Categorie archief: Indië
Pakistaanse actrice verdedigt zich voor haar immoreel gedrag en kledij [video]
MEMRI TV: Pakistaanse actrice weerstaat een Moellah die haar beschuldigt van immoreel gedrag op Indische Reality TV Show
Op de videoclip is de bijzonder aantrekkelijke Pakistaanse actrice Veena Malik te zien, gekend van de populaire TV show “Big Boss”, een Indische versie van ‘Big Brother’ show in onze Lage Landen. Zij gaat op de openbare omroep in de clinch met moefti Sahab. De religieuze fundamentalist krijgt er stevig van langs. Alhoewel dat ik vrees dat, als zij ooit in handen valt van deze islamist, een openbare steniging tot de dood erop volgt, nog de ‘vriendelijkste’ tuchtiging zal zijn die haar zal overkomen, in naam van de goedhartige Allah en zijn profeet, gekend als ‘streng maar rechtvaardig’. Jawadde!
Met de moed der wanhoop antwoordt en verdedigt Veena Malik (afb. rechts) zich uitstekend op de beschuldigingen van de Pakistaanse Moellah Sahab Abdul Qavi [islamitische geestelijke] die haar beschuldigt van immoreel gedrag en ongepaste kledij op de Indische Reality TV show.
Het spraakmakende interview werd uitgezonden op de Pakistaanse televisie Express News TV op 11 januari 2011. De show werd ondertiteld door Memri TV video’s.
Het is dan ook altijd hetzelfde verhaal: [Moslim]man heeft groot seksueel probleem dat hij maar niet onder controle kan brengen; in plaats van er bij zichzelf wat aan te doen [of naar een dokter te gaan, of zich te laten castreren bijvoorbeeld] straft hij de vrouw – die volgens hem aan de basis ligt van zijn probleem. De vrouw als spiegel van zijn miezerigste zijn, in combinatie met zijn onblusbare lust om te domineren, braakt een verdwaasde trol uit die de gekste kwellingen en pesterijen bedenkt voor vrouwen. Pech voor de vrouw die het gelag mag betalen van de frustratie van haar mannelijke opponent en dat letterlijk op elk terrein: fysiek, moreel en sociaal.
Aldus blijf ik het maar herhalen tot in den treure: wanneer u benieuwd bent naar het democratisch gehalte van een bepaalde staat, ga eerst naar de vrouwen en spreek ze aan. Kijk hoe ze leven, zijn ze tevreden of gelukkig, krijgen ze het respect dat ze verdienen, hebben ze gelijke rechten en plichten als mannen, zijn ze vrij om te staan waar ze willen, en mogen omgaan met wie ze willen – waar en wanneer ook, enz… maakt u veel kans dat de rest ook goed zit. In het andere geval draait de staat vierkant en bij de beesten af.

De Pakistaanse religieuze geleerde moefti Sahab Abdul Qavi, zou het liefst van al deze mooie vrouw Veena Malik compleet in een burka wegduwen en haar ergens voorgoed opbergen in een donker hok, tussen de geiten en de schapen en levenslang blijven ontkennen dat ze ooit heeft bestaan. Dat is zowat het lot van de meeste vrouwen in Pakistan, meer in het bijzonder rondom de Swatvallei in het noordwesten van de moslimstaat, waar sommige gebieden nog steeds in handen zijn van de islamistische Taliban.
Terroristische aanslag in Moembai, 26 november een jaar geleden

Moembai, 26 november 2008. Tien Pakistaanse islamistische terroristen belegeren drie dagen de stad. Balans: 170 doden en 300 gewonden

Gavriel & Rivka Holtzberg
Op 26 november is het precies een jaar geleden dat in Moembai (Bombay/Indië) een bloedige terroristische aanslag werd gepleegd, en waar terroristen de stad belegerden waarbij 170 mensen werden vermoord en 300 andere werden gewond. Tien leden van Lashkar-e-Taiba (Leger der Rechtvaardigen) — een terreurgroep uit Pakistan – belegerden Moembai drie dagen lang, lieten bommen exploderen en beschoten twee luxe-hotels, een treinstation, een café en het Joodse Chabad Centrum. De terreur eindigde op 29 november 2008 toen een Indisch politie commando het hotel bestormde waar de overgebleven terroristen zich verschanst hadden.
