Maandelijks archief: december 2009

Palestijnen zijn agressors, geen slachtoffers [deel 1]

Abu Dis (Westbank), 7 februari 2004. Palestijnse vrouw huilt 'spontaan' voor de camera's van AP aan de 'Apartheidsmuur'

In november 2007, publiceerde David Meir-Levi zijn artikel Palestinians: Aggressors, Not Victims, waarin hij de mythe weerlegt van het Palestijnse volk als ‘hulpeloze en onschuldige slachtoffers’ van de Israëlische agressie. Het feit dat de Palestijnse Autoriteit sinds 1994 autonoom bestuurd wordt door twee terroristische organisaties, al-Fatah (op de Westelijke Jordaanoever) en Hamas (in de Gazastrook), is dan eveneens de schuld van Israël en de Verenigde Staten, eerder dan die van de Palestijnen die terroristen tot hun leiders hebben verkozen.

Op deze blog is dit artikel gezien de omvang in drie delen verschenen. Bij het artikel horen ook voetnota’s en tabellen die kunnen geraadpleegd worden op de oorspronkelijke Engelstalige versie.

Palestijnen zijn agressors, geen slachtoffers [deel 1] (31.12.2009)

  • - David en Goliath
  • - Hoe de leugen is ontstaan
  • - ‘Palestina uitvinden’

Palestijnen zijn agressors, geen slachtoffers [deel 2] (13.01.2010)

  • - ‘Bijt niet in de hand die je voedt’
  • - Hoe zit het met het ‘Palestijns’ nationalisme vandaag?

Palestijnen zijn agressors, geen slachtoffers [deel 3] (24.01.2010)

  • – Palestijnen in de Jihad tegen het “globale ongeloof”
  • – Al-Qaeda, Hamas en Hezbollah ingezet voor terreur in de VS
  • - Palestijnse aanvalspogingen op Amerikaanse bodem
  • - Conclusie

David & Goliath

Arabische propaganda is succesvol geweest in het ophangen van een beeld van het Palestijnse volk als hulpeloze en onschuldige slachtoffers van de Israëlische agressie – potentiële vrienden van Amerika die echter bij voorbaat worden uitgesloten door de Amerikaanse steun aan Israël, dat de Palestijnen elke steun weigert om een eigen soevereine staat op te richten. Dit besluit is op zichzelf het resultaat van een ‘Joodse lobby’ geleid door ‘neoconservatieven’ die ‘hun bevelen krijgen’ uit Israël. Het feit dat de Palestijnen thans geleid worden door twee terroristische organisaties, al-Fatah en Hamas, is eveneens de schuld van Israël en de Verenigde Staten, eerder dan die van de Palestijnen die terroristen tot hun leiders hebben verkozen.

Volgens het Palestijnse revisionisme, wonen de Palestijnen als sinds onheuglijke tijden in het historische Palestina, een waar paradijs van bloeiende boomgaarden en vruchtbare wijngaarden, dicht bevolkt met tevreden boeren. Dan kwamen de boosaardige zionisten die, met de steun van de Britten, het Palestijnse land hebben ingepikt, het volk verdreven en begonnen met een schrikbewind en etnische zuiveringen die tot op vandaag voortduren.

Jozef Goebbels mag dan wel meer dan 60 jaar geleden zijn overleden, maar zijn strategie van kernpropaganda leeft verder in de Grote Arabische Leugen dat er een Palestijns volk bestaat dat groot onrecht werd aangedaan door Israël, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. De Arabische leiders weten dat als ze dezelfde leugen gewoon vaak genoeg blijven herhalen, de mensen het uiteindelijk wel zullen geloven – en hoe groter de leugen, hoe gemakkelijker mensen erin trappen.

Sinds de Zesdaagse Oorlog hebben de machtigste leiders van de Arabische wereld leiders – in Egypte, Libië, Arabië, Syrië en het Irak toen nog onder Sadam Hoessein – een verbale oorlog gevoerd tegen Israël. Nadat ze faalden om Israël door middel van brute militaire agressie te verslaan, hebben deze leiders en hun adviseurs besloten om, ergens tussen het einde van de oorlog en de Conferentie van Khartoem (augustus-september 1967), te komen tot de vernietiging van Israël door middel van een meedogenloze oorlog van terreur.

In de oude Bijbelse mythe verslaat de Joodse schaapsherder David met een simpele slinger de Filistijnse reus Goliath

Om hun meedogenloze massamoord op Israëlische burgers en hun onsterfelijke haat tegen het Westen tegenover de wereld te rechtvaardigen, moesten deze leiders een bizarre en tegengestelde werkelijkheid bedenken. Langzaam maar zeker moest de realiteit van het Israël als de ‘kleine David’, de Joodse schaapsherderjongen, dat belaagd wordt door de Arabische wereld in de gedaante van de  Filistijnse ‘reus Goliath’, totaal worden omgekeerd.

Thans wordt Israël als de ‘Goliath’ afgebeeld, als de racistische, apartheids– en oorlogszuchtige, onderdrukkende, illegaal bezettende Joodse staat, de regionale supermacht die kromgebogen, om te vernietigen, inderdaad genocide pleegt op het arme weerloze Palestijnse volk – de nieuwe ‘David’ van het Midden-Oosten.

Deze groteske fantasie zou in feite alleen de wereld kunnen worden opgedrongen indien er inderdaad een ‘kleine David’ zou bestaan dat door  de ‘Goliath’ Israël wordt onderdrukt, ware het niet dat Israël’s tegenstander in het conflict in werkelijkheid de gehele Arabische wereld is in plaats van die arme groep van verzwakte mensen die geen echte verdediging hebben tegen de Joodse supermacht, maar desondanks dat, toch grotere aanspraken kunnen laten gelden op het land van Israël, veel meer dan Israël zélf.

Aldus heeft de PLO, onder de voogdij van de Russische Geheime Dienst de KGB, ‘Het Palestijnse volk’ uitgevonden.

Deze propaganda oorlog ontwikkelde een leugenachtig verhaal dat in twee richtingen tegelijk werkt. Aan de ene kant beweren Arabische propagandabronnen dat de Kanaänieten de voorouders van de Palestijnen waren; Abraham was een Palestijn dus waren ook David, Salomon en zelfs Jezus allen Palestijnen. En de Joden werden indringers, invallers en veroveraars in de dagen van Jozua, net zoals ze dat nu ook zijn.

Aan de andere kant, wordt Israël tegenwoordig gediskrediteerd en gedelegitimiseerd door de eindeloze stroom anti-Israël resoluties van de Verenigde Naties, georkestreerd voor een groot deel door het Arabische blok en hun Russische (ex-Sovjet) mentoren en door het rumoer van de Arabische staten tegenover de hele wereld, over de lachwekkende bewering dat ‘Israël is de agressor’ constant uit te schreeuwen. Dit gebeurde ondanks dat Israël na het winnen van elke [Arabische aanvals-]oorlog oproepen voor de vrede. Israël heeft een dozijn keren ingestemd voor de oprichting van een Palestijnse staat op een deel van haar grondgebied, zelfs als dagelijks door Hamas Qassam raketten worden afgevuurd naar onschuldige Israëlische burgers en zelfs wanneer Hezbollah luidruchtig haar doel – de vernietiging van het wereld-Jodendom – verkondigd en Iran hoopt een nucleair armageddon te plegen om een wereld te creëren zonder Israël. Alleen wanneer Israël wordt vernietigd, zo stellen ze, zal het hele Midden-Oosten vrede kennen.

Dit leugenachtig verhaal wordt getrouw versterkt door een groeiend scala aan pseudo-academici in westerse universiteiten en door een kader van westerse journalisten, die wat rommelen met boeken en artikelen en effectief de geschiedenis en archeologie herschrijven om elke band van Israël met het Heilige Land te wissen en tegelijk zowel de christelijke en Joodse historische en religieuze wortels ontkennen in het Land van Israël.

Deze propaganda campagne om de 60-jarige Arabische oorlog tegen Israël te legitimeren en de fictie te creëren van het ‘Palestijnse volk’ als de arme onderdrukte slachtoffers door het imperialistische koloniale Israël dat illegaal ‘Historisch Palestina’ bezet, is een ware oorlog tegen de geschiedenis. Het is gedrenkt in leugens, precies het soort leugens waar Jozef Goebbels een patent op had. En de grootste leugen van allemaal is het bestaan van een ‘Palestijns volk’.

Hoe de leugen is ontstaan

Nadat Yasser Arafat in 1964 de leiding van de PLO van Ahmad Al-Shukairy had overgenomen stuurde hij zijn adjudant, Abu Jihad al Wazir (de latere leider van de militaire operaties van de PLO), naar Noord-Vietnam voor een studie in de strategie en tactiek van de guerrilla-oorlogsvoering. Arafat was in het bijzonder getroffen door het succes van Ho Chi Minh in het mobiliseren van linkse sympathisanten in Europa en de Verenigde Staten, waar activisten op de Amerikaanse campussen enthousiast de lijn van Noord-Vietnamese agenten volgden, erin slaagde om de Vietnamoorlog van een communistische aanval op het zuiden te veranderen in een strijd voor nationale bevrijding.

Abu_Jihad_al-Wazir

Abu Jihad al Wazir

Het inzicht in deze Noord-Vietnamese propaganda campagne, die de sleutel was van de communistische overwinning en een les voor de agenten van de PLO, werd hen bij gebracht door Ho’s meester strateeg, generaal Vo Nguyen Giap: “Hou op met het praten over de vernietiging van Israël en verander in plaats daarvan uw terreuroorlog in een strijd voor de mensenrechten. Dan zal het Amerikaanse volk uit je hand eten.”

Het advies van generaal Giap was tegelijk eenvoudig maar ten gronde: de PLO moest leren werken op een manier die haar werkelijke doelen verborg, via het toestaan van de strategische misleiding en aldus de schijn van gematigdheid ophouden. En de sleutel tot dit alles was een beeld te scheppen dat Arafat zou helpen de Amerikaanse en Westerse nieuwsmedia te manipuleren.

