Veroordeling van de ‘Veiligheidsmuur’ door Internationale Gerechtshof was FOUT

Internationale Gerechtshof (VN) in het Vredespaleis in Den Haag
Internationale Gerechtshof (VN) in het Vredespaleis in Den Haag

Israël ligt steeds meer onder vuur en wordt systematisch en wereldwijd geportretteerd als dat het de internationale wetten zou overtreden.

Geen enkel wapen waar zoveel mee wordt geschermd om Israël te discrediteren ten aanzien van de wereldopinie, is ongetwijfeld de veroordeling van de Veiligheidsmuur op de Westelijke Jordaanoever, door het Internationale Gerechtshof in Den Haag (eng: ICJ / International Court of Justice) op 9 juli 2004, dat de veiligheidsmuur als illegaal bestempelde, de onmiddellijke afbraak ervan verzocht en schadevergoeding eiste voor de Palestijnen.

De afgelopen weken werd herhaaldelijk naar die veroordeling door het ICJ verwezen door onder meer Amnesty International, door Javier Solana van de Europese Unie en door vele gekende commentatoren en kritikasters van de Israëlische staat.

Wat vooraf ging aan ‘de muur’

Op 31 maart 2002, de vierde dag van de Joodse Pasen (Pesach), wandelde de Hamasterrorist Shadi Toubasi het Matza restaurant in Haïfa binnen en blies zichzelf op. Veertien restaurant bezoekers – arabieren en Joden – bleven dood achter en zesentwintig overige restaurantbezoekers werden zwaar tot zeer zwaar verwond waarvan sommigen voor het leven werden verminkt. De terrorist kwam hierbij eveneens om het leven. Het was één van de bloedigste aanslagen sinds het begin van de Tweede Intifada, die in september 2000 was begonnen.

Haifa, 31 maart 2002. Joodse en Israëlische Arabieren zaten samen aan de lunchtafel in het Arabisch restaurant 'Matza' toen een Hamasterrorist zichzelf opblies
Haifa, 31 maart 2002. Joodse en Arabische Israëli's zaten samen gezellig te lunchen in het Arabisch restaurant 'Matza' tot een Hamasterrorist de eterij betrad en zichzelf samen met vijftien onschuldige slachtoffers de lucht inblies

Deze bloedige aanslag schokkeerde zowel Arabieren als Joden, die het Matza restaurant als een vredig toevluchtsoord beschouwden, waar verschillen tussen alle Israëli ’s, Joden en arabieren, helemaal verdwenen. Het restaurant was een gemengde Arabisch-Joodse zaak, alhoewel de eigenaar van het pand een Joodse Israëli was, waren de uitbaters en het overgrote deel van het personeel allemaal Arabische Israëli ’s en werd de eetgelegenheid door beide bevolkingsgroepen druk bezocht.

Als gevolg van de reeks bloedige aanslagen – met als triest hoogtepunt deze verschrikkelijke  bomaanslag op het restaurant in Haïfa – begon Israël in juni 2002 in versneld tempo met de bouw van een Veiligheidsmuur (voor het grootste deel in feite een hekken) op de Westelijke Jordaanoever, om aldus te beletten dat Arabische terroristen nog op Israëlisch grondgebied zouden kunnen doordringen en [zelfmoord]aanslagen zouden kunnen uitvoeren op willekeurige burgerdoelwitten in Israël.

Sindsdien is volgens veiligheidsexperts dit soort aanslagen met ruim 90% gedaald. Dat de Veiligheidsmuur in het bijzonder de Palestijnse terroristen frustreerde (en nog frustreert) bleek uit een interview met de krant Al-Sharq van Qatar van 23 maart 2008, waarin de Palestijnse Islamitische Jihad leider Ramadan Abdallah Shalah zich erover bekloeg dat de scheidingsmuur “het vermogen van de weerstand om tot diep binnen [het Israëlisch grondgebied] te dringen om zelfmoordaanslagen uit te voeren werd beperkt, maar dat de weerstand zich niet heeft overgegeven of hulpeloos is geworden, en op zoek is naar andere manieren om het hoofd te bieden aan de eisen van elke fase van de intifada.”

Omdat de Veiligheidsmuur inderdaad zo effectief is gebleken tegen deze antisemitische zelfmoordterroristen, is de Veiligheidsmuur sindsdien voortdurend het mikpunt van allerhande zelfbenoemde vredesactivisten en organisaties, sympathiserend met de Palestijnse zaak, met Hamas of Hezbollah of een mix van deze of gene, al dan niet doordrongen van anti-Zionisme of virulent antisemitisme of een combinatie van beiden, en dat binnen en buiten het Midden-Oosten. Door hen wordt die Veiligheidsmuur ook wel de Apartheidsmuur genoemd. Echter, die benaming slaat – inhoudelijk noch historisch – nergens op.

