Categorie archief: Haïti
Israel stuurt hulpteams naar Chili
Vijf dagen nadat de zwaarste aardbeving van de laatste eeuw Chili heeft getroffen, heeft de Chileense regering dan toch om internationale hulp verzocht. Afgaande op de eerste meldingen van schade, doden en gewonden, leek het aanvankelijk ‘allemaal nogal mee te vallen’, in vergelijking met de aardbeving in Haïti van bijna twee maanden geleden. Maar die eerste inschatting lijkt thans compleet verkeerd en alles lijkt er nu op dat de aardbeving in Chili een van de grootste humanitaire rampen ooit dreigt te worden.
Intussen neemt de kritiek op de [te] late hulpverlening toe. “Het valt niet te begrijpen hoe we drie dagen na de aardbeving nog steeds geen voedsel kunnen uitdelen, terwijl in Haïti één dag na de ramp al een vliegtuig landde,” stelt een verbolgen Jacqueline Van Rysselberghe [van Vlaams/Gentse origine], de burgemeester van de zwaar getroffen stad Concepcion. Vijf belangrijke dagen werden verloren en die tijd zal nog moeilijk kunnen worden opgehaald en nodeloos aan vele mensen het leven kosten.

Catastrofe aanvankelijk zwaar onderschat
Nadat de aardbeving met een kracht van 8.8 op de schaal van Richter afgelopen zaterdagochtend Chili had getroffen, vele gebouwen als kaartenhuisjes door elkaar gooide en enkele tsunami’s de kustlijnen troffen, nam ook de bezorgdheid toe op het Israëlisch Ministerie voor Buitenlandse Zaken dat een diplomatieke staf heeft in de Israëlische ambassade in Santiago, de hoofdstad van Chili. In Chili worden nog een twintigtal Israëlische rugzaktoeristen [trekking] vermist en via de ambassade in Santiago wordt thans getracht hen op te sporen.

Haïti, 19 januari 2010: Israëlische arts bij pasgeboren baby
Het ministerie van Buitenlandse Zaken gaf een verklaring uit waarin werd gezegd dat het probeert na te gaan of er Israëli’s werden gewond tijdens de ramp. Aan de verklaring werd toegevoegd dat alle Israëlische gezanten in Santiago werden benaderd, maar de ineenstorting van de telecommunicatie na de aardbeving problemen heeft veroorzaakt in het leggen en onderhouden van contacten.
In dezelfde mededeling benadrukte de Israëlische staat haar steun aan de zijde van de Chileense regering en sprak haar solidariteit uit met de zwaar getroffen bevolking. Israël betoont haar medeleven aan de nabestaanden van de slachtoffers en betuigd haar steun aan alle burgers van Chili in deze tijd van beproeving.
Na vijf dagen komt dan toch de internationale hulpverlening langzaam op gang. Ook Israël, dat als één van de eerste op 15 januari 2010 een hulpteam naar Haïti stuurde, team dat model stond voor de beste hulpteams van de wereld, had eerder al aangekondigd standby te staan voor hulp aan Chili en wachtte net zoals de rest van de wereld dagenlang op een officieel signaal van de Chileense regering om te helpen.
Zoals bekend zond het Israëlische leger een volledig operationeel en gesofisticeerd veldhospitaal naar Haïti, slechts enkele uren nadat Port-Au-Prince in januari werd verwoest door een aardbeving.
Verscheidene Israëlische humanitaire hulporganisaties waaronder IsraAid en Israel Flying Aid vertrokken eveneens naar Haïti. Nogal wat Israëlbashers bekritiseerden Israël voor die uitgebreide hulp aan Haïti, en brulden het uit: “Waarom Haïti wel en Gaza niet?” Om de simpele reden als volgt: Haïti is Gaza niet. Het volk van Haïti praktizeert niet de Islamitische Jihad, de moord op onschuldige Joden en christenen. Haiti heeft niet, in tegenstelling tot de terreurorganisatie Hamas, de complete en totale vernietiging van Israël gezworen, integendeel.
Duurzame vriendschapsbanden met Chili
De Israëlische ambassadeur in Santiago onderhoud de contacten met de lokale autoriteit om een geactualiseerde beoordeling van de situatie te krijgen en om mogelijke behoeften te evalueren. De Israëlische premier Benjamin Netanjahoe heeft van het Ministerie van Buitenlandse Zaken de opdracht gegeven alle nodige steun aan te bieden aan Chili na de enorme aardbeving. In een verklaring die werd afgegeven door de woordvoerder van de premier wordt gemeld dat Netanjahoe de gebeurtenissen in Chili op de voet volgt en regelmatig wordt bijgewerkt door de ambtenaren van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.
Israël en Chili onderhouden sinds vele jaren een relatie van diepe vriendschap en wederzijdse waardering. Die goede relaties gaan terug tot aan de beginjaren van de Israëlische onafhankelijkheid. Zoals bekend erkende Chili het bestaansrecht van Israël al in februari 1949. Beide landen starten officiële diplomatieke betrekkingen op 16 mei 1950 toen Israël een ambassade opende in Santiago en op die datum haar eerste ambassadeur naar het land zond. Chili opende korte tijd later haar ambassade in Tel Aviv en zond op 16 juni 1952 haar eerste ambassadeur naar Israël.
De voormalige Israëlische premier Golda Meir bezocht Chili in het gezelschap van haar toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Shimon Peres. Op 27 maart 2005 bezocht voor het eerst een hoge Chileense afgevaardigde, met name Ignacio Walker Chileens minister voor Buitenlandse Zaken, in het gezelschap van een grote delegatie het land. Israël is één van de belangrijkste wapenleveranciers van het Chileense leger. Een van de meest opgemerkte wapenverkopen was de levering van IAI Phalcon AWACS’s vliegtuigen aan Chili in 1994.
Bronnen: Israel News Agency: Israel Humanitarian Aid Teams Assess Chile Earthquake Damage van 27 februari 2010; The Jerusalem Post: At least 149 dead in Chile quake van 27 februari 2010; IMFA: Israel expresses solidarity with Chile after earthquake van 27 februari 2010; De Standaard: Een race tegen de tijd van 2 maart 2010; website van de Israëlische ambassade in Chili
Arabische hulp aan slachtoffers van Haïti
Ere wie ere toekomt, ook een aantal Arabische [moslim]landen zijn in Haïti actief met hulpteams ter plaatse, of hebben hulpgoederen naar Port-au-Prince gezonden of hebben aanzienlijke bedragen overgedragen [of toegezegd] aan het hulpfonds van de Verenigde Naties, om de wederopbouw van het zwaar getroffen land weer op gang te trekken en te financieren.
Medisch team uit Qatar
Naast reddingsploegen uit Egypte en Jordanië, levert er in het bijzonder Qatar goed werk. Voor het eerst sinds de Arabische golfstaat in 2004 werd gesticht, heeft de Internationale Veiligheidsmacht van Qatar een 30-koppig hulpteam naar het buitenland gezonden.