De PLO was ook op zoek naar andere voorbeelden van een ‘volksoorlog’ en vond die bij zowel militaire bondgenoten en in ideologische paradigma’s. Dankzij de inbreng van wijlen de Roemeense president-voor-het-leven Ceausescu, generaal Giap en de Algerijnen, ontwikkelde Arafat de beelden van de ‘illegale bezetting’ en ‘Palestijnse nationale zelfbeschikking ‘, die beiden hun terrorisme bedekten met de mantel van een legitiem volksverzet. Na de Zesdaagse Oorlog heeft Mohammed Yazid, die minister voor informatie was geweest in twee Algerijnse regeringen in oorlogstijd (1958-1962), Arafat wat wijzer gemaakt door wat hij geleerd had in Noord-Vietnam:

“Veeg het argument van tafel dat Israël een kleine staat is waarvan haar bestaan wordt bedreigd door de Arabische staten, of reduceer het Palestijnse probleem naar een vluchtelingenprobleem; presenteer in plaats daarvan de Palestijnse strijd als een bevrijdingsstrijd zoals de anderen dat doen. Veeg de indruk uit dat in de strijd tussen de Palestijnen en de zionisten, de zionist de verliezer is. Nu is het de Arabier die onderdrukt en geslachtofferd wordt in zijn bestaan, omdat hij niet alleen met de Zionisten wordt geconfronteerd, maar ook met het wereld imperialisme.”

Natuurlijk ontbrak er nog een belangrijk ingrediënt in deze fantasierijke gedaanteverandering van de strijd: Er heeft nooit zoiets bestaan als een ‘Palestijns volk’, of een ‘Palestijnse natie’, of een soevereine staat bekend als ‘Palestina’, zelfs niet een specifieke territoriale entiteit die met recht als het ‘historisch Palestina’ kan worden aangeduid.

‘Palestina’ uitvinden

De term Palestina (in het Arabisch) is een oude naam voor de algemene geografische regio die min of meer het huidige Israël beslaat. De naam is afgeleid van het volk van de Filistijnen, die afkomstig zijn uit het oostelijke Middellandse-Zeegebied en de regio binnenvielen in de elfde en twaalfde eeuw voor Christus. De Filistijnen waren blijkbaar afkomstig uit Griekenland, of misschien Kreta, of de Egeïsche Eilanden, of Ionia. Ze lijken te zijn gerelateerd aan de Grieken uit de Bronstijd en ze spraken een taal die verwant is met het Myceense Grieks.

Hun afstammelingen woonden nog steeds aan de oevers van de Middellandse Zee toen de Romeinse veroveraars duizend jaar later toekwamen. De Romeinen verbasterden de naam tot “Paelestina” en het kustgebied onder de soevereiniteit van stadstaten werd bekend als “Philistia.” Zeshonderd jaar later noemden de Arabische bezetters de regio “Falastin.”

Gedurende de latere geschiedenis, verwees de naam slechts naar een vage geografische entiteit. Er was nooit een natie ‘Palestina’ en er was nooit een volk bekend als de ‘Palestijnen’, en bestaat er geen enkele notie van een ‘historisch Palestina’. De regio heeft nooit genoten van een soevereine autonomie, maar bleef onder het gezag van opeenvolgende buitenlandse soevereine gebieden, van de Umayyaden en Abbasiden tot aan de Fatimiden, van de Ottomanen tot aan de Britten.

Gedurende de eeuwen van Ottomaanse heerschappij, toen de ‘dead hand of the Turk’ (geciteerd door Lord Byron in zijn ‘Childe Harold’s Pilgrimage’) op brutale wijze de pogingen frustreerden tot nationale zelfbeschikking onder ontevreden elementen in Griekenland, Armenië, Albanië en de Koerden, deed geen enkele Arabier die onder de Turkse overheersing leefde, ooit een poging om een ideologie van nationale identiteit te formuleren en nog het minst van al de verarmde Arabische boeren in de regio die tegenwoordig bekend is als Israël.

De opkomst van het Arabisch nationalisme is grondig gedocumenteerd en uit Arabische bronnen blijkt duidelijk dat zelfs na de Eerste Wereldoorlog, toen het Ottomaanse Rijk werd opgedeeld in verschillende volksstaten in Midden-Oosten, bestond er geen concept van een aparte staat of van een volk van ‘Palestina’. Aan de vooravond van de Vredesconferentie van Parijs in 1919, het allereerste congres waar de Muslim-Christian Association elkaar ontmoetten om hun vertegenwoordigers te kiezen, keken zij er nauw op toe dat de entiteit die thans door de Britten werd aangeduid als ‘Palestina’, op ‘nationaal, religieus, taalkundig, natuurlijk, economisch en geografisch gebied’, onlosmakelijk deel uitmaakte van Syrië. Dezelfde argumenten werden aangevoerd door de Arabische woordvoerders in de Verenigde Naties aan de vooravond van het Verdeelplan van 1947.

De term ‘Palestijns’ werd ironisch genoeg gebruikt tijdens de periode van het Britse Mandaat (1922-1948) om de Joden aan te duiden die woonden in het Britse Mandaat Palestina. De Arabieren in het gebied werd gewoon ‘Arabieren’ genoemd en gaven hun eigen naam aan de regio: Balad esh-Sham (het land, of de provincie van Damascus). Terwijl sommige Arabische nationalistische schrijvers en koffie slurpende intellectuelen in Caïro of Beiroet het concept ontwikkelden van een Arabisch nationalisme voor het overgrote deel als antwoord op het Zionisme, werden de uitdrukkingen ‘Palestina’ en ‘Palestijns’ gebruikt in hun oorspronkelijke betekenis als geografische aanduidingen en niet als aanduiding van een nationale identiteit.

In het begin van 1947, toen de Verenigde Naties de mogelijkheid verkenden om het Britse Mandaat Palestina op te delen in twee aparte staten, een voor de Joden en een voor de Arabieren, protesteerden verschillende Arabische politieke en academische woordvoerders luidkeels tegen een dergelijke splitsing, omdat ze betoogden dat de regio echt deel uitmaakte van het zuiden van Syrië. Omdat er nooit een volk van ‘Palestijnen’ had bestaan, zou Syrië onrecht worden aangedaan door ex nihilo (uit het niets) een staat op te richten ten koste van het soevereine Syrische grondgebied.

Wordt vervolgd in Palestijnen zijn agressors, geen slachtoffers [deel 2]

Bronnen: FrontPageMagazine.com: Palestinians: Aggressors, Not Victims door David Meir-Levi van 27 november 2007, vrij bewerkt en vertaald door Brabosh op 31 december 2009; De communistische wortels van de Palestijnse terreur – deel 1 en deel 2 door David Meir-Levi van 14 december 2007, vertaald door Brabosh op 12 en 14 november 2009

Jimmy Carter verontschuldigt zich voor stigmatiseren van Israël

‘Berouw komt na de zonden’

Ex-president Jimmy Carter van de VS

Een berouwvolle ex-president Jimmy Carter van de VS

Jimmy Carter maakt excuses voor zijn uitspraken over Israël. De Amerikaanse oud-president Jimmy Carter heeft spijt van zijn houding tegenover Israël. We mogen niet toestaan dat kritiek omslaat in het stigmatiseren van Israël, is zijn duidelijke boodschap: “ik bied mijn excuses aan als mijn woorden en daden dat gedaan hebben” Orig.: “As I would have noted at Rosh Hashanah and Yom Kippur, but which is appropriate at any time of the year, I offer an Al Het for any words or deeds of mine that may have done so.” Carters Al Het verwijst naar het Yom Kippoer gebed waarbij God wordt gevraagd om de begane zonden te vergeven.

“We moeten Israëls prestaties onder moeilijke omstandigheden erkennen, zelfs als we ernaar streven om in positieve zin Israël te helpen de relaties met haar Arabische bevolkingen te verbeteren, maar we moeten niet toestaan dat kritieken voor verbetering Israël gaan stigmatiseren,” zei Carter. [Orig.: "We must recognize Israel’s achievements under difficult circumstances, even as we strive in a positive way to help Israel continue to improve its relations with its Arab populations, but we must not permit criticisms for improvement to stigmatize Israel."]

Carter refereerde daarbij aan de titel van zijn boek uit 2006, ‘Israel: Peace Not Apartheid’. Zijn eerdere bewering dat Israël’s beleid op de Westbank erger was dan apartheid in Zuid-Afrika en uitspraken over Joden en macht leidden tot wereldwijde kritiek en zelfs tot het opstappen van veertien Joodse werknemers uit zijn vredesorganisatie The Carter Center. Die uitspraken neemt Carter nu terug. Hij zei met de boektitel te willen waarschuwen voor het ontstaan van apartheid op de West Bank omdat de Israëli’s in plaats van de Palestijnen het gebied controleren, hij zei dit te zien als voorspelling en niet als kwalificatie.

Layout 1Alhoewel voormalig president Carter in 1979 een historisch vredesakkoord bereikte tussen Israël en Egypte, het allereerste akkoord van die aard tussen een Arabisch land en Israël, wordt hij door vele Israëli’s als anti-Israël ervaren, die in het conflict steeds de zijde kiest van de Palestijnen. In 2007 zette hij bij veel Israëli’s kwaad bloed met zijn boek ‘Palestine: Peace Not Apartheid‘, waarin hij argumenteerde dat Israël moet kiezen tussen of de Westelijke Jordaanoever aan de Palestijnen geven of een systeem onderhouden van etnische ongelijkheid dat zou lijken op het apartheidsregime in Zuid-Afrika. De meeste Israëli’s keuren deze vergelijking sterk af en terecht.

Over huidige vredeskansen is Carter pessimistisch, vanwege “de recalcitrantie bij de Palestijnen en de Israëlische nederzettingen”. De excuses van Carter komen via een open brief aan het Joodse persbureau JTA (Jewish Telegraphic Agency), juist vlak voor Kerstmis als “een gelegenheid tot reflectie op het verleden en vooruit kijken naar de toekomst”, aldus Carter. Carter is wereldwijd een groot voorbeeld voor mensen als Dries van Agt. Carters excuses zijn door Joodse kritikasters positief ontvangen.

Bronnen: Cidi.nl: Jimmy Carter maakt excuses voor zijn uitspraken over Israel van 25 december 2009; Ynet News: Carter apologizes for ‘stigmatizing Israel’ van 21 december 2009; op brabosh.com: Hamas verwerpt Carters pleidooi om Israël te erkennen van 18 juni 2009; Ex-president Jimmy Carter: geen vrede in het M-O zonder Hamas van 12 juni 2009

Iran in 2010, van kwaad naar erger

“Het was in 2009 dat Iran veranderde van een theocratie naar een brutale militaire dictatuur van de oude stijl.”