In het Chabad centrum vermoordden de terroristen zes mensen: de directeur van het centrum rabbijn Gavriel Holtzberg (van Amerikaanse en Israëlische nationaliteit); zijn zwangere vrouw, Rivka Holtzberg (een Israëlische); rabbijn Leibish Teitelbaum (Amerikaanse nationaliteit); Bentzion Chroman (van Amerikaanse en Israëlische nationaliteit); Yocheved Orpaz (Israëlische nationaliteit) en Norma Shvarzblat Rabinovich van Mexicaanse nationaliteit.
Een stafmedewerker van het centrum ontsnapte op 27 november 2008 ternauwernood het gebouw en nam Moshe, het zoontje van de Holtzbergs, met zich mee die op het moment van de aanval twee jaar oud was. Sandra Samuel, 45 jaar, de kok van het centrum trok de jongen uit het gebouw en vertelde dat ze rabbijn Rabbi Holtzberg, zijn vrouw Rivka en twee andere gasten op de vloer zag liggen, blijkbaar buiten bewustzijn. Twee jaar eerder had de familie een ander kind begraven dat was overleden aan de ziekte van Tay-Sachs.
Op 12 november 2009 vervoegden de vaders van Rabbi Holtzberg en zijn vrouw de Chabad-leiders in Brooklyn om de voltooiing van een Torah-rol te vieren die gewijd is aan het echtpaar en de vier andere slachtoffers die gedood werden in het Mumbai Chabad centrum. Duizenden Chabad gezanten stopten een geschreven brief in de Torah-rol die zal worden gedoneerd aan het centrum in Mumbai. Verschillende Amerikaanse Chabad huizen sponsorden ook ‘Loaves of Love’ (Broden van Liefde), een evenement voor vrouwen ter ere van de eerste verjaardag van de dood Rivka Holtzberg. De deelnemers bakten Challah, het traditioneel Joods gevlochten brood en verdeelden het onder de aanwezigen om aldus de vrijgevigheid van Rivka Holtzberg te illustreren.

Het verwoeste interieur van het Chabad Centrum op 29 november 2008
Alhoewel de Pakistaanse regering zeven leden van Lashkar-e-Taiba heeft gearresteerd voor hulp aan het beramen van de aanslagen, heeft een Pakistaanse rechtbank in juni 2009 het vermeende meesterbrein achter de aanslagen, Hafiz Mohammed Saeed, vrijgelaten wegens gebrek aan voldoende bewijsmateriaal en een andere rechtbank liet in oktober 2009 de aanklachten tegen de verdachte vallen. Saeed is de oprichter van Lashkar-e-Taiba – die door de Pakistaanse regering werd verboden enkele maanden na de aanslagen in New York op de WTC torens (9/11) – en hij baat een islamitische liefdadigheidsinstelling uit, die door de Verenigde Naties als façade voor de terroristische groep wordt gezien.

Ajmal Kasab, de enige van de 10 terroristen die overleefde
Ajmal Kasab, de enige overlevende dader, wordt berecht in een Indiase rechtbank. Hij bekende in juli 2009 de planning en uitvoering van de aanslagen, na aanvankelijk niet-schuldig te pleiten. Kasab vertelde aan de politie dat de terroristen het bevel hadden gekregen om doelbewust Israëliërs in Moembai te viseren om – volgens The Times of India – ‘wreedheden op de Palestijnen te wreken’. Indiase troepen bestormden op 28 november het Joodse centrum en konden de terroristen overmeesteren. Kasab onthulde dat, volgens Indiase bronnen, de terroristen eerder in het Chabad Center in Mumbai verbleven hadden, een tijd vóór de aanslagen, ter voorbereiding en planning van de aanval.