Dr. Mootaz Ali, lid van het hulpteam uit Qatar, behandelt in een klaslokaal een patiënt met een gebroken been (foto: Robert Stolarik)
Al in de vroege uren van 16 januari 2010 landde een C-17 vliegtuig uit Doha, de hoofdstad van Qatar, op de tarmac van de luchthaven van Haïti met aan boord 50 ton dringende hulpgoederen. “Het is een lange weg om hier te geraken en het is de eerste keer dat we onze regio verlaten,” zei de 29-jarige kapitein Moebarak al Kaabi, de chef van het team. “Maar hulp betekent iedereen helpen en niet alleen Arabische mensen.” Het hulpteam heeft een kleuterschool uitgekozen, genoemd Notre Dame du Mont Carmel, die de aardbeving relatief goed doorstaan heeft, om er haar tenten op te slaan.
De klaslokalen liggen er vol patiënten die wachten op de eerste zorgen, de meesten ervan zien voor het eerst sinds de aardbeving van 12 januari een dokter. “We zien vooral veel gebroken ledematen, andere breuken en wonden die ontstoken zijn omdat een week na de ramp deze mensen nog door niemand werden behandeld en nog geen enkele medicatie kregen toegediend,” zei Yasser Khourani, een 40-jarige chirurg. Zonder stromend water of elektriciteit moet een team van 10 dokters, verplegers en paramedici zich behelpen met de materialen die hen ter beschikking staan. “Het grootste probleem dat we hebben is het totaal gebrek aan hygiëne,” zei Mootaz Ali, een 37-jarige orthopedische chirurg. “Sommige patiënten kunnen niet eens de antibioticapillen innemen die we hen geven omdat ze niet aan water geraken.”
Sinds hun aankomst hebben de dokters uit Qatar bijna 500 slachtoffers behandeld. De groepsleden zijn goed geschoold in eerste hulpzorg en brengen hun ervaring mee die ze afgelopen winter opdeden tijdens de oorlog in Gaza, de Libanonoorlog in 2006 en de oorlog in Somalië, alsmede natuurrampen zoals de aardbeving in Pakistan in 2005 en de overstromingen in Mauritanië in 2007. De afgelopen jaren zijn Arabische landen meer actief geworden buiten de grenzen van hun gebied.
Jordaanse vredesmacht op Haïti

Hédi Annabi, de Tunesische diplomaat en chef van de VN-vredesmacht op Haïti, verloor het leven tijdens de aardbeving van 12 januari 2010
Jordanië heeft 900 soldaten en politieagenten gestationeerd op het eiland die deel uitmaken van de internationale Stabilisatie Missie van de Verenigde Naties in Haïti, bekend onder de Franse naam Minustah, een VN-vredeskorps dat met het mandaat van Resolutie 1542 van de VN-Veiligheidsraad van 30 april 2004 op zak, in Haïti tracht de vrede te handhaven sinds de voormalige president Jean-Bertrand Aristide op 29 februari 2004 het land werd uitgedreven [sindsdien in ballingschap in Zuid-Afrika] en gewapende bendes het eiland terroriseren. Op dit ogenblik is dit korps samengesteld uit 8.940 militaire personeel en 3.711 politieagenten.
De geblauwhelmde Jordaanse soldaten trachten thans samen met hun politiekorps de orde te bewaren. Samen met de blauwhelmen uit Indië houden ze onder meer de Banque Nationale de Crédit in Port-au-Prince afgegrendeld, die ze moeten behoeden voor plunderende gewapende bendes.
Drie Jordaanse leden van de VN-vredesmacht, majoor Atta Manasir, majoor Asharf Jaiusi en korporaal Raed Khawaldeh kwamen om tijdens de aardbeving toen ze op post waren in het hoofdkwartier van de VN-missie in Hotel Christopher in Port-au-Prince, 23 andere soldaten werden gewond.
Hierbij kwam ook de chef van de Minustah van de VN, de Tunesische diplomaat Hédi Annabi, om het leven.
Andere Arabische landen helpen
Zo zonden de Verenigde Arabische Emiraten 145 ton medicijnen en levensmiddelen, Libanon heeft 28 ton levensmiddelen gezonden, Jordanië heeft 6 ton hulpgoederen gezonden en een mobiel veldhospitaal geleverd en de Koeweiti’s 1 miljoen dollar gestort en 100 ton levensmiddelen, tenten en dekens gestuurd, volgens het nieuws agentschap van de Verenigde Naties.

President René Preval: nog geen cent gezien
Ook Saoedi-Arabië heeft maandag 25 januari 50 miljoen dollar toegezegd aan het hulpfonds van de Verenigde Naties voor Haïti, heeft Osami Nugali, de woordvoerder van het Min. van Buitenlandse Zaken van de golfstaat bekend gemaakt. De voorbije week heeft Ekmeleddin Ihsanoglu, de secretaris-generaal van de 56 landen tellende Organisatie van de Islamitische Conferentie (OIC), al haar OIC-leden en islamitische organisaties opgeroepen om hulp te bieden aan Haïti.
Huidig president René Preval van het zoals bekend door-en-door corrupte regime van Haïti, klaagde er gisteren (27 januari) over dat hij nog geen cent had gezien en kreeg als antwoord dat het grootste deel van de hulpgelden en -middelen rechtstreeks wordt overgemaakt aan de Verenigde Naties en aan de plaatselijk aanwezige niet-gouvermentele organisaties (NGO’s).
Bronnen: The National: Arab nations bring relief to Haiti victims door James Reinl van 23 januari 2010; Arab News: Kingdom donates $50m for Haiti quake relief van 26 januari 2010
Israël-Haïti: Hommage door Bill Clinton van het Israëlische reddingsteam
Bill Clinton, speciaal coördinator voor de Verenigde Naties in Haïti, heeft gisteren gewezen op de efficiëntie en de toewijding van de medische eenheid van het Israëlische leger. “De Israëli’s,” zei de voormalige president van de Verenigde Staten, “hebben ruime ervaring opgebouwd in de oorlog en zetten deze in dienst van de menselijkheid. Hun veldhospitalen vervullen een uitstekende job. Ik dank hen daarvoor.”
Bill Clinton nam nota van de westerse media, alsmede van de Russische en de Chinese, in hun berichtgeving over de ramp die het eiland heeft getroffen, die zich aan de ene kant hebben geconcentreerd op de professionaliteit van de Israëlische medische eenheid en anderzijds hun “opmerkelijke volharding” om te blijven trachten mensenlevens te redden.