“En het zal in de loop van 2010 zijn dat het idee van een Iraanse democratie zal beslist worden in de straten van Teheran.”

In zijn cartoon van heden kijkt Dry Bones, alias van de Israëli Yaakov Kirschen, net zoals de halve wereldbol ontzet toe wat er in de straten van Teheran gebeurt. Demonstranten worden onder het oog van anderen op straat simpelweg geëxecuteerd door Iraanse veiligheidsmensen en gemotoriseerde bendes van de basij militie. Wereldwijd klinken er protesten tegen het nooit geziene brutale optreden van de Iraanse overheid.

Israël mag geen kik laten of de zoveelste VN-resolutie die Israël veroordeelt, ligt een uur later reeds gestemd en goedgekeurd op tafel. Waar blijven de VN-resoluties die dit Iraanse geweld veroordelen? Wat doet het Kwartet? Wat doen de Verenigde Staten? Wil de echte Barack Obama opstaan? Obama die van de strijd om de mensenrechten zijn beleidsmoto heeft gemaakt en voor zijn ‘goede intenties‘ al op voorhand de Nobelprijs voor de Vrede heeft gekregen, gaat Obama ook eindelijk wat doen om die prijs alsnog te verdienen?  Of zullen we het helaas enkel moeten stellen met de Amerikaanse The Times die de op straat doodgeschoten Neda Agha-Soltan postuum heeft uitgeroepen tot ‘Persoon van het Jaar’?

CNN Videoclip: politietruck rijdt met opzet op publiek in, 1 man blijft roerloos liggen

Videoclip: onlusten van 27 december 2009 Teheran

Waarom de Palestijnen nog altijd vluchtelingen zijn [deel 2]

Is de kwestie van de Palestijnse vluchtelingen de verantwoordelijkheid van Israël?

Als gevolg van de Zesdaagse Oorlog werden vele Palestijnen in de veroverde gebieden ontheemd, t.t.z. ze moesten hun huizen verlaten en verhuizen naar een andere plaats in hetzelfde land. Deze “ontheemden” vormden het onderwerp van Resolutie 237 van 14 juni 1967, die de regering van Israël opriep “om de terugkeer van de bewoners te vergemakkelijken [vanuit de gebieden waar militaire operaties hadden plaatsgevonden] die sinds het uitbreken van de vijandelijkheden gevlucht waren uit die gebieden.” ["Calls upon the Goverment of Israel to ensure the safety, welfare and security of the inhabitants of the areas where military operations have taken place and to facilitate the return of those inhabitants who have fled the areas since the outbreak of the hostilities"]. Deze resolutie spreekt niet van een ‘recht’ op terugkeer, maar Israël heeft met hun terugkeer ingestemd tijdens verschillende overeenkomsten die werden gebundeld in de Israëlische houding tijdens vredesonderhandelingen.

14 juni 1967, op het einde van de Zesdaagse Oorlog: premier Levi Eshkol en minister Menachem Begin met enkele soldaten in de Sinaï

In een bepaald Israëlisch document dat de titel draagt ‘Principles Guiding Israel’s Policy in the Aftermath of the June 1967 War’ heeft de toenmalige minister-president Levi Eshkol (1859-1969) slechts een maand na het conflict verklaard dat “Israël volledig zal meewerken aan de oplossing van het vluchtelingen probleem… binnen het kader van een internationaal en regionaal plan.” In 1949 en 1967 heeft Israël aan 100.000 gezinnen, die tijdens de oorlog werden gescheiden, aangeboden om terug te keren en/of te repatriëren (in 1949). Eveneens na de Zesdaagse Oorlog werden meer dan 9.000 Palestijnse families in 1967 herenigd en werd uiteindelijk aan 60.000 Palestijnen toegestaan om terug te keren. [bron]

Ook heeft het de banktegoeden opnieuw vrijgemaakt van rekeningen van vluchtelingen bij Israëlische banken en compensatie betaald voor achtergelaten gronden en eigendommen. Israël is blijven doorgaan om de Palestijnse Autoriteit compromissen aan te bieden maar die werden allen door de PA verworpen. Israël’s positie is dat, alhoewel zij niet het vluchtelingenprobleem heeft gecreëerd, het land bereid is om haar bijdrage te leveren om het probleem te helpen oplossen, alhoewel het in feite de verantwoordelijkheid is van de Arabische wereld om de Arabische vluchtelingen op te vangen [zie ook: Who is responsible for the Palestinian refugee problem?]

Dit is overigens dezelfde Arabische wereld die honderdduizenden Joden heeft gedeporteerd zonder hoop van repatriëring of herstel en die enkel door Israël werden geabsorbeerd. Dit punt werd goed verwoord door de Arabisch Amerikaanse journalist en auteur Joseph Farah, die hierover zei: “Er waren ongeveer 100 miljoen vluchtelingen in de wereld na de Tweede Wereldoorlog. De Palestijns-Arabische groep is de enige in de wereld die niet geabsorbeerd of geïntegreerd werd in de landen van hun eigen volk. Sindsdien werden miljoenen Joodse vluchtelingen van over de hele wereld geabsorbeerd door het kleine Israël. Het heeft geen zin om te verwachten dat diezelfde kleine Joodse staat een vluchtelingenprobleem zal oplossen dat zij niet heeft gecreëerd.” In tegenstelling tot de Palestijnen, die compensatie hebben ontvangen van Israël, werden Joodse vluchtelingen nooit gecompenseerd door de Arabische staten, noch werden er ooit VN-organisaties opgericht om de Joodse vluchtelingen te helpen.

Waarom wil Israël niet dat al de vluchtelingen terugkeren?

Joodse leiders hebben in feite geprobeerd om het vluchtelingenprobleem te voorkomen door bij de Arabieren op aan te dringen in Palestina te blijven en burgers te worden van Israël op het ogenblik dat de stemming voor het Verdeelplan in de Verenigde Naties werd gehouden. De Algemene Vergadering van de Palestijnse Joden deed bij monde van David Ben-Goerion op 2 oktober 1947 de volgende oproep aan de Arabische gemeenschap:

“We zullen alles doen wat in onze macht ligt om de vrede te handhaven en een vruchtbare samenwerking na te streven voor [Joden als Arabieren]. Het is nu, hier en nu, dat vanuit Jeruzalem zelf een oproep moet gaan naar de Arabische landen alle krachten te bundelen samen met de Joden en de met voor de Joden bestemde staat en schouder aan schouder te werken aan de vrede en vooruitgang als soevereine gelijken.”

[orig. “We will do everything in our power to maintain peace, and establish a Cupertino gainful to both. It is now, here and now, from Jerusalem itself, that a call must go out to the Arab nations to join forces with Jewry and the destined Jewish State and work shoulder to shoulder for our common good, for the peace and progress of sovereign equals.”]

David Ben-Goerion en Golda Meir in de Knesset in 1962

Bovendien, stuurde David Ben-Goerion Golda Meir naar Haifa om te proberen de Arabieren ervan te overtuigen om te blijven, maar ze was niet in staat om hen te overtuigen omdat ze vreesden dat ze zouden worden veroordeeld als verraders van de Arabische zaak. Israël heeft herhaaldelijk het Israëlisch burgerschap aangeboden met al zijn voordelen (met inbegrip van gratis onderwijs en de mogelijkheid om openbare ambten te bekleden) aan de Palestijnen die bereid zou zijn te leven binnen de staat Israël.

Tijdens de vredesonderhandelingen in Oslo heeft Israël verder onderhandeld met de Palestijnse Autoriteit over dit onderwerp, en bood de terugkeer aan van een beperkt aantal Palestijnen die voldeden aan de criteria van vluchteling. Echter, de Palestijnse Autoriteit en de UNRWA een nieuwe definitie ontwikkeld van het statuut van vluchteling als “een persoon van wie de gewone verblijfplaats minstens twee jaar in Palestina onmiddellijk voorafgaand aan het uitbreken van het conflict in 1948 en die, als gevolg van dat conflict, zowel zijn woning als zijn middelen van bestaan had verloren….”

Deze definitie breidde de vluchtelingenstatus uit naar alle Palestijnse nakomelingen die leven als ingezetenen in andere landen (en niet enkel diegenen in vluchtelingenkampen) en hen recht van terugkeer verleenden. Met deze definitie worden thans ongeveer vijf miljoen buitenlandse Palestijnen nu geteld als “vluchtelingen.” Met minder dan zes miljoen Joden in de huidige staat Israël, is het gemakkelijk te begrijpen waarom de Israëli’s zo bezorgd zijn over het accepteren van deze uitgebreide omschrijving en de toekenning van open immigratie rechten aan allen die geloven dat ze van Palestijnse origine zijn. Het zou demografische zelfmoord zijn voor zo een klein land zowel als fysieke zelfmoord, omdat de Palestijnen gemakkelijk de Joden zouden kunnen overrompelen als ze gehoor zouden willen geven aan de oproep van de omringende Arabische landen om Israël binnen te vallen.

Deze bedreiging aan het adres van Israël werd nog versterkt door de sommige woorden die Yasser Arafat een paar jaar geleden uitsprak. In een verklaring tijdens een gesloten bijeenkomst van Arabische ambassadeurs in Stockholm, waar Arafat op 30 januari 1996 te gast was om een prijs voor de vrede in ontvangst te nemen, verklaarde Arafat het echte doel voor zijn eis van recht op terugkeer:

“Binnen vijf jaar zullen we zes tot zeven miljoen Arabieren hebben die wonen op de Westelijke Jordaanoever en in Jeruzalem. Alle Palestijnse Arabieren zullen door ons worden verwelkomd. Als de Joden allerlei Ethiopiërs, Russen, Oesbekistanen en zelfs Oekraïeners als Joden mogen importeren, kunnen wij alle soorten Arabieren importeren. We plannen de eliminatie van de staat Israël en de oprichting van een Palestijnse staat. We zullen het leven voor de Joden ondraaglijk maken door psychologische oorlogvoering en door een bevolkingsexplosie. Joden willen niet wonen tussen Arabieren …. Zij zullen zich ontdoen van hun woningen en naar de Verenigde Staten vertrekken. Wij, de Palestijnen, zullen alles overnemen, inclusief geheel Jeruzalem.”

