Felle kritiek van oprichter en voormalig voorzitter van Human Rights Watch op eigen geesteskind

Robert L. Bernstein, de voormalige directeur van Random House, oprichter van Human Rights Watch en van 1978 tot 1998 voorzitter van zijn organisatie, haalt in The New York Times van 19 oktober 2009 zwaar uit naar zijn eigen geesteskind. Hij verwijt de HRW dat, alhoewel Israël in het Midden-Oosten omringd wordt door islamistische dictaturen die het woord ‘mensenrechten’ niet eens kunnen spellen, nagenoeg nergens in haar kritische rapporten worden geviseerd, maar Israël daarentegen ver buiten proporties systematisch de volle laag krijgt.
Bernstein op 24 oktober: “I have argued that open societies, while far from perfect, have ways to correct themselves and that is particularly true in the case of Israel. Millions of Arabs, on the other hand, live in societies where there is little respect for or protection of human rights.” ‘Zijn’ HRW is volgens Bernstein ver afgedwaald van haar oorspronkelijke doelstellingen en hij betoogt dat wil de HRW haar geloofwaardigheid nog kunnen redden zij “terug moet keren naar haar oorspronkelijke missie en de nederige geest die daarvan de drijfveer was.”
Ragna Pelle op Israël & Palestijnen Nieuwsblog van 30 oktober:
“Veel organisaties die nu eenzijdig gefocused zijn op Israël waren dat vroeger niet. De stichter van Human Rights Watch sprak onlangs in The New York Times zijn ongenoegen uit voor deze koersverandering bij HRW. Het is jammer dat niet meer mensen de moed hebben de vooringenomenheid van op zichzelf goede en gerenommeerde organisaties als Amnesty International, de VN, diverse ontwikkelingsorganisaties en linkse politieke partijen aan de kaak te stellen. Het verexcuseren van alles wat de Palestijnen doen en veroordelen van iedere Israëlische militaire actie (en welhaast iedere andere Israëlische activiteit) heeft weinig met de idealen van de derde wereldbeweging en progressieve politiek te maken. Hamas en Hezbollah zijn in feite extreem reactionaire en totalitaire bewegingen.”
Human Rights Watch ligt de laatste tijd enorm onder vuur. Zo kwam onlangs aan het licht dat één van haar topmedewerkers Marc Garlasco, in zijn vrije tijd een hevige verzamelaar is van nazimemorabilia. Op het internet is hij bekend onder de bijnaam Flak88 en actief als handelaar in foto’s, badges, onderscheidingstekens en medailles van het Duitse en het Amerikaanse leger. Als ‘militaire expert’ heeft hij voor Human Rights Watch verschillende kritische rapporten geschreven over de betrokkenheid van Israël in het Midden-Oostenconflict. Zijn passie voor nazi-parafernalia en zijn harde kritiek op de Israëlische staat zijn helaas geen zijn. Intussen heeft HRW haar topmedewerker aan de deur gezet [lees op deze blog: Human Rights Watch topmedewerker Marc Garlasco verzamelaar van nazi-memorabilia van 13 september 2009.]
Rights Watchdog, Lost in the Mideast
door Robert L. Bernstein
Als oprichter van Human Rights Watch (HRW), actief voorzitter gedurende 20 jaar en nu emeritus oprichtend-voorzitter moet ik iets doen dat ik nooit had voorzien: ik moet mij publiekelijk aansluiten bij de critici van deze organisatie. De oorspronkelijke missie van Human Rights Watch was om gesloten samenlevingen open te breken, fundamentele vrijheden te bepleiten en dissidenten te verdedigen. Maar de laatste tijd heeft de Watch rapporten uitgegeven over het Israëlisch-Arabisch conflict die degenen steunen die van Israël een paria-staat willen maken.

Topmedewerker van HRW Marc Garlasco blijkt in zijn vrije tijd verzamelaar van nazi-memorabilia te zijn. Zijn virulente haat jegens Israël en de Joden is geen toeval. Op deze foto draagt hij een T-shirt met het IJzeren Kruis, kruis dat officieel symbool staat voor het Duitse Keizerrijk dat bestond van 1879 to 1915
Bij HRW hebben we altijd erkend dat open, democratische samenlevingen fouten maken en overtredingen begaan. Maar wij zagen in dat zij de mogelijkheid hebben die fouten te corrigeren – door een levendig publiek debat, een kritische pers en andere mechanismen die aanzetten tot hervorming.
Daarom trokken wij een scherpe lijn tussen de democratische en de ondemocratische werelden, in een poging helderheid te scheppen omtrent mensenrechten. Wij wilden voorkomen dat de Sovjet Unie en haar satellieten een spel van morele gelijkwaardigheid zouden spelen met het Westen, en wij wilden liberalisaties aanmoedigen door aandacht te vragen voor dissidenten als Andrei Sakharov, Natan Sharansky en de gevangenen in de Sovjet goelag – en de miljoenen in de laogai of werkkampen van China.
Toen ik aftrad in 1998 was de HRW actief in 70 landen, de meeste gesloten samenlevingen. Nu schuift de organisatie steeds vaker dit belangrijke onderscheid tussen open en gesloten samenlevingen aan de kant.
Dit is nergens duidelijker dan in HRW’s werk het Midden-Oosten. de regio is bevolkt met autoritaire regimes die schrikwekkende reputaties hebben op het gebied van de mensenrechten. Maar de laatste jaren heeft HRW Israël vaker veroordeeld wegens overtredingen van het internationaal recht, dan elk ander land in de regio.
Israël, met een bevolking van 7,4 miljoen, heeft maar liefst 80 mensenrechtenorganisaties, een bruisende vrije pers, een democratisch gekozen regering, een rechterlijke macht die regelmatig tegen de regering in vonnist, een politiek actieve intelligentsia, veel politieke partijen en, te oordelen aan de hoeveelheid nieuwsartikelen, waarschijnlijk meer journalisten per hoofd van de bevolking dan elk ander land ter wereld – van wie er velen speciaal daar zijn om het Israëlisch-Palestijns conflict te verslaan.
Intussen regeren de regimes in Arabische landen en Iran over zo’n 350 miljoen mensen; de meeste van die regimes zijn nog steeds wreed, gesloten en autocratisch en dulden weinig of geen kritiek. Het lot van hun burgers, die meer dan wie ook baat zouden hebben van het soort aandacht dat een grote en goed gefinancierde internationale mensenrechtenorganisatie kan bieden, wordt genegeerd terwijl de Midden-Oosten-divisie van HRW rapport na rapport opstelt over Israël.
HRW heeft het broodnodige perspectief verloren op een conflict waarin Israël herhaaldelijk is aangevallen door Hamas en Hezbollah, organisaties die Israëlische burgers tot hun doelwit maken en hun eigen mensen gebruiken als menselijk schild. Deze groepen worden gesteund door de regering van Iran, die openlijk haar intentie heeft uitgesproken om niet alleen Israël te vernietigen, maar ook Joden overal ter wereld te vermoorden. Deze ophitsing tot genocide is een vergrijp tegen de Convention on the Prevention and Punishment of the Crime of Genocide.

'Human Rights Watch' of is het 'Israël Search and Destroy B.V.'?
Leiders van HRW weten dat Hamas en Hezbollah ervoor kiezen oorlog te voeren vanuit dichtbevolkte gebieden en met opzet woonwijken tot slagvelden maken. Zij weten dat er meer en betere wapens naar zowel Gaza als Libanon stromen, klaar om opnieuw toe te slaan. En zij weten dat deze militanten voortgaan de Palestijnen elke kans te onthouden op het vredige en productieve leven dat zij verdienen. Maar Israël, dat herhaaldelijk slachtoffer is van agressie, wordt door HRW het meest bekritiseerd.
HRW houdt zich voornamelijk bezig met de manier waarop oorlogen worden gevoerd, en niet met de motieven. Zeker, zelfs slachtoffers van agressie moeten zich houden aan het oorlogsrecht en moeten hun uiterste best doen om burgerslachtoffers te vermijden. Niettemin is er een verschil tussen onrecht dat uit zelfverdediging wordt begaan, en onrecht dat met opzet wordt gepleegd.
Maar hoe weet HRW dat deze oorlogswetten zijn overtreden? In Gaza en elders waar er geen toegang is tot het slagveld of tot de legers en politieke leiders die strategische beslissingen nemen, is het buitengewoon moeilijk om definitieve oordelen te vellen over oorlogsmisdaden. De verslaggeving is veelal afhankelijk van getuigen wiens verhalen niet geverifieerd kunnen worden en die mogelijk getuigen uit politiek gewin of omdat zij vrezen voor wraakacties van hun leiders. Het is veelzeggend dat Col. Richard Kemp, voormalig commandant van de Britse strijdkrachten in Afghanistan en een expert op het gebied van oorlogsvoering, heeft gezegd dat de IDF in Gaza ‘meer heeft gedaan om de rechten veilig te stellen van burgers binnen de gevechtslinie dan elk ander leger in de geschiedenis van de oorlogsvoering’.
Alleen door terug te keren tot haar oorspronkelijke missie en de nederige geest die daarvan de drijfveer was, kan HRW zichzelf nieuw leven inblazen als morele kracht in het Midden-Oosten en overal ter wereld. Als HRW daar niet in slaagt, zal haar geloofwaardigheid ernstig worden ondergraven en haar belangrijke rol in de wereld significant afnemen.
Bronnen: The New York Times: Rights Watchdog, Lost in the Mideast door Robert L. Bernstein van 19 oktober 2009; Cidi.nl: Oprichter bekritiseert Human Rights Watch van 26 oktober 2009; Times Online: Robert Bernstein, founder of Human Rights Watch, accuses it of anti-Israel bias van 21 oktober 2009; Israel Matzav Blog: Robert Bernstein on Human Rights Watch on Robert Bernstein van 25 oktober 2009; Human Rights Watch, Need We Say More? door Grace Kwinjeh van 28 oktober 2009
Posted on 30 oktober 2009, in Arabisch - Israëlisch conflict, Israël. Bookmark the permalink. Reageren uitgeschakeld.



