Ter herinnering:
De Israëlische hulp aan Haïti
Een Israëlische expeditie van 241 leden is momenteel actief in de puinhopen van Port-au-Prince. 40 artsen, 45 verpleegkundigen, reddingswerkers en technisch personeel zijn samen met teams uit de hele wereld aldaar aan de slag. Een derde van de medische staf bestaat uit reservisten van het Israëlische leger, die werden teruggeroepen om er de kleuren van hun land voor die gelegenheid te vertegenwoordigen.
Deze missie wordt gemeenschappelijk gedragen door de Tsahal (het Israëlische leger), de Maguen David Adom, de Israëlische politie en het Ministerie van Buitenlandse Zaken, die trachten de eerste hulp te verstrekken, meer bepaald op dat terrein waarin de Israëli’s tot de meest vooraanstaande experts in de wereld zijn geworden: dringende medische zorgverstrekking in moeilijke materiële omstandigheden, het zoeken naar overlevenden, enz…
In totaal werden 90 ton materialen verzonden vanuit Tel Aviv naar Port-au-Prince. Deze ochtend werd een veldhospitaal met 150 bedden, in bruikleen gegeven door de Civiele Veiligheid, gebouwd op de plaats van de ramp. Dit hospitaal werd ingericht met een afdeling intensieve zorgen, twee operatiekamers, een apotheek, een laboratorium, een dienst radiologie enz… Het is geschikt om 500 gewonden per dag te behandelen en zal worden uitgerust met alle menselijke en technologische middelen om aan de behoeften van de getroffen bevolking te voldoen.
In de Israëlische delegatie zijn ook vertegenwoordigers van de Civiele Veiligheid aanwezig. Zij worden geholpen door reddingshonden en zullen deelnemen aan de zoektocht naar overlevenden onder het puin van de verwoeste stad.
De ambassadeur van Israël in de Dominicaanse Republiek, Amos Radian, is momenteel in Port-au-Prince, waar hij de Israëlische hulp coördineert in overleg met de lokale overheden en humanitaire organisaties.
Bron: Feminin.col.il: ISRAËL-HAÏTI: L’Hommage de Bill Clinton aux sauveteurs Israëliens van 25 januari 2010 en Tsahal et Haïti van 20 januari 2010
Voor fanatici kan Israël nooit goed doen, dus ook niet in Haïti
Het kon niet lang uitblijven, een neonazi blokletterde op zijn blog met een artikel: ‘De Zionisering van Hulp bij Rampen’. Zondag kreeg ik een reactie op deze blog van een zekere ‘Irina’: “En die bejaarde vrouw van 84 jaar die is door haar vrienden en familie onder het puin vandaan getrokken na 10 dagen? Waarom we dat hier niet lezen? Omdat Haitianen natuurlijk mindere mensen zijn dan Israëlis.” Israëli’s die andere volkeren en naties in nood helpen worden verdacht: ‘daar moet wat mis mee zijn, daar zit iets anders achter…’
Israëlbashers beleven weer gouden tijden. Groen van haat en nijd, kijken ze gefrustreerd toe hoe Israëlische soldaten, dokters en verplegers kosten noch moeite sparen om 10.000 kilometers ver van huis, een verhakkelde natie vanonder het puin te halen. Een en ander past natuurlijk niet in het door hen getekende stereotiepe plaatje van een Israël als een kolonialistische staat, bestuurd door boeven en gangsters die Palestijnenbloed drinken op het einde van de sabbat.
Extreemlinkse pro-Palestijnen winden zich behoorlijk op: waarom Haïti wèl en Gaza niét? Op een eenvoudige vraag volgt een eenvoudig antwoord: Haïti is niet in oorlog met Israël; Gaza wel en dat tot op vandaag. Haïti heeft geen duizenden raketten en mortieren afgeschoten op Israël; Gaza wèl en gaat daar sinds het staakt het vuren van 18 januari 2009 nog steeds mee door. Haïti heeft de soevereiniteit van Israël gesteund door in 1947 het Verdeelplan [VN-resolutie 181] goed te keuren en legde aldus mede de fundamenten die korte tijd later tot het ontstaan van de Joodse staat zullen leiden; die 2-statenoplossing van toen werd door de moslimwereld in woorden en in daden verworpen en Gaza, een proxygebied dat kunstmatig in stand wordt gehouden door de Arabische wereld als voorpost voor de nakende islamistische werelddominantie en haar bevolking die geranseld en gegijzeld wordt door de dictatuur van de islamo-fascistische terreurgroep Hamas, belooft de vernietiging van de Joodse staat en de verdrijving en/of uitroeiing van de Joden uit de moslimwereld. En… nog zoveel meer van dattum.
Het spook van het Joodse Complot, de Zionistische Samenzwering, duikt weer op, correctie: het is nooit weg geweest (maar we blijven hopen dat het ooit zal verdwijnen). Maar dat het hier weer opdoemt, net op een ogenblik dat Haïti, één van de armste landen van de wereld, door een aardbeving in duizend stukken werd gebroken met wellicht een kwart miljoen doden en drie miljoen daklozen, en Israël uit zuiver humanitaire motieven een stevig goed gestructureerd en excellent team naar ginder stuurt om de hoogste nood te lenigen, laten de vijanden van Israël, antisemieten en anti-Zionisten (die in feite synoniemen van elkaar geworden zijn) zich weer van hun laagste en meest boosaardige kant zien.
Her en der op het internet las ik zelfs over een complot van Amerikanen en Israëli’s die experimenteren met het kunstmatig opwekken van aardbevingen als nieuwste wapen en bij wijze van ‘proef’ aldus de catastrofe in Haïti zouden hebben veroorzaakt [zie bv. Haiti’s Natural Disaster–Made in Israel?]. In de Middeleeuwen werden de Joden verdacht als zouden zij waterputten en waterbronnen vergiftigd hebben en alzo de zwarte pest veroorzaakten om alle christenen te vermoorden. Een zoveelste hoax als voorwendsel om andermaal Joden te vervolgen en te vermoorden. Jodenhaat triomfeert weer en kent vele gedaantes. Een ‘goed’ product verdwijnt echter nooit van de markt. Adolf Hitler was zich daar ook zeer goed van bewust: “Die breite Masse eines Volkes einer grossen Lüge leichter zum Opfer fällt als einer kleinen.” [De brede massa van een volk valt makkelijker aan een grote leugen ten offer dan aan een kleine.]
Alan Dershowitz nagelt in het onderstaande artikel de fanatici vast aan de hellepoort en houdt hen de spiegel van het geweten voor.

Hierboven een andere kijk op de zaak door Dry Bones: ‘Ere wie ere toekomt [...]‘
Double Standard Watch: For bigots, Israel can do no right
door Alan M. Dershowitz
Aangezien de meeste objectieve waarnemers over de hele wereld zich vergapen aan de efficiëntie van Israël en vrijgevigheid in het leiden van de medische hulpverlening in Haïti, dringen sommige kwatongen aan op het gebruik van deze inspanningen als een gelegenheid om hun aanval op de Joodse staat voort te zetten. Zowel de scherpe bocht naar rechts van neo-nazi’s en de scherpe bocht naar links van neo-stalinisten kunnen het niet laten om Israël te demoniseren, ongeacht wat Israël doet.