[orig.: "Within five years, we will have six to seven million Arabs living on the West Bank and in Jerusalem. All Palestinian Arabs will be welcomed by us. If the Jews can import all kinds of Ethiopians, Russians, Uzbeks and Ukranians as Jews, we can import all kinds of Arabs to us. We plan to eliminate the State of Israel and establish a Palestinian state. We will make life unbearable for Jews by psychological warfare and population explosion. Jews will not want to live among Arabs .... They will give up their dwellings and leave for the United States. We Palestinians will take over everything, including all of Jerusalem."]

Ehud Barak, de voormalige Israëlische premier verwierp het Palestijnse recht op terugkeer en vatte het als volgt kort en krachtig samen: “Dit [Palestijnse recht op terugkeer] is een eufemisme voor de vernietiging van Israël en geen enkele [Israëlische] regering zal dit ooit accepteren. Er is een slechts dunne lijn tussen een berekend risico en het bezwijken voor de terreur.”

Die verklaring van Arafat was niets nieuws. Een soortgelijk standpunt werd gemeld op het moment van de oorspronkelijke Arabische uittocht: “Het is algemeen bekend en begrepen dat de Arabieren, door de eis van de terugkeer van de vluchtelingen naar Palestina, hun terugkeer begrijpen als heersers van het thuisland en niet als slaven. Met grote duidelijkheid bedoelen zij hiermee de liquidatie van de staat Israël.” Deze retoriek in aanmerking genomen alsmede de voortdurende Intifada tegen Israël, werd met Resolutie 194 door de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties erkend dat van Israël niet kan worden verwacht dat zij een vijandige bevolking repatriëren dat haar veiligheid in gevaar kan brengen en een 5de kolonne kan worden. Hoewel Israël nog steeds het recht van terugkeer aan een deel van de vluchtelingen aanbiedt, behoudt zij zich het recht voor om dit aantal te beperken afhankelijk in het belang van de veiligheid en uit demografische bekommernissen.

Terug naar deel 1 Waarom de Palestijnen nog altijd vluchtelingen zijn

Bronnen: Fast Facts on the Middle East Conflict door Randall Price; 2003; Harvest House Publishers; The Case for Israel uit 2003 en The Case for Peace uit 2005 door Alan Dershowitz uitgebracht door uitgevrij John Wiley & Sons, Inc.

Vertrouw nooit de media als het over Israël gaat, en zeker nooit de VRT

Tjah, wat is er mis mee, met dit bericht op teletekst van VRT één van heden

maandagavond 28 december 2009?

Vier zaken vallen meteen op.

  • 1. Komkommertijd in medialand? Als er geen nieuws is, schrijf dan maar iets over Israël, Gaza, Westelijke Jordaanoever, Oost-Jeruzalem… wat dan ook, je hebt gegarandeerd de volle aandacht van Jan Publiek. De gruwel in Darfoer of in Oost-Kongo, bloedige straatprotesten in Teheran, drie homo’s opgehangen in Kkandahar… alles verzinkt in het niet bij het kleinste en meest idiote bericht over Israël.
  • 2. Mag (bij voorkeur) ook een oud bericht zijn:
    a – Het zijn geen 700 gebouwen die het gemeentebestuur van Jeruzalem bouwt maar 900 en die komen in de wijk Gilo ten zuiden van Oost-Jeruzalem, grenzend aan Bethlehem. Dat is geen nieuws van heden maar van 17 november 2009 (zie op deze blog: Israël bouwt 900 nieuwe woningen in Oost-Jeruzalem)
    b – De VRT weet blijkbaar nog altijd niet dat sinds het einde van de Zesdaagse Oorlog in juni 1967, Oost- en West Jeruzalem werden herenigd en de facto ééngemaakt. Waarom zou Netanjahoe dan moeten ‘laten verstaan dat Oost-Jeruzalem buiten die belofte van een bouwstop viel’? Dat is al 42 jaar zo het geval! Even de VRT herinneren aan de toespraak van Netanjahoe van 25 november 2009: “Wat Jeruzalem betreft, onze soevereine hoofdstad, is onze positie bekend. Wij leggen geen enkele beperking op het bouwen in onze soevereine hoofdstad.”  En vier maanden eerder 19 juli 2009: ‘Jeruzalem is van ons en dat is onbespreekbaar’. De Israëlische soevereiniteit van Jeruzalem staat niet ter discussie,” zei Netanjahoe, “en Joden mogen zoveel bouwen als ze wensen in gelijk welk deel van de hoofdstad, net zoals de Arabieren dat ook mogen.” Netanjahoe stelde dat Jeruzalem een “open, ongedeelde stad” is en geen nederzetting. Hallo VRT? Gelezen?
  • 3. Hoe kunnen de Palestijnen de helft van een stad tot hun hoofdstad maken als ze niet eens een volk en een staat hebben? Wat zegt Hamas in Gaza over deze zaak? Heeft Mahmoud Abbas van de Palestijnse Autoriteit hun mening gevraagd? Blijkbaar is de VRT ‘vergeten’ dat Hamas (Gaza) en Al-Fatah (Westbank) sinds de zomer van 2007 slaande ruzie hebben. Zo’n 300 al-Fatah aanhangers werden toen door Hamas vermoord in Gaza en duizenden sloegen op de vlucht. Of is het soms de bedoeling dat de [oostelijke] helft van de stad Jeruzalem nog eens in twee stukken wordt verdeeld? 1 kwartdeel Jeruzalem voor Hamas en 1 kwartdeel Jeruzalem voor Al-Fatah? Dat wordt nog lachen geblazen…
  • 4. Hoe kan een konvooi vanuit Syrië de Gazastrook binnenrijden? Al vliegend? Of via een tunnel? Afgeschoten met raketten van Hezbollah los over het grondgebied Israël heen? Hebben de jongens van de VRT een landkaart geraadpleegd om te kijken waar Gaza ligt? Tussen Gaza en Syrië ligt verdorie de complete Israëlische staat! Ik neem er even een kaart bij. Het konvooi was gestrand in Jordanië… van daar uit een ommetje naar het noorden en de grens over met Syrië en dan…? Hoe is het dat konvooi dan van Syrië in Gaza geraakt? Ik ben nooit goed geweest in raadsels, misschien heeft er iemand een suggestie? :P

Wanneer zal de VS haar eigen wetten toepassen en stoppen met de financiering van Abbas?

“Het antwoord luidt: ‘Wanneer zij ophouden met hun straten, stadiums, zomerkampen, en schoolprijzen te vernoemen naar terroristische moordenaars als eerbetoon.’”

“Wat was de vraag?”

“Hoe zullen we weten wanneer de Palestijnen vrede willen?”

“Juist !”

In zijn cartoon van heden haalt Dry Bones, alias van de Israëli Yaakov Kirschen, terecht uit naar Verenigde Staten, die tot vandaag de Palestijnse terroristische groepen en meer in het bijzonder rond Mahmoud Abbas, nog altijd financieren met een overvloed aan Amerikaanse dollars. Wellicht zal u zich Dalal Mughrabi niet meer herinneren maar de Palestijnse kinderen doen dat zeker weten van wel.

Terug in 1978: Dalal Mughrabi was een Palestijnse terrorist. In maart van 1978 leidde ze een van de meest wrede en dodelijke terreuraanslagen in de geschiedenis van Israël. Zij en haar collega-terroristen landen in rubber boten op een strand in de buurt van Tel Aviv. Op dat strand was de Amerikaanse fotografe Gail Rubin doende met het fotograferen van zeldzame vogels. Nadat ze haar eerst ondervraagden, hebben de terroristen haar in koelen bloede vermoord en gingen daarop een bus kapen op de nabijgelegen kustweg, balans: doden 37 burgers, 12 van hen kinderen.

Poster van de PA nav de 50ste geboortedag Dalal Mughrabi 9 december 2009

De bloedige aanslag, gekend als de Coastal Road massacre van 1978 was gepland door Abu Jihad en uitgevoerd door Yasser Arafats terreurorganisatie Al-Fatah, een factie van de PLO (Palestijnse Bevrijdingsorganisatie). De aanslag gebeurde tijdens de vredesonderhandelingen in Camp David tussen Menachem Begin en Anwar Sadat, die uiteindelijk zullen leiden tot de ondertekening van een vredesverdrag tussen Egypte en Israël en de de facto erkenning van het bestaansrecht van Israël door Egypte op 26 maart 1979.

Het doel van Al-Fatah van deze aanslag was duidelijk: te verhinderen dat een vredesovereenkomst zou gesloten worden tussen gelijk welk Arabisch land met Israël, dit door zoveel mogelijk Joodse slachtoffers te maken en aldus te bereiken dat Israël zou afhaken, zodat de onderhandelingen met Egypte alsnog zouden mislukken.

Nu in 2009: De Palestijnse Autoriteit, onder de controle van de regering van Abbas, heeft een modern nieuw computer centrum opgericht. Het draagt de naam ‘Het Shahida Dalal Mughrabi Computer Centrum‘ naar de martelares [shahida] Dalal Mughrabi, de vrouwelijke terrorist die in 1978 de dodelijke aanval heeft geleid. Het nieuwe centrum wordt gefinancierd door het kantoor van Abbas, die hiervoor westerse hulpgelden ontvangt. Deze week werd Dalal Mugrahbi opnieuw geëerd naar aanleiding van haar 50ste geboortedag [bron].

En nu is het weer tijd voor Mickey Mouse!

