Met de burka op de lijnbus

De voorbije weken moest ik nog enkele keren terugdenken over wat de Israëlische socioloog Oz Almog in Tel Aviv zei tegenover journalist Jan Leyers over de botsing van beschavingen in het Midden-Oosten.

“Er is een groot verschil tussen de Joods-christelijke beschaving en de moslimbeschaving. En dat verschil kan ik in één zin samenvatten. De westerse beschaving heeft nu een vrouwelijke structuur. Onze beschaving is vervrouwelijkt. Dat is de aard van de democratie. We laten ons minder leiden door onze testosteron. Prachtig. Op alle vlakken worden we uniseks.

Terwijl de moslimcultuur een patriarchale structuur heeft. Het is een beschaving van mannen en mannelijke regels. Kijk maar naar een moslimgezin. De man heerst over het gezin als een tiran. Waarom houden ze vrouwen gevangen achter de sluier? Die staat daar symbool voor.

Europese journalisten zien het conflict tussen de Arabieren en de Israëli’s als een politiek, territoriaal en geografisch conflict. Zelfs als een religieus conflict. Maar dat is het niet, geloof me. Het is een cultureel conflict. Wij horen bij de westerse beschaving. En dit is een andere beschaving. Ze is totaal anders.”

Het volgende [Arabisch moslim] verhaaltje over waarom veel moslimmannen [èn -vrouwen] vinden dat vrouwen een hoofddoek moeten dragen,  circuleert al geruime tijd op het internet. Het gaat over een gesprek in een lijnbus tussen een man wiens vrouw een hoofddoek draagt en een professor. Een perfecte illustratie over de patriarchale structuur binnen de islam en de rechteloze situatie van de moslimvrouw ten aanzien van de gemeenschap.

Wie is wie? Slet of slavin? Onderdrukt en uitgebuit of vrij en gelijk?

Met de burka op de lijnbus

Er was eens een jonge koppel in de bus. Een jonge man en zijn vrouw. Het koppel verschilde van andere koppels die men tegenkwam in die stad. De jonge vrouw droeg een hoofddoek. Op een gegeven moment heeft één van de passagiers zich omgedraaid naar hen toe en zei met een zachte stem:

“Jongeman.”

Hij zat tegenover het koppel. Aan zijn uiterlijk te zien, leek hij op een professor in een of andere universiteit.

“Heeft u het tegen mij?” vroeg de jongeman.

“Ja, tegen u.” antwoordde de man.

“Ik luister.” zei de jongeman beleefd.

“Ik wou je iets vragen. Ik hoop dat je niet boos zal worden op mij,” vervolgde de man. “Ik kijk nu al een tijdje naar jou en ik kan het niet begrijpen. Ik kan niet begrijpen hoe een man tegenwoordig zijn vrouw kan doen verhullen in een doek. De mens is al in de ruimte geweest, de wetenschap is met grote stappen ontwikkeld, de civilisatie heeft de top bereikt, maar jij, je laat je vrouw niet vrij leven. Kijk nu naar mijn vrouw (hij wees naar de onbedekte vrouw naast hem) zie je, zij is open en vrij en ze geniet van het leven. Maar jij.. (de man boog zich voorover naar de jongeman toe), misschien is hier een andere reden voor?”

De jongeman zei niets en keek uit het raam. Even later stopte de bus bij een halte. Buiten stonden er auto’s die bedekt waren met een waterdichte doek. De jongeman draaide zich naar de man en vroeg: “Ziet u die auto’s?”

“Ja, ik zie ze. En wat dan?” vroeg de man verbaasd.

“Waarom zijn ze bedekt?” vroeg de jongeman. “Het is toch duidelijk, omdat ze waardevol zijn. En de eigenaars van die auto’s niet willen dat hun auto’s beschadigd of vernield worden. Ze zorgen voor die auto’s. En die bussen die naast de auto’s staan, waarom zijn die niet bedekt? Omdat ze openbaar vervoer zijn. Iedereen gebruikt ze.”