De neo-nazi website ReportersNotebook.com heeft een blog getiteld The Zionization of Disaster Relief (De Zionisering van Hulp bij Rampen). Daarin wordt Israël ervan beschuldigd “het lijden van arme, weerloze Haïtianen te exploiteren namens het Israëlische triomfalisme.” Het verwijt dat Israël medische hulp verleent aan Haïti enkel en alleen om de aandacht af te leiden van haar misdaden tegen de Palestijnen.
Extreemlinks, zelfs in Israël, klaagt erover dat Israël geen medische hulp zou mogen sturen naar zo’n afgelegen oord. In plaats daarvan zouden zij die moeten sturen naar de nabijgelegen Gazastrook.
Zelfs de New York Times, in een overigens doordachte analyse over de controversie over de hulpverlening onder sommige Israëli’s, faalt erin om het verschil te leggen tussen Israël dat beperkte middelen stuurt naar het verre Haïti en naar de nabijgelegen Gazastrook. Haïti is niet in oorlog met Israël. Haïti heeft zich nooit voorgenomen Israël te vernietigen. Haïti heeft geen 8000 raketten afgeschoten op Israëlische burgers. Gaza, aan de andere kant heeft een door het volk gekozen regering die dat wel heeft gedaan en nog steeds al het bovenstaande doét. Bovendien is er geen vergelijking mogelijk tussen de tienduizenden Haïtianen die gestorven zijn aan een natuurramp en anderzijds de mensen van Gaza die veel minder lijden aan, wat in wezen toch, een zelf toegebrachte wonde is.
Noch maken de eeuwige vijanden van Israël de vergelijking tussen enerzijds het kleine en grondstoffen arme Israël, tegenover anderzijds enorme en grondstoffen rijke Arabische en islamitische landen. Terwijl Israël diep in haar schatkist graaft en mankracht verzamelt om medische bijstand te zenden naar een gebied waarvoor het een kwart van de wereldbol moet afreizen, komen de Arabische en islamitische landen in het algemeen zelden in actie en zenden gewoonlijk hun kat als het gaat om hulpverlening. Dit geldt niet alleen voor Haïti, als katholieke natie, maar dat is ook zo het geval wanneer tsunami en andere natuurrampen islamitische naties hebben verwoest.
Voor degenen die beweren dat Israël deze steun aan Haïti geeft omwille van eigen egoïstische redenen, zijn er twee antwoorden. Eerst het realpolitieke antwoord: Alle naties hebben belangen en allen handelen, althans toch ten dele, uit eigen belang. Wanneer de Amerikaanse regering door de Amerikanen wordt gevraagd haar miljarden dollars aan buitenlandse hulp te rechtvaardigen, reageert men over het algemeen door te stellen dat deze hulpfondsen de belangen dienen van de Verenigde Staten.
Als het echter gaat om Israël, wordt er altijd een dubbele standaard toegepast. Israël mag enkel uit altruïstische motieven handelen, terwijl alle andere landen het recht krijgen om hun altruïsme te beleven uit eigen belang. Het tweede antwoord is dat Israël veel meer doet in Haïti dan nodig zou zijn om aan haar eigen belangen te voldoen. Het zendt veel meer steun per hoofd van de bevolking dan enig ander land in de wereld. Het doet dat met buitengewone efficiëntie en met het nodige effect. Zou het dan niet mogelijk kunnen zijn dat de duizenden jaren oude Joodse traditie van tzedakah – dat wil zeggen, liefdadigheid gebaseerd op rechtvaardigheid – ten minste een deel van de verklaring geeft voor de vrijgevigheid van Israël?
Het feit dat zo veel Israëli’s pleiten voor medische en andere hulp aan Gaza, ondersteunt zeker deze laatste theorie. Heeft een ander land in de geschiedenis van de wereld ooit medische en andere hulp verstrekt aan een volk waarmee het in oorlog is – aan mensen die raketaanvallen en andere vormen van terrorisme ondersteunen tegen haar eigen burgers? Nogmaals, een dubbele standaard. De realiteit is dat Israël heel gul zou zijn om de bevolking van Gaza te helpen indien zij ermee zouden ophouden de aanvallen op Israëlische burgers te steunen, en stoppen met het maken van martelaren van hun zelfmoordenaars, en stoppen met hun kinderen aan te moedigen tot het dragen van zelfmoordvesten. Het contrast is opvallend tussen de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever, dat vandaag de dag een aantrekkende economie heeft, veel betere reismogelijkheden heeft en over een gezondheidszorg beschikt die veruit de beste is in vergelijking met gelijk welk ander Arabisch of islamitisch land in het gebied. De opbrengsten die het Palestijnse volk zal oogsten na het maken van vrede met Israël zijn niet te onderschatten.
Dus blijven zij Israël bekritiseren als het zich niet houdt aan de algemeen geldende internationale normen, maar oogst het lof wanneer het die normen overstijgt door meer steun te geven, die al zoveel mensen heeft gered en levens zal blijven redden. Israël zal hulp blijven geven bij rampen zoals deze in Haïti, ongeacht hoe de wereld daarop reageert omdat de Israëli’s begrijpen hoe het voelt om bloot gesteld te worden aan rampen. Maar de billijkheid vereist dat Israël niet veroordeeld wordt voor haar humanitaire inspanningen, en dat het geven van hulp aan Haïti niet zal worden gebruikt als een zoveelste gelegenheid voor het toepassen van een dubbele standaard op haar daden.
Bron: The Jerusalem Post: Double Standard Watch: For bigots, Israel can do no right door Alan M. Dershowitz van 24 januari 2010
Disproportionele Israëlische hulp in Haïti: man 10 dagen later levend uit het puin
Gisteren, 22 januari 2010, werd door het IDF zoek- en reddingsteam onder leiding van luitenant-kolonel Rami Peletz, in Port-au-Prince nog een 22-jarige man levend uit het puin gehaald. Emanuel Bito, zat tien dagen lang vastgeklemd onder het puin dichtbij het residentiële paleis van de president. Amerikaanse en Franse dokters waren niet in staat om de geknelde man te bevrijden en hadden er het Israëlische reddingsteam bijgeroepen. Die groeven een tunnel van 2 à 3 meter en slaagden er aldus in om de man een half uur later te bevrijden, legde majoor Zohar Moshe, een lied van het team uit aan de pers. De man werd overgebracht naar het IDF hospitaal. Zijn toestand is stabiel. Volg de dagelijkse berichtgeving over de acties van het IDF in Haïti op: IDF desk op You Tube.
(met dank aan prikkeldraad voor de titelsuggestie)
Een straaltje licht van Zion schijnt over Haïti

“Heb je de Israëlische inspanningen in Haïti gezien op het nieuws?”
