Egypte en Hamas sturen Gaza Freedom March letterlijk de mist in

Ludo de Brabander: Het was een complot van Amerika, Egypte en de Joden!

“Koel onthaal van vredesmilitanten op Belgische ambassade in Egypte” was de de titel van een persmededeling van Palestina-activist Ludo De Brabander (Vrede vzw) die rond de jaarwisseling samen met een zestigtal andere deelnemers geblokkeerd zat in de Egyptische hoofdstad Caïro. De Brabander wou deelnemen aan een protestbetoging in Gaza op oudejaarsavond. Maar naar eigen zeggen verhinderde een indrukwekkende Egyptische politiemacht hen om naar Gaza te reizen.

Daarop namen de Belgen contact op met de Belgische ambassade waar een zestal van hen ontvangen werd door de Belgische consul. Die liet hen echter weten dat er een duidelijk negatief reisadvies voor Gaza werd afgeleverd door het ministerie en dat het verstandiger ware geweest dat advies ook op te volgen. De consul kon hen dan ook geen enkele garantie geven in geval van moeilijkheden met de Egyptische autoriteiten. Daarop besloot Ludo De Brabander deel te nemen aan een ondersteunende actie voor een twintigtal hongerstakers die een doortocht wilden afdwingen.

Nog volgens dit persbericht nam aan deze hongerstaking ook ‘Holocaustoverlevende’ Hedy Epstein deel. Er wordt hier echter bewust leugenachtig gebruikgemaakt van de term Holocaustoverlevende aangezien Epstein tijdens de oorlog helemaal niet in een concentratiekamp of ergens ondergedoken zat maar veilig en wel in Engeland verbleef. De term overlevende van de Shoah roept, overigens zeer terecht, het beeld op van iemand die in een uitroeiingskamp zware ontberingen leed en ternauwernood aan de dood in de gaskamer ontsnapte. “Het is niet de eerste keer dat anti-Israël activisten deze term misbruiken. Alle middelen heiligen blijkbaar het doel, ook de oneerlijke. Maar dat wisten we al langer,” schreef Joods Actueel in haar januari nummer 36 van 2010.

Uit solidariteit met GFM hongerstakende ‘holocaustoverlevende’ Hedy Epstein: nooit van dichtbij of van veraf een concentratiekamp gezien

Hieronder volgt een getrouw verslag van de dooltocht van de Gaza Freedom March geschreven door de gekende Israëlische journaliste en auteur Amira Hass. Verslag dat ook de verscheidene deelnemende organisaties zullen kunnen onderschrijven, zij het dan dat ze er wellicht andere conclusies uittrekken en interpretaties aan zullen geven. In een artikel van 9 januari 2010 in Haaretz beschrijft zij hoe Hamas allerlei voorwaarden stelde en allerhande beperkingen oplegde aan de activisten van de Gaza Freedom March. Ook werden ze steeds in de gaten gehouden en mochten ze niet zomaar bij vrienden op bezoek gaan of zelf rondkijken. Hamas veiligheidsmensen weerhielden hen zelfs om met gewone Gazanen te praten. De Gaza Freedom March viel hierdoor letterlijk in het water en eindigde waar ze begonnen was: op de stoepen van Caïro.

Voornamelijk de barslechte voorbereiding door een amateuristische organisatie, speelden het knullige geitenwollensokkeninitiatief parten. Daarnaast vielen de openlijke steunbetuigingen aan de terreurorganisatie Hamas duidelijk niet in goede aarde bij de Egyptenaren, die op dit ogenblik verbeteringswerken uitvoeren aan de Egyptische Muur aan de grens met Gaza om de Palestijnse terroristen buiten te houden en de wapensmokkel aan banden te leggen. Verdedigingswerken die overigens openlijk gesteund worden door Mahmoud Abbas, leider van al-Fatah en president van de Palestijnse Autoriteit, als drukkingsmiddel om Hamas terug in het gareel van de PA te krijgen.

Pro-Gaza Activists Under Siege – Imposed by Egypt and Hamas

door Amira Hass

Het vertrek vanuit de Ramsesstraat in Caïro (Egypte), in ongeveer 20 bussen, was voorzien voor de ochtend van maandag 28 december 2009. Echter, de organisatoren van de Gaza Freedom March wisten dat de bussen niet op hun bestemming zouden aankomen. Net zoals net voordien op zondagavond ook de bussen, die ingehuurd waren door een groep Franse activisten, nooit hun vertrekpunt bereikten, namelijk aan de Charles de Gaullestraat in Caïro nabij de Franse ambassade tegenover de dierentuin.