Videoclip hierboven: In een nieuwe TV-studio van de PA die tijdens de Ramadan speciaal gebouwd werd voor het programmeren van kinderprogramma’s, zijn de glimlachende beelden van Mickey en Minnie Mouse, Pooh en Knorretje het decor voor een TV-quiz, als eerbetoon aan een beruchte terroriste. De vrouwelijke terrorist, Dalal Mughrabi, had deelgenomen aan de moorden op 12 kinderen en 25 volwassenen tijdens een aanslag op een bus in 1978 in Israël. In deze quiz wordt Mughrabi verafgood als de “geliefde bruid, de dochter van Jaffa, de jasmijnbloem ‘, terwijl de figuren van Mickey en Minnie Mouse prominent aanwezig zijn op de achtergrond – als ware het een echt Disney-programma. [bron]

Wanneer zal de VS haar eigen wetten toepassen en…
stoppen met de financiering van Abbas?

door Itamar Marcus en Barbara Crook

De verering van terroristen bekostigd door de Palestijnse Autoriteit, is rechtstreeks in strijd met de Amerikaanse voorwaarden om financiële hulp te ontvangen, maar de VS negeert haar eigen wetten en blijft de PA financieel bedruipen. In dit opiniestuk uit de Jerusalem Post toont PMW aan de hand van documenten, hoe de Amerikaanse hulp aan de PA door haar onachtzaamheid de moord op vrouwen en kinderen bevorderd. Onderaan bijgevoegd een brief gericht aan de redactie in antwoord op de Amerikaanse financiering van de PA die de moordenaar van haar zoon vereren, geschreven door Sharona Tel-Oren, de moeder van de 15-jarige Imri, die vermoord werd door Palestijnse terroristen.

The Warrior and the Peacemaker...

Washington, 28 mei 2009. Ontmoeting in het Witte Huis tussen 'The Warrior' en 'The Peacemaker'. Dit bezoek leverde Mahmoud Abbas 900 miljoen dollars Amerikaanse steun op

Toen de Amerikaanse president Barack Obama zich een half jaar geleden voorbereidde op een hartelijk welkom van het bezoek aan Washington van president Mahmoud Abbas van de Palestijnse Autoriteit (afbeelding hierboven, Washington, 28 mei 2009), en de Amerikaanse wetgevers over het voorgestelde 900 miljoen dollar hulppakket aan de PA debatteerden, is het geld wederom bedoeld om te verkondigen dat het doden van Israëlische vrouwen en kinderen een heldhaftige daad is.

Dalal Mughrabi

De PA koos als naam voor haar nieuwste computer centrum “naar de martelaar Dalal Mughrabi,” die een van de meest dodelijke terreuraanslag pleegde in de geschiedenis van het land. In 1978 werden tijdens het kapen van een bus 37 burgers gedood waarvan 12 kinderen en eveneens de Amerikaanse fotografe Gail Rubin. Het nieuwe centrum wordt gefinancierd door het kantoor van Abbas, dat wordt geschraagd met westerse financiële hulpfondsen. (Al-Ayyam, 5 mei)

De Amerikaanse wet verbiedt nochtans de financiering van Palestijnse structuren die een deel van hun budget uitgeven aan terreuracties of het vereren van terroristen bevorderen. Maar 200 miljoen dollar van het door de VS voorgestelde pakket steunmaatregelen van 900 miljoen dollar gaat rechtstreeks naar de regering van Abbas, die regelmatig gebruik maakt van haar begroting om terroristen te vereren. In feite is deze laatste verering van Mughrabi geen geïsoleerd geval, maar onderdeel van een continu patroon van het vereren van terroristen dat zich in het bijzonder richt op kinderen.

Afgelopen zomer sponsorde de PA het “Dalal Mughrabi voetbalkampioenschap” voor kinderen, en een werd een “zomerkamp genoemd naar de martelares Dalal Mughrabi … ter ere en glorie voor de martelares.” Ook werd een party georganiseerd om voorbeeldige studenten te eren die eveneens de naam droeg “voor de martelares Dalal Mughrabi,” onder de auspiciën van Abbas en alwaar een vertegenwoordiger van Abbas het heldhaftige leven van de martelares [Mughrabi] evalueerde (Al-Hayat Al-Jadida, 23 juli, 24 en 8 augustus 2008). Al deze door de PA gefinancierde activiteiten dienden het doel om kinderen te leren dat een moordenares van vrouwen en kinderen een rolmodel is.

Twee maanden geleden, op de 31ste verjaardag van de massamoord door Mughrabi, zond PA TV een speciaal programma uit om de terreur aanval te vieren, waarin het doden van 37 burgers “een van de belangrijkste en meest prominente speciale activiteiten … uitgevoerd werden door een team van helden en geleid door de heldhaftige strijdster Dalal Mughrabi” (PA TV uitzending van 11 maart 2009). En niet alleen Mughrabi wordt gevierd als een Palestijnse heldin. Ondanks toespraken in het Engels door Abbas en andere PA-leiders dat zij terreur verwerpen, heeft de PA in het Arabisch een lange en afschuwelijke geschiedenis te vertellen over de viering van terroristen als rolmodellen en helden, vaak gefinancierd met gelden afkomstig uit de VS en de EU.

11 maart 1978: Het resultaat van hun 'actie'...

11 maart 1978: Het resultaat van de 'heldendaad' van Al-Fatah...

Onlangs, tijdens de openingsceremonie van de Zesde Generale Fatahconferentie op 4 augustus 2009, werd door de voormalige Eerste Minister van de Palestijnse Autoriteit Abu Alaa, een van de terroristen van de aanslag van 1978, Khaled Abu-Usbah, als een held binnengehaald. Abu Alaa: “Wij hebben in ons midden de held Khaled Abu-Usbah, de held van de operatie [terroristische aanslag] geleid door de shahida [=martelares] Dalal Al-Mughrabi [het publiek begint luid te applaudiseren]. Wij begroeten hem en heten hem welkom. En [wij eren] de heldin, de shahida (martelares] Dalal. [Een roepende Abu Alaa] Alle eer en alle glorie! Alle glorie! Alle glorie! Al de zusters hier [aanwezig] zijn de zusters van Dalal.” [bron]. Khaled Abu-Usbah, vertelde op de conferentie dat hij geen spijt had over zijn daden. Abu-Usbah, die zeven jaar opgesloten zat in de gevangenis in Ashkelon, werd in 1985 vrijgelaten als onderdeel van een gevangenenruil. Hij zei dat hij geen haat koestert jegens Israël’s: “Integendeel, ik bewonder velen van hen, en zeker de [Joodse] advocaat die mij toen verdedigde, Leah Tsemel.” En wie heeft aan de financiering van dit circus mee betaald? U en ik.

In 2004 gaf USAID 400.000 dollar uit aan de bouw van het Salakh Khalaf voetbalveld. Nadat PMW (Palestinian Media Watch) meldde dat Khalaf de leider was geweest van de Palestijnse terreurgroep die 11 Israëlische atleten vermoordde tijdens de Olympische Spelen van München in 1972 en twee Amerikaanse diplomaten in Soedan, heeft USAID zich publiekelijk verontschuldigd en beloofde van de Palestijnse Autoriteit te eisen de naam van het voetbalveld te wijzigen. De naam werd nooit gewijzigd.

De Amerikaanse fotografe Gail Rubin werd met een schot door het hoofd afgemaakt op het strand voorafgaand aan de busaanslag

In 2002 financierde de VS de renovatie van de “Meisjesschool Dalal Mughrabi”. Nadat PMW het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken op de hoogte bracht van het terroristische verleden van Mughrabi, werd de financiering geannuleerd. Binnen 24 uur zei de Palestijnse Autoriteit dat de naam van de meisjesschool zou worden veranderd en werd het Amerikaanse geld alsnog werd toegekend. Zodra de renovatiewerken voltooid waren werd de naam van de school toch omgedoopt naar de naam van de terroriste. Tot op vandaag draagt de meisjesschool de naam van Mughrabi.

Tijdens een recente hoorzitting van het Huis van het Comité voor Kredietverlening beloofde de Amerikaanse staatssecretaris Hillary Clinton: “Wij zullen alleen werken met een Palestijnse Autoriteit regering die ondubbelzinnig en uitdrukkelijk de beginselen van het Kwartet aanvaardt, [inclusief] de verbintenis tot geweldloosheid.”

En dat is niet enkel Clinton’s belofte. In de Amerikaanse wet wordt ook de verering van terroristen als in strijd met geweldloosheid geïnterpreteerd: “Geen enkele [Amerikaanse] … bijstandsprogramma kan ter beschikking worden gesteld in het kader van de Westelijke Jordaanoever en Gaza dat tot doel heeft de erkenning of anderszins ter ere van personen die daden van terrorisme plegen of gepleegd hebben.” [orig.: None of the [US]… assistance under the West Bank and Gaza program may be made available for the purpose of recognizing or otherwise honoring individuals who commit, or have committed acts of terrorism. 2008 Foreign Operations Bill Sec. 657.B – C.1.]

De laatste verheerlijking van de terroriste Mughrabi, komt op het ogenblik dat het Congres het laatste verzoek kreeg van de Regering om het verzoek van de kas van Abbas te spijzen, en legt aldus een grote verantwoordelijkheid op het Congres. Maar het creëert ook een unieke kans.

Zal de VS haar eigen wetten volgen en erop aandringen dat de PA zal stoppen met het verdraaien van moordenaars van vrouwen en kinderen in helden en rolmodellen voordat zij opnieuw financiële steungelden van de Amerikanen mag ontvangen? Het Congres en Obama zouden een bericht kunnen sturen aan de Palestijnse Autoriteit dat de VS stopt met de kas of een deel van haar begroting zou betalen totdat Abbas bewijst dat hij heeft opgehouden terroristische moordenaars te promoten als helden en rolmodellen. Het kan vragen om een publieke verklaring eisen van Abbas, zowel in het Arabisch en op de PA mediakanalen dat de moord op Israëliërs terreurdaden zijn, dat terroristen geen helden noch heilige martelaren zijn en dat zij niet langer zullen worden geëerd.