Nu laten de Israëli's ons niet meer binnen om eerlijk ons dagelijks brood te verdienen
Nu laten de Israëli's ons niet meer binnen om eerlijk ons dagelijks brood te verdienen

Veroordeeld door het Internationale Gerechtshof

Door de bewezen effectiviteit van de Veiligheidsmuur begonnen Palestijnen en Arabieren te lobbyen bij de internationale organisaties en in het bijzonder bij de Verenigde Naties om de illegaliteit van die scheidingsmuur op te eisen en de spoedige afbraak ervan te bewerken. De aanduiding als ‘Apartheidsmuur’ voor het scheidingshekken was geboren. Dat doorgedreven lobbywerk bleef niet zonder resultaat. In December 2003 verzocht de Algemene Vergadering van de Veiligheidsraad aan het Internationale Gerechtshof in Den Haag om een niet-bindend advies [Advisory Opinion] te formuleren op basis van de internationale rechtspraak omtrent het veiligheidshekken van Israël op de Westelijke Jordaanoever.

interOp 9 juli 2004 volgde de gekende veroordeling in de vorm van een reeks resoluties die door het Internationale Gerechtshof in Den Haag werden uitgevaardigd, gepaard met de eis tot schadevergoeding voor Palestijnen: “The Court finds that the construction by Israel of a wall in the Occupied Palestinian Territory and its associated régime are contrary to international law“.

Het Internationale Gerechtshof (ICJ) maakt deel uit van de Verenigde Naties en haar belangrijkste functies zijn het bemiddelen in juridische geschillen door staten te adviseren over juridische kwesties, die haar worden aangereikt door daartoe bevoegde internationale organen, agentschappen, en de Algemene Vergadering van de VN. De ICJ moet niet worden verward met het Internationale Strafhof, die wereldwijd bindende rechtspraak kan uitoefenen. De rol van het Internationale Gerechtshof is m.a.w. niet bindend maar enkel adviserend.

De Israëlische regering en Israëli’s uit het gehele politieke spectrum reageerden bijzonder ontstemd. Israël argumenteerde dat het ICJ helemaal niet ontworpen en bedoeld was om zich in dergelijke zaken uit te spreken, maar dat die moeten opgelost worden door onderhandelingen tussen de betrokken partijen. De Israëlische woordvoerder voerde aan dat het Gerechtshof politiek gemanipuleerd werd door de anti-Israëlische meerderheid in de Verenigde Naties en dat de veroordeling op zich eenzijdig en verkeerd was.

Uiteindelijk lichtte Israël toe dat het veiligheidshekken (of ‘muur’, zoals het Gerechtshof het uitdrukte) vele Israëlische levens had gered, terroristen had afgeweerd en dat de veroordeling door het hof enkel een directe aanmoediging betekende voor zelfmoordbommenleggers om door te gaan met hun terroristische acties. Israël weigerde zich neer te leggen bij de veroordeling, ondanks het diplomatiek offensief dat Palestijnen en Arabieren opende in de Verenigde Naties en elders.

Kritiek van Rosalyn Higgins op de veroordeling

Echter, iedereen is blijkbaar ‘vergeten’ wat een vooraanstaande internationale rechter ooit heeft gezegd over deze veroordeling door het ICJ. Dan hebben we het hier over barones Rosalyn Higgins, een rechter die in 2004 zelf zetelde in het panel van het ICJ toen die veroordeling werd uitgesproken. Rosalyn Higgins (Londen, 1937) is voormalig voorzitter van het Internationale Gerechtshof en de eerste vrouw die in 2006 het tot deze hoge internationale positie bracht. Zij oefende die functie uit tot 6 februari 2009 waarna zij werd opgevolgd door de huidige president van het ICJ: Hisashi Owada.

Barones Rosalyn Higgins, voorzitter van het Internationale Gerechtshof in Den Haag 2006-2009
Barones Rosalyn Higgins, voorzitter van het Internationale Gerechtshof in Den Haag 2006-2009

Let wel: hier is niet de een of andere rechtse Israëlische politieker aan het woord maar een eminente internationale rechter. Haar achtergrond in aanmerking genomen, is Rosalyn Higgins de meest gezaghebbende autoriteit en behoort zij tot één van de belangrijkste rechters in de wereld. In haar kritiek (uit 2004) maakte Higgins letterlijk brandhout van de veroordeling van de Veiligheidsmuur door het Internationale Gerechtshof.