“Jawel.”
“En dat het aantoont dat het soms toegestaan wordt dat een straaltje licht van Zion màg doorschijnen?”
“In tegenstelling tot de reguliere anti-Israël bias van de media!!”
” [..] “
“Sorry, dat ik erover begon.”
In zijn cartoon van heden verheugt Dry Bones, alias van de Israëli Yaakov Kirschen, zich in de [meer dan gewone] aandacht die het Israëlische hulpteam in Haïti krijgt door de internationale media.
Dry Bones: “Hier in Israël zetten wij met trots onze reddingsoperatie in Haïti in het licht. Onze kranten zijn gevuld met foto’s en verslagen uit de eerste hand. En zo nu en dan worden we verrast wanneer we een glimp opvangen van de erkenning van wat we doen door de doorsnee media. Enkele voorbeelden van die waardering kan je bijvoorbeeld lezen op de blog van Shiloh Musings: “Look! There’s Hebrew!!!”:
“We’ve been watching the news, and of course it’s about what’s going on in Haiti since the earthquake. Even when Israel isn’t mentioned, you can’t miss the Hebrew on the uniforms, vests etc. It’s strange to think that Israel managed to organize so well, while richer countries haven’t. Israel always send aid to disaster areas, and it’s not chocolate and candy. When news stations like CNN list the countries helping, Israel is at the end, sort of swallowed like it’s hard for the newscaster to say something good. But in the pictures, you can see the Israelis.“
Over de aardbeving in Haïti en het Israëlisch hulpteam op Brabosh.com:
- Een wiegelied voor de wereld [Wiesje de Lange]
- Haiti: In nood leert men zijn vrienden kennen (Go to the Israeli hospital! Go!)
- Israëlische hulpteams in Haïti een voorbeeld voor de wereld
- Israëlische reddingsteams in Haïti aan de slag om levens te redden
Videoclip hierboven van 20 januari 2010: Kapitein Barak Raz, hoofd van het Noord-Amerikaanse kantoor van de persafdeling voor het buitenland, beschrijft de levensreddende inspanningen die door het IDF in Haïti worden gedaan. Op woensdag 20 januari 2010 behandelde het IDF Veldhospitaal in Port-au-Prince 380 patiënten en voerde 140 chirurgische ingrepen uit. Ongeveer 50 patiënten werden opgenomen in het hospitaal, 7 bevallingen werden met succes uitgevoerd waaronder 2 prematuren. In het hospitaal vielen helaas ook 12 sterfgevallen te betreuren. Volg de dagelijkse berichtgeving over de acties van het IDF op: IDF desk op You Tube.
Een wiegelied voor de wereld [Wiesje de Lange]

Wie snel tot de kern van de zaak wil gaan, moet Wiesje de Lange hebben gelezen. Terwijl Obama zich blauw ergert aan ‘illegale’ woningbouw in Jeruzalem, wroeten en wriemelen Joodse soldaten, dokters en verplegers 10.000 kilometer ver van huis op een ‘Godvergeten’ eiland in de Caribische oceaan om te redden wat er nog te redden valt. Midden in de plassen bloed, afgerukte en geamputeerde ledematen, verscheurde gezinnen, ingestorte huizen en buildings, doen de Israëli’s wat de Amerikanen in feite hadden moeten doen, maar waar Obama en Co hun neus voor ophalen.
Ik ben – of moet ik zeggen ‘was’ ? – een Obamafan van het eerste uur. Maar na de euforie van de zege van de zwarte slaaf op de vermeende blanke suprematie, komt nu de ontnuchtering. Gedaan met de mooie praatjes, nu moet er gewerkt worden. Echter, het sprookje van de ‘zwarte’, de ‘negro’, die het heeft gemaakt en aan het hoofd staat van een van de machtigste naties van de wereld, valt hier plat op zijn buik. Obama werd zichtbaar over zijn paard getild.
Als telg uit generaties van zwarte slaven, kijkt Obama thans met een zuur gezicht naar Haïti, het soevereine land van voormalige slaven. De wereld van de zwarte dhimmies ligt hier aan scherven. Een open wonde, pal aan de voordeur van Obama. In Haïti roept iedereen ‘waar blijven de Amerikanen’? “Sorry jongens, ik heb het te druk,” zegt Obama, “eerst Israël bashen”. Jawadde.
Beste president Barack Obama, laat verdomme je kop zien in Haïti! Ga huizen bouwen op dat slaveneiland, en als je niet weet hoe je uit het niets, van helemaal niets, uit een kapot geslagen wereld, uit stof en compleet uitgedroogd zand, huizen moet optrekken, de grond weer vruchtbaar moet maken: vraag het dan aan Israël, Go to Israel! Ze zullen je graag alles willen leren. Ze moeten er niets voor terug hebben behalve dan: een bedankje, een vleugje respect, een achteloos schouderklopje, Obama zeg mij na: ‘dank u Israël’ en je zal zien dat de Joden de hele nacht zullen stralen van geluk en tot in de vroege uurtjes de mazurka zullen dansen van vreugde ende plezier.
En nu is Wiesje de Lange aan het woord.
Een wiegelied voor de wereld
Wiesje de Lange
Wanneer ik weer eens hier en daar lees dat onze globe draait naar sekuliere deun, misplaatst geprezen verworvenheid van de Franse revolutie dan schud ik ge’irriteerd het hoofd. Een sekuliere cultuur? Hoe kan men die stelling volhouden? Toch promoveerden legers veelweters op aanverwante dissertaties. Roept men dat de zaak anders ligt dan krijgt met het zwaar te verduren.
Illustratie van onterechte niet-academische promotie: de zielige schijn-overwinning van Chamberlain welke politicus, zwaaiend met een stukske papier riep dat dit nu de vrede was in zakformaat, terwijl in werkelijkheid een ongekend bloedige wereldoorlog zich verschool achter sluwe Duitse slaapliedjes. Schlaf nur mein Welt, schlaf ein…. Het papieren vodje van Chamberlain moest Bijbelse teksten weerleggen hetgeen vanzelf niet lukte, zoals het nimmer lukt. Hoe sekulier het aan de oppervlakte ook toe moge gaan in Oude en Nieuwe wereld, wie wakker blijft onder zelfs de zoetste zang ziet een totaal andere waarheid.