Of ze zouden natuurlijk ook een andere boodschap naar Abbas kunnen zenden bijvoorbeeld: dat een nieuwe generatie van Palestijnse kinderen opvoeden met de waarden van haat, moord en martelaarschap aanvaardbaar is voor de Verengde Staten – zo acceptabel dat de VS zelfs bereid is om dat allemaal te financieren. Dat kan dus ook nog…

Het volgende is een brief van Sharona Tel-Oren die reageerde op bovenstaande artikel in The Jerusalem Post:

“Geachte Redacteur. Bedankt voor het uitstekende artikel van Itamar Marcus en Barbara Crook over de verheerlijking van terroristen door Abbas die, zoals reeds werd opgemerkt, grotendeels gefinancierd wordt met Amerikaans geld. Dit onderwerp is voor zover ik weet niet aan bod geweest tijdens de ontmoeting tussen premier Netanjahoe en Barack Obama …

Mag ik hieraan toevoegen dat Gail Rubin niet de enige Amerikaan is die werd gedood in de Coast Road terreuraanval van 1978. Mijn zoon Imri, toen in zijn vijftiende jaar, was een andere Amerikaanse burger die het leven verloor in die aanval, ook zijn vader en broer werden toen gewond, waardoor een gezin werd kapot geslagen tot op deze dag. Imri werd geboren op de vierde juli [Amerikaanse feestdag van de Onafhankelijkheid], en zijn naam in het Hebreeuws (aleph, mem, reysh, yod) realiseerde ik me later, als de eerste vier letters van Amerika worden uitgesproken! Tot op vandaag bellen mensen me op, voornamelijk vreemden, zowel van hier als uit Amerika, met het nieuws dat ze hebben net bevallen zijn van een zoontje en hem Imri hebben genoemd, om nooit het slachtoffer te vergeten van die

Twee jaar vóór die verschrikkelijke gebeurtenis, hadden we de bar mitzwah gevierd van Imri op zijn Joodse geboortedatum en op 4 juli 1976, alsook volgens de Gregoriaanse kalender. Die dag werd niet enkel de 200ste verjaardag van Amerika gevierd maar vond ook de heldhaftige redding plaats in Entebbe. [NB: De schrijfster verwijst naar de Israëlische redding van meer dan 100 Joodse gijzelaars in Oeganda. Jonathan Netanjahoe, broer van de huidige Israëlische premier, kwam tijdens die raid om het leven].

“Zie Imri,” vertelde ik hem toen, “vandaag is het vuurwerk in heel Amerika en dit is hoe Tzahal [het Israëlische leger] je verjaardag viert !” Zijn ogen knipperden uit waardering voor mijn kwinkslag. Euforie hield de wereld in de ban, door die twee spectaculaire gebeurtenissen op die dag, maar voor de familie van Netanjahoe betekent die dag ongetwijfeld het begin van hun lijdensweg over de dood van Yoni. Onnodig te vertellen dat sindsdien elke vierde juli een dag van rouw en herinnering is voor deze twee families. Zal de komende Fourth of July een teken van verandering brengen dat Obama aan de wereld beloofde, of zullen we de voortzetting zien hoe Amerika met toegeknepen ogen de ophitsing tegen Joden blijft financieren en de shahid (held) – cultus van de terreur door de lievelingen van de wereld – het Palestijnse Autoriteit leiderschap – verder blijft steunen?

Sharona Tel-Oren, POB 134, Omer 84965″

Israëlisch herdenkingsmonument aan de 'Bus of Blood'

Israëlisch herdenkingsmonument opgedragen aan de slachtoffers van de 'Bus of Blood'

Bronnen: PMW: Will the US follow its laws and suspend funding to Abbas? door Itamar Marcus en Barbara Crook van 25 mei 2009; CSN News: Palestinian ‘Moderates’ Hope to Get Remains of Venerated Terrorist door Patrick Goodenough van 16 juli 2008; Brabosh.com: ‘Gematigde’ Fatahconferentie verwelkomt terrorist die 38 Israëli’s vermoordde van 9 augustus 2009; Palestinian Media Watch: Glorifying terrorists and terror Terrorists who killed 37 Israeli civilians applauded as heroes by Fatah leaders van 4 augustus 2009; As in the days of Noah: PA wants ‘festive’ funeral for coastal road killer van 11 juli 2008; Wikipedia.eng: Coastal Road massacre en Dalal Mughrabi; Israel Science and Technology Homepage: Encouraging Woman Terrorists door Itamar Marcus van 12 maart 2002; The Rubin Report: Fatah Congress: No Sign of Moderation or Reform en Fatah Congress: Peace As A Very Low Priority door Barry Rubin van 5 augustus 2009; zie ook op deze blog: Gematigde Fatahconferentie was niet erg ‘gematigd’ [satire] van 9 augustus 2009; Fatahkopstukken vergaderen over vernieuwde radicale koers tav Israël van 4 augustus 2009; De onverzoenlijkheid van ‘gematigde’ Palestijnen. Saeb Erekat onthult de realiteit… in het Arabisch van 3 augustus 2009

De toekomst lacht Israël toe in 2010

For Israel, Good Prospects in 2010

door Barry Rubin

In tegenstelling tot mijn nogal sombere beoordeling van de vooruitzichten van de Amerikaanse regering onder Barack Obama met betrekking tot het Midden-Oosten, zien de vooruitzichten voor Israël er vrij goed uit. Met dien verstande natuurlijk dat de kans op een formeel vredesakkoord met de Arabische staten en de Palestijnen zowat dicht bij nulkommanul staat. Daarnaast bestaan er nog twee bedreigingen op de lange termijn in de vorm van Iraanse nucleaire wapens en de vrees dat islamisten op de een van een andere dag één of meerdere Arabische staten zouden overnemen.

Maar laten we van ons zelve genieten zolang we dat kunnen. Het is ook belangrijk om te onthouden dat in het Midden-Oosten, optimisme niet betekent dat er blauwe lucht wordt voorspeld, maar meestal slechts lichte bewolking.

Het lijkt misschien grappig, maar hoe veel beter is de situatie van Israël in feite wel dan in het algemeen wordt waargenomen. We overlopen even de pluspunten:

  • De mogelijkheid van een conflict met de Verenigde Staten werd afgewend, waarschijnlijk voor de rest van de ambtstermijn van president Barack Obama. Alle lessen die we in de regio hebben gekregen uit de Verenigde Staten – en vooral de mate dat zij er zélf iets uit geleerd hebben – ogen gunstig voor Israël, waaruit maar blijkt hoe Israël telkens bereid is om de Amerikaanse inspanningen bij te springen en hoe daar tezelfdertijd uit blijkt hoe moeilijk het is om vrede te bereiken en de andere kant toch zo weinig medewerking of flexibiliteit vertoont. De mogelijkheid van een Amerikaanse toenadering tot Iran of Syrië werd teniet gedaan door laatstgenoemde.
  • Oppervlakkig gezien ziet de situatie er vreselijk uit voor Israël maar op de belangrijke momenten is er voldoende steun. Frankrijk, Duitsland en Italië hebben gunstig gezinde regeringen, terwijl in Groot-Brittannië een acceptabele positieve regering op het punt staat te worden vervangen door een warmere. (Het helpt soms om je verwachtingen laag te houden.)
  • Ondanks hun retoriek zijn de leiders van de Palestijnse Autoriteit (PA) in principe tevreden met het status-quo. Hun strategieën om meer concessies van Israël af te dwingen zonder er zelf iets tegenover te plaatsen, laat hen zelfvoldaan maar zonder vooruitzichten op succes achter. Het gevaar van een machtsovername door Hamas werd afgewend. De economische situatie op de Westelijke Jordaanoever is ongeveer zo goed zoals ze nooit voordien is geweest. En de regeerders van de PA vermijden liever het oplaaien van nieuw geweld. Dat is nog niet het nirvana maar het is ook niet slecht.
  • Hezbollah wil dit jaar nog geen nieuwe oorlog [tegen Israël] voeren, maar zijn op zoek om nieuwe vergeldings terreuraanslagen uit te voeren ver weg van de grens tussen Libanon en Israël. Hamas is waarschijnlijk genoeg geïntimideerd door de gevechten van begin 2009 (externe waarnemers zijn zich nog steeds niet bewust van de gevolgen van het feit dat de schutters de strijd afbraken, wegrenden en zich verschuilden achter burgers, maar de Hamas-leiding weet dat maar al te goed), hoewel dit niet met zekerheid kan worden aangenomen.
  • Terwijl de internationale economische malaise Israël heeft getroffen, werd het land meer geïsoleerd dan men zou hebben durven hopen vanwege de negatieve effecten. Haar opmerkelijke technische innovatie op het gebied van hi-tech, wetenschap, medische en agrarische technologie blijft snel vorderingen te maken.
  • Israël heeft een regering die in hoge mate de steun geniet van de bevolking die – na zoveel onbekwaamheid en ingenieuze plannen die niet veel goeds teweeg brachten – werkelijk weer in de juiste sporen loopt. Er leeft, naar Israëlische normen, een hoge graad van nationale consensus.
  • Iran beschikt nog niet over kernwapens.

Dat is helemaal geen slechte lijst. Er zijn velen die denken dat Israël niet kan gedijen, misschien zelfs niet kan overleven, zonder het hebben van een formele vrede met de Palestijnen of misschien ook met Syrië en met de Arabisch-sprekende wereld in het algemeen. Dit is gewoon onwaar. Het ontbreken van een ondertekend vredesverdrag met iedereen (niet vergeten te vermelden dat er dergelijke documenten bestaan met Egypte en Jordanië) is niet hetzelfde als oorlog. Volgens de gebruikelijke standaard van geen oorlog/geen vrede is dit een vrij goede.

Als dit Gaza was, het zou onaanvaardbaar zijn geweest

Natuurlijk, er bestaan er nog negatieve zaken maar die komen nergens zo dicht in de buurt als datgene dat met een oppervlakkige blik kan worden waargenomen. De virtuele afvalligheid van de westerse alliantie door het regime van Turkije (ja, het gaat echt zo slecht) en het einde van de bijzondere relatie tussen Jeruzalem en Ankara is een slechte zaak. Maar de Turkse semi-islamitische heersers worden beïnvloed door hun wens om een rol als vredestichter te spelen in de regio en niet om de Amerikanen of de Europeanen boos te maken.

Het meest verontrustende van alles is het lawaai. De virulente haat tegen Israël door grote delen van de Amerikaanse en vooral Europese intelligentsia die samen loopt met een eindeloze uitbarsting door academici, media en sluipschutters vanuit de EU, kan soms ontmoedigend zijn. Maar zelfs hier is een zilveren glimp van hoop waar te nemen. Hoe meer extreme en bizarre regelrechte aanvallen er zijn, hoe minder geloofwaardig ze zijn. Opiniepeilingen, vooral in de Verenigde Staten waar ze door het dak gaan, zijn helemaal niet zo slecht. Bovendien hebben de leugens en het geschreeuw weinig impact op de regio zelf. Iets om je zorgen over te maken, maar niet echt om wakker van te liggen.