Rechter Higgins bracht haar afwijkende mening uit in een apart rapport over deze veroordeling waarin ze zei dat de conclusies van het ICJ berustten op ontoereikend historisch begrip van de situatie, dat de analyse van het recht van Israël om zichzelf te verdedigen correct was, dat het oordeel van het ICJ erg onevenwichtig was en delen ervan ver weg leken af te staan van de realiteit op het terrein.

Rechter Rosalyn Higgins beschrijft in haar rapport de wet, de geschiedenis en politiek van het Israëlisch-Palestijns conflict als een ‘immens complex’ gegeven (paragraaf 14). Zij bekritiseert de procedures die werden gevolgd en waarin de context – met name hoe Israël ertoe was gekomen om dat veiligheidshekken te bouwen – compleet werd weggelaten en genegeerd, namelijk de golf van terrorisme die over het land spoelde. Zij beschrijft hoe het Hof in het verleden de geschiedenis van het conflict als ‘noch evenwichtig noch bevredigend’ heeft benaderd (paragraaf 16) en besluit dat het Internationaal Gerechtshof gefaald heeft om een ‘gebalanceerd oordeel’ te leveren. Haar verdict was vernietigend: De conclusie van het Hof ten aanzien van het recht van Israël om zich te verdedigen is wettelijk gesproken incorrect.

Het recht op zelfverdediging van Israël ter discussie

In een extreem uitgebreide analyse concludeerde het Internationaal Gerechtshof dat Israël zich niet mag beroepen op het recht op zelfverdediging tegen een gewapende aanval op basis van Artikel 51 van het Charter van de Verenigde Naties om een veiligheidshekken op te trekken. Het Internationaal Gerechtshof argumenteerde dat Artikel 51 enkel kan ingeroepen worden in het geval dat die gewapende aanval [op Israël] wordt uitgevoerd door staten en dat de Palestijnen geen staat zijn.

Rechter Rosalyn Higgins argumenteerde dat deze analyse incorrect was om de volgende twee redenen:

* “Ten eerste,” zei ze, “staat er in de tekst van Artikel 51 van het Charter van de Verenigde Naties helemaal niets in dat het argument ondersteunt dat dit geldig zou zijn in het geval dat een gewapende aanval wordt uitgevoerd door een andere staat (paragraaf 33).” Zij toont aan de de conclusie van het ICJ gebaseerd is om een verkeerde interpretatie van een vroegere veroordeling door het ICJ.

* “Ten tweede,” argumenteerde ze, “is de analyse gebaseerd op het meten met twee verschillende maten en gewichten met betrekking tot de Palestijnen. De Palestijnen worden [door de ganse wereld] beschouwd als een internationale entiteit – toegepast onder meer door haar deelname aan procedures van het ICJ – en het is daarom onverenigbaar dat zij niet zouden behandeld worden als een internationale entiteit meer in het bijzonder als het dan gaat over Israël, met name dat het in staat moet zijn om zich te verdedigen tegen Palestijnse aanslagen (zie paragraaf 34).”

De argumenten van rechter Higgins belichten de opvallende zwakte in de redenering van het ICJ m.b.t. dit belangrijk element in de context van het Israëlisch-Palestijns conflict.

Het oordeel van het ICJ ontbeert evenwicht en gelijke behandeling

Als voorbeelden citeert zij het volgende:

Het ICJ is opvallend zwijgzaam over de wettelijke plicht van de Palestijnen om geen Israëlische burgers aan te vallen:

Rechter Higgins argumenteert dat het ICJ de gelegenheid had moeten aangrijpen om niet enkel Israël maar ook de Palestijnen te wijzen op hun verplichtingen jegens de internationale wetten op de mensenrechten. In plaats daarvan richt het Internationaal Gerechtshof zich enkel tot Israël en heeft verder geen enkele commentaar geleverd op de wettelijke verplichting van de Palestijnen om geen Israëlische burgers aan te vallen (zie paragraaf 19). De rechter is van mening dat dit feit had opgenomen moeten worden in de veroordeling [van Israël] door het Gerechtshof.