In de week vóór de geplande mars, had het ministerie van Buitenlandse Zaken in Cairo de demonstranten duidelijk gemaakt dat zij geen toelating zouden krijgen om Gaza binnen te rijden. Zelfs boten verdwenen op mysterieuze wijze van de Nijlrivier op zondagavond. De Egyptische autoriteiten waren op de hoogte dat een aantal activisten van plan waren om de rivier op te varen en kaarsen aan te steken op de eerste verjaardag van de aanval van Israël op Gaza ter herinnering aan de ‘1400’ mensen die werden gedood.

In het totaal daagden 1.361 mensen op in Caïro, afkomstig uit 43 landen om deel te nemen aan de Gaza Freedom March. Ook Nederland stuurde een delegatie van 14 personen. Uit ons land was zoals reeds gemeld onder meer Ludo De Brabander van Vrede vzw vertegenwoordigd. Meer dan de helft – zowat 700 mensen – van de demonstranten kwamen uit de Verenigde Staten, veel meer dan aanvankelijk werd verwacht. Wat begon als een klein initiatief, breidde zich geleidelijk uit naar andere landen toen de Amerikaanse feministische en vredesgroep Codepink – Woman for Peace zich mee achter het initiatief schaarde.

De Franse ambassade in Caïro wordt omsingeld door Egyptische oproerpolitie

Dan brengen we Gaza naar Caïro!

“Als we niet naar Gaza kunnen gaan dan brengen we de Gazastrook naar Caïro”, riep een Amerikaanse vredesactivist uit. En inderdaad, de hele week lang renden meer dan duizend buitenlanders, de overgrote meerderheid van hen afkomstig uit westerse landen, doorheen de Egyptische hoofdstad op zoek naar manieren en plaatsen om te demonstreren tegen de blokkade van Gaza. “De demonstraties in Caïro zijn het overtuigende bewijs dat Israël Egypte onder druk heeft gezet om de toegang tot de Gazastrook onmogelijk te maken,” zei een Egyptische burger (die net als andere Egyptenaren, niet durfde deelnemen aan de demonstraties, uit angst voor sancties). “Waarvoor heeft Egypte  dit nodig, dit bezorgt ze toch enkel hoofdpijn? Het zou veel gemakkelijker en eenvoudiger zijn geweest hen allemaal naar Gaza te laten gaan en hen verder te vergeten.”

Wanneer de bussen niet opdagen, richtten de Franse activisten buiten de ambassade tenten op en slaapzakken. Omstreeks 2 uur ’s nachts, ontdekken zij dat hun kampeerplaats omgeven wordt door een hekken en zij bewaakt worden door een dicht aan elkaar gesloten politiecordon van de Egyptische oproerpolitie. Tenten, een politiecordon, beperking van de bewegingsvrijheid als een belegerd gebied: zonder dat ze het zo gepland hadden, was huin situatie een replica geworden van de situatie in Gaza in het bijzonder en de Palestijnse situatie in het algemeen. Bestand zijn tegen de condities van de belegering werd aldus een doel en een uitdaging.

Gedurende de volgende twee of drie dagen, werd het cordon verder geïntensiveerd, van een rij politiemannen tot drie rijen. Om de paar uur bespraken de activisten hoe hety nu verder moest gaan; dit was directe democratie in actie. Zonder geheimen, zonder orders van hogerhand, zonder hiërarchie. Een soortgelijk proces ontvouwde zich op verschillende plekken rond Cairo. Sommige activisten ontdekte dat de politie hun hotels hadden omsingeld en hen beletten het hotel te verlaten. Verschillende activisten demonstreerden aan de gevels van hun respectievelijke ambassades – waarop ze onmiddellijk werden omsingeld door oproerpolitie. De meest gewelddadige waren diegenen die de Amerikaanse ambassade bewaakten.

Wiens schuld was het?

Een grote groep had zich opgesteld aan de kantoren van het UNDP (Ontwikkelingshulp Programma van de Verenigde Naties). “Met onze aanwezigheid hier, zeggen we dat we niet de schuld op Egypte willen laden. De verantwoordelijkheid voor de schaamteloze en obscene Israëlische belegering van Gaza ligt vierkantig in onze eigen landen,” verklaarde een van de organisatoren. Dat klonk als een antwoord op de beschuldiging die meestal wordt geuit door aanhangers van al-Fatah en de Palestijnse Autoriteit in Ramallah: aangemoedigd door Hamas, wordt de internationale en in het bijzonder de Arabische druk vooral gericht aan het verkeerde adres – Egypte, in plaats van Israël.