Wanneer een land de Joodse wijze van ritueel slachten verbiedt op zgn ethische gronden dan is dit pathetisch te noemen, de mens die in zijn volle belachelijkheid de Schepper de les leest. Zouden antisemitische overwegingen hier een deuntje mee kunnen zingen, de boventoon kunnen voeren? In pak weg (de voorbeelden liggen voor het oprapen) een land als Noorwegen is de rituele Joodse slacht verboden. Dit kan nauwelijks met dierenliefde, zelfs maar met enig menselijk respekt voor lijden te maken hebben. De Noren adverteren zelf, hulpeloos, hun drijfveren. In dit zelfde land immers staat men barbaarse riten toe zoals het doodslaan van jonge zeehonden. Omdat hun pelsjes zich zo heerlijk laten verwerken tot bontmantels die buurvrouw’s jaloezie opwekken. . Voorts zal niemand de walvisvangst, in Noorwegen onveranderd gruwelijk toegestaan (het moet toch anders kunnen, meer in harmonie met de gewraakte Joodse slacht?) humaan durven noemen maar wanneer we het hebben over manifestaties van de Joodse Levensleer, aardse tekenen van een Bovenwereld dan wijzen wrede jagers met de ruwst denkbare bolsters op hun weke inborst en beklimmen in tranen de barricades. Bijbelse slacht? Primitief natuurlijk en verwerpelijk.
Zijn antisemitische hetses niet doorgaans terug te voeren naar opstand tegen de Joodse Levensleer? De “nuchtere” vrees geassocieerd te worden met enige vorm van consideratie voor religieuze zaken is echter zo groot dat genoemde aanteiging prompt wordt verworpen. Rationalisaties worden aangevoerd die al zo dikwijls werden weerlegd dat heel de kwestie associaties oproept aan kreten als “allah hoe akhbar” en “de Jood vergiftigde de bronnen”, duivelse dooddoeners niet te ontzenuwen met logische argumenten. Dat religieus gemotiveerde aanvallen op Israel in werkelijkheid een racistische ondergrond zouden hebben wordt als drijfveer verkozen boven die andere, die ondenkbare, geparenteerd aan godsdienstoorlogen. Een tot dusverre onuitroeibare neiging een toren van Babel te bouwen maakt dat men met griezelige slagtanden blijft knauwen aan meer dan de Joodse Levensleer, het is sedert de hernieuwde onafhankelijkheid van dat volk in Israel de Joodse identiteit die men poogt kapot te bijten. Met religie/anti-religie heeft het natuurlijk niet te maken, nee, het is verheven ethisch gevoel dat de wereld drijft.
Schlafe, mein Welt, schlaf ein.
Hoe anders dan antisemitisch, d.w.z. ketters kan de belachelijke, de kleinzielige zanikpolitiek genoemd worden die in alle ernst zich bezig houdt met de bouw van huizen in Jeruzalem. Alsof er in de wereld geen wild uitslaande branden zouden bestaan wordt er heftig geageerd over zoiets onnozels als woningbouw. Waarom? Oh, in Jeruzalem en dan….ja…fluisterdefluister, voor Joodse bewoners. Behoren daar geen Albigenzen te wonen of Kaninefaten? In geen geval Joden? Van coexistentie wordt zelden gerept ten bate van de Jood. Enkel het omgekeerde geldt.
Het is tegenwoordig nauwelijks mogelijk een krant open te slaan waar niet kreunend en steunend gewag wordt gemaakt van dit soort afzichtelijke misdrijven. Veelal onderstreept men de afkeurende woorden met de vermelding dat het hier gaat om het Oosten der Stad. Niet oostelijk Jeruzalem, nee, Oost-Jeruzalem, een lelijk begrip. Aldus wordt het stadsdeel waar om gevochten werd in de oorlog van 1948 gedoodverfd. De Joden verloren toen, men verdreef hen meteen, haastig uit het oosten van hun Stad. Een omgekeerde Exodus… Het was Pesach, het feest der ongezuurde broden zoals op oude films nog te zien is als een blijvend symbool van een omgekeerde Exodus, genesis der verwezenlijking van het grote ideaal waarvan de wereld gonst. De latere Joodse overwinning, in 1967 moet “dus” ongedaan gemaakt worden. Om dit te bespoedigen werd in Israel een soort huizendistributie ingevoerd. De gebouwen geraakten “op de bon”, het distributiekantoor staat in de niet-Joodse wereld, de VS, Saoedie, Cairo. Voor de bonkaarten komen geselecteerde afnemers in aanmerking. Waar bij distributie gepaard gaande aan in Nederland bekende oorlogen een zekere regelmaat in acht werd genomen (ook daar kwamen niet alle mensen in aanmerking voor de levenrekkende kaarten) gaat dat in Israel anders. De uitreikingen gaan hortend, vergezeld van twist, coalities vallen er om uiteen, regeringscrises veroorzakend, diplomaten lopen blauw aan in hun woede in vele talen, oh, geachte lezer, heel de wereld bemoeit zich met de huisvesting van ‘t volk der Profeten. Moshe (Mozes) deed hen wijselijk kamperen in tenten, zelfs de Tabernakel was tenslotte een tent en woont de leeuw van Judea niet in een kooi? Alles heeft een reden.
De bekende geluiden der huizenbouw worden gesmoord door het misselijk makende Wiegelied. Schlaf ein, schlaf ein. Woningbouw…is selectief onrechtvaardig. In Jeruzalem.
Het woord “regeringscrisis” viel. Netanjahoe kan iets dergelijks verwachten, nu uitkwam dat de “bouwbevriezing” ook Jeruzalem aandeed, hoe anders is het te verklaren dat in de Stad sedert maart j.l. praktisch geen bouwvergunningen meer werden verstrekt? Enne.. de rechtse coalitiepartners – de minister van huisvesting behoort tot die sektor – zijn niet gediend van de vrieskoude. Net als het gros der politici willen zij graag herkozen worden en hun achterban is Bijbelvast voor ontwikkeling en tegen stagnatie. De bouwplannen lezend wordt de toestand van Israel duidelijk, misschien zelfs duidelijker dan tijdens de regelmatig terugkerende geweldsuitbarstingen. Israel is een niet erkend, nee, een ontkend begrip en er woont een ontkend volk waaruit volgt dat op woningbouw wordt beknibbeld door….de wiegeliedjes neuriende grootmachten, de VS voorop. Schlaf ein, schlaf ein, woningbouw is toch zo onethisch wanneer het gaat om Joden in Jeruzalem.
Kijkt U zelf maar naar de wereld, goede lezer. Er is daar niets loos. Alles pais en vree, de koetjes grazen in de weiden, de zee kabbelt zoetjes langs de levenskusten. Dus, een energieke Obama buigt zich over zijn meest dringende dossier, for his eyes only. Zevenhonderd (ZEVENHONDERD!?!@#$) huisjes voor Jeruzalem, (get me Ram Emanuel NOW), en kijk waar ze die huisjes neer willen zetten, in het noordelijke Pisgat Ze’ev en Neveh Ja’akov, in het zuidelijke Har Choma, nota bene onder de rook van Bethlechem, oh schande.
Har Choma ligt ook nog dicht bij Ramat Rachel, een kibboets, nu een deel van Jeruzalem, waar zo hard gevochten werd tegen Egypte en Jordanie. Obama vergat nog niet hoe de Joden toen wonnen…Moet men peper strooien in die wond? Stromen ethische volzinnen moeten de ware drijfveren overstemmen. Slaap kindje slaap.