De conclusie van het ICJ dat de scheidingsmuur een obstakel vormt voor Palestijns zelfbestuur is verkeerd:

Het Gerechtshof steunt het Palestijnse argument dat de scheidingsmuur van Israël een ‘ernstig obstakel’ vormt voor Palestijns zelfbestuur. Rechter Higgins (in paragraaf 30) is van mening dat deze conclusie ‘onevenwichtig’ en ‘los van de werkelijkheid staat’. Zij maakt de ‘simpele’ vaststelling dat de afwezigheid van Palestijns zelfbestuur al van voor de constructie van de scheidingsmuur dateert en merkte hierbij op dat dit te wijten is aan de afwezigheid van een diplomatiek proces dat dit dispuut moet oplossen. “Dat, is niet de schuld van Israël,” schrijft de rechter, “maar de verantwoordelijkheid van beide betrokken partijen.”

De conclusie van het ICJ dat het veiligeheidshekken de facto de annexatie betekent van de gebieden op de Westelijke Jordaanoever is fout:

In de derde plaats verwerpt rechter Higgins de interpretatie van het ICJ in het voordeel van de Palestijnen, met name dat de constructie van het veiligheidshekken de facto de annexatie van het territorium op de Westelijke Jordaanoever zou betekenen – dat valt, zo betoogt Israël, onder haar juridische soevereiniteit. Ze schrijft (in paragraaf 31) “dat het hek geen enkele invloed heeft op de juridische status aan weerszijden van het gebied. Een einde maken aan het bestaan van het hek,” zegt ze, “kan alleen via onderhandelingen waarin beide partijen hun verantwoordelijkheden opnemen krachtens het internationaal recht.”

Elders in haar conclusie (paragraaf 25), beschrijft zij het ICJ-advies als ‘lichtzinnig’ in de wijze waarop zij het internationaal humanitair recht hanteert, en drukt ze haar ontgoocheling uit over wat het ICJ besloten heeft om weg te laten uit haar advies en beschrijft zij de gevolgde procedure in het algemeen als ‘zeer onevenwichtig’ (paragraaf 18) jegens Israël.

Waarom verklaarde rechter Higgins zich akkoord met de conclusies van het ICJ?

Gezien rechter Higgins’ krachtige kritiek op de redenering van het Hof, lijkt het verbazingwekkend dat ze zich akkoord verklaarde met het besluit van het ICJ dat het plaatsen van het veiligheidshekken niet geoorloofd was. Ze schrijft dat ze dit ‘met enige terughoudendheid’ (paragraaf 20) heeft gedaan, omdat Israël in haar ogen niet voldoende had aangetoond waarom het hek, en dan met name op de gevolgde route, kan worden gerechtvaardigd als zijnde ‘een noodzakelijk en proportioneel’ antwoord op een bedreiging. (Het is vermeldenswaardig dat de beslissing van het Israëlische Hooggerechtshof, die slechts een paar dagen eerder werd genomen met name dat het veiligheidshekken moet worden omgeleid om aan de behoeften van Palestijnse burgers te voldoen, lijkt tegemoet te komen aan de bezorgdheid van rechter Higgins).

Conclusies

Rechter Higgins, één van ‘s werelds leidende internationale advocaten en zelf een lid van het ICJ (en later zelfs de voorzitter van het ICJ), heeft aangetoond dat het ICJ-advies omtrent het Israëlisch veiligheidshekken ernstig gebreken vertoont op het vlak van haar juridische redenering, eerlijkheid en historisch inzicht.

Bronnen: Beyond Images Special Bulletin 101: Israel’s Security Fence: Criticisms of the International Court of Justice by the British judge van 6 augustus 2004; UN News Centre: UN Assembly votes overwhelmingly to demand Israel comply with ICJ ruling van 20 juli 2004; BBC News: UN demands Israel scrap barrier van 21 juli 2004; over de scheidingsmuur op Wikipedia.eng: Israeli West Bank barrier; lees ook op Brabosh Blogspot: ‘Apartheid’ bestaat niet in Israël van 16 mei 2009; Veiligheidsmuur of Apartheidsmuur? [satire] van 19 juni 2009; Waarom de ene muur de andere niet is (Veiligheidsmuur van Israël) van 7 maart 2009; Graftombe van Rachel (Bethlehem) politiek hangijzer in de geschiedenis van de Joodse staat van 5 maart 2009

Een gedachte over “Veroordeling van de ‘Veiligheidsmuur’ door Internationale Gerechtshof was FOUT

  1. – scheldwoord – Verstoppen achter een muur – scheldwoord – meer scheldwoorden – heel veel scheldwoorden

    Moderator Brabosh: ik ben geen Jood, mocht je dat nog niet duidelijk zijn, maar met haat en antisemitisch gescheld geraak je hier geen gram verder. Er zijn genoeg andere sites en blogs op het internet waar jij je onwelriekend gevoeg wel kwijt raakt. Salut ende kost!

    Like

Reacties zijn gesloten.