Wat het belangrijkste is van alles is dit: de bereidheid om je problemen nauwkeurig te beoordelen, geleid door redelijke verwachtingen. Niet kreupel geworden door een ideologie, verblind door misvattingen, zwaaiend met slechte internationale adviezen en het verlangen om populair te zijn. Maar met vastberadenheid en moed een beleid uit te voeren om er het beste van te maken met diegenen waar u iets mee te maken heeft.

Als alle anderen hetzelfde zouden doen, zou de wereld en vooral het Midden-Oosten een veel betere en meer vredige plaats zijn.

Bron: Gloria Center: For Israel, Good Prospects in 2010 door Barry Rubin van 27 december 2009

Europa wil Jeruzalem terug splitsen en hoofdstad van 2 staten maken

“Exact 20 jaar nadat de Europeanen het verdeelde Berlijn hebben herenigd,

willen zij onze eengemaakte stad Jeruzalem splitsen!”

* Volgens de akkoorden van Oslo van 1993 is Jeruzalem een van de onderwerpen die zullen worden besproken tijdens onderhandelingen over de toekomstige permanente status van de stad. Het Zweedse initiatief om de Europese ministers van Buitenlandse Zaken een verklaring te doen steunen om Oost-Jeruzalem als de hoofdstad van een toekomstige Palestijnse staat te erkennen, bepaalt vooraf reeds duidelijk de uitkomst van die gesprekken.

* Toen de EU-ministers van Buitenlandse Zaken vergaderden op 8 december j.l., gaven zij een verklaring uit die slechts gedeeltelijk het Zweedse ontwerp verzachtten. Het liet de verwijzing naar de Palestijnse staat die bestaat uit ‘de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook met Oost-Jeruzalem als hoofdstad’ vallen, maar blijft anderzijds nog steeds staan achter het voorstel dat ‘Jeruzalem als de toekomstige hoofdstad van twee staten’ voor ogen heeft.

* De EU-verklaring drong er op aan dat de EU ‘geen eventuele wijzigingen in de grenzen van vóór 1967 zullen erkennen’ zonder de instemming van de betrokken partijen. Maar door de verankering van de grenzen van 1967 als een voorafgaande politieke grens, negeert de Europese Unie het feit dat dit slechts wapenstilstand grenzen waren en geen erkende internationale grenzen. In feite was het Resolutie 242 van de Verenigde Naties, die stelde dat de grenzen van voor 1967 kunnen veranderen.

* Door te zwaaien met de wortel in de vorm van een verklaring ter ondersteuning van Oost-Jeruzalem als onderdeel van een Palestijnse staat, zijn de Zweden er de oorzaak van dat de adviseurs van Mahmoud Abbas geloven dat als ze bilaterale onderhandelingen met Israël kunnen voorkomen, zij van het politieke klimaat kunnen profiteren om een derde partij in hun voordeel in te schakelen.

* Wat nodig is, zijn niet aflatende Israëlische diplomatieke inspanningen voor Jeruzalem, die de wettelijke rechten van Israël onderstrepen en haar rol als de beschermer van de heilige plaatsen. Helaas lijken thans de Europese staten, die ooit geijverd hebben voor de bescherming van de heilige plaatsen van het christendom in Jeruzalem, nogal vergeetachtig te zijn over wat er zou gebeuren met hun kerken in de Oude Stad van Jeruzalem wanneer die onder het beheer van een Palestijns regime onder de invloed van Hamas zouden worden geplaatst.

In december 2009, de laatste maand dat Zweden het roulerend voorzitterschap heeft van de 27 lidstaten van de Europese Unie, heeft Stockholm het initiatief genomen om de Europese ministers van Buitenlandse Zaken achter een verklaring te krijgen waarin Oost-Jeruzalem wordt erkend als de hoofdstad van een toekomstige Palestijnse staat. Volgens de akkoorden van Oslo van 1993 is Jeruzalem een van de onderwerpen die zullen worden besproken tijdens onderhandelingen over de toekomstige permanente status van de stad. Het Zweedse initiatief bepaalt vooraf reeds de uitkomst van die gesprekken.

Er stonden twee uiterst problematische clausules in het Zweedse voorstel:

*  “De Europese Unie roept op tot de dringende hervatting van de onderhandelingen die zullen leiden, binnen een overeengekomen termijn, tot een twee-staten-oplossing met een onafhankelijke, democratische, aaneengesloten en levensvatbare staat Palestina, bestaande uit de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook en met Oost-Jeruzalem als hoofdstad” (paragraaf 1).

* “De Raad herinnert eraan dat zij nooit de annexatie van Oost-Jeruzalem heeft erkend. Als er echte vrede moet komen, dan moet een manier worden gevonden om de status van Jeruzalem als de hoofdstad van twee staten op te lossen ” (paragraaf 7). [bron]

Tot overmaat van ramp, werd aan het ontwerp-document toegevoegd een Europese  ‘verbintenis om verdere inspanningen en stappen op weg naar een Palestijnse staat te ondersteunen die, op het juiste moment, moeten leiden tot de erkenning van een Palestijnse staat.” Door deze erkenning [van een Palestijnse staat] in het Europese voorstel niet afhankelijk te maken van een onderhandelingsresultaat, zal deze fraseologie de Palestijnse leiders alleen maar aanmoedigen om eenzijdig de Palestijnse staat uit te roepen.

Het Zweedse voorstel werd aanvankelijk gesteund door Groot-Brittannië, België, Ierland, Luxemburg en Malta.

Toen de EU ministers van Buitenlandse Zaken vergaderden op 8 december, gaven zij een verklaring af die slechts gedeeltelijk het Zweedse voorontwerp verzachtte door de aanpassing van de eerste van de twee problematische clausules, maar lieten de tweede clausule intact. In Paragraaf 1 lieten ze de verwijzing naar de Palestijnse staat vallen met de zinsnede “de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook met Oost-Jeruzalem als hoofdstad.” Maar de EU-verklaring behoudt nog steeds het voorstel dat voorzag “Jeruzalem als de toekomstige hoofdstad van twee staten.” Ook werd er door de EU op aangedrongen “geen eventuele wijzigingen in de grenzen van vóór 1967 te zullen erkennen, met inbegrip van Jeruzalem,” zonder de instemming van de betrokken partijen. Door de verankering van de grenzen van 1967 als een gewezen politieke grens, negeert de EU het feit dat dit slechts een wapenstilstand grens was en geen internationaal erkende grens. In feite was het Resolutie 242 van de Verenigde Naties, die stelde dat de grenzen van voor 1967 kunnen veranderen. Het feit dat de EU niet expliciet verwijst naar deze resolutie, is geen verrassing. Vanuit het Israëlische perspectief, terwijl de EU-verklaring nog steeds fundamenteel lijnrecht tegenover het Israëlische beleid m.b.t. Jeruzalem waarin wordt gepleit voor het behoud van de ééngemaakte stad, is althans de EU-verklaring volledig in overeenstemming met de politieke verklaringen die door de EU in het verleden over Jeruzalem werden afgelegd en bevatte tot nog toe geen woordgebruik dat zo ver ging als het Zweedse ontwerp.

In zowel het Zweedse ontwerp als in de definitieve verklaring van de EU, wordt gesteld dat een akkoord over de toekomst van Jeruzalem moet bereikt worden via onderhandelingen, maar dit punt wordt enigszins versterkt in de laatste versie van de EU-verklaring. Blijkbaar was de Amerikaanse regering bijzonder bezorgd met betrekking tot dit delicate punt. Op 8 december 2009 benadrukte Phillip Crowley, de woordvoerder van het Staatsdepartement van de Verenigde Staten: “Wij zijn ons bewust van de EU-verklaring, maar ons standpunt over Jeruzalem is duidelijk. En wij zijn van mening dat een definitieve status in deze kwestie het best kan gebeuren door directe formele onderhandelingen tussen de partijen onderling.” Het was meteen klaar en duidelijk dat Washington geen probleem had met de resterende onduidelijkheden in de EU-verklaring en hoe de Palestijnen dit zouden kunnen interpreteren als steun voor een optie waarbij zij eenzijdig de Palestijnse staat kunnen afkondigen met Oost-Jeruzalem als hoofdstad.

Verloop van de recente Europese interventie over de kwestie Jeruzalem

Met het Zweedse initiatief is het niet de eerste keer dat Israël hoort dat Europa publiekelijk twijfelt aan de status van haar hoofdstad [Jeruzalem]. Tien jaar geleden werden op 4 mei 1999 de vijf jaar oude interim-akkoorden van Oslo eenzijdig beëindigd door de Palestijnse Autoriteit, toen nog geleid door Yasser Arafat, die een onafhankelijkheidsverklaring van de Palestijnse staat overwoog. Naarmate de datum naderde, werd door de Palestijnse leiders overlegd of zij eenzijdig de onafhankelijkheid van een Palestijnse staat zouden uitroepen en waar haar grenzen zouden liggen. Abu Ala, een van de Palestijnse architecten van de Oslo-Akkoorden, schreef op 21 december 1998 in de Palestijnse krant al-Hayat al-Jadida, dat de basis van een Palestijnse staat reeds was vastgesteld, namelijk de grenzen die in het Verdeelplan van 1947 werden vastgelegd, met name in Resolutie 181 van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

Volgens Resolutie 181 (afbeelding hiernaast), zou de volledige stad Jeruzalem de volgende tien jaren een internationale entiteit worden en onder het toezicht worden geplaatst van de Verenigde Naties, waarna de inwoners van de stad hun stem zouden kunnen uitbrengen of zij al dan niet wensten opgenomen te worden in de Joodse staat of in de Arabische staat zoals in de resolutie werd voorgesteld. Die internationale entiteit heette in het Latijn ‘corpus separatum’ of afzonderlijke entiteit. Op 1 maart 1999, toen Duitsland het roulerend voorzitterschap van de Europese Unie waarnam, zond haar ambassadeur in Israël een wat genoemd wordt ‘verbale nota’ gericht aan het Israëlisch ministerie van Buitenlandse Zaken waarin werd gesteld dat de EU “haar bekende standpunt herbevestigde over de specifieke status van Jeruzalem als een corpus separatum.” Abu Ala, die zich bijzonder opgetogen toonde over de EU-verklaring, verklaarde prompt dat volgens de EU-verklaring zowel West- als Oost-Jeruzalem ‘bezet’ werden [door Israël].