Dat er in de wereld niets dramatisch gaande zou zijn kan met zeven symfonieen niet worden weggespeeld. Zoals de ontzetting van de Duitse dood in Auschwitz niet kon worden weggespeeld met klassieke muziek. Hoeveel werk is er niet aan de winkel om de onbeschrijflijke natuurramp in Haiti, dat misdeelde eiland waar het leven toch al zo zwaar was, ook zonder aardbevingen. Klopt het ongeluk dikwijls op de zelfde deur zoals Dr Vlimmen opmerkte? Een aardbeving met resultaten die niet meer te beschrijven zijn.
Het scheen niemand te verwonderen dat in piepklein Israel meteen een prima uitgeruste reddingsploeg Haitiwaards toog. Kaders uit Israel’s Thuisfront en een particuliere initiatief, “ZAKA”, oorspronkelijk opgezet als berging en identificatie van terreurslachtoffers maar uitgegroeid tot wereldbekendheid op het gebied van mensenredding wanneer hemel en aarde in lijken te storten.
Terwijl ik deze letteren schrijf zie ik op het avondjournaal beelden bekend uit andere rampgebieden. Hoe snel vergeet de wereld door de constante slaapliedjes andere rampgebieden waar Israel ogenblikkelijk acte de presence gaf.
Dit hier is Haiti (het woord betekent in het Hebreeuws “ik was er” en, ja, Israel mag dat met recht stellen, het was er in tijd van nood. De beelden tonen een Israelische reddingsploeg, compleet met artsen, zelfs een noodlazaret. Men is doende een man, een etmaal levend begraven in een puingraf, daaruit te verlossen. Het lijkt een vreemdsoortige bevalling waar de man opnieuw het daglicht krijgt te aanschouwen onder een Hebreeuwse stroom van aanwijzingen van de “verloskundige”. Wanneer blijkt dat hij vrijwel ongedeerd bleef beginnen omstanders spontaan te applaudisseren onder kreten van “good job, Israel, good job”. Even viel er een stem te beluisteren boven het tumult uit, “baroech Hoe, baroech Shemo” (geprezen zij Hij en geprezen zij Zijn Naam). Een mens werd gered van een afschuwelijke dood. Een Israeli prees zijn G’d.
Kunnen de woorden althans ergens het wiegelied der wereld overstemmen, althans voor enige momenten?
De wurgende nood in Haiti, schiep deze misschien voor een ogenblik een band met de rare redders van het volk van Columbus, de zeeman-van-Joodsen-bloede die einde vijftiende eeuw het eiland ontdekte, op zijn zoektocht naar een “Nieuwe Wereld” waar zijn volk zou kunnen leven nu de Oude Wereld de Joden verbande uit Aragon, Castillie en op den duur geheel het Iberisch schiereiland?
Het werd Shabat, de zevende dag en zij, de vreemde redders hulden zich in een soort van blanke wollen gebedslakens om, staande op de ruines van de “haven van een prins” (die zich iets dergelijks nooit had kunnen indenken), te bidden tot de G’d van Israel. De autochtonen kwamen aarzelend naderbij, kusten soms de tallitot (de “lakens”), waarin, wie weet gebeden werd voor de zielerust van wie hier bezweek.
Elders assisteerde men bij een bevalling van een baby. In de ontroering waarmee dit kennelijk onder alle omstandigheden gepaard gaat riep de moeder dat hij “Israel” zal heten. Hier althans geen woord van critiek op de Joodse Levenswijze waar zo oneindig veel waarde wordt gehecht aan het redden van een medemens, zelfs in deze hel waar misschien honderdduizenden, levenden en doden, begraven werden.
De wereld, Obama in de voorste linies, heeft het druk met het tellen van de huisjes in Jeruzalem en omstreken. Niets belangrijks immers te melden in de wereld? Ah, de Kopten in Egypte worden uitgemoord? In de landen van de Islam worden de “anderen”, doorgaans Christenen vervolgd, hun heilige boeken en kerken verbrand? In Algerije is het de Christenen verboden bijeen te komen voor gebedsstonden? Terroristen, een “heilig” vuur brandend in hun harten proberen onversaagd ergens, onverschillig waar een zelfmoord-aanslag tot stand te brengen? In Indonesie en Pakistan worden mensen levend verbrand omdat zij een “niet politiek correcte” religie aanhangen? In Malaysie werd het leven praktisch onmogelijk voor niet-Moslims? In Irak…
Obama heeft het druk. Hij telt en hertelt de huisjes in Har Choma en Pisgat Ze’ev.
Hij heeft echt geen tijd voor zoiets futiels als een oude Profeet van Israel, ene Jecheskeel – Ezechiel – in zijn graf, daterende uit de dagen der Babylonische ballingschap, twee en een half millennium terug. Het graf bleef toen Israel repatrieerde, in het oude Babylon, ergens ten zuiden van Baghdad. Een Joods dodenhuisje.
Maar..In Babylon/Irak wil men graag de Joodse geschiedenis vergeten/ontkennen en men pleisterde daartoe de Hebreeuwse letters, de afbeelding van de Joodse Wetsrollen netjes over zodat de Profeet niet langer lijkt te behoren tot zijn volk, de Joden met hun Jecheskeel en hun Daniel die ooit hier gegijzeld waren. Spoedig zal een reusachtige moskee het graf opslokken, verstikken dat een duizend jaren voor de geboorte van Mehammed een Ziener van grote heiligheid hemel en aarde aaneenklonk, naar voorschrift van de Joodse Levensleer. Nog een bouwwerk zal de strijd hiertegen proklameren. Bouwwerken VOOR deze Levensleer…worden geteld.
Obama beseft dit alles? Is zelf bedwelmd, in slaap gezongen? Schlaf nur mein Prinzchen…schlaf ein. Samen met legers wereldvorsten die de mogelijkheid blijven scheppen de waarheid te verstikken onder kwaadaardige fantasie.
Muziek verklinkt, niets zichtbaars achterlatend. Blijven de beelden uit Port au Prince.
Zullen ‘s wereld Prinsjes voortaan iets moeilijker in slaap te zingen zijn?
Haiti: In nood leert men zijn vrienden kennen (Go to the Israeli hospital! Go!)
Port-au-Prince, 19 januari 2010: IDF redt Haïtiaans meisje uit ingestort gebouw
In nood leert men zijn ware vrienden kennen
Terwijl de wereld, maar vooral in Haïti, zich verbaast over het Israëlische reddings- en medisch team dat er ongelooflijk werk verricht, neemt de kritiek op de Amerikanen toe. Hoewel Haïti bij wijze van spreken in hun achtertuin ligt (met de marinebasis in Guantanamo / Cuba als dichtst bijzijnde punt) blijft de Amerikaanse hulp ondermaats en ver beneden alle beloftes. Vergelijk bv. met de Israëlische hoofdstad Jeruzalem die op meer dan 10.500 kilometer[!] afstand ligt van Port-au-Prince.