Sommige van de organisatoren zeiden dat ze inderdaad de indruk hadden dat Hamas helemaal niet geïnteresseerd was om te demonstreren aan de grensovergang Erez naar Israël, die bijna compleet verzegeld is, maar eerder op de grensovergang bij Rafah naar Egypte.

De droom was om met tienduizenden op te marcheren naar de doorlaatpost van Beit Hanoun / Erez op de eerste verjaardag van het offensief van het Israëlische leger in Gaza, om te eisen dat Israël en de wereld de belegering zouden beëindigen. De kandidaat deelnemers vormden een zeer bont gekleurd gezelschap: sommigen zijn al tientallen jaren ervaren linkse activisten, terwijl anderen pas tijdens de Gazacampagne zelf zijn toegetreden. Studenten en gepensioneerden, universitair geschoolden en docenten, arm en rijk, jong en oud.

Onder de oudere activisten bevond zich Hedy Epstein (85 jaar), een Duits-Amerikaanse burger wiens leven werd gered toen haar Joodse ouders haar naar Engeland stuurden toen ze 14 was. Die zijn later omgekomen in Auschwitz. Ze zat op een stoel onder het gebouw van de UNDP-kantoren, samen met een groep die in hongerstaking waren uit protest omdat ze Gaza niet binnen mochten. Hippies uit de jaren ’50 en ’60 slenterden uitgelaten in de buurt, Italianen zong ‘Bella Ciao’ en Zuid-Afrikaanse activisten ontrolden een spandoek (afbeelding rechts) waarin wordt opgeroepen tot sancties tegen Israël en Nelson Mandela citeerden: “Onze vrijheid is niet compleet zonder de vrijheid van de Palestijnen.”

Uit een Joodse moeder geboren

“Ik voel dat ik iets doe voor Israël, ter wille van de toekomst”, sprak een bebaarde jongeman uit Boston, die al vrijwilligerswerk verichtte in een Palestijns dorp op de Westelijke Jordaanoever. Zijn moeder, die joods is, vergezelde hem op een van zijn vluchten naar Israël om eens een kijkje te nemen naar zijn nieuwe leven. Toen ze geland was, vernam ze dat de naam van haar zoon op de lijst stond van de Grenscontrole van de luchthaven en werden moeder en zoon aangehouden voor acht uur ondervraging. “Ze kwam er uit als een radicalist,” lachte de jonge man, die anderhalf jaar geleden het alternatieve discours over zijn ‘tweede vaderland’ ontdekte.

Een Venezolaanse regisseur van documentaires zei dat “tachtig procent van de deelnemers die ik willekeurig heb geinterviewd Joods zijn.” Tachtig procent is waarschijnlijk overdreven, hoewel toch een groot percentage van de aanwezigen Joden waren. In de bontgekleurde massa waren ook Palestijnen die staatsburgers zijn van westerse landen en een aantal inwoners van Gaza die hoopten om hun familieleden voor het eerst in jaren terug te zien. Er waren ook religieuze christenen en moslims. Sommige van de slogans werden werden wel erg ambitieus afgekondigd zoals “Wij zijn gekomen om Gaza te bevrijden”.

Gemaskerde Hamas militanten hielden controle op de demonstranten

Maar in grote lijnen klonk de boodschap van dit bonte geheel als van een militant pacifisme en feminisme, bevrijdingstheorieën en veel vertrouwen in het cumulatieve, positieve effect van populaire, niet-hiërarchisch geleide actie en het vermogen om verandering teweeg te brengen. “Het is jammer,” dacht ik bij mezelf, “dat de Egyptenaren ons verhinderen om te zien wat er zou gebeuren wanneer deze directe, transparante democratie het Hamas-regime zou ontmoeten.”

Op maandag avond vernamen de demonstranten dat op verzoek van Suzanne Moebarak, de vrouw van de Egyptische president, 100 mensen zouden worden toegestaan om naar de Gazastrook te rijden. Velen zagen dit als een manier om de solidariteit van de betogers te breken en de druk op Egypte te verminderen. Uiteindelijk stapten op 30 december ongeveer 80 personen op de bussen, waaronder een aantal journalisten die niet werden beïnvloed door het dilemma. Omstreeks 12 uur middernacht verlieten we Caïro en kwamen we toe in een hotel in Gaza. Daar wachtte ons een eerste verrassing: Een veiligheidsagent van Hamas in burgerkleding sprong op een vriend van me die mij kwam oppikken voor het bezoek, en vertelde er meteen bij dat bezoekers niet in privé-woningen mochten verblijven.