Het Mumbai Chabad House is een populaire halte voor Israëlische toeristen. De Holtzbergs boden de bezoekers een aantal verschillende programma’s aan en voorzagen ook in koosjer voedsel. Chabad is een religieuze beweging die wereldwijd Joodse gemeenschappen bedient via een verscheidenheid van programma’s, diensten en instellingen. Meer dan 4.000 voltijdse zendelingen gezinnen zijn aan de slag in meer dan 3.300 Chabad instellingen verspreid over de hele wereld.
Het Chabad van Mumbai Relief Fund werd opgericht om het Chabad Center te herbouwen en om levenslange ondersteuning aan Moshe – het overlevende zoontje van de Holtzbergs – te voorzien. Wie wil doneren aan het Chabad Mumbai Relief Fund kan dat hier. Tijdens de crisis werkten de medewerkers van The Israel Project de klok rond om de internationale media te informeren over wat er gebeurde en de aandacht van de wereld gericht te houden op de tragedie en te wijzen op de noodzaak om het terrorisme te stoppen.
Bron: The Israel Project: Terrorists Attacked Mumbai One Year Ago Nov. 26 van 18 november 2009; Outlook India.com: The Faces Of Terror van 9 december 2008
Spanje rouwt om Vicente Ferrer, die miljoenen armen in Indië hielp
Als er één ding is waarover we het allemaal eens over kunnen zijn is: ooit gaan we dood. Kijk rondom je heen, binnen 100 jaar is iedereen die je nu ziet of hoort er niet meer bij. De formule voor een lang leven bestaat niet. Henry Allingham — één van de twee Britse veteranen van de Eerste Wereldoorlog die nog in leven zijn – werd op 20 juni 2009 de oudste man van de wereld. Allingham vierde op 6 juni j.l. zijn 113de verjaardag en volgde daarmee de Japanner Tomoji Tanabe op die in zijn slaap overleed in de leeftijd van eveneens 113 jaar. De ‘formule’ voor een lang leven volgens Allingham: “cigarettes, whisky and wild, wild women” (sigaretten, whisky en wilde, wilde vrouwen).
Zelf ben ik halfweg de leeftijd van Allingham en ben in mijn leven – in het bijzonder de laatste jaren – verschillende keren door het oog van de naald gekropen. Het meeste deel ervan had ik niet eens zelf in de hand, maar lag in de handen van anderen. Ik heb geen formule voor een lang leven. Het is enkel door het toeval en af en toe met de hulp van anderen, dat ik er nog ben. Ik ben er noch gelukkig noch rouwig om. Het leven leidt zichzelf wel. Tussen veel hoogtepunten en helaas ook veel dieptepunten.
De laatste weken zijn nogal wat voormalige idolen van me van het aardse toneel verdwenen: zangeres en presentatrice Yasmine (Hilde Rens), King of Pop Michael Jackson, schipper Nand Buyl, Farrah Fawcett van Charlie’s Angels, socialistisch boegbeeld Karel Van Miert… Een week geleden was ik nog op de begrafenis van een collega van mijn werk. Tom B. was amper 29 jaar oud en heeft zich op 15 juni j.l. haast eenzelfde wijze als Yasmine gezelfmoord: verhangen, met als variant via een elektriciteitsdraad aan een deur. Verhanging schijnt een snelle dood te zijn. Het eeuwige leven zou daarna komen… zeggen religieuzen. Ik weet het niet. Ik heb nog nooit iemand ontmoet die zichtbaar en tastbaar terug op deze wereld is weergekomen. Dus zal dat ook wel weer een fabeltje zijn. Dag Tom B., tot nooit meer.
Sinds ik als knaap ooit het boek De Zeewolf (Sea-Wolf) uit 1904 van Jack London (afb. links in 1900) heb gelezen, is mijn mening over leven en dood al veertig jaar ongewijzigd gebleven: de mens als een klomp gist, eens uitgegist hebben we het wel gehad. Ouder worden is niet altijd leuk. In feite neem je haast voortdurend afscheid van nabestaanden en bekenden uit je omgeving, dichtbij of verder weg, die het om de een of andere reden niet meer hebben gehaald. Ik kan de doden haast niet meer tellen waar ik op de een of andere wijze een meer of minder intieme band mee heb gehad. Eén ding is zeker: wennen doet het nooit. Als er iemand van je gekenden of geliefden sterft, sterf je altijd zelf ook een beetje mee tot… je zelf aan de beurt bent en het doek definitief valt.
