De Iraanse atoombom en wij

Protest tegen het Iraanse atoomprogramma aan het Duitse bondsgebouw - foto: AP

Irans Atombombe und wir

door Matthias Küntzel
van 30 juni 2011
bron: Deutschlandradio Kultur
vertaling uit het Duits door E. J. Bron [Amsterdam Post]

In mei van dit jaar sloeg de IAEA alarm. Het berichtte over Iraanse “activiteiten ter ontwikkeling van een nucleaire raketinrichting”. Het bedreigingpotentieel is enorm, zegt Matthias Küntzel: “De Iraanse bom zou voor het eerst het vernietigingspotentieel van de kernsplitsing verenigen met de furore van een religieus fanatisme.

“Het is 07.00 uur ´s ochtends en een mooie dag. De zon is nog niet opgekomen, maar er is overal licht. Vandaag is de eerste ochtendschemering na de Iraanse atoombomtest. Het is een hele normale dag.”

Met deze woorden begint een artikel, dat onlangs door vertegenwoordigers van het Iraanse regime op een website van de Revolutionaire Gardes werd gepubliceerd. Daarin omschrijven de schrijvers niet alleen de plaats van een fictieve Iraanse atoomtest, maar ook de kracht van de explosie, ja zelfs de mogelijke krantenkoppen in de internationale media op de dag daarna.

Het doelwit van Iran: Israël vernietigen
Het enige doel van de Iraanse nucleaire ambities: Israël fysiek van de kaart vegen

Men zou misschien van een macabere grap kunnen spreken, als daar niet het nieuwste rapport van de directeur-generaal van het Internationaal Atoomagentschap geweest zou zijn. Eigenlijk onderscheiden de berichten van het agentschap zich door terughouding, maar in mei van dit jaar sloeg het IAEA alarm. Het berichtte over Iraanse “activiteiten ter ontwikkeling van een nucleaire raketinrichting”, over de “verandering van uraniummetaal in componenten, zoals deze nodig zijn voor atoomkoppen” en over experimenten om moderne atoomwapens af te vuren.

Terwijl het leek, alsof het computervirus Struxnet de atomaire plannen van het regime een halt zouden hebben toegeroepen, draait de uraniumarbeid opnieuw op volle toeren; zojuist kondigde het regime de verdrievoudiging van de uraniumverrijking tot 20% aan. Terwijl het ontwaken van de Arabische wereld onze aandacht vasthoudt, blijft de dreiging van de Iraanse president Ahmadinejad onopgemerkt: “Al we een bom willen bouwen”, verklaarde hij voor de staatstelevisie, “deinzen we voor niemand terug.”

Terwijl Duitsland zichzelf feliciteert met de nationale atoomuittreding, komt de “eerste dag van de Iraanse atoomtest” steeds dichterbij. “Nou en?”, zullen sommigen zeggen. “Laat ze toch! Anderen hebben de bom ook.” Maar zo eenvoudig is het niet. Saoedi-Arabië kondigde in het geval van een Iraanse atoomtest al eigen atoomwapens aan. Met de mogelijkheid van de Israëlische bom konden de Saoedi´s tientallen jaren lang leven, maar voor de expansiedrang en het irrationalisme van de sjiietische Apocalyptici zijn ze bang.

De Iraanse bom brengt echter niet alleen een nucleaire bewapeningswedloop op gang. Hij verhoogt het risico van nucleair terrorisme en cementeert de unieke onderdrukking van de mensen in Iran. “Geen paniek!”, verzekeren anderen. “De Iraanse leiding wil overleven en zal daarom niet zo´n stommiteit riskeren.”

Deze tegenwerping ziet iets specifieks van het regime over het hoofd: er bestaat geen tweede land, dat zo ongebreideld de martelaarsdood en de paradijsbelofte volgens het motto “Jullie willen het leven, wij de dood” propageert. De Iraanse bom zou voor het eerst het vernietigingspotentieel van de kernsplitsing verenigen met de furore van een religieus fanatisme. Het hieruit resulterende risico is groot – te groot in ieder geval voor Israël, dat deze bedreiging van zijn bestaan moeilijk kan accepteren.

De dag na de eerste Iraanse atoomwapentest zou daarmee alles anders dan een “normale dag” zijn, zoals in het begin van het geciteerde artikel wordt gezegd. Het zou de triomf van een moorddadig antisemitisch regime over de rest van de wereld zijn. Net zoals in 1914 de schoten van Sarajevo de catastrofes van de 20e eeuw inleidden, zo zou de Iraanse bom de voorbode van mogelijke verwoestingen van de 21e eeuw zijn.

De Revolutionaire Gardes eindigen hun atoomartikel met soera 8, vers 60 van de koran: “En maakt aan de grens alle mogelijke strijdkrachten en vastgehouden paarden voor hen gereed, waarmee gij de vijand van God en uw vijand en anderen buiten hen, die gij niet kent, doch die God kent, moogt afschrikken. En wat gij ook voor de zaak van God besteedt, het zal u ten volle worden terugbetaald en u zal geen onrecht worden aangedaan.” En toch bestaat er iets, dat nog opmerkelijker is dan het innerlijk voorbereiden op de bom in Teheran: de omstandigheid, dat niemand hier in het land er over praat.

Teheran, 6 juli 2011. De Iraanse Revolutionaire Garde voert in de Perzische golf – met de hulp van het zelfontworpen Ghadir radarsysteem – een succesvolle test uit met een 3-tal anti-schip missiles. Kolonel Asghar Gelichkhani brengt het verhaal.