Doel van vijf nieuwe VN-resoluties tegen Israël: aandacht afleiden van oorlogsmisdaden elders

UN Intentions

bron: redactie http://www.jpost.com/

Net zoals het onderzoek van Richard Goldstone, zal de door de VN voorgestelde “onderzoeksopdracht,” indien ze wordt gecreëerd, de aandacht van oorlogsmisdaden elders doen afwijken.

De Raad van de Rechten van de Mens van de Verenigde Naties heeft vorige week Israël andermaal veroordeeld in vijf resoluties, exact hetzelfde aantal dat uitgesproken werd tegen… de rest van de wereld.

Slechts twee veroordelingen waren gericht tegen de regering van Syrië, die onder president Bashar Assad doorgaat om zijn bevolking af te slachten. Slechts één resolutie betrof Iran, maar gold niét zijn onwettig kernprogramma of zijn vele schendingen van de mensenrechten, maar enkel om het mandaat van een onderzoeker aldaar te vernieuwen. (Momenteel zijn er 10 rapporteurs door de UNHRC benoemd, maar slechts één – Richard Falk, de speciale rapporteur van de V.N. voor de Palestijnse mensenrechten – is permanent hoeft niet jaarlijks te worden vernieuwd.)

De meest potentieel schadelijke resolutie die tegen Israël donderdag werd ingebracht was een besluit “om een onafhankelijke internationale onderzoeksmissie te zenden, die door de voorzitter van de Raad van de Mensenrechten zal worden benoemd, om de implicaties te onderzoeken van de Israëlische nederzettingen op de burgerlijke, politieke, economische, sociale en culturele rechten van het Palestijnse volk over het hele Bezette Palestijnse Grondgebied, met inbegrip van Oost-Jeruzalem.”

Snel verder lezen KLIKKEN op–>>

Net zoals het onderzoek van Goldstone, zal de voorgestelde “onderzoeksmissie” indien ze wordt gecreëerd, ongetwijfeld een massieve internationale wettelijke, politieke en mediacampagne genereren tegen Israël, die gemakshalve de aandacht zal afleiden van schendingen van de mensenrechten of oorlogsmisdaden (zoals het afvuren van mortiergranaten, qassam- en gradraketten vanuit de door Hamas gecontroleerde Gazastrook op Israëlische burgers) die elders in de wereld worden begaan.

En net zoals tijdens het Goldstone onderzoek, staan wij opnieuw voor een dilemma: moet Israël samenwerken met de onderzoeksmissie van de UNHRC of zouden we maar beter de organisatie in zijn geheel boycotten? Dan Meridor, de minister voor Inlichtingenzaken en Atoomenergie, liet de vraag open, zeggende in het programma Meet the Press op Kanaal 2 dat Jeruzalem beter kan afwachten om te zien wat het mandaat van de commissie inhoudt en wie er allemaal lid van uitmaakt, vooraleer een definitief besluit te nemen. Nochtans, zei een andere overheidsambtenaar Israël niet “met een kangoeroe gerechtshof zou samenwerken”.

Israël heeft hard gestreden om in 1949 te worden opgenomen in de Verenigde Naties. Terwijl talrijke leden van de V.N. hard geprobeerd hebben – in het bijzonder de Arabische staten – om ons buiten te sluiten. De strijd om deel uit te maken van de V.N. is afkomstig uit een ethos – een Zionistische ethos – om met de andere naties als een gelijke om te gaan en te worden behandeld. De Staat Israël werd nooit bedoeld om een hedendaags getto te zijn. Door samen te werken toont Israël zijn goed vertrouwen, blijkt het een bonafide deelnemer van de V.N. te zijn en brengt het de boodschap dat wij niets te verbergen hebben. De samenwerking (met de V.N.) biedt ons ook de kans om de onvermijdelijke schade te verzachten.

Echter, van de andere kant gezien wil samenwerken ook zeggen dat het legitimiteit verleent aan de bevindingen. Het geeft tevens de indruk dat, ondanks dat een eerlijke kans wordt geboden om dit te doen, Israël er niet in slaagde om de UNHRC van zijn houding inzake te nederzettingen te overtuigen. Door te weigeren samen te werken, behoudt Israël zich het recht voor om het feitelijke mandaat van de onderzoeksmissie van de UNHRC compleet te verwerpen.

Jammer genoeg, oordelend vanuit de ervaring met de V.N., lijkt de kans erg klein dat samenwerken het resultaat beduidend zal beïnvloeden. In februari 2011, na de voltooiing van een zesdaags bezoek aan Israël waarin het Buitenlands Ministerie, de IDF, het Hooggerechtshof en andere staatsinstellingen volledig samenwerkten, gaf de Hoge Commissaris van de V.N. voor de Rechten van de Mens Navi Pillay een verklaring uit waarin Israël een afranseling kreeg voor zijn vermeende schendingen van de internationale wetten. Geen gelijkaardige verklaringen werden ooit uitgegeven omtrent landen zoals China, Rusland, Cuba, Saudi-Arabië, Venezuela, Vietnam en Zimbabwe, waar de rechten van de mens regelmatig worden geschonden.

Het feit dat 29 van de 47 lidstaten (waaronder helaas ook België) in de UNHRC stemden om een “onderzoeksmissie” aan te stellen, is een bewijs van hun partijdigheid jegens Israël. Want terwijl het zinnig is om een onderzoeksmissie naar Syrië te zenden, waar de journalisten voor hun leven vrezen en rapporten vrij summier zijn, is er geen gebrek aan informatie over nederzettingsactiviteiten in Judea en Samaria. Een massa linkse NGOs en buitenlandse regeringsvertegenwoordigers volgen de groei van de nederzettingen op de voet.

Maar terwijl het hen goed uitkomt om hen te gebruiken om Israël te bashen, vormen niet de nederzettingen het echte probleem. De weigering van de Palestijnse leiding om directe onderhandelingen zonder pre-condities aan te vatten en niét de Israëlische nederzettingen, is het werkelijke obstakel voor de vrede. Een Palestijnse staat zal niet gevestigd worden door de UNHRC in Genève of in New York, maar slechts via directe onderhandelingen met Israël. Het aandringen van de Palestijnse leiding op eenzijdige maatregelen, zoals een beroep doen op de UNHRC, schijnt een voorkeur te geven om de Israëliërs te beschadigen en te delegitimiseren boven een dialoog te voeren met ons.


Met dank aan Tiki S. voor de hint.