Het leven is relatief. Wat laten we na? Welk en wiens leven was belangrijker dan dat van de ander? Het is gemakkelijk gezegd: elk leven is er één dat vast de moeite waard was. Voor velen is het leven het hoogste goed: het leven is heilig, zeggen de religieuzen. Persoonlijk heb ik het meeste respect voor zij die alles hebben gedaan om anderen een menswaardig leven te geven. Een oude Hebreeuwse spreuk klinkt als volgt: wie het leven redt van één mens, redt een gans volk. Op dit ogenblik kreperen meer dan 1 miljard mensen op deze aardbol van de honger. Wat dan te denken van Vicente Ferrer, die op 19 juni 2009 overleed en haast door niemand gekend is? Tot mijn grote schaamte had ik tot deze ochtend nooit over hem gehoord. Vandaar mijn hommage aan de man die niemand kent maar miljoenen mensen het leven heeft gered en ontelbaren een menswaardig leven heeft geschonken.
Bij de dood van een héél goed mens
Door EDWIN WINKELS
Vicente Ferrer werd geboren in Barcelona (Spanje) op 9 april 1920 en overleed op 19 juni 2009, 89 jaar oud. In Nederland en België zal niemand hem kennen. In Spanje is hij een fenomeen. En in Anantapur, één van de armste streken van Indië, is hij een soort god, zonder dat hij zelf voor god speelde. Een bescheiden man, een goed mens, één die slechts leefde voor de armen. En ongelooflijk veel voor hen heeft gedaan. ,,Over armoede moet je niet praten, je moet het uitroeien,” was zijn filosofie.
En hij deed dat, tussen de allerarmsten, 56 jaar lang. In 1953 vertrok de in Barcelona geboren jezuïet voor het eerst naar India. Hij sloofde zich zo uit voor de armen, dat de plaatselijke autoriteiten hem bedreigend begonnen te vinden en hem in 1968 het land uitzetten. Toen bemoeide Indira Gandhi zich ermee. ,,Meneer Ferrer is slechts op een korte vakantie; hij zal terugkeren,” was haar bevel.
In 1969 vestigde de Catalaan zich in Anantapur, waar hij zich terugtrok uit de jezuïeten-orde en het project Rural Development Trust opstartte. Hij liet scholen, hospitaals en huizen bouwen voor de mensen uit 300 verschillende dorpen, contracteerde onderwijzers en artsen. Vanaf 1996, toen in Spanje de Stichting Vicente Ferrer werd opgericht, kwam al zijn werk in een enorme stroomversnelling. In 2007 kreeg de stichting 39,8 miljoen van zijn 135.000 leden en het bedrijfsleven binnen; vrijwel al dat geld ging direct naar de projecten voor de behoeftigen in Anantapur, waar rond het complex van de oude weldoener een nieuwe wereld ontstond.
Tot zijn dood had Ferrer er 26.000 woningen, 1.696 scholen, drie ziekenhuizen en 16 gezondheidscentra laten bouwen. Bijna 2,5 miljoen mensen werden door hem geholpen. Zijn vrouw, de Engelse journaliste Anne Perry, en zijn zoon Moncho, geboren in Indië, zullen het project voortzetten, samen met de Indiase directeuren die zij zelf hebben opgeleid. ,,Vicente is niet vertrokken, hij zal nu meer aanwezig zijn dan ooit,” schreef zijn weduwe vandaag. Ferrer zelf, die twee maanden geleden door een hersenbloeding werd getroffen, was klaar voor de dood in Anantapur, dat in de lokale taal ‘de oneindige stad’ betekent.
Bronnen: AD De Wereld: Bij de dood van een héél goed mens door Edwin Winkels van 19 juni 2009; Website van de stichting: Fundacion Vicente Ferrer; The Times: British veteran Henry Allingham becomes world’s oldest man van 20 juni 2009


















