitz. Onder deze gevangenen bevond zich Wiesław Kielar, gevangene nummer 290, die vijf jaar Auschwitz zou overleven. Over die eerste groep Poolse en enkele Joodse gevangenen gaat dit korte artikel van Michael Omer-Man [bron]

This Week in History: Prisoners arrive at Auschwitz

door Michael Omer-Man [J-Post]

“Jonge en gezonde mensen leven hier niet langer dan drie maanden. Priesters één maand, Joden twee weken. Er is slechts één uitgang en die gaat door de schoorstenen van de crematoria”. Dat was de boodschap die de 728 gevangenen kregen te horen na hun aankomst in Auschwitz op 14 juni 1940 met het eerste massatransport, zoals later door de thans 90-jarige Kazimierz Albin werd verhaald die het geluk had om het kamp te overleven.

De eerste groep die de nazi’s naar Auschwitz zonden, dat later één van de beruchtste instellingen voor moord werd in de geschiedenis van de mensheid, was samengesteld uit Poolse politieke gevangenen. Zij kwamen in het gevangeniscomplex toe, twee jaar alvorens het kamp een uitroeiingsfabriek voor de Joden werd, maar de boodschap die hen door de kapitein van het kamp werd geleverd maakte meteen duidelijk dat dit geen gewone gevangenis was.

De Poolse gevangenen, die met de trein vanuit Tarnow werden aangevoerd, waren meestal Polen die ervan beschuldigd werden te behoren tot het verzet en onder hen bevonden zich ook een aantal Joden. Nadat zij die bewuste dag uit de trein stapten, kregen zij een gevangenisnummer dat tevens op hun arm werd getatoeëerd. Deze eerste groep kreeg de nummers tussen 31 en 758 toegewezen. De gevangenen van 1 tot 30, waren toegekend aan Duitse misdadigers, die een maand eerder naar het kamp werden gezonden.

“Mijn broer stond voor mij. Hij kreeg het nummer 116; en Kapitein Stachowicz van de eenheid kreeg nummer 117. Ik kreeg nummer 118. De lijst van ons transport begon met Stanislav Ryniak, nummer 31, en eindigde met Ignacy Plachta, nummer 758.”, herinnerd Albin zich van de eerste minuten na zijn aankomst in het kamp. “Na die formaliteiten dreven de Kapos ons… naar het naamafroepingsplein, waar wij ons in 5 rijen moesten opstellen.”

De volgende twee jaren bleven de Nazis Poolse politieke gevangenen sturen naar het concentratiekamp, gelegen aan de samenvloeiing van de rivieren Vistula en Sola. In 1942 echter, bedachten Adolf Hitler en zijn nazi-regime de Endlösung (de Definitieve Oplossing van de Jodenkwestie) om Europa van zijn Joden te bevrijden, een plan waarin Auschwitz een centrale rol zou spelen. Op 25 januari van dat jaar, gaf Heinrich Himmler het bevel aan de kampautoriteiten om zich voor te bereiden op de komst van 150.000 Duitse Joden.

Het eerste transport dat uit Joden was samengesteld, kwam zowat drie weken later uit Bytom aan, een door Duitsland geannexeerd gebied van Polen. Dat jaar werden zowat 175.000 Joden gebracht naar het uitroeiingskamp. In de komende maanden en de jaren, stegen de deportaties aan Auschwitz in snelheid, frequentie en grootte.

Ophanging van kampcommandant Rudolf Hoss in ‘zijn’ Auschwitz op 16 april 1947

Toen het Sovjet Rode Leger eindelijk in Auschwitz aankwam om het in 1945 te bevrijden, beschreef een majoor-generaal het kamp als volgt: “de afschuwelijke schurkenstreken van de Duitse duivels in het kamp Auschwitz, overtreffen alle wreedheden die ons bekend zijn”. Maar zelfs na de bevrijding, werd zal de tijd om de volledige omvang te bevatten van de wreedheden die de nazi’s pleegden, nog vele maanden en jaren in beslag nemen vooraleer deze bekend raakten.

Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog, toen het kamp werd bevrijd, bleken 1,1 miljoen Joden naar Auschwitz te zijn gezonden; 90 percent van hen werden uitgeroeid door de genocidale moordmachine van de nazi’s die vijf jaar geleden werd opgericht en voor het eerst met dat doel werd bevolkt. Meer dan 100.000 niet-Joden werden eveneens vermoord binnen het grensgebied van het meest dodelijke concentratiekamp. Van de oorspronkelijke 728 Poolse politieke gevangenen die naar Auschwitz werden gebracht, overleefden uiteindelijk ongeveer 200 van hen de oorlog.

In de decennia die volgden na het einde van de Holocaust, is Auschwitz één van de bekendste symbolen geworden van de onvergelijkbare volkerenmoord van de nazi’s op de Joden en de vooropgezette liquidatie van Zigeuners, homoseksuelen en anderen. Maar zoals blijkt uit het getuigenis van de eerste groep gevangenen die in het doodskamp toekwamen, waren de Joden en andere minderheden niet de enige die leden onder de onmenselijke behandeling en aan het moordende lot in Auschwitz. Hoewel hun aantallen miniscuul waren in vergelijking met de Joden die in het kamp vergast en verbrand werden, deelden de politieke gevangenen, de krijgsgevangenen en de misdadigers van gemeenrecht hetzelfde lot.


Kazimierz Albin werd geboren in het Poolse Krakau in 1922. In januari 1940, werd hij opgepakt in Slovakije toen hij op weg was naar Frankrijk om er dienst te nemen in het Poolse Leger dat toen in opbouw was. Na opsluiting in verschillende gevangenissen in Presev, Muszyna, Nowy Sącz en Tarnów, werd hij met het eerste gevangenentransport naar Auschwitz  gezonden waar hij het nummer 118 kreeg.

In februari 1943 slaagde hij erin om te ontsnappen en dook onder een valse naam in Krakau. Na een opleiding in de kadettenschool van Krakau pleegde hij met het Poolse ondergrondse leger tot aan het einde van WOII talrijke verzets- en sabotagedaden. In 1989 publiceerde hij zijn memoires “List Gończy” (Warrant of Arrest / Bevel tot Arrestatie) waarin hij verhaalt over de drie jaar dat hij opgesloten zat in Auschwitz en twee jaar in de Poolse ondergrondse. [bron]


Met dank aan Katrien A. voor de hint.

Advertenties

Een gedachte over “14 juni 1940: De eerste gevangenen komen toe in concentratiekamp Auschwitz [Michael Omer-Man]

Reacties zijn gesloten.