Historisch gezien werd Resolutie 181 ingehaald door de gebeurtenissen. Latere resoluties van de Verenigde Naties verwezen in toenemende mate naar de in 1949 gesloten Wapenstilstand overeenkomsten. Bovendien werd Jeruzalem tijdens de oorlog van 1948 aangevallen door ten minste drie Arabische legers. Het was duidelijk dat de Verenigde Naties had gefaald in het uitvoeren van haar eigen resolutie alsmede haar voorstel van een geïnternationaliseerde corpus separatum. Jeruzalem werd verdedigd door de opkomende Israel Defense Forces en niet door de Verenigde Naties. Als gevolg verklaarde premier David Ben-Goerion dat Israël de verwijzingen naar Jeruzalem in Resolutie 181 vanaf dan als ‘van nul en generlei waarde’ beschouwde en dat bleef ook het standpunt van de latere Israëlische regeringen.

Onverantwoordelijke Europese diplomaten hebben sinds 1999 de Palestijnse positie alleen maar doen radicaliseren. Arafat begonnen met een campagne om de internationale erkenning van Resolutie 181 te verkrijgen als basis voor een Palestijnse staat, ter vervanging van elke verwijzing naar resolutie 242. Arafat bracht voor dat doel in maart 1999 een bezoek aan de Verenigde Naties. Terwijl hij nog in New York was stuurde Nasser al-Kidwa, de waarnemer van de PLO bij de VN, een brief aan secretaris-generaal Kofi Annan en alle VN-leden, die verklaarde: “Israël moet aan de internationale gemeenschap nog uitleg geven over de illegale maatregelen die zij heeft genomen aangaande de uitbreiding van haar wetten en bestuur over het grondgebied dat zij bezetten sinds de oorlog van 1948 en gelegen is buiten het grondgebied dat aan de Joodse staat werd toegewezen in Resolutie 181.” Effectieve Israëlische diplomatie veroorzaakte in 1999 dat de PLO moest afzien van haar Resolutie 181-campagne en haar plan om eenzijdig de onafhankelijkheid van de Palestijnse staat op dat ogenblik uit te roepen. Maar wat wel werd aangetoond was dat de Europeanen er niet alleen niet in slaagden om de kloof tussen Israël en de Palestijnen te verkleinen, maar zij er integendeel in geslaagd waren ze nog aanzienlijk te verbreden.

Gevolgen voor Vredesonderhandelingen in de toekomst

De Europeanen hebben verontrustende uitspraken over Jeruzalem gedaan sinds de Verklaring van Venetië van 1980 waarin zij de eenzijdige Israëlische stappen om de stad na 1967 te herenigen heeft afgewezen. Maar sinds 2002 hebben zij een nieuwe verantwoordelijkheid als leden van het Kwartet – samen met de VS, Rusland en en het secretariaat van de Verenigde Naties – om de partijen te helpen om te trachten een onderhandelde oplossing voor het Israëlisch-Palestijnse conflict te bereiken. De Zweedse minister van Buitenlandse Zaken Carl Bildt weet dat in de verklaring van het Kwartet van 9 november 2008, de leden van het Kwartet hebben ingestemd met het principe dat “derden niet mogen ingrijpen in de bilaterale onderhandelingen.”

Door te zwaaien met de wortel in de vorm van een verklaring ter ondersteuning van Oost-Jeruzalem als onderdeel van een Palestijnse staat, zijn de Zweden er de oorzaak van dat de adviseurs van Mahmoud Abbas geloven dat als ze bilaterale onderhandelingen met Israël kunnen voorkomen, zij van het politieke klimaat kunnen profiteren om een derde partij in hun voordeel in te schakelen. De Zweden hebben aldus de prikkel verminderd voor Abbas om terug te keren naar eventuele onderhandelingen met Israël. Bovendien, door het overtreden van een kwartet principe, ondermijnen de Zweden de Europese geloofwaardigheid met Israël: Wie heeft het Kwartet nog nodig als haar leden niet voldoen aan hun verplichtingen?

Het impact van het Zweedse initiatief over de toekomst van Israëlisch-Palestijnse onderhandelingen vertoont enige gelijkenis met wat er gebeurd is met de EU in 1999: in plaats van de onderhandelingen gemakkelijker te maken, maakte een Europees initiatief het hen alleen maar moeilijker en moedigde het Palestijnse unilateralisme verder aan. Momenteel is het bekend dat de eis van de regering van Barack Obama over een bevriezing van de bouw van nederzettingen ervoor gezorgd heeft dat Abbas de vernieuwing van de onderhandelingen afhankelijk heeft gemaakt heeft aan [het voldoen van Israël aan] die voorwaarden, iets dat voordien nooit het geval is geweest. Israël verwerpt terecht het idee dat haar tien maanden bevriezing van de nederzettingen ook van toepassing zouden zijn op Oost-Jeruzalem. Helaas zal het Zweedse initiatief alleen de eis van Abbas kracht bijzetten die wil dat de regeling ook van toepassing zou zijn op de bouwwerken in Oost-Jeruzalem, waardoor de kans dat de onderhandelingen ooit terug worden gestart aanzienlijk verminderen.

Het probleem met Zweden

Zweden is een bijzonder zorgwekkende land voor Israël in Europa. Op 17 augustus 2009 publiceerde de Zweedse dagelijkse krant Aftonbladet een artikel van freelance schrijver Donald Bostrom, die aanvoerde dat het IDF de organen van de Palestijnen plunderde en ze naar het buitenland stuurde. Terwijl velen in de Zweedse media het krantenverhaal veroordeelden, weigerde de Zweedse regering een standpunt in te nemen. Toen de Zweedse ambassadeur in Tel Aviv, Elisabet Borsiin Bonnier, haar afkeer uitte over het bewuste artikel, besloot de Zweedse regering om zich te distantiëren van de verklaring van haar eigen ambassadeur.

Sinds die gebeurtenis zijn de Zweeds-Israëlische betrekkingen bijzonder gespannen. Het probleem is dat voor de tweede helft van 2009 Zweden het roulerend voorzitterschap hield van de Europese Unie en daarom voorstellen kan doen voor een nieuw Europees beleid die in strijd zijn met de meest fundamentele belangen van Israël. In die tussentijd heeft Zweden haar officiële benadering tot Israël totaal gewijzigd: van een van de vriendelijkste landen van de Joodse staat, vertoont de regering in toenemende mate steeds meer tekenen van vijandigheid jegens de standpunten van Israël.

Lessen voor Israël

Er is een belangrijke les te trekken voor Israël uit het debat dat binnen de EU werd gevoerd over de toekomst van Jeruzalem. Binnen Israëlische regeringen bestaat de uitdrukking dat “dringende zaken schuiven altijd de belangrijkste opzij.” In dit geval, omdat de Israëlische diplomatie altijd omgaat met dringende zaken – van het Goldstone Rapport tot aan de nieuwste nucleaire beslissingen in Iran – met het gevolg dat het zich niet altijd bekommerd om Israëlische belangen op lange termijn zoals het verenigd houden van Jeruzalem. Het klopt dat Zweden in de EU een aantal belangrijke tegenstanders had voor haar voorstellen voor Jeruzalem, zoals onder meer de Tsjechische Republiek, Nederland, Frankrijk, Roemenië, Hongarije, Polen en Italië. Maar het is een vergissing om internationale steun voor de standpunten van Israël door deze landen als vanzelfsprekend te beschouwen.

Wat nodig is zijn permanente Israëlische diplomatieke inspanningen voor Jeruzalem, die de wettelijke rechten van Israël en haar rol als de beschermer van de heilige plaatsen onderstrepen. De argumenten ter ondersteuning van een verenigd Jeruzalem moet worden opgeworpen door de Israëlische ambassadeurs in alle hoofdsteden waar ze werkzaam zijn en ze mogen niet wachten tot een volgende crisis zich ontwikkelt zoals de huidige strijd binnen de EU. Het Joodse volk herstelde haar meerderheid in Jeruzalem in 1864, lang voordat het Britse mandaat bestond. De Volkenbond heeft Jeruzalem opgericht als onderdeel van het Joods Nationaal Thuis. Stephen Schwebel, die uiteindelijk de voorzitter van het Internationale Hof van Justitie in Den Haag zal worden, schreef in 1970 dat “Israël kan betere aanspraken laten gelden op wat het grondgebied was van Palestina, met inbegrip van het geheel van Jeruzalem, dan dat kan Jordanië of Egypte dat kunnen.” De grote ironie is dat de Europeanen, die graag herinneren aan de verwijdering van de Berlijnse Muur in 1989 en spreken over een historisch keerpunt voor hun continent, thans pleiten voor de herverdeling van Jeruzalem tussen twee afzonderlijke staten.

Voor de Palestijnen, is de eis naar Oost-Jeruzalem als hoofdstad een mantra geworden dat zij bij elke gelegenheid herhalen. Helaas lijken thans de Europese staten, die ooit geijverd hebben voor de bescherming van de heilige plaatsen van het christendom in Jeruzalem, nogal vergeetachtig te zijn over wat er zou gebeuren met hun kerken in de Oude Stad van Jeruzalem wanneer die onder het beheer van een Palestijns regime onder de invloed van Hamas zouden worden geplaatst. Immers, voorafgaand aan het EU-besluit over het Zweedse ontwerp, hebben prominente voormalige Europese ambtenaren zoals Chris Patten, Romano Prodi, Hubert Vedrine en Lionel Jospin gelobbyd voor rekening van het Zweedse voorstel en de goedkeuring door de Europese Unie van een meer pro-Palestijns standpunt over Jeruzalem. Als Israël het nalaat om een gezamenlijke inspanning te doen om haar rechten te beschermen in Jeruzalem, dan zullen zelfs haar naaste vrienden in Europa aan het einde van de dag aannemen dat Israël die rechten zal erkennen akkoord gaat met het beleid dat Europa voorstelt.

Bron: Jerusalem Center for Public Affairs: Europe Seeks to Divide Jerusalem door Dore Gold van 10 december 2009