Een en ander doet denken toen op 26 augustus 2005 de orkaan Katrina toesloeg in de Golf van Mexico en de overwegend zwarte Amerikaanse bevolking van New Orleans dagen moest wachten vooraleer de eerste [Amerikaanse] hulp toekwam. Een zoveelste zwarte bladzijde in de ambtstermijn van de Republikeinse president Bush.
Maar waar blijft de huidige zwarte Democratische president Barack Obama? De man die alles ging veranderen? Tussen 1915 en 1934 werd Haïti bezet door de Verenigde Staten om hun economische belangen te beschermen. Blijkbaar zijn die ‘belangen’ van toen in het nagenoeg armste land van de wereld van nu niet interessant genoeg meer voor de VS. Zie ook: A week after Haiti quake, aid for all is elusive van heden. Dagelijks sterven 20.000 mensen door gebrek aan zorgen. Naar schatting 200.000 tot 250.000 mensen zijn gestorven en het dodental blijft stijgen.
Beluister en bekijk hier ‘Low supplies, Many injured’ op ABC-news over de Amerikaanse bewondering voor de Israëli’s en tegelijk ook de openlijke de schaamte om de povere Amerikaanse inzet. Israël, één van de kleinste landjes ter wereld met 7,5 miljoen inwoners maar dat er toch maar weer staat met een team om ‘U‘ tegen te zeggen en dat op elk gebied qua inzet, professionaliteit, materiaal al dagenlang elk ander land ruim overschaduwt.
Opvallend ook: geen hulp vanuit het Midden-Oosten. Ook niet uit de rijke golfstaten. Niks, nada, zero. Ah ja, op Haïti wonen nauwelijks moslims op het eiland[..] Ongeveer 3.250 bewoners, of zowat 0,4 procent van de bevolking, is moslim. Hun belangrijkste moskee is de Bilal Mosque Islamic Center in Cap Haitien. 80 procent van de bevolking is katholiek en 16 procent protestants.
De Joden van Haïti
Op Haïti wonen nog wel een 25-tal Joden met rabbijn Gilbert Bigio, als leider van de kleine Joodse gemeenschap van Haïti. Israël en Haïti onderhouden volledige diplomatieke relaties. Luis de Torres (Yosef Ben Ha Levy Haivri), de tolk van Christopher Columbus, was de eerste Jood die ooit voet aan land zetten in Haïti, in 1492. De eerste Joodse immigranten arriveerden in de 17de eeuw vanuit Brazilië, nadat de Fransen in 1697 het eiland op de Spanjaarden veroverden.

Port-au-Prince, november 2003. Gilbert Bigio, leider van de kleine Joodse gemeenschap van Haïti, houdt de Torarollen in zijn armen
Al deze marranos werden vermoord of uitgedreven – tezamen met de rest van de blanke bevolking – tijdens de slavenopstand van de Creoolse Toussaint L’Ouverture in 1804. Archeologen hebben recent de ruïnes van een oude synagoge ontdekt in Jeremie, een klein stadje aan de zuidkust van Haïti waar vele mulatten families woonden van Joodse origine. Joodse grafstenen werden gevonden in de havensteden van Cap Haitien en Jacmel.
De huidige vriendschapsbanden van Israël met Haïti gaan terug tot rond de Tweede Wereldoorlog. In 1937, in volle Jodenvervolging in Europa, begon de Haïtiaanse regering paspoorten en visa’s uit te reiken aan Oost-Europese Joden die de nazivervolging ontvluchtten. Een 100-tal Joden vonden een tijdelijk onderkomen in Haïti. Op het hoogtepunt woonden er 300 Joden in Haïti. De meesten van hen bleven ook na het einde van WOII wonen in het land, uit dankbaarheid jegens de regering. Eind jaren 1950 weken de meeste Joden uit naar het vaste land.
Daarnaast is Israël ook nooit vergeten dat Haïti in 1947 voor het Verdeelplan [Resolutie 181] stemde dat aan de basis lag van het ontstaan van de Joodse staat. Vele Haïtianen hebben veel bewondering voor Israël en haar strijd om het bestaansrecht dat hen door de halve wereldbol wordt miskend. De Israëlische ambassadeur in Panama vertegenwoordigt de Israëlische belangen in Haïti. Israël heeft nog wel een ere-consulaat in Port-au-Prince, vertegenwoordigt door Gilbert Bigio als ere-consul.

Port-au-Prince 17 januari 2010: geboorte van baby Israël in IDF hospitaal
Bronnen: The Jerusalem Post: Haiti: 2 local Jews helping Israeli aid van 20 januari 2010; Ynet News: Jewish prayer for Haiti van 19 januari 2010; J-Gritt: Luis de Torres – Jewish Explorer/Interpreter; Jewish Vitual Library: The Virtual Jewish History Tour Haiti door Ariel Scheib; Luxner News Inc.: As violence worsens, Haiti’s tiny Jewish community hangs on door Larry Luxner 11 februari 2004; The Jewish Community of Haiti, P.O. Box 687, Port-au-Prince, Tel. 509-1-20-638
Bill Clinton, speciaal coördinator voor de Verenigde Naties in Haïti, heeft gisteren gewezen op de efficiëntie en de toewijding van de medische eenheid van het Israëlische leger. “De Israëli’s,” zei de voormalige president van de Verenigde Staten, “hebben ruime ervaring opgebouwd in de oorlog en zetten deze in dienst van de menselijkheid. Hun veldhospitalen vervullen een uitstekende job. Ik dank hen daarvoor.”
Israëlbashers beleven weer gouden tijden. Groen van haat en nijd, kijken ze gefrustreerd toe hoe Israëlische soldaten, dokters en verplegers kosten noch moeite sparen om 10.000 kilometers ver van huis, een verhakkelde natie vanonder het puin te halen. Een en ander past natuurlijk niet in het door hen getekende stereotiepe plaatje van een Israël als een kolonialistische staat, bestuurd door boeven en gangsters die Palestijnenbloed drinken op het einde van de sabbat.
Ik ben – of moet ik zeggen ‘was’ ? – een Obamafan van het eerste uur. Maar na de euforie van de zege van de zwarte slaaf op de vermeende blanke suprematie, komt nu de ontnuchtering. Gedaan met de mooie praatjes, nu moet er gewerkt worden. Echter, het sprookje van de ‘zwarte’, de ‘negro’, die het heeft gemaakt en aan het hoofd staat van een van de machtigste naties van de wereld, valt hier plat op zijn buik. Obama werd zichtbaar over zijn paard getild.

