“Wat is je punt eigenlijk?” vroeg de man ongeduldig.

Alle passagiers in de bus hoorden het gesprek en wachtten met ongeduld op het antwoord. Zonder zich te schamen antwoordde de jongeman:

“Begrijpt u, mijn vrouw is waardevol voor mij, ik maak me zorgen om haar en hou van haar. En mijn eer zou mij niet toelaten dat anderen haar aanstaren. Daarom draagt ze een hoofddoek. En uw vrouw is precies het openbaar vervoer, aangezien iedereen haar kan bekijken en aanstaren en het kan u niks schelen.”

De blikken van de passagiers richtten zich naar de man en zijn vrouw. De man zat er verward bij en wist niet wat te zeggen en de vrouw bloosde van schaamte. De bus reed verder.

3 gedachtes over “Met de burka op de lijnbus

  1. Het venijn zit hem in de staart:
    “Begrijpt u, mijn vrouw is waardevol voor mij, ik maak me zorgen om haar en hou van haar. En mijn eer zou mij niet toelaten dat anderen haar aanstaren. Daarom draagt ze een hoofddoek. En uw vrouw is precies het openbaar vervoer, aangezien iedereen haar kan bekijken en aanstaren en het kan u niks schelen.”

    Daar laat hij zien dat het niet gaat om het verbergen van de schoonheid en dat zijn vrouw waardevol voor hem is, maar dat het gaat om ZIJN eer.

    Anderen mogen zijn waardevolle vrouw niet zien om ZIJN eer.
    Het gaat dus niet om haar maar om hem: de man.
    Wij hebben daar een ander woord voor: ziekelijke jaloezie en dat leidt weer tot overheersing.

    Het mooie zoetsappige verhaal ontkracht zichzelf.

    Like

    1. Op zich heb ik geen enkel probleem met de hoofddoek. Maar daar gaat het hier niet om. Feit is dat veel [en ik wik mijn woorden] moslimmannen duidelijk met een reeks problemen zitten waarvoor ze geen andere oplossing kunnen bedenken dan de vrouwen een zak over het hoofd te trekken, om hen zogezegd te bedekken met de kuise mantel der liefde.

      In feite laten ze de vrouwen boeten voor hun fout omwille van het feit dat ze hun eigen [seksuele en karakteriële] afwijkingen maar niet onder controle krijgen. De mannen zitten met een probleem, weigeren dat op te lossen en kiezen de eenvoudigste weg: de vrouwen straffen. Net de omgekeerde wereld dus.

      Dan heb ik het wel over de situatie in het M-O. De situatie hier in de Lage Landen is daar een lauwe afspiegeling van . In feite bekijken moslimmannen in het M-O hun vrouw als een lustobject, als een bezit en deel van het meubilair. Bezitterig als ze zijn, zien ze net zo groen van jaloezie als hun favoriete kleur van de islam. Ze weigeren hun vrouwen te zien als gelijke partners maar als objecten, wandelende loopse broedmachines die veel – héél veel – shahids (martelaars) op de aardbodem moeten zetten in de strijd tegen Joden, christenen en niet-moslims om tot slot ooit de wereld te veroveren. Simpele primitieve doelen, maar wel levensgevaarlijke stuff voor al wie er anders over durft te denken.

      Like

      1. Klopt, ik ben het helemaal met je eens.
        Ik heb ook geen problemen met een hoofdoekje.

        Ook niet met een pet, een hoed, een keppel enz. als die maar in VRIJE wil door de desbetreffende persoon (vrouw) wordt opgezet.
        Het verhaal ging over een burka, met een hoofddoek is het gezicht wel zichtbaar.

        Maar ik heb ook weer wat geleerd: waarom groen de kleur is van de Islam.
        😉

        Like

Reacties zijn gesloten.