Het einde voor het Palestijnse “recht op terugkeer” [Daniel Pipes]

“Het demografische wapen van de Arabieren om Israël te verwoesten,” zo wordt dat Recht op Terugkeer gemeenzaam genoemd. Gaat het niet met de wapens, dan maar door een overtal in mensen. En deze Arabische antisemitische cartoon maakt ook duidelijk dat het niet enkel om terugkeren gaat. Op de sleutel in kwestie [symbool voor het Palestijnse Recht op Terugkeer] zit een gom waarmee op het plaatje een Joodse Davidster wordt weggegomd. Juist, dàt is het echte doel: de aankondiging van een genocide. De Joden moeten weg, de Joden moeten dood. Niet alleen Israël moet weg, maar alles wat ooit naar Joden of het Jodendom heeft verwezen, moet verdwijnen, worden weggegomd. Voorgoed en voor altijd. Weg. Foetsie.

Das Aus für das palästinensische “Rückkehrrecht”

door Daniel Pipes [http://europenews.dk]
vertaling E.J. Bron [http://ejbron.wordpress.com]

Van 1967 tot 1993 kregen slechts enkele honderden Palestijnen van de Westbank en de Gazastrook het recht om in Israël te leven door te trouwen met Israëlische Arabieren (die bijna 20% van de Israëlische bevolking uitmaken) en zodoende het Israëlische staatsburgerschap verwierven. Daarna boden de Akkoorden van Oslo een minder gebruikte mogelijkheid van familiehereniging, die van deze druppel een rivier maakte: van 1994 tot 2002 trokken 137.000 inwoners van de Palestijnse autonome gebieden naar Israël; enkelen van hen gingen schijnhuwelijken aan of deden aan polygamie.

Israël heeft twee redenen om bang te zijn voor deze ongecontroleerde immigratie: ten eerste vormt deze een veiligheidsrisico. Yuval Diskin, chef van de geheime dienst Shin Bet, merkte in het jaar 2005 op, dat van de 225 Israëlische Arabieren, die in terreur verwikkeld waren, 25 – dus 11% – via de mogelijkheid tot familiehereniging legaal naar Israël kwamen. Ze gingen in de aanval, vermoordden 19 Israëli´s en verwondden 83; de meest beruchte van hen is Shadi Tubasi, die als zelfmoordactivist in 2002 in het Matza restaurant in Haifa 15 mensen vermoordde voor Hamas.

Ten tweede dient deze als Stealthversie van het Palestijnse “recht op terugkeer”, waarmee het joodse karakter van Israël wordt uitgehold. Deze 137.000 nieuwe staatsburgers vormen ongeveer 2% van de bevolking van Israël – geen gering aantal. Yuval Steinitz, nu Minister van Financiën, herkende in 2003 in de aanmoediging van de Palestijnse Autoriteit (PA) tot familiehereniging een “weloverwogen strategie” ter verhoging van het aantal Palestijnen in Israël en van de ondermijning van diens joodse karakter. Ahmed Qurei, een Palestijnse toponderhandelaar, bevestigde deze angst later: “Als Israël onze voorstellen over de grenzen (van een Palestijnse staat) blijft afwijzen, zouden we het Israëlische staatsburgerschap kunnen eisen”.

Snel verder lezen KLIKKEN op–>>

Als antwoord op deze twee gevaren nam het Israëlische parlement in juli 2003 de “wet op het staatsburgerschap en toetreding tot het Israëlische recht” aan. De wet verbiedt, dat Palestijnse familieleden automatisch een verblijfsrecht of het staatsburgerschap krijgen; er bestaan tijdelijke en onbeperkte uitzonderingen, die door het Israëlische Ministerie van Binnenlandse Zaken moet worden bevestigd, dat zij zich “met Israël identificeren” of op andere wijze nuttig zijn. Gezien de scherpe kritiek bevestigde de toenmalige minister-president Ariel Sharon in het jaar 2005: “De staat Israël bezit alle recht om zijn joodse karakter te behouden en te beschermen, zelfs wanneer dat betekent dat dit de inburgeringpolitiek beïnvloedt”.

Volgens informatie van Sawsan Zaher, een advocaat, die de wet aanvocht, zijn er slechts 33 van de 3000 uitzonderingsverzoeken goedgekeurd. Israël staat niet alleen in het overnemen van strikte voorwaarden voor familiehereniging: In Denemarken bijvoorbeeld gelden zulke regels al tien jaar lang (hier werd o.a. een Israëlische echtgenoot buiten het land gehouden), Nederland en Oostenrijk volgden het voorbeeld. Begin januari bevestigde het hoogste gerechtshof in Israël met 6 tegen 5 stemmen deze baanbrekende wet en maakte deze daarmee definitief. Het recht om met iemand te trouwen werd erkend, maar het gerechtshof wees het af, dat dit tevens het recht op een verblijfsvergunning omvat. De gedoodverfde president van de rechtbank, Asher Dan Grunis, schreef in zijn meerderheidsmening: “Mensenrechten schrijven geen nationale zelfmoord voor”.

Mahmoud Abbas van de PA: 'Joden buiten! Moslims binnen!'

Dit model van Palestijnse emigratie naar Israël gaat terug tot bijna 1882, toen Europese joden begonnen aan hun aliyah (Hebreeuws voor “bestijging/beklimming”, waarmee de immigratie in het land Israël wordt bedoeld). In 1939 merkte Winston Churchill op, dat de joodse immigratie naar Palestina een gelijksoortige Arabische immigratie had gestimuleerd: “zonder enige kans op vervolging zijn de Arabieren in groten getale het land binnengedrongen en hebben zich vermenigvuldigd, totdat hun bevolking is toegenomen”.

Kortom: Men hoefde geen Jood zijn om van de hoge levensstandaard en van de wetgetrouwheid van de zionistische samenleving te profiteren. Joan Peters behoort tot diegenen, die het thema hebben onderzocht; zij schat, dat er van 1893 tot 1948 een tweevoudige joodse en Arabische immigratie plaatsvond van “minstens dezelfde omvang”. Dat is niet verrassend: andere moderne Europeanen, die zich in dunbevolkte streken vestigden (men kan denken aan Australië of Afrika), schiepen ook samenlevingen, die inheemse volkeren aantrokken.

Dit model van de Palestijnse aliyah heeft zich sinds de geboorte van Israël voortgezet. Ze mogen dan antizionistisch zijn, maar economische immigranten, politieke dissidenten, homoseksuelen, informanten en eenvoudige mensen stemmen met hun voeten; ze geven de voorkeur aan de moderne en liberale staat van het Nabije oosten boven de ellendige holen van de PA of Hamas. En denk er ook eens aan hoe weinig Israëlische Arabieren naar de Westbank of de Gazastrook trekken om daar met hun partner te leven, hoewel er geen juridische hindernissen bestaan die hen daarvan zouden kunnen afhouden.

De beslissing van het hoogste gerechtshof heeft belangrijke gevolgen op de lange termijn. Zo schrijft Eli Hazan in Israel Hayom: “Het gerechtshof besliste formeel, maar ook in de praktijk, dat de staat Israël een joodse staat is en maakte daarmee een einde aan een jarenlange discussie” Het sluiten van de achterdeur van “het recht op terugkeer” garandeert Israël´s zionistische identiteit en toekomst.