Het verhaal werd geleidelijk aan duidelijk. De internationale organisatoren van de mars gecoördineerd uit het maatschappelijk middenveld en diverse niet-gouvernementele organisaties, werden verondersteld ook het Popular Committee to Break the Siege erbij te betrekken, een semi-officiële organisatie die gelieerd is aan Hamas. Veel Europese activisten hebben langdurige relaties met linkse organisaties in de Gazastrook. Deze organisaties, met name het relatief grote Volksfront [Popular Front], hadden onderkomens georganiseerd voor een paar honderd gasten in privé-woningen. Wanneer de regering van Hamas dit vernam legde zij meteen verbod op, zogenaamd ‘om veiligheidsredenen’. Wat zou er nog meer volgen?

Ook blijkbaar ‘om veiligheidsredenen’ ontdekten de activisten een cordon van gemaskerde stoere veiligheidsmensen van Hamas die de activisten beletten het hotel te verlaten (dat eigendom is van Hamas). De veiligheidsambtenaren vergezelden de activisten wanneer ze huizen en organisaties bezochten. Tijdens de mars zelf, wanneer inwoners van Gaza vanaf de zijlijn de bezoekers trachtten te spreken, werden hen dat belet door de gemaskerde veiligheidsmensen. “Ze wilden niet dat we met gewone mensen spraken,” besloot een vrouw.

Neturei Karta was er ook bij, rechts toont Hamasleider Ismail Haniyeh een kaart van ‘Palestina’. Wie Israël daarop zoekt komt bedrogen uit, dat werd hier reeds verdronken in de Middellandse Zee…

Weggekaapt of slecht georganiseerd?

De mars werd helemaal niet wat de organisatoren hadden gedroomd tijdens de negen maanden van voorbereiding. De dag voor de reis naar Gaza, wisten ze al dat de niet-gouvernementele organisaties werden uitgesloten. Sommige mensen zeiden dat de Hamas-regering vertegenwoordigers hadden geoordeeld de NGO’s geen duidelijk, georganiseerd plan hadden voor de gasten en daarom hadden zij dan maar zelf het initiatief genomen. Een Palestijnse activist benadrukte: “Toen we hoorden er slechts 100 werden toegaleten hebben we alles geannuleerd.”

Een ander zei: “Van meet af aan heeft Hamas vooraf haar voorwaarden gesteld: Niet meer dan 5000 demonstranten, de muur en het hekken mochten niet benaderd worden, hoe de toespraken moesten luiden, bepaalden de lengte van de toespraken en wie de toespraken zou houden. Kortom, Hamas heeft het initiatief van ons weggekaapt en wij gaven toe.”

Hamas, bij monde van het Popular Committee, liet uiteindelijk 200 tot 300 demonstranten toe. De mars draaide uit op weinig meer dan een louter ritueel, en een kans voor de ministers van Hamas om aandacht te krijgen van de fatsoenlijke media door het gezelschap van de Westerse demonstranten. Vooral fotogeniek waren vier Amerikanen van de anti-zionistische ultra-orthodoxe Joodse groep Neturei Karta die pas in al-Arisch de groep demonstranten vervoegden. Er bevonden zich geen Palestijnse vrouwen onder de demonstranten – een klap in het aangezicht voor de vele feministische organisatoren en deelnemers, zowel vrouwen als mannen.

Na de mars, uitten de bezoekers hun protesten tegen enkele van de officiële Palestijnse organisatoren. “We kwamen om te demonstreren tegen het beleg, en we werden zelf het voorwerp van een belegering,” zeiden ze. “Hun veelkleurigheid en de transparantie van hun gedrag, voldoet niet aan de militaire discipline,” probeerde hun officiële gastheer uit te leggen. De ambtenaren luisterden en vierden nadien de teugels een beetje en kon ik naar de huizen om mijn vrienden te bezoeken.

Daar beschreven de mensen hun voortdurende angst voor Israëlische aanvallen. Zaterdagmiddag om 11:30 – het uur van de eerste luchtbombardementen – blijft vandaag een gevoelig uur voor veel kinderen. Net zoals onweer, of elektriciteit storingen (een alledaagse gebeurtenis) of een aanhoudende gerommel boven hun hoofden, veroorzaken angst en roepen nachtmerrieachtige herinneringen op.

Sommigen van de demonstranten werd het thans toegestaan om op eigen houtje uit te gaan met kennissen in Gaza, die ze voorheen alleen maar kenden via telefoon en e-mail. Sommigen, met name de Arabische woordvoerders, klaagden erover dat “een schaduw in de vorm van een veiligheidsagent” hen voortdurend bleef vergezellen. Bij snelle ‘safari-achtige’ reizen doorheen gebombardeerde wijken, zagen ze vanachter de ramen van de bussen, ruïnes en puinhopen die nog niet waren opgeruimd, zoals bijvoorbeeld het complex van gebombardeerde overheidsgebouwen die nog rechtop staan – lelijke betonnen skeletten met lege kamers en geen muren als schreeuwende monden. In vergaderingen met de veiligheidsmensen kregen verscheidene activisten de indruk dat diegenen die niet bij Hamas horen, in angst leven en bang zijn om te spreken of hun naam bekend te maken. “Nu snap ik waarom de oproep voor ‘Vrijheid voor Gaza’ ook nog een àndere betekenis heeft,” vertelde een jonge man mij.

De deelnemers brachten donderdag en vrijdag door in de Gazastrook. Vrijdag 1 januari werd de 45e verjaardag gevierd van de oprichting van al-Fatah, de partij van Mahmoud Abbas en wijlen Yasser Arafat. De Hamas-regering staat niet toe dat de rivaliserende organisatie samenkomsten organiseert, net zomin als de Palestijnse Autoriteit samenkomsten van Hamas toestaat op de Westelijke Jordaanoever. Hamas-leider Ismail Haniyeh heeft al-Fatah gefeliciteerd met haar verjaardag, maar op hetzelfde moment deden de veiligheidsagenten van Hamas alles wat ze konden om de activisten van de beweging ervan te weerhouden zelfs maar over het organiseren van een feest na te denken.

45 jarig bestaan van al-Fatah

Honderden activisten van al-Fatah werden door de Hamaspolitie opgeroepen en voor een aantal uren tot ’s avonds vastgehouden. Veiligheidsambtenaren drongen woningen binnen waar kaarsen brandden of al-Fatah-vlaggen wapperden om de verjaardag te vieren. In een huis probeerden veiligheidsagenten twee mensen te arresteren terwijl hun moeder dat trachtte te beletten. Een politieagent zou haar geslagen hebben waarna ze een hartaanval kreeg en stierf.

Ik vroeg me af: waren de beperkingen opgelegd van boven, of was het een onverstandige interpretatie door lagere rangen? Denkt Hamas werkelijk dat het die enkele bezoekers – toch duidelijk pro-Palestijns – kan beletten dat ze niet-officiële verhalen zouden horen? Beseffen de mensen dan niet dat diegenen die de orders uitdelen, welke schade ze berokkenen aan hun eigen imago? Of ging het werkelijk alleen maar om de veiligheid [van de bezoekers] te verzekeren?

Iemand die, op zijn zachtst gezegd, geen fan is van Hamas, legde me uit dat jonge mannen die uit de Iz al-Din al-Qassam – de gewapende vleugel van Hamas – overstapten naar de amorfe Jaljalat militie, Hamas regelrechte kopzorgen baren. Ze zijn een handig excuus voor het beperken van contact te leggen met ‘gewone mensen’, maar de vrees dat zij zouden proberen om de bezoekers kwaad te doen om Hamas schade te berokkenen, is reëel. Dit zijn toegewijde jonge mannen die officieel Hamas bekritiseren voor het niet consequent naleven van de sharia (= de islamitische religieuze wetgeving). Echter, zoals de criticus al zei: “Ongewild, door de verloren levens, onze verloren levens, zijn ze boos op de hele wereld.”

Naschrift: Na twee dagen moesten alle bezoekers, journalisten inbegrepen, de Gazastrook verlaten. Volgens Hamas gebeurde dit op uitdrukkelijk verzoek van Egypte. Egyptische functionarissen hebben dit achteraf bevestigd.

Bronnen: Haaretz: Pro-Gaza Activists Under Siege – Imposed by Egypt and Hamas door Amira Hass van 8 januari 2010, vrij vertaald en bewerkt door Brabosh op 16 januari 2010