Maandelijks archief: augustus 2009
Rafah slachtpartij onder islamistische Palestijnen is geen nieuws [video]
Rafah, in de door de terreurgroep Hamas gecontroleerde Gazastrook: op vrijdag 15 augustus 2009 barstte het geweld uit tussen een al-Qaeda gezinde militante groep en de terroristen van Hamas. Het werd een bloedige slachtpartij waarbij minstens 24 doden vielen. Ook de leider van de Strijders van God, Abdul-Latif Moussa, kwam om in het geweld. Tot op vandaag kan dit bloedbad maar op erg matige belangstelling rekening in de internationale media. Onderlinge massacres tussen Arabieren – zonder dat er Joden of Israëli’s in betrokken zijn – halen maar zelden het nieuws. Die islamistische geweldscultuur wordt in het Westen blijkbaar beschouwd als de normale gang van zaken in de Arabische wereld…
Lees ook op deze blog: Gazastrook: bloedbad tussen islamisten en terroristen allerhande van 15 augustus 2009; Gaza massacre tussen islamisten onderling in foto’s van 17 augustus 2009
Populariteit van Obama in Israël keldert naar historisch dieptepunt
Het aantal Israëli’s die de buitenlandse politiek van de Amerikaanse president Barack Obama als pro-Israël ervaren, is verder gedaald naar nauwelijks 4 procent. De Smith Research peiling werd afgelopen week gehouden in opdracht van de Jerusalem Post. Uit de peiling blijkt dat eenenvijftig procent van de Israëlische Joden de regering van Obama beschouwen als pro-Palestijns eerder dan pro-Israël, terwijl 35 procent ze neutraal ervaren en 10 procent geen mening gaven. De peiling werd gehouden onder 500 personen die een statisch model geven van de Israëlische Joodse bevolking en heeft een foutmarge van 4,5 procent.

Op campagne sprak Obama op 28 mei 2008 voor de B'nai Torah Congregatie in Boca Raton, en herhaalde zijn belofte van veiligheid voor Israël en vroeg de Joodse stemgerechtigden hem niet te beoordelen op basis van opinies die door sommige van zijn aanhangers werden geuit
Een veel geciteerde peiling van de Jerusalem Post die gepubliceerd werd op 19 juni 2009 [klik hier op deze blog voor Nederlandstalig verslag] en die Obama nog 6 procent vertrouwen gaf, werd door topambtenaren aangehaald, zowel in het Witte Huis als op het kantoor van premier Netanjahoe, als de katalisator voor de Amerikaanse recente pogingen om de Amerikaans-Israëlische betrekkingen te verbeteren. Maar dat heeft blijkbaar niet veel uitgehaald. De nieuwe peiling geeft aan dat de reputatie van Obama onder de Israëlische Joden verder naar beneden tuimelt. In de eerdere peiling, die werd uitgevoerd kort nadat Obama zijn rede adresseerde tot de moslimwereld in de Egyptische hoofdstad Kaïro, achten 50 procent van de bevraagden de politiek van Obama eerder pro-Palestijns dan pro-Israëli, terwijl 36 procent zijn politiek als neutraal bevond en de overige 8 procent geen mening hadden.
De populariteit van Obama onder Israëli’s is in elkaar gezakt sinds de peiling van 17 mei j.l. van de Jerusalem Post op de vooravond van de ontmoeting tussen Eerste-minister Benjamin Netanjahoe en Obama in het Witte Huis. In die peiling vond 31 procent Obama als pro-Israël, 14 procent beschouwde hem als pro-Palestijns, 40 procent vond hem neutraal en 15 procent gaf ‘geen mening’ op. In die peiling van mei stak het verschil in populariteit schril af met Obama’s voorganger in heyt Witte Huis, George W. Bush. Ter vergelijking: ongeveer 88 procent beschouwden de regering van Bush als pro-Israël, 7 procent bevonden hem neutraal en slechts 2 procent zagen hem als pro-Palestijns.
Deze nieuwe peiling werd uitgevoerd afgelopen maandag en dinsdag nog vooraleer bekend werd dat Obama had ingestemd om Jeruzalem uit te sluiten van een overeenkomst met Netanjahoe omtrent ‘bevriezing’ van de nederzettingen, en in Judea en Samaria de constructie mag verder gaan van essentiële publieke gebouwen zoals bv. scholen. In deze peiling werden de participanten eveneens bevraagd of zij akkoord zouden gaan met de bevriezing van de nederzettingen gedurende een jaar, als onderdeel van het Amerikaanse vredesvoorstel. Vijftig procent antwoordde met nee, 41 procent zei ja en 9 procent hadden geen mening.
De antwoorden van de bevraagden omtrent een stop aan de bouw van nederzettingen, sluiten nauw aan bij de verkiezingsresultaten van 10 maart in het begin van dit jaar. Onder diegenen die op de Likoedpartij stemden, die tijdens de verkiezingscampagne zei dat ze tegen een stop van de nederzettingen is, keerden 73 procent zich tegen zulke overeenkomst. Bij de Kadimapartij van Tzipi Livni steunden ruim tweederden van haar kiezers een stop op de verdere uitbreiding van de nederzettingen.
Bronnen: Jerusalem Post: 4% of Israeli Jews: Obama pro-Israel door Gil Hoffman van 27 augustus 2009, vrij vertaald en bewerkt door brabosh; ‘Jerusalem Post’/Smith Poll: Only 6% of Israelis see US gov’t as pro-Israel van 19 juni 2009; op deze blog: Israëli’s hebben geen vertrouwen meer in Barack Obama van 22 juni 2009; Peiling: Wie is de populairste leider in het Midden-Oosten? van 28 mei 2009; Peiling: 40% van de Israëlische Arabieren geloven dat de Holocaust nooit gebeurd is van 18 mei 2009; Onafhankelijke peiling uit Noorwegen: Palestijnse meerderheid tegen 2-statenoplossing van 5 april 2009; ADF rapport: zeven Europese landen bevraagd over hun antisemitische ‘gevoelens’ van 12 februari 2009; Populariteit van Hamas in Gaza blijft dalen van 10 februari 2009
Zweden beschaamd over nonsensverhaal over Israëlische ‘organen diefstal’

Andermaal een venijnige cartoon van een boze Dry Bones waarin hij een flinke sneer geeft naar Zweden in de vorm van een toekomstige Miss Zweden gehuld in boerka, de lijfzak waarin de islamisten alle vrouwen willen opsluiten. De demonisering van de Joden en de Joodse staat loopt onverminderd verder. De waanzinnige islamistische opruierij beheerst thans de Europese media. Op het einde van de rit dreigt de arabisering van Europa.
Hierna volgt een kort fragment door Alan Dershowitz over de laatste schande uit Zweden:
Waarom veroordeelt de Zweedse regering dit schandelijk artikel niet waarin Israëlische soldaten ervan worden beschuldigd te handelen in Palestijnse organen?
Arabische antisemitische variant op het middeleeuwse bloedsprookje
De Zweedse regering heeft geweigerd om het ‘bloedsprookje’ te veroordelen dat onlangs verscheen in Aftonbladet, één van de belangrijkste kranten van Zweden. In het bewuste artikel wordt beweerd dat Joodse soldaten in Israël Palestijnen hebben vermoord om hun organen. De auteur van het artikel, Donald Bostrom, heeft toegegeven dat ‘hij geen idee heeft of de beschuldigingen waarheid bevatten.’ [Bostrom: "But whether it's true or not - I have no idea, I have no clue." bron] Toch bleek een wijd verspreide en veel gelezen krant bereid om deze – niet gedocumenteerde en zeer oppervlakkige – beschuldiging te publiceren zonder dat de auteur een geloofwaardig bewijs kon aandragen.
Deze valse beschuldiging doet denken aan het middeleeuwse bloedsprookje waarin Joden ervan beschuldigd werden het bloed van christelijke kinderen te gebruiken voor religieuze rituelen. Het doet ook denken aan de beruchte Tsaristische vervalsing, de Protocollen van de Wijzen van Zion. Men verwacht dat dit soort dingen wel uit kranten afkomstig uit Iran of Syrië, maar niet van Zweedse kranten.
Niet alleen heeft minister van Buitenlandse Zaken Carl Bildt geweigerd om een persoonlijke veroordeling van het huidige ‘organensprookje’, maar heeft zijn ministerie van Buitenlandse Zaken expliciet ontkent dat een veroordeling [van dit artikel] werd afgegeven door de ambassadeur van Zweden aan Israël, dat het artikel ‘schokkend en verschrikkelijk’ had genoemd. In een poging om zichzelf te verrechtvaardigen, beweerde de heer Bildt dat de veroordeling van het artikel ongepast zou zijn vanwege de vrijheid van meningsuiting die deel uitmaakt van de Zweedse grondwet.” Lees meer
Lees hierover meer op deze blog: Fabel van de maand: ‘Israëlisch leger vermoordt Palestijnen om hun organen te verhandelen’ van 20 augustus 2009 en Wie heeft nog nazi’s nodig als we toch Arabische nationalisten, islamisten en extreemlinks hebben? van 25 augustus 2009.
‘Overwinningsfeest’ van Hamas in Syrische hoofdstad Damaskus
In maart 2009 organiseerde Hamas een festival in het vluchtelingenkamp Yarmouk in de Syrische hoofdstad Damaskus om ‘de overwinning te vieren van de Izz Al-Din Al-Qassam Brigades’ (de militaire vleugel van Hamas) tijdens de Al-Furqanoorlog zoals zij het recente Gazaconflict van dec. 2008 – jan.2009 heten. [Al-Furqan, betekent ‘zaligmaking’ of ‘redding’ en is één van de namen van de Koran in de islam.]

Leuk en gezellig feestje voor familie en vrienden van de Al Qassam Brigades van Hamas, die de overwinning vierden op de Zionisten tijdens het Gazaconflict in januari j.l. (Damaskus, maart 2009)
Met deze mannen valt niet te onderhandelen over vrede en de regering van Barack Obama doet daar dan ook geen poging [meer] toe. En dat ondervond ook voormalig president Jimmy Carter, toen die onlangs (16 juni 2009) onverwachts opdook in de Gazastrook, om nog te redden wat er te redden valt m.b.t. de vredesonderhandelingen [met Israël] en in zeven haasten en zwaar gefrustreerd ‘het land van Hamas’ onverrichterzake de rug toekeerde. Volgens Carter kan er geen vrede komen [in het Midden-Oosten] zonder Hamas, mèt Hamas ook niet natuurlijk maar dat dringt in het Westen maar moeilijk door.
Op het festival liep een fototentoonstelling en werden films getoond waarin de Al-Qassam brigades te zien waren op hun trainingskampen; er werden video’s verdeeld over de krijgsverrichtingen van de brigades tijdens het Gazaconflict, en ’s avonds werd het festival ‘opgevrolijkt’ met een poëzie programma en dichters en koren van kinderen uit de hele Arabische wereld hun kunsten vertoonden.
Er werden ook toespraken gehouden door militaire en politieke activisten van de ‘verzetsbewegingen’, die de operaties van de weerstand en het martelaarschap prezen, terwijl tegelijkertijd de Palestijnse Autoriteit en diverse Arabische landen werden veroordeeld.
Hierna volgen een aantal uittreksels van uitspraken die werden gedaan op het festival, zoals zij werden gepubliceerd in de nieuwsbrief van de Al-Qassam Brigades van april 2009.
Al-Qassam brigades: We zullen doorgaan met de Jihad zolang wij leven.

Abu Obeida op Al-Aqsa TV (6 januari 2009)
De ‘verrassing van het festival’, zoals de nieuwsbrief beschrijft, was een videoboodschap van Abu Obeida, woordvoerder van de Al-Qassam brigades, waarin hij verklaarde:
“We zeggen tegen de zionisten en tegen al diegenen die met hen samenspanden, dat we hebben gezegevierd en dat we hun verachtelijke doelen hebben verijdeld..”
“… Wij begonnen ons verzet en de jihad niet om de grenzen te openen of om voor een stuk brood te bedelen… [maar om] het land te bevrijden, de heilige plaatsen te zuiveren en de vluchtelingen terug [naar hun huizen] te brengen.”
“… Daarom zullen wij doorgaan met de jihad, zolang we leven. [Onze leuze is] overwinning of martelaarschap.”
En zich richtend tot de Palestijnse diaspora voegde Abu Obeida er nog aan toe: “Deze strijd is zoveel de onze als die van jullie… een strijd om in dit land te blijven.”
Een activist van de Commitees van het Volksverzet: Onze raketten waren volgetankt met het bloed van martelaars
Een van de sprekers op het festival was Abu Abir (afbeelding rechts), een woordvoerder van de Salah al-Din Brigades, de militaire vleugel van de Commitees van het Volksverzet. Hij zei: “… Het is waar dat duizenden Palestijnen, [inclusief Hamas] werknemers van de regering werden gemarteld [in de oorlog]. Maar wat de vijand niet weet is dat we hun bloed als brandstof gebruikten waarmee we de raketten vulden die afgevuurd werden op de zionistische nederzettingen en militaire basissen gedurende de hele oorlog …”
“De zionistische vijand wilde de [Hamas] regering vernietigen, die haar legitimiteit ontleent aan het verzet. [Het wilde] deze regering breken en aan zich onderwerpen, omdat hij weet dat die de weerstand vertegenwoordigt. Maar wat de vijand niet weet is dat het verzet nooit zal opgeven en nooit afstand zal doen van deze regering.”
Een voormalig Egyptische legerofficier: De zionisten zijn niet langer bestand tegen de ontberingen van het gevecht
Safwat Al-Zayyat, een militaire deskundige en vroeger een hoge officier in het Egyptische leger, sprak over Israëls ‘strategische nederlaag’ in de Gaza-oorlog en de gevolgen voor de toekomst van Israël. Hij verklaarde: “De huidige zionistische generatie is een generatie die houdt van comfort en gemak. Het ontbreekt hen de taaiheid van de eerste generatie van de kibboetsen en de nederzettingen. Het is niet bestand tegen [de ontberingen] van de strijd.”
“Met de Palestijnen, is de situatie volledig anders. In het verleden, tijdens de moord- en slachtpartijen, zouden de Palestijnen hun bezittingen hebben opgepakt en hun dorpen hebben verlaten. Daar tegenover kalmpt de huidige generatie zich vast aan het land en geeft de voorkeur aan om te sterven op de bodem van het vaderland liever dan het in de handen van de bezetter te laten vallen.”
Al-Zayyat voegde er nog aan toe dat de “constante raketaanvallen op Israël in de oorlog het bewijs vormden van haar overwinning [op de zionisten].”
Mohammad Nazzal: Sommige Arabische leiders [van de PA] collaboreerden met Israël
Mohammed Nazzal, lid van het dagelijks bestuur van Hamas zei: “Ik wil een feit vernoemen dat verwarring kan zaaien, veroordeling en wrok. Vooraanstaande Palestijnse en Arabische leiders vroegen op een keer aan ‘Israëlische’ ambtenaren om toch maar niet de Fatahstrijder Marwan Barghouti [uit een Israëlische gevangenis] vrij te laten, omdat dit de positie van [PA president] Mahmoud Abbas zou verzwakken. Bij een andere gelegenheid [vroegen ze dat hij opgesloten blijft], omdat zijn bevrijding Hamas politiek zou versterken en haar populariteit zou verhogen …”
Over de aanpak van de Palestijnse gevangenen die opgesloten zitten in Israël, verklaarde Nazzal: “Wij beloven jullie dat wij jullie nooit zullen vergeten, zoals anderen dat wel deden, en we zullen jullie nooit bedriegen zoals anderen dat wel hebben gedaan. Onze ontvoering van de Israëlische soldaat Gilad Shalit drie jaar geleden was een onderdeel van onze inspanningen om jullie te bevrijden … “
Abu Abir sprak in dezelfde geest: “De huichelaars [met name van de PA] stonden klaar aan de grenzen van het vaderland, en meenden dat zij Gaza konden binnenrijden gezeten op de zionistische tanks. Allah zij geprezen, want hun hoop werd de bodem ingeslagen. Wij vernietigden de tanks en legden de brokstukken op de dorpel van de [Zionistische] deur…”
Voor zover bekend is, vielen er op die dag geen doden of gewonden te betreuren op het ‘festival van de overwinning op de zionisten’ [sic].
Bronnen: MEMRI (The Middle East Media Research Inistitute): Hamas ‘Victory Festival’ in Damascus van 21 augustus 2009, vrij vertaald en bewerkt door brabosh
Wanneer kritiek op Israël een ritueel wordt
Het begint, redelijkerwijze, als een reactie op het schijnbaar onnodige geweld door Israël. Dan schuift het door naar Israël te beschuldigen van uitbreiding op het land waarvan de Arabieren zeggen dat het van hen is. Niets mis met kritiek, zoveel is wel zeker. Israël, een staat, verdient te worden beoordeeld zoals gelijk welke andere staat in de wereld.
Zelfs degenen die Israël gunstig gezind zijn hebben vaak de plicht gevoeld om te wijzen op haar fouten. In meer onschuldige tijden, meende ik dat intellectuelen in het Westen bijzondere aandacht besteden aan de fouten van Israël, omdat zij van de staat verwachten dat het een hoge[re] standaard zou neerzetten. Wie zou zich zorgen maken over de morele status van, zeg maar Bolivië? Niemand anders behalve dan de Bolivianen. Joden echter, leven met het gebod (zoals Jesaja God citeert) ‘een lichtbaken voor de naties’ te zijn.
Maar nu is alles veranderd. Opstaan tegen Israël is uitgegroeid tot een geïnstitutionaliseerd ritueel. Het is thans een beweging die zich uitstrekt over heel Europa en Noord-Amerika. Het heeft zijn tradities zoals bijvoorbeeld de Israël Apartheid Week, die elk voorjaar aan de universiteiten wordt gevierd en vaak de oorzaak is van rellen en een goede gelegenheid biedt om Joodse leerlingen te intimideren. Fel verzet tegen Israël lijkt de belangrijkste interesse te worden van duizenden mensen over de hele wereld. Velen zijn moslims die sympathiseren met de Palestijnen, maar ook velen zijn dat niet. De afgelopen week, stonden aanvallen op Israël opnieuw op de agenda van de algemene vergadering van de Raad van de Verenigde Kerk van Canada, een bekende criticus van Israël al generaties lang.
Wat denken redelijke mensen over deze meedogenloze campagnes aan de universiteiten, in de kerken en bij de vakbonden?
Degenen die erbij betrokken zijn dringen er vaak op aan dat het geen kwestie is van antisemitisme. Ze zeggen gewoonlijk: “Ik ben anti-Israël, geen antisemiet. Dat is heel wat anders.”
Na decennialang gebruikt te zijn, is deze verklaring van onschuld niet langer geloofwaardig. In mijn persoonlijke waarneming, blijken de vijanden van Israël vaak ook antisemieten te zijn. De echte agenda van de anti-Israël activisten komt vaak tot uiting in de wijze van propaganda voeren en in de exclusieve aandacht die ze geven aan één bepaald land.
De stijl van de protesten gaat veel verder dan alleen maar ‘kritiek’, dat goedaardig zelfstandig naamwoord dat verwijst naar civiele geschillen. Vaak wordt de stijl van de anti-Israël propaganda, zoals die verspreid wordt op de campussen en elders, geleend bij de cartoons van de nazi’s. Zoals Craig Offman al meldde in de Washington Post, hoe de afgelopen winter studenten van de Universiteit van Manitoba geconfronteerd werden met posters in de buurt van een campus boekhandel, zo onder andere een poster waarop een chassidische Jood werd afgebeeld – compleet met kromme neus en Davidster – die een bazooka richtte op de neus van een Arabier met enkel een katapult in zijn handen, en een Israëlische helikopter met een hakenkruis op de top, die een babyflesje bombardeerde.

Stickers verspreid aan de Harvard Universiteit: 'Israël van de kaart. NU!' (oktober 2005)
Bovendien is het woord ‘apartheid’ tegenwoordig een favoriete slogan geworden van de anti-Israël beweging, die met opzet een vicieuze ondertoon van racisme in zich meedraagt. Het is een manier om de definitieve voorwaarden vast te leggen van een probleem voordat het kan worden besproken.
De meest verontrustende kwaliteit van de aanvallen [op Israël], echter, ligt in hun eenduidigheid. Ze geven ons de indruk dat Israël meer afkeuring verdient dan eender welk ander land op aarde – in feite zelfs meer dan alle andere landen sàmen. Vijanden van Israël mogen dan soms beweren dat zij ook resoluties hebben aangenomen waarin zij de genocide in Afrika of de dictatuur in Birma (Myanmar) betreuren, maar deze opvattingen worden uitgedrukt in vergelijkende wijze. Ze worden ook nooit gevolgd door grootschalige, langlopende [protest]bewegingen.
Besteedt de York Universiteit in Toronto (Canada), zo toegewijd aan de rechten van de Palestijnen, ook elk jaar een week aan het lot van de Falun Gong in China? Hebben de studenten van de Concordia Universiteit in Montreal (Canada) gedemonstreerd tegen de massale verkrachtingen in Congo? Heeft de Ontario afdeling van de Canadese Unie van Openbare Werknemers (CUPE), die voorstander is van een boycot van Israëlische universiteiten, iets gezegd over de Tibetaanse vrijheid? Heeft iemand van hen iets gehoord in verband met het verweerschrift van het Oeigoerse Wereld Congres van onderdrukte moslims in de provincie Xinjiang van West-China?

Amir Abdel Malik Ali van de MSU (Muslim Student Union) legt aan de campus van de Irvine Universiteit (Calif. VS) de studenten uit hoe Zionisten de Amerikaanse media domineren (nov. 2005)
En toen het Gaza-conflict aan de gang was (januari 2009) werd op geen enkele campus (voor zover ik weet) een campagne gelanceerd om te protesteren tegen het vermoorden van andere mede-Palestijnen door Hamas [in Gaza]. Zij vermeden ook opvallend het Hamas-beleid aan te klagen van het gebruik van vrouwen en kinderen als menselijk schild.
Voor zover we iets kunnen opsteken van hoe zij in het openbaar handelen, lijken deze organisaties in hun buitenlands beleid, slechts één punt op hun agenda te hebben, met name hetzelfde punt dat zij zouden hebben indien dit in feite fundamenteel zou ingegeven zijn geweest door antisemitisme.
Howard Jacobson, een Britse schrijver en journalist, noemt dit fenomeen “Zuivere en simpele Jodenhaat, haat jegens de Joden die velen van ons altijd deden vermoeden dat dit de enige mogelijke verklaring kan zijn wanneer elke keer de gezichten verstrakken en door afschuw worden verwrongen telkens wanneer het woord Israël opduikt in onze gesprekken.”
Diegenen die zich verzetten tegen het beleid van Israël hebben het recht om daarover hun mening en hun woede te uiten, hoewel het onredelijk is. En diegenen die net zoals ik, zich boos maken om het meedogenloze en volledig selectief tromgeroffel, hebben ook recht op ernstige achterdocht en wantrouwen.
Bronnen: Middle East and Terrorism: When criticizing Israel becomes ritual door Robert Fulford van 24 augustus 2009, vrij vertaald en bewerkt door brabosh
Fabel: ‘Als het Palestijns probleem wordt opgelost komt er vrede in het M-O’ [satire]

Dry Bones: “Wanneer de vredesonderhandelingen tussen Israëli’s en Palestijnen succesvol zijn.” – “Dan komt er vrede in het Midden-Oosten.” – ” ………… ” – “Op voorwaarde wel dat je de Koerden negeert, de Irakezen, de Iraniërs, de Libiërs, de Syrische scudraketten en de islamitische fundamentalisten.”
Een Gouwe Ouwe van Dry Bones van heden is een cartoon uit 1991. De bizarre waanvoorstelling dat er ooit rust en vrede zal komen in het Midden-Oosten als enkel maar het ‘Palestijnse probleem’ wordt opgelost, blijft tot op vandaag voortduren. Jakkes!
Iraanse kranten: ‘Palestijnen mogen niets minder accepteren dan de vernietiging van Israël’

Het enige doel van Irans nucleaire ambities: Israël fysiek van de kaart vegen
Drie recente editorialen in de belangrijkste kranten van Iran, Kayhan en Jomhouri-e Eslami, geven een gedetailleerd inzicht van de positie die Iran inneemt ten aanzien van het Amerikaanse vredesplan zoals het door de regering van Barack Obama wordt gepresenteerd. Hierin wordt aangevoerd dat de VS en Israël de Palestijnen dwingen om een plan te accepteren dat enkel hun eigen belangen waarborgt en anderzijds de Palestijnse minderwaardigheid bestendigt, door het activeren van de Amerikaanse en Israëlische proxy’s in de regio – dat wil zeggen, de Egyptische president Hosni Moebarak en andere Arabieren uit het zogeheten ‘bemiddelingskamp.’
Jomhouri-e Eslami roept de Palestijnen op om hun weerstandfront te versterken en niets minder te accepteren dan de vernietiging van Israël, dat zij ‘een doel binnen handbereik’ noemen. Kayhan beweert dat “de Arabieren in de bemiddeling in het voordeel staan’ en haalt terzelfdertijd uit naar “die hypocrieten binnen de [islamitische] natie”, “die samen werken met de zionistische-Amerikaanse versie van de vrede door het geven van het groene licht aan de Amerikanen.” De krant voegt eraan toe dat “de vrede – volgens de Arabische of de Amerikaanse formule – neerkomt op de erkenning van het gewelddadige en kunstmatige zionistische regime”, en schrijft dat “dit regime, tenzij dat het volledig wordt uitgeroeid van de politieke kaart van de regio, er in het Midden-Oosten geen vrede mogelijk is.” [Kayhan van 1 augustus 2009]
In een andere editoriaal roept Kayhan de moslimwereld op om niet deel te nemen aan de gesprekken met de Verenigde Staten en de Zionisten die normaal plaats starten in september 2009, in samenspraak met de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, met de opdracht om het vredesplan van de VS voor het Midden-Oosten te bediscuteren. De krant herhaalt dat “een oplossing [in het Midden-Oosten] enkel kan bereikt worden door de volledige vernietiging van het Zionistische regime, dat de bron is van alle onveiligheid in de regio”, en dat “de oprichting van twee aparte staten, een Palestijnse en een Zionistische, hetzelfde zou zijn als de totale verplettering van de rechten van het Palestijnse volk, eerder dan dat het hun rechten zou brengen.” Kayhan stelt ook dat “”het conflict [tussen de VS en Israël] niet echt is, maar slechts een vervalsing met het doel om de Arabieren in het verzoeningskamp te misleiden.” [Kayhan van 22 augustus 2009. Majlis spreker Ali Larijani zei in dezelfde geest dat het vredesplan zoals dat werd opgesteld door Obama niet eens met één van de fundamentele rechten van de Palestijnen rekening houdt, en roep de islamitische landen om op hun hoede te zijn voor deze misleiding. ISNA van 25 augustus 2009.]
Hierna volgen enkele uittreksels en citaten van de redactie uit het Iraanse dagblad Jomhouri-e Eslami:
- “Vrede – of dat nu volgens de Arabische of de Amerikaanse forumule is – komt neer op het erkennen van het gewelddadige en kunstmatige zionistische regime.”
- “De officiële Palestijnse erkenning van het zionistische regime door de Palestijnen is de meest gekoesterde droom van Israël. Het zou de doodsteek betekenen van het streven naar een Palestijnse staat, door eeuwige legitimiteit te verlenen aan het zionistische regime en de basis leggen voor de verwezenlijking van haar expansionistische doelstellingen in het Midden-Oosten.”
“De zionisten waren dicht bij het vervullen van deze aspiraties aangekomen waarmee Yasser Arafat heeft ingestemd, door middel van een schandelijke overeenkomst [dwz de Oslo-akkoorden], door [het artikel over] de strijd tegen de zionisten op te heffen uit het Palestijnse handvest. Maar het Palestijnse volk bleek niet bereid om te berusten in deze schande en, naar het voorbeeld van de Islamitische Revolutie, heeft het nooit opgehouden met het zionistische regime te bestrijden en keerde zich [voor die oplossing] tot de islam.”- “Yasser Arafat werd de gevangene van de vuile spelletjes van de zionisten, de Amerikanen en de Europeanen. Hij stierf nadat hij de macht over het Palestijnse volk had verloren en ontdaan werd van al zijn overwinningen in het verleden als een vechter.”
- “Als bemiddelaar voor de zionisten, bevind [Egyptisch president] Hosni Moebarak zich in dezelfde hachelijke positie [als Arafat] – maar er bestaat al een rapport [met belastend bewijsmateriaal] tegen hem dat groeit en elke dag zwaarder wordt. Het duidelijkste verschil tussen de twee is dat, in tegenstelling Arafat, Moebarak geen verleden heeft als een anti-zionistische vechter en dat hij bovendien werd opgeleid door de Amerikaanse inlichtingendienst.”
- “Toen een revolutionair [besluit] door Khaled al-Islambouli werd uitgevoerd [de moord op Egyptisch president Anwar Sadat], hees Amerika Moebarak op de troon als één van zijn bekwaamste agenten om te heersen over Egypte. Al 28 jaar lang gebruiken ze hem om hun anti-islamitische en anti-Arabische doelen te bevorderen.” [In het origineel wordt de term verkeerd gespeld als ‘anti-Westerse’]
- “Het meest recente voorbeeld van hoe de Amerikanen en de zionisten Moebarak gebruiken was zijn [houding] tijdens de oorlog in 2009 in Gaza: Hij steunde het zionistische regime, vooral wat betreft de grensovergang nabij Rafah en de [kwestie van de] tunnels van Rafah.”
- “De Amerikaanse president [Barack] Obama en het hoofd van het Egyptische regime Hosni Moebarak doen een gezamenlijke inspanning om de Palestijnen ervan te overtuigen in te stemmen met de oprichting van een Palestijnse staat … dit komt op een ogenblik dat het zionistische regime op zijn zwakst is, en de morele behoeften van haar leiders moeten gestimuleerd worden. De Palestijnse Jihad organisaties, die hebben gerealiseerd dat [het zionistische regime] in deze erbarmelijke toestand is verzeild en dat het Amerikaans-zionistische plan in [wezen] imperialistisch is, hebben dit tot op het laatste verworpen.”
- “De Palestijnen mogen geen genoegen nemen met iets minder dan de vernietiging van het zionistische regime – een doel dat [vandaag] binnen bereik ligt.”
- “Dit Palestijnse standpunt is volkomen logisch en zal ongetwijfeld vruchten afwerpen. Te oordelen naar haar twee opeenvolgende nederlagen in de oorlog in 2006 Libanon en in 2009 de oorlog Gaza, kan het zionistische regime zich geen oorlog meer permitteren tegen het Palestijnse volk.”
- “Het lijkt erop dat de oorlogsvoering van het Palestijnse volk [tegen de zionisten] een nieuwe mijlpaal heeft bereikt, en [dus] mogen de Palestijnen niet tevreden zijn met iets minder dan de vernietiging van de zionistische regime – een doel dat [vandaag] binnen handbereik ligt [Jomhouri-e Eslami van 23 juni 2009]
Bron: MEMRI (The Middle East Media Research Institute): Iranian Daily Papers: The Palestinians Must Not Accept Anything Less Than Israel’s Annihilation van 25 augustus 2009, vrij vertaald en bewerkt door brabosh
Yale Universiteit censureert eigen uitgave over Mohammedcartoons

De angst voor vergeldingsacties door fanatieke moslims leeft blijkbaar ook aan de Universiteit van Yale. De universiteit gaat in november het boek op de markt brengen van Jytte Klausen ‘The Cartoons That Shook the World’. De titel verraadt de inhoud al, het gaat dus over de geschiedenis rondom de publicatie van de 12 Mohammedcartoons die op 30 september 2005 in de Deense krant Jyllands Posten werden uitgebracht.
Echter, de Universiteit heeft zopas – in overleg met de auteur – beslist dat het geen enkele afbeelding van de bewuste 12 mohammedcartoons in het boek zal afdrukken èn tegelijk ook geen enkele andere bekende historische afbeelding van de profeet zoals een tekening uit een kinderboek; een Ottomaanse uitgave; een schets van de 19de eeuwse artiest Gustave Doré ‘Mohammed getormenteerd in de Hel’, een episode uit Dante’s ‘Inferno’ zoals ze werden uitgewerkt door Boticelli, Blake, Rodin en Salvador Dalí.
In het najaar van 2005 en vooral het voorjaar van 2006, stond de [moslim]wereld op zijn kop toen in Denemarken in de krant Jyllands Posten op 30 september 2005 een reeks van 12 cartoons verscheen die de spot dreven met arabische zelfmoordactivisten, Jihadisten, de geweldscultuur bij de vele Islamistische terreurgroepen zoals Hamas, Hezbollah, Islamic Jihad enz; met de profeet Mohammmed en met de Islam en moslimrituelen en –gebruiken in het algemeen. Carsten Juste, de hoofdredacteur van de krant verdedigde zich nog met: “Wij leven in een democratie. Daarom gebruiken wij alle journalistieke middelen die er zijn. Satire is geaccepteerd in dit land, en je kan cartoons maken.” Het mocht allemaal niet baten: er volgde een Jihad tegen de krant en even later tegen de staat Denemarken…
De cartoonkwestie in Denemarken kreeg snel buitenproportionele en dra internationale afmetingen. De zes maanden die volgden nà de publicatie in september 2005 werden een ware nachtmerrie voor de Denen. Het was snel voor iedereen duidelijk: de Islam kon er niet mee lachen. Er werd een Jihad afgekondigd tegen de Deense krant, de redactiekantoren moesten politiebewaking krijgen, de cartoonisten vreesden voor hun leven en doken onder bij vrienden en kennissen enz. Carsten Juste, de hoofdredacteur van de krant verdedigde zich nog met: “Wij leven in een democratie. Daarom gebruiken wij alle journalistieke middelen die er zijn. Satire is geaccepteerd in dit land, en je kan cartoons maken.”
Het mocht allemaal niet baten. Moslim fundamentalisten dreigden de kantoren op te blazen van de krant, moslimimmigranten in Denemarken trokken met duizenden de straat op en al heel snel deinde de zaak uit tot een internationaal diplomatiek incident. Een groot aantal Arabische landen vroegen om uitleg bij Deens Eerste Minister Anders Fogh Rasmussen met de eis om excuses. Echter Rasmussen weigerde zich de wet te laten opleggen door de moslimlanden en bleef in naam van de westerse democratie de cartoonkwestie verdedigen. Er volgde een boycot door de moslimlanden van Deense produkten, Noorwegen trok partij voor de buurstaat en werd samen met Denemarken bedreigd met een financiële crisis, olie-drooglegging, de cartoonkwestie werd aangespannen bij de Verenigde Naties enz. Tot in New Delhi, Parijs en Londen vonden er gewelddadige manifestaties plaats. Het hele verhaal en hoe het geëindigd is staat ondermeer op Jihad Against Danish Newspaper en de verdere verwijzingen op die site.

Auteur van het boek Jytte Klausen, kandidate voor een zoveelste Fatwah? (=islamistisch doodvonnis)
Sinds de storm omtrent de mohammedcartoons wat is geluwd, vonden de Universiteit van Yale en de Yale University Press het een goed idee om over die geschiedenis een boek te publiceren. Zij consulteerden twee dozijn autoriteiten in het vak, inbegrepen diplomaten en experten over de Islam en anti-terrorisme, en hun aanbevelingen omtrent de uitgave van het boek ‘The Cartoons That Shook the World’ waren ‘overweldigend en unaniem’: de mohammedcartoons zoals ze werden afgedrukt in de Jyllands Posten in september 2005 mogen in geen geval in het boek worden afgedrukt.
De auteur van het boek, Jytte Klausen, een professor in politieke wetenschappen van Deense origine en verbonden aan de Brandeis Universiteit in Waltham in de Amerikaanse staat Massachusetts, was niet helemaal gelukkig met de beslissing van de universiteit van Yale. Zij is vooral bijzonder ontstemd door het feit dat ook de andere afbeeldingen van Mohammed niet in het boek mogen verschijnen. Al die afbeeldingen zijn wijdverspreid. Ook de beelden van de 12 mohammedcartoons zijn overal op het internet in te kijken. In het boek mocht zelfs geen enkele link verschijnen naar het internet waar die mohammedcartoons kunnen bekeken worden.
Bronnen: The New York Times: Yale Press Bans Images of Muhammad in New Book door Patricia Cohen van 13 augustus 2009; Dry Bones Blog: Sunday Mail: DryBones at Yale? van 23 augustus 2009 en Yale Intimidated van 26 augustus 2009; op deze blog: De islam kampt met een reusachtig imago probleem van 21 augustus 2009; AEL wordt [nog] niet vervolgd voor het plaatsen van antisemitische cartoons van 18/19 augustus 2009; De ene belediging is de andere niet [satire] van 17 april 2009; ‘Ik ben beledigd door deze smerige cartoon over Mohammed!’ van 28 februari 2009; Gouden tijden voor antisemitische cartoonisten in het Midden-Oosten van 31 januari 2009; HBVL: Spotprenten: AEL publiceerde antisemitische cartoons en Aangifte tegen AEL om antisemitische cartoons van 5 februari 2006; Israël-Palestina Info: Open brief aan Abu Jahjah (over cartoons Profeet) door Abby van 8 februari